Besluit van 18 september 1996 tot wijziging van enkele warenwetbesluiten in verband met Richtlijn 95/2/EG

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 1 juni 1996 nr. GZB/VVB/96855, gedaan in overeenstemming met Onze Ministers van Economische Zaken en van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

Gelet op Richtlijn nr. 95/2/EG van het Europees Parlement en van de Raad van de Europese Unie van 20 februari 1995 betreffende levensmiddelenadditieven met uitzondering van kleurstoffen en zoetstoffen (PbEG L 61);

op artikel II, eerste lid, van de Wijzigingswet 1988 Warenwet jo. de artikelen 14 en 16 van de Warenwet (Stb. 1935, 793);

alsmede op artikel 4, eerste lid, onder a, van de Warenwet (Stb. 1988, 360);

Gezien het advies van de Adviescommissie Warenwet van 22 december 1995 met nummer 14 926/(1)5;

De Raad van State gehoord (advies van 9 augustus 1996, no. W13.96.0241);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 11 september 1996 met nummer GZB/VVB/963568 uitgebracht in overeenstemming met Onze Ministers van Economische Zaken en van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

Hebben goedgevonden en verstaan:

ARTIKEL I

Het >Antioxydantenbesluit (Warenwet)1 wordt als volgt gewijzigd:

A

De artikelen 1, 3 en 5 alsmede de daarbij behorende bijlagen I tot en met IV vervallen.

B

Artikel 2 komt te luiden:

Artikel 2

De in bijlage V genoemde antioxydanten die bestemd zijn voor gebruik bij de bereiding, vervaardiging of samenstelling van eet- of drinkwaren, voldoen aan de in die bijlage bedoelde bijzondere zuiverheidseisen.

ARTIKEL II

Het Azijnbesluit (Warenwet)2 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 3 wordt als volgt gewijzigd:

1. Aan onderdeel a wordt na de puntkomma toegevoegd: en;

2. Onderdeel b komt te luiden:

b. andere aan azijn vreemde stoffen, in het bijzonder anorganische zuren, kwik-, lood-, koper- en zinkverbindingen, mogen niet aanwezig zijn, met uitzondering van:

1° keukenzout;

2° levensmiddelenadditieven die ter zake krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven zijn toegelaten, onder de daarbij vermelde voorwaarden.

3. Onderdeel c vervalt.

B

Artikel 5 wordt als volgt gewijzigd:

1. In artikel 5, eerste lid, onder b worden de woorden «artikel 3, eerste lid, c,» vervangen door: artikel 3, onder b,;

2. In artikel 5, tweede lid, wordt achter de woorden «normaal aanwezige hoeveelheid» een punt geplaatst, en wordt het zinsdeel dat begint met «en mag» geschrapt.

C

In artikel 9, eerste lid, worden de zinsdelen «eerste lid» en «en c» geschrapt.

ARTIKEL III

Het Broodbesluit (Warenwet) 19853 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 4, zevende lid, wordt als volgt gewijzigd:

1. onderdeel a, komt te luiden:

a. de levensmiddelenadditieven welke terzake zijn toegelaten krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven onder de daarbij vermelde voorwaarden;

2. De onderdelen b, c, d, e, g, h, i, j en k vervallen, waarna onderdeel f wordt verletterd tot b. De puntkomma aan het slot van dit onderdeel wordt vervangen door een punt.

B

In artikel 11, eerste lid, wordt de zinsnede «toegelaten op grond van het Kleurstoffenbesluit (Warenwet) (Stb. 1964, 582)» vervangen door: de terzake krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven toegelaten kleurstoffen, onder de daarbij vermelde voorwaarden.

ARTIKEL IV

Het Conserveermiddelenbesluit (Warenwet)4 wordt als volgt gewijzigd:

A

De artikelen 1, 2, 6, 8 en 9 alsmede bijlage I vervallen.

B

Artikel 3 komt te luiden:

Artikel 3

De krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven toegelaten conserveermiddelen voldoen aan de bijzondere zuiverheidseisen, bedoeld in bijlage II, voor zover die daartoe toereikend zijn.

C

Artikel 9a komt te luiden:

Artikel 9a

Als methoden van onderzoek, die bij uitsluiting beslissend zijn voor de vaststelling of de in artikel 3 bedoelde conserveermiddelen voldoen aan bijlage II, worden aangewezen de in de bijlagen III tot en met VI bedoelde methoden, voor zover die ter zake toereikend zijn.

ARTIKEL V

Artikel 4 van het Consumptie-ijsbesluit (Warenwet) 19785 komt te luiden:

Artikel 4

De in artikel 2 van dit besluit bedoelde waren mogen, naast de in dat artikel genoemde eet- en drinkwaren, geen andere ingrediënten en levensmiddelenadditieven bevatten dan:

a. voedingsgelatine tot ten hoogste 1%;

b. al dan niet gemodificeerd voedingszetmeel, met uitzondering van chemisch gemodificeerd zetmeel, tot ten hoogste 3%;

c. levensmiddelenadditieven die ter zake krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven zijn toegelaten, onder de daarbij vermelde voorwaarden;

d. natuurlijke- en natuuridentieke aromastoffen, bedoeld in het Warenwetbesluit Aroma's, en ethylvanilline.

ARTIKEL VI

Artikel 7 bis van het Deegwarenbesluit (Warenwet)19246 wordt als volgt gewijzigd:

Het eerste en tweede lid komen te luiden:

  • 1. Aangeduid mogen uitsluitend en moeten worden met de namen deegwaar, macaroni, vermicelli, noedels of spaghetti de waren, verkregen door drogen van ongegist deeg, bereid uit tarwegries, tarwemeel en/of tarwebloem en water, waarin kunnen zijn verwerkt kippen-, eenden-, en ganzeneieren of bestanddelen daarvan, andere eetwaren, levensmiddelenadditieven welke terzake zijn toegelaten krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven onder de daarbij vermelde voorwaarden, en keukenzout.

  • 2. Indien aan in het eerste lid bedoelde waren een of meer andere eetwaren zijn toegevoegd, moet een aanduiding als bedoeld in het eerste lid onmiddellijk worden voorafgegaan of onmiddellijk worden gevolgd door de naam of namen van de toegevoegde eetwaar of eetwaren.

ARTIKEL VII

Het Emulgatorenbesluit (Warenwet)7 wordt als volgt gewijzigd:

A

De artikelen 1, 2, 3, 5 en 7 alsmede bijlage I vervallen.

B

Artikel 4 komt te luiden:

Artikel 4

De krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven toegelaten emulgatoren voldoen aan de bijzondere zuiverheidseisen, bedoeld in bijlage II, voor zover die daartoe toereikend zijn.

C

Artikel 7bis komt te luiden:

Artikel 7bis

Als methoden van onderzoek, die bij uitsluiting beslissend zijn voor de vaststelling of de in artikel 4 bedoelde emulgatoren voldoen aan bijlage II, worden aangewezen de in bijlage III bedoelde methoden, voor zover die ter zake toereikend zijn..

ARTIKEL VIII

Het Geconserveerde-aardappelenbesluit (Warenwet)8 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 1 komt te luiden:

Artikel 1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. aardappelen: de knollen van Solanum tuberosum L;

b. geconserveerde aardappelen: aardappelen, geheel of verdeeld, welke door middel van een warmtebehandeling, vriezen, drogen of op andere wijze zijn verduurzaamd;

c. aardappelproducten: eetwaren samengesteld uit al dan niet verdeelde aardappelen of geconserveerde aardappelen als hoofdbestanddeel en andere ingrediënten of hulpstoffen.

B

In artikel 4 vervalt het cijfer «1» voor het eerste lid, en vervalt het tweede lid.

C

In artikel 5 wordt «artikel 4, eerste lid» gewijzigd in: artikel 4.

ARTIKEL IX

Het Geconserveerde-groentenbesluit (Warenwet)9 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 1 komt te luiden:

Artikel 1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. groenten: de als eetwaar gebruikelijke delen van planten en paddestoelen, met uitzondering van aardappelen, fruit, rabarber, noten, kastanjes, granen en specerijen;

b. geconserveerde groenten: groenten, al dan niet toebereid, welke door middel van warmtebehandeling, vriezen, drogen, zouten, konfijten of op andere wijze zijn verduurzaamd, met uitzondering van gedroogde peulvruchten zoals bedoeld in het Peulvruchtenbesluit (Warenwet) en gember.

B

In artikel 4 vervalt het cijfer «1» van het eerste lid en vervallen het tweede tot en met zesde lid.

C

In artikel 5 wordt «artikel 4, eerste lid» gewijzigd in: artikel 4.

ARTIKEL X

In artikel 6 van het Jusbesluit (Warenwet) 10 vervallen de onderdelen b en c, waarna de onderdelen d en e worden verletterd tot b en c.

ARTIKEL XI

Het Kleurstoffenbesluit (Warenwet) wordt ingetrokken.

ARTIKEL XII

Het Kokswarenbesluit (Warenwet)11 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 2, derde lid, vervalt.

B

In artikel 7 wordt de puntkomma in onderdeel c vervangen door een punt en vervalt onderdeel d.

ARTIKEL XIII

Het Margarinebesluit (Warenwet)12 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 2, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd:

1. Onderdeel a komt te luiden:

a. vetten, al of niet gezuurde ondermelk, melk, weipoeder, suikers, levensmiddelenadditieven welke ter zake krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven zijn toegelaten onder de daarbij vermelde voorwaarden, en keukenzout; .

2. De onderdelen b, c, d en f vervallen, waarna de onderdelen e, g en h worden verletterd tot onderscheidenlijk b, c en d.

B

Artikel 4 wordt als volgt gewijzigd:

1. Onderdeel a komt te luiden:

a. de eisen gesteld in artikel 2, punt 1, onder a tot en met d, punt 2 en punt 4 tot en met 7; .

2. Onderdeel c komt te luiden:

c. het gehalte aan gelatine mag ten hoogste 4% bedragen; .

3. De onderdelen d en e vervallen.

ARTIKEL XIV

Het Mayonaise- en slasausbesluit (Warenwet)13 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 2, eerste lid, onderdeel a, wordt als volgt gewijzigd:

1. Punt 2° komt te luiden:

2°. suikers zoals genoemd in het Suiker- en stroopbesluit (Warenwet) en keukenzout; .

2. Punt 4° komt te luiden:

4°. levensmiddelenadditieven welke ter zake zijn toegelaten krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven onder de daarbij vermelde voorwaarden; .

3. De punten 5°, 6° en 7° vervallen, waarna punt 8° wordt vernummerd tot 5°.

B

Artikel 4, eerste lid, onder a, wordt als volgt gewijzigd:

1. Punt 1° komt te luiden:

1°. de stoffen en producten genoemd in artikel 2, onder a, 1° tot en met 4°; .

2. De punten 2° en 3° vervallen, waarna punt 4° wordt vernummerd tot 2°.

ARTIKEL XV

Het Meelbesluit (Warenwet) 198514 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 10, vierde lid, wordt als volgt gewijzigd:

1. Onderdeel a komt te luiden:

a. levensmiddelenadditieven welke ter zake zijn toegelaten krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven onder de daarbij vermelde voorwaarden;

2. De onderdelen b, c en e vervallen, waarna onderdeel d wordt verletterd tot onderdeel b.

3. Onderdeel f wordt verletterd tot c en komt te luiden:

c. het meelverbetermiddel L-cysteïne.

B

Artikel 12 vervalt.

ARTIKEL XVI

Het Mosterdbesluit (Warenwet)15 wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 1, eerste lid, worden de woorden «volgens artikel 2, onder d, e en g» vervangen door: volgens artikel 2, onder e.

B

Artikel 2 wordt als volgt gewijzigd:

1. De onderdelen d en e vervallen, waarna de onderdelen f tot en met k worden verletterd tot d tot en met i.

2. Onderdeel e komt te luiden:

e. geen andere waren mogen worden toegevoegd dan wijn, vruchtenwijn, specerijen, kruiden, de natuurlijke van deze specerijen en kruiden afkomstige aromastoffen, curcumapoeder, saccharose, keukenzout en levensmiddelenadditieven welke terzake krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven zijn toegelaten onder de daarbij vermelde voorwaarden;

C

Artikel 3 wordt als volgt gewijzigd:

1. Onderdeel a komt te luiden:

a. de eisen, gesteld in artikel 2, a, b, c en h; .

2. Onderdeel b komt te luiden:

b. onverminderd het bepaalde onder a, mogen geen andere waren worden toegevoegd dan wijn, vruchtenwijn, specerijen, kruiden, de natuurlijke van deze specerijen en kruiden afkomstige aromastoffen, curcumapoeder, saccharose of keukenzout, en geen andere levensmiddelenadditieven dan die welke ter zake krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven zijn toegelaten onder de daarbij vermelde voorwaarden; .

ARTIKEL XVII

Het Peulvruchtenbesluit (Warenwet)16 wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 10 vervalt onderdeel i, waarna de onderdelen j, k en l worden verletterd tot i, j en k;

B

In artikel 11, onder a worden de letters «e, f, h, i, j, k en l» vervangen door: e, f, h, i, j en k;

C

Artikel 12, onderdeel i komt te luiden:

i. de eisen genoemd in artikel 10, onder a, b, f, h, i, j en k;

ARTIKEL XVIII

Artikel 5 van het Specerijenbesluit (Warenwet)17, wordt als volgt gewijzigd:

onderdeel f komt te luiden:

f. zij mogen geen andere levensmiddelenadditieven bevatten dan die welke ter zake krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven zijn toegelaten onder de daarbij vermelde voorwaarden; .

ARTIKEL XIX

Het Suiker- en stroopbesluit (Warenwet) 197718 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 2 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid komt te luiden:

  • 1. Aangeduid mag uitsluitend en moet worden met een der benamingen:

    a. halfwitte suiker: gezuiverde gekristalliseerde suiker, waarvan de polarisatie ten minste 99,5°, het gehalte aan invertsuiker ten hoogste 0,10%, en het verlies bij het drogen ten hoogste 0,10% bedragen;

    b. suiker of witte suiker: gezuiverde gekristalliseerde suiker, waarvan de polarisatie ten minste 99,7°, het gehalte aan invertsuiker ten hoogste 0,04%, het verlies bij het drogen ten hoogste 0,10%, en het kleurtype ten hoogste 12 punten bedragen;

    c. geraffineerde suiker of geraffineerde witte suiker: gezuiverde gekristalliseerde suiker, waarvan de polarisatie, het gehalte aan invertsuiker en het verlies bij het drogen overeenstemmen met de voor de onder b bedoelde waar genoemde gehaltes en waarvan het totaal aantal punten niet meer bedraagt dan 8, met dien verstande dat het kleurtype niet meer dan 4 punten, het asgehalte niet meer dan 6 punten, en de kleur van de oplossing niet meer dan 3 punten bedragen;

    d. vloeibare suiker: de waterige oplossing van suiker, van welke oplossing het gehalte aan droge stof ten minste 62%, het gehalte aan invertsuiker (verhouding fructose dextrose: 1,0 ± 0,2) ten hoogste 3% van de droge stof, het conductometrisch vastgestelde asgehalte ten hoogste 0,1% van de droge stof, en de kleur van de oplossing ten hoogste 45 ICUMSA-eenheden bedragen;

    e. vloeibare invertsuiker: de waterige oplossing van suiker, in welke oplossing gedeeltelijk inversie door hydrolyse heeft plaatsgevonden, met een niet-overwegende hoeveelheid invertsuiker en van welke oplossing het gehalte aan droge stof ten minste 62%, het gehalte aan invertsuiker (verhouding fructose dextrose: 1,0 ± 0,1) meer dan 3% en niet meer dan 50% van de droge stof, en het conductometrisch vastgestelde asgehalte ten hoogste 0,4% van de droge stof bedragen;

    f. invertsuikerstroop: de waterige al dan niet gedeeltelijk gekristalliseerde oplossing van suiker, in welke oplossing gedeeltelijke inversie door hydrolyse heeft plaatsgevonden, met een overwegende hoeveelheid invertsuiker en van welke oplossing het gehalte aan droge stof niet minder dan 62%, het gehalte aan invertsuiker (verhouding fructose dextrose: 1,0 ± 0,1) meer dan 50% van de droge stof, en het conductometrisch vastgestelde asgehalte ten hoogste 0,4% van de droge stof bedragen;

    g. glucosestroop: de gezuiverde, geconcentreerde, waterige oplossing van eetbare sacchariden verkregen uit zetmeel, van welke oplossing het gehalte aan droge stof ten minste 70%, het dextrose-equivalent ten minste 20% van de droge stof berekend als dextrose, en het gehalte aan sulfaat-as ten hoogste 1% van de droge stof bedragen;

    h. gedehydrateerde glucosestroop, gedroogde glucosestroop of watervrije glucosestroop: de gezuiverde, geconcentreerde, waterige oplossing van eetbare sacchariden verkregen uit zetmeel, welke oplossing gedeeltelijk is gedroogd, en waarvan het gehalte aan droge stof ten minste 93%, het dextrose-equivalent ten minste 20% van de droge stof berekend als dextrose, en het gehalte aan sulfaat-as ten hoogste 1% van de droge stof bedragen;

    i. dextrose monohydraat, dextrose met kristalwater of druivensuiker met kristalwater: gezuiverde gekristalliseerde dextrose met een molecule kristalwater, van welke waar het gehalte aan dextrose ten minste 99,5% van de droge stof, het gehalte aan droge stof ten minste 90%, en het gehalte aan sulfaat-as ten hoogste 0,25% van de droge stof bedragen;

    j. watervrije dextrose, dextrose zonder kristalwater of druivensuiker zonder kristalwater: gezuiverde gekristalliseerde dextrose zonder kristalwater, van welke waar het gehalte aan dextrose ten minste 99,5% van de droge stof, het gehalte aan droge stof ten minste 98%, en het gehalte aan sulfaat-as ten hoogste 0,25% van de droge stof bedragen.

2. Het tweede, derde en vierde lid vervallen, waarna de leden vijf tot en met negen worden vernummerd tot twee tot en met zes.

B

Artikel 2bis wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid, onder a, vervalt het zinsdeel «, terwijl tevens, indien de waar bestemd is voor aflevering aan de eindverbruiker, het gehalte aan zwaveligzuur, berekend als zwaveldioxide, ten hoogste 40 mg/kg bedraagt».

2. In het eerste lid, onder b, vervalt het zinsdeel «, het gehalte aan zwaveligzuur, berekend als zwaveldioxide, ten hoogste 15 mg/kg».

3. In het eerste lid, onder c, vervalt het zinsdeel «, het gehalte aan zwaveligzuur, berekend als zwaveldioxide, ten hoogste 20 mg/kg».

4. In het tweede lid wordt «leden 7 en 8 van artikel 2» vervangen door: leden 4 en 5 van artikel 2.

C

Artikel 4 komt te luiden:

Artikel 4

  • 1. Aangeduid moet worden met de benaming poedersuiker: suiker of witte suiker zoals bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder b, en geraffineerde suiker of geraffineerde witte suiker zoals bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder c, in poedervorm, waaraan zijn toegevoegd levensmiddelenadditieven die ter zake krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven zijn toegelaten onder de daarbij vermelde voorwaarden, dan wel ten hoogste 5% zetmeel.

  • 2. In de in het eerste lid bedoelde waar mogen geen andere bestanddelen aanwezig zijn dan zwaveldioxide, onder de voorwaarden die ter zake gesteld zijn krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven.

D

Artikel 5, tweede lid, komt te luiden:

  • 2. In de in het eerste lid bedoelde waar mogen geen andere bestanddelen aanwezig zijn dan die welke verkregen zijn van de plant waaruit de waar is bereid, en zwaveldioxide onder de voorwaarden die ter zake gesteld zijn krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven.

E

Artikel 6, tweede lid, komt te luiden:

  • 2. In de in het eerste lid bedoelde waar mogen geen andere bestanddelen aanwezig zijn dan die welke verkregen zijn van de plant waaruit de waar is bereid, alsmede een geringe hoeveelheid katoenvezel, de natuurlijke kleurstof van gebrande suiker, en zwaveldioxide onder de voorwaarden die ter zake gesteld zijn krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven.

F

Artikel 7, tweede lid, komt te luiden:

  • 2. In de in het eerste lid bedoelde waar mogen geen andere bestanddelen aanwezig zijn dan die welke in kooksels van planten, waaruit de waar is bereid, plegen voor te komen, en zwaveldioxide onder de voorwaarden die ter zake gesteld zijn krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven.

G

Artikel 9, tweede lid, onder c, komt te luiden:

c. zwaveldioxide mag aanwezig zijn onder de voorwaarden die ter zake zijn gesteld krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven.

H

Artikel 11, tweede lid, komt te luiden:

  • 2. In de in het eerste lid bedoelde waar mogen geen andere bestanddelen aanwezig zijn dan die welke verkregen zijn van de plant waaruit de waar is bereid, en zwaveldioxide onder de voorwaarden die ter zake gesteld zijn krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven.

I

Artikel 12, tweede lid, komt te luiden:

  • 2. In de in het eerste lid bedoelde waar mogen geen andere bestanddelen aanwezig zijn dan die welke in kooksels van de plant, waaruit de waar is bereid, plegen voor te komen, en zwaveldioxide onder de voorwaarden die ter zake gesteld zijn krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven.

J

Artikel 13, tweede lid, komt te luiden:

  • 2. In de in het eerste lid bedoelde waar mogen geen andere bestanddelen aanwezig zijn dan glucosestroop en bestanddelen welke in kooksels van de plant, waaruit de waar is bereid, plegen voor te komen, en zwaveldioxide onder de voorwaarden die ter zake gesteld zijn krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven.

K

Artikel 14, tweede lid, komt te luiden:

  • 2. In de in het eerste lid bedoelde waar mogen geen andere bestanddelen aanwezig zijn dan glucosestroop en bestanddelen welke in kooksels van de plant, waaruit de waar is bereid, plegen voor te komen, en zwaveldioxide onder de voorwaarden die ter zake gesteld zijn krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven.

L

Artikel 15, derde lid, komt te luiden:

  • 3. In de in het eerste lid bedoelde waar mogen geen andere bestanddelen aanwezig zijn dan die welke in kooksels van suikerriet of beetwortels plegen voor te komen, en zwaveldioxide onder de voorwaarden die ter zake gesteld zijn krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven.

M

In artikel 18 vervalt het cijfer «1» voor het eerste lid en vervalt het tweede lid.

ARTIKEL XX

Het Vlees- en vleeswarenbesluit (Warenwet) 198719 wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 1 vervalt onderdeel m, waarna de onderdelen n tot en met r worden verletterd tot m tot en met q.

B

In artikel 2 vervallen het vierde en vijfde lid.

C

Artikel 3, vierde lid, wordt als volgt gewijzigd:

1. Onderdeel b komt te luiden:

b. levensmiddelenadditieven die ter zake zijn toegelaten krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven onder de daarbij vermelde voorwaarden.

2. Onderdeel c vervalt.

D

Artikel 4, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd:

1. Onderdeel c komt te luiden:

c. levensmiddelenadditieven die ter zake zijn toegelaten krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven onder de daarbij vermelde voorwaarden.

2. De onderdelen d tot en met g vervallen.

E

Artikel 5, onder b, wordt als volgt gewijzigd:

1. 2° komt te luiden:

2° levensmiddelenadditieven die ter zake zijn toegelaten krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven onder de daarbij vermelde voorwaarden.

2. 3° tot en met 6° vervallen, waarna 7° en 8° worden vernummerd tot 3° en 4°.

3. 9° vervalt, waarna 10° tot en met 14° worden vernummerd tot 5° tot en met 9°.

4. 15° vervalt, waarna 16° tot en met 18° worden vernummerd tot 10° tot en met 12°. De puntkomma aan het slot van dit onderdeel wordt vervangen door een punt.

5. 19° vervalt.

F

In artikel 6, eerste lid, onder b, wordt «artikel 5, onder b, 8°, 9°, 10° en 12°, genoemde ingrediënten» vervangen door: artikel 5, onder b, 4°, 5° en 7° genoemde ingrediënten, en voedingszuren.

G

Artikel 10 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid, onder c, wordt de zinsnede die begint met «carrageen» en eindigt met «cellulosederivaten» vervangen door: en levensmiddelenadditieven die ter zake zijn toegelaten krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven onder de daarbij vermelde voorwaarden.

2. Onderdeel d komt te luiden:

d. bloed en daarvan afgeleide producten waaraan andere levensmiddelenadditieven zijn toegevoegd dan die welke ter zake zijn toegelaten krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven onder de daarbij vermelde voorwaarden; .

ARTIKEL XXI

Het Wijnbesluit (Warenwet)20 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 8, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd:

1. Onderdeel a komt te luiden:

a. zij mogen slechts de levensmiddelenadditieven bevatten die ter zake zijn toegelaten krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven onder de daarbij vermelde voorwaarden; .

2. De onderdelen b en c vervallen, waarna onderdeel d wordt verletterd tot b.

B

Artikel 9 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid, onder a, komt te luiden:

a. zij mogen slechts de levensmiddelenadditieven bevatten die ter zake zijn toegelaten krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven onder de daarbij vermelde voorwaarden; .

2. De puntkomma in het eerste lid, onder b, wordt vervangen door een punt, waarna onderdeel c vervalt.

3. Het derde lid vervalt.

C

Artikel 10, onder b, komt te luiden:

b. zij mogen slechts de levensmiddelenadditieven bevatten die ter zake zijn toegelaten krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven onder de daarbij vermelde voorwaarden; .

ARTIKEL XXII

Het Zetmeelbesluit (Warenwet)21 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 1, onder c, komt te luiden:

c. chemisch gemodificeerd zetmeel: stoffen die door één of meer chemische behandelingen worden verkregen uit zetmeel zoals omschreven onder a, een fysische of enzymatische behandeling kunnen hebben ondergaan, en die met zuur of loog mogen zijn verdund of gebleekt;.

B

Artikel 3, zevende lid, vervalt, waarna het achtste lid wordt vernummerd tot zevende lid.

C

Artikel 4, onder a, komt te luiden:

a. zij mogen geen giftige bestanddelen bevatten; .

D

De aanhef van artikel 5, derde lid komt te luiden:

  • 3. De samenstelling van het in artikel 1, onder c, genoemde zetmeel is zodanig dat

E

1. In bijlage I wordt in de aanhef van de eerste kolom aan het woord «letter» de woorden: of nummer, toegevoegd;

2. In de eerste kolom worden de volgende letters vervangen door de volgende nummers:

D wordt E1404

F wordt E1410

I wordt E1412

N wordt E1413

J wordt E1414

G wordt E1420

H wordt E1422

K wordt E1440

R wordt E1442

ARTIKEL XXIII

Het Zoutbesluit (Warenwet)22 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 1, eerste lid, komt te luiden:

  • 1. De voor menselijke consumptie bestemde waar, bestaande uit natriumchloride, waaraan mogen zijn toegevoegd levensmiddelenadditieven die ter zake zijn toegelaten krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven onder de daarbij vermelde voorwaarden, mag uitsluitend en moet worden aangeduid met een der namen zout, keukenzout of tafelzout, met dien verstande dat de aanduiding tafelzout uitsluitend mag worden gebezigd voor zout dat fijnkorrelig en gemakkelijk strooibaar is.

B

In artikel 2 vervallen de onderdelen c en d, waarna de onderdelen e t/m h worden verletterd tot c t/m f.

ARTIKEL XXIV

In het Warenwetbesluit Zoetstoffen23 vervalt § 3.

ARTIKEL XXV

Het Warenwetbesluit Verduurzaamde vruchtenprodukten24 wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 19 vervallen het derde, vierde en achtste lid, en worden de leden vijf tot en met zeven vernummerd tot drie tot en met vijf.

B

Artikel 22 vervalt.

C

Artikel 23 vervalt.

ARTIKEL XXVI

Artikel 3, derde lid, van het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven25 komt te luiden:

  • 3. In afwijking van het eerste lid zijn van de stoffen behorende tot de categorie zoetstof als bedoeld in het Warenwetbesluit Zoetstoffen, als levensmiddelenadditief uitsluitend toegelaten de op grond van genoemd besluit toegelaten stoffen. De artikelen 4 tot en met 8 zijn op zoetstoffen niet van toepassing.

ARTIKEL XXVII

In het Warenwetbesluit Visserijprodukten26 vervalt artikel 8a.

ARTIKEL XXVIII

Het Warenwetbesluit Koffie en cichorei27 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 1, eerste lid, onder d, vervalt, waarna de onderdelen e en f worden verletterd tot d en e.

B

Artikel 8, onder f, komt te luiden:

f. als glansmiddel mogen in koffie aanwezig zijn uitsluitend suikers, en de glansmiddelen die ter zake zijn toegelaten krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven onder de daarbij vermelde voorwaarden; .

C

In artikel 10 wordt in onderdeel d de puntkomma vervangen door een punt, waarna onderdeel e vervalt.

ARTIKEL XXIX

Het koninklijk besluit van 4 september 1995, houdende wijziging van een aantal warenwetbesluiten in verband met richtlijn 94/36/EG inzake kleurstoffen (Stb. 436) wordt als volgt gewijzigd:

Onder plaatsing van het cijfer 1 voor de bestaande tekst van artikel XVIII wordt een tweede lid toegevoegd, luidende:

  • 2. Eet- en drinkwaren die vóór 30 juni 1996 in de handel zijn gebracht of zijn geëtiketteerd en die niet voldoen aan dit besluit mogen in de handel worden gebracht totdat de voorraden zijn uitgeput.

ARTIKEL XXX

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst, met dien verstande dat eet- en drinkwaren die voldoen aan de besluiten, genoemd in de artikelen I tot en met XXVIII, zoals die luidden tot de inwerkingtreding van dit besluit, nog verhandeld mogen worden tot 25 maart 1997. Eet- en drinkwaren die vóór deze datum in de handel zijn gebracht of zijn geëtiketteerd en die niet voldoen aan dit besluit mogen in de handel worden gebracht totdat de voorraden zijn uitgeput.

Lasten en bevelen van dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

histnoot

's-Gravenhage, 18 september 1996

Beatrix

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

E. G. Terpstra

Uitgegeven de vierentwintigste september 1996

De Minister van Justitie,

W. Sorgdrager

NOTA VAN TOELICHTING

De in dit besluit opgenomen wijzigingen zijn een direct gevolg van de uitvoering van de bepalingen van richtlijn nr. 95/2/EG van het Europees Parlement en van de Raad van de Europese Unie van 20 februari 1995 betreffende levensmiddelenadditieven met uitzondering van kleurstoffen en zoetstoffen (PbEG L 61) betreffende levensmiddelenadditieven met uitzondering van kleurstoffen en zoetstoffen. Alle voorschriften met betrekking tot het gebruik van levensmiddelenadditieven in eet- en drinkwaren zijn nu opgenomen in regelingen krachtens het Warenwetbesluit levensmiddelenadditieven, i.c. de Warenwetregeling Gebruik van kleurstoffen in levensmiddelen of de Warenwetregeling Gebruik van andere levensmiddelenadditieven, dan kleurstoffen, zoetstoffen en meelverbeteraars in levensmiddelen. De enige uitzonderingen hierop zijn de zoetstoffen, welke nog in een apart besluit zijn geregeld en de meelverbeteraars, waarvoor nog een aparte richtlijn in het kader van de EU zal worden vastgesteld. Gezien de gevolgde systematiek zijn daardoor soms ook bepalingen in de zgn. productbesluiten ten aanzien van kleurstoffen gewijzigd en opgenomen in formuleringen die meer algemeen van aard zijn.

Het bovenstaande betekent dat de bepalingen in de productbesluiten van de Warenwet aangepast dienen te worden aan de bepalingen die in deze regelingen zijn opgenomen. Deze aanpassing zal op drie manieren uitgevoerd worden. Enerzijds is er het onderhavige besluit tot wijziging van een aantal warenwetbesluiten (algemene maatregelen van bestuur). Daarnaast wordt door middel van de Warenwetregeling Gebruik van levensmiddelenadditieven, met uitzondering van kleurstoffen, zoetstoffen en meelverbeteraars in levensmiddelen een aantal regelingen, die zijn vastgesteld krachtens een aantal, op productgroepen gerichte warenwetbesluiten, gewijzigd. Tenslotte zullen eveneens een aantal regelingen van de in aanmerking komende produktschappen en in het kader van de Landbouwkwaliteitswet op het punt van de levensmiddelenadditieven worden gewijzigd.

De vigerende warenwetbesluiten ten aanzien van anti-oxidanten, conserveermiddelen, emulgatoren, stabilisatoren, emulgeer- en verdikkingsmiddelen en kleurstoffen worden nog niet ingetrokken. Alle bepalingen in deze besluiten vervallen, met uitzondering van de bepalingen ten aanzien van de zuiverheidseisen en methoden van onderzoek. Zodra de communautaire richtlijnen voor de zuiverheidseisen van de additieven zijn uitgevoerd in de Nederlandse wetgeving zullen deze besluiten wel ingetrokken worden. Deze zullen dan opgenomen worden in regelingen op basis van het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven. Aangezien de publicatie van de zuiverheidseisen op vrij korte termijn verwacht wordt (in de loop van 1996) wordt deze procedure het meest efficiënt geacht. In artikel XXIX van het besluit is de overgangstermijn voor de bepalingen ten aanzien van het gebruik kleurstoffen in eet- en drinkwaren verlengd, aangezien gebleken is dat de, in het besluit van 4 september 1995, houdende wijziging van een aantal warenwetbesluiten in verband met richtlijn 94/36/EG inzake kleurstoffen, opgenomen datum niet voor een ieder haalbaar bleek. Tegen een dergelijke verlenging is geen bezwaar aangezien zij in lijn is met die richtlijn.

Het besluit past geheel binnen de doelstelling van genoemde richtlijnen en geeft tevens vorm aan een der hoofddoelstellingen van de Warenwet, namelijk het belang van de bescherming van de volksgezondheid. Het besluit brengt de Nederlandse wetgeving in overeenstemming met de EU-wetgeving ter zake. Aangezien er in Nederland reeds wetgeving bestaat voor het gebruik van additieven in eet- en drinkwaren beperkt de werking van het besluit zich tot verschuivingen in toegelaten additieven, de categorieën eet- en drinkwaren waarin zij mogen worden toegevoegd en de gehaltes aan additieven in die eet- en drinkwaren. Soms zijn deze voorschriften strenger, vaker zijn ze echter ruimer dan de vigerende bepalingen.

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

E. G. Terpstra


XNoot
1

Stb. 1973, 142, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 25 maart 1992, Stb. 204.

XNoot
2

Stb. 1926, 214, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 4 september 1995, Stb. 436.

XNoot
3

Stb. 1985, 758, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 4 september 1995, Stb. 436.

XNoot
4

Stb. 1967, 691, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 10 december 1992, Stb. 678.

XNoot
5

Stb. 1978, 238, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 4 september 1995, Stb. 436.

XNoot
6

Stb. 1924, 313, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 4 september 1995, Stb. 436.

XNoot
7

Stb. 1976, 153, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 25 maart 1992, Stb. 204.

XNoot
8

Stb. 1979, 176, gewijzigd bij besluit van 3 juni 1985, Stb. 365.

XNoot
9

Stb. 1979, 219, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 4 september 1995, Stb. 436.

XNoot
10

Stb. 1947, H 365, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 31 mei 1985, Stb. 380.

XNoot
11

Stb. 1979, 563, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 10 december 1992, Stb. 678.

XNoot
12

Stb. 1961, 398, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 4 september 1995, Stb. 436.

XNoot
13

Stb. 1971, 782, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 4 september 1995, Stb. 436.

XNoot
14

Stb. 1985, 757, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 4 september 1995, Stb. 436.

XNoot
15

Stb. 1971, 256, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 4 september 1995, Stb. 436.

XNoot
16

Stb. 1968, 227, gewijzigd bij besluit van 6 december 1985, Stb. 759.

XNoot
17

Stb. 1969, 214, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 4 september 1995, Stb. 436.

XNoot
18

Stb. 1977, 141, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 4 september 1995, Stb. 436.

XNoot
19

Stb. 1987, 243, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 4 september 1995, Stb. 436.

XNoot
20

Stb. 1929, 137, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 13 december 1988, Stb. 687.

XNoot
21

Stb. 1975, 660, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 6 december 1985, Stb. 757.

XNoot
22

Stb. 1968, 421, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 24 juni 1988, Stb. 340.

XNoot
23

Stb. 1989, 548, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 1 november 1995, Stb. 550.

XNoot
24

Stb. 1992, 12.

XNoot
25

Stb. 1992, 204, gewijzigd bij besluit van 24 december 1993, Stb. 776.

XNoot
26

Stb. 1995, 46, gewijzigd bij besluit van 4 september 1995, Stb. 436.

XNoot
27

Stb. 1993, 471.

XHistnoot

Het advies van de Raad van State is openbaar gemaakt door terinzagelegging bij het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

Tevens zal het advies met de daarbij ter inzage gelegde stukken worden opgenomen in het bijvoegsel bij de Staatscourant van 8 oktober 1996, nr. 194.

Naar boven