Wet van 8 juli 1999 tot samenvoeging van de gemeenten Hoevelaken en Nijkerk

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de gemeenten Hoevelaken en Nijkerk samen te voegen;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Paragraaf 1. Opheffing en instelling van gemeenten

Artikel 1

Met ingang van de datum van herindeling worden de gemeenten Hoevelaken en Nijkerk opgeheven.

Artikel 2

Met ingang van de datum van herindeling wordt de nieuwe gemeente Nijkerk ingesteld, zoals aangegeven op de bij deze wet behorende kaart.

Artikel 3

De nieuwe gemeente Nijkerk bestaat uit het grondgebied van de op te heffen gemeenten Hoevelaken en Nijkerk.

Paragraaf 2. Overige bepalingen

Artikel 4

Voor de nieuwe gemeente Nijkerk wordt de op te heffen gemeente Nijkerk aangewezen voor de toepassing van artikel 36 van de Wet algemene regels herindeling, in verband met de toepassing van de instructies en reglementen, bedoeld in dat artikel.

Artikel 5

Voor de op te heffen gemeenten Hoevelaken en Nijkerk wordt de nieuwe gemeente Nijkerk aangewezen voor de toepassing van de volgende bepalingen van de Wet algemene regels herindeling:

a. artikel 39, tweede lid, in verband met de heffing en invordering van gemeentelijke belastingen;

b. artikel 41, derde lid, in verband met de deelneming aan gemeenschappelijke regelingen;

c. artikel 45, tweede lid, in verband met de overgang van de voorziening van drinkwater, elektriciteit en gas.

Artikel 6

  • 1. Voor de nieuwe gemeente Nijkerk wordt een tussentijdse raadsverkiezing als bedoeld in artikel 52, tweede lid, onderdeel a, van de Wet algemene regels herindeling gehouden.

  • 2. Met de voorbereiding van de tussentijdse raadsverkiezing wordt de op te heffen gemeente Nijkerk belast.

Artikel 7

Artikel 4 van de Wet op de rechterlijke indeling1 wordt met ingang van de datum van herindeling als volgt gewijzigd:

In het gestelde onder «Kantongerecht Wageningen:» vervalt: Hoevelaken.

Artikel 8

De bijlage, bedoeld in artikel 21, eerste lid, van de Politiewet 19932 wordt met ingang van de datum van herindeling als volgt gewijzigd:

In het gestelde onder «Gelderland-Midden» vervalt: Hoevelaken.

Artikel 9

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

histnoot

Gegeven te 's-Gravenhage, 8 juli 1999

Beatrix

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

A. Peper

Uitgegeven de negenentwintigste juli 1999

De Minister van Justitie,

A. H. Korthals

KAART

GENOEMD IN ARTIKEL 2 VAN DE WET VAN 8 JULI 1999 TOT SAMENVOEGING VAN DE GEMEENTEN HOEVELAKEN EN NIJKERK stb-1999-318-1.gif


XNoot
1

Stb. 1994, 404, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 8 juli 1999, Stb. 317.

XNoot
2

Stb. 1994, 145, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 8 juli 1999, Stb. 317.

XHistnoot

Zie voor de behandeling in de Staten-Generaal:

Kamerstukken II 1998/99, 26 366.

Handelingen II 1998/99, blz. 4905–4917; 4942.

Kamerstukken I 1998/99, 26 366 (269, 269a, 269b).

Handelingen I 1998/99, zie vergadering d.d. 6 juli 1999.

Naar boven