Besluit van 2 september 1998, houdende de toekenning
van een vaste beloning aan de voorzitter en de leden van het Adviescollege
besteding vierde tranche
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
van 27 augustus 1998, kenmerk TTW/VTG-U-98344;
Gelet op artikel 3 van het Vacatiegeldenbesluit 1988;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel 1
1. Aan de voorzitter van het Adviescollege besteding vierde tranche wordt
in plaats van een vacatiegeld een vaste beloning ten bedrage van negenduizend
gulden per jaar toegekend.
2. Aan de leden van het adviescollege, genoemd in het eerste lid, wordt in
plaats van een vacatiegeld een vaste beloning ten bedrage van vierduizend
gulden per jaar toegekend.
3. Indien de voorzitter of een lid van het adviescollege, genoemd in het
eerste lid, niet gedurende het hele jaar de functie van voorzitter of lid
bekleedt, wordt zijn beloning, genoemd in respectievelijk het eerste en tweede
lid, naar evenredigheid vastgesteld.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte
van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 19
juni 1998.
Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is belast met
de uitvoering van dit besluit.
's-Gravenhage, 2 september 1998
Beatrix
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
E. Borst-Eilers
Uitgegeven de zeventiende september 1998
De Minister van Justitie,
A. H. Korthals
NOTA VAN TOELICHTING
De Tripartite Goudcommissie (TGC) heeft in september 1997 meegedeeld te
willen overgaan tot uitdeling van de vierde tranche van de goudpool. Uit de
goudpool is circa 20 miljoen gulden naar Nederland teruggekomen. Het kabinet
heeft op 19 december 1997 besloten de laatste tranche van het TGC-goud niet
langer een monetaire bestemming te geven, doch deze door middel van projectuitkeringen
te reserveren voor slachtoffers in Nederland van de nazi-vervolging die gericht
was op vernietiging.
Op 31 augustus 1998 heeft de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en
Sport het Adviescollege besteding vierde tranche geïnstalleerd. Het adviescollege,
dat vanaf 19 juni 1998 in functie is, heeft tot taak ingediende projectvoorstellen
te toetsen aan de hand van door het kabinet opgestelde criteria en de minister
te adviseren over het al of niet ondersteunen van de desbetreffende projecten
ten laste van het naar Nederland teruggekomen gedeelte van de vierde tranche
goudpool.
Gelet op de omvang, de gevoeligheid en daarmee samenhangend de zwaarte
van de te verrichten werkzaamheden is besloten om aan de voorzitter en de
leden van het adviescollege een vaste beloning toe te kennen. Uitgegaan wordt
van een 10-tal vergaderdagen voor het adviescollege, waarbij aan de voorzitter
nog eens een 5-tal extra voorbereidingsdagen wordt toegekend.
De vaste beloning moet overeenkomstig artikel 3, tweede lid, van het Vacatiegeldenbesluit
1988 al naar gelang de zwaarte van de werkzaamheden worden vastgesteld op
een bedrag overeenkomende met een evenredig deel van de jaarwedde volgens
de schalen van burgerlijke rijksambtenaren, met een maximum van 50% van de
jaarwedde volgens het eerste niveau na schaal 18.
Daarop gelet, alsmede op het aantal voorbereidings- en vergaderdagen,
is de vergoeding van de voorzitter en de leden vastgesteld op respectievelijk
f 9000,– en f 4000,– per jaar.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
E. Borst-Eilers