Besluit van 8 december 1998 tot verlenging van de Regeling Regio Twente

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 3 december 1998, nr. VBO98/U57838, directoraat-generaal Openbaar Bestuur;

Gelet op artikel 31, derde lid, van de Kaderwet bestuur in verandering;

Gelezen het besluit van het van het algemeen bestuur van de regio Twente van 5 oktober 1998;

Hebben goedgevonden en verstaan:

de Regeling Regio Twente te verlengen tot uiterlijk 1 januari 2003.

Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is belast met de uitvoering van dit besluit dat in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage, 8 december 1998

Beatrix

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

A. Peper

Uitgegeven de tweeëntwintigste december 1998

De Minister van Justitie,

A. H. Korthals

NOTA VAN TOELICHTING

De Kaderwet bestuur in verandering (Kaderwet) bepaalt in artikel 31, tweede lid, dat gemeenschappelijke regelingen conform deze wet gelden gedurende ten hoogste 4 jaar, te rekenen vanaf de datum van inwerkingtreding. Op verzoek van het algemeen bestuur van het regionaal openbaar lichaam kan op grond van artikel 31, derde lid, bij koninklijk besluit deze termijn eenmaal worden verlengd met ten hoogste vier jaar. De huidige Regeling Regio Twente eindigt op 1 mei 1999. Het algemeen bestuur van de regio Twente heeft op 5 oktober 1998 besloten om de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties om verlenging te verzoeken.

Aangezien er momenteel onvoldoende duidelijkheid bestaat over de termijn waarbinnen de overdracht van een aantal Kaderwettaken kan plaatsvinden strekt dit besluit tot verlenging van de regeling tot uiterlijk 1 januari 2003, of zo veel eerder dan de afwikkeling van de taakoverdracht toestaat.

Verlenging van de regeling dient uitdrukkelijk tot het afwikkelen van de verplichte taken genoemd in de Kaderwet bestuur in verandering. Er zal gedurende de verlengingsperiode van de regeling geen sprake zijn van een nieuwe toedeling van taken op grond van de Kaderwet bestuur in verandering aan het regionaal openbaar lichaam. Dit besluit strekt tot verlenging van de regeling tot uiterlijk 1 januari 2003.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

A. Peper

Naar boven