Wet van 8 juli 1999, houdende wijziging van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Spaarfonds AOW voor het jaar 1999 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat de noodzaak is gebleken van een wijziging van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Spaarfonds AOW voor het jaar 1999, vastgesteld bij de wet van 19 april 1999, Stb. 217;

Zo is het, dat Wij, met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel 1

De begroting van de uitgaven van het Spaarfonds AOW voor het jaar 1999 wordt gewijzigd, zoals blijkt uit kolom 2 van de bij deze wet behorende begrotingsstaat, onderdeel uitgaven.

Artikel 2

De begroting van de ontvangsten van het Spaarfonds AOW voor het jaar 1999 wordt gewijzigd, zoals blijkt uit kolom 2 van de bij deze wet behorende begrotingsstaat, onderdeel ontvangsten.

Artikel 3

De vaststelling van de begroting van de uitgaven en van de ontvangsten, als bedoeld in artikel 1 respectievelijk 2, geschiedt in duizenden guldens.

Artikel 4

Deze wet treedt in werking met ingang van 1 juni van het onderhavige begrotingsjaar. Indien het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst, wordt uitgegeven op of na de datum van 1 juni, dan treedt zij inwerking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad en werkt zij terug tot en met 1 juni van het onderhavige begrotingsjaar.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

histnoot

Gegeven te 's-Gravenhage, 8 juli 1999

Beatrix

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

K. G. de Vries

De Minister van Financiën,

G. Zalm

Uitgegeven de vierentwintigste augustus 1999

De Minister van Justitie,

A. H. Korthals

Begrotingsstaat behorende bij de Wet van 8 juli 1999, Stb. 348

Begroting 1999, inclusief eerste suppletore begroting

Spaarfonds AOW

Onderdeel uitgaven (bedragen in NLG1000)

   (1)(2)
Art.OmschrijvingOorspronkelijk vastgestelde begrotingMutaties (+ of –) op grond van eerste suppletore begroting
    uitgaven uitgaven
  TOTAAL 9 917 300 54 308
       
01.01Bijdrage aan de begroting van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) ter aanvullende financiering van het Ouderdomsfonds 0   
01.02Voordelig eindsaldo 9 917 300 54 308

Ons bekend,

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

K. G. de Vries

De Minister van Financiën,

G. Zalm

Begrotingsstaat behorende bij de Wet van 8 juli 1999, Stb. 348

Begroting 1999, inclusief eerste suppletore begroting

Spaarfonds AOW

Onderdeel ontvangsten (bedragen in NLG1000)

   (1)(2)
Art.OmschrijvingOorspronkelijk vastgestelde begrotingMutaties (+ of –) op grond van eerste suppletore begroting
    ontvangsten ontvangsten
  TOTAAL 9 917 300 54 308
       
01.00Beginsaldo 5 087 500 – 4 575
01.01Bijdrage van de begroting van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) 4 550 000   
01.02Rente-ontvangsten 279 800 58 883

Ons bekend,

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

K. G. de Vries

De Minister van Financiën,

G. Zalm


XHistnoot

Zie voor de behandeling in de Staten-Generaal:

Kamerstukken II 1998/99, 26 530.

Handelingen II 1998/99, blz. 5292.

Kamerstukken I 1998/99, 26 530 (295).

Handelingen I 1998/99, zie vergadering d.d. 6 juli 1999.

Naar boven