Besluit van 18 juli 1996 tot wijziging van het Besluit gebruik sofi-nummer (aanvulling)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Justitie, mede namens de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, 29 mei 1996, directie wetgeving, sector staats- en bestuursrecht nr. 559070/96/6;

Gelet op artikel 6a van de Wet persoonsregistraties;

Gezien het advies van de Registratiekamer van 13 mei 1996, nr. 95.A.12.2;

De Raad van State gehoord (advies van 27 juni 1996, no. WO.96.003034);

Hebben goedgevonden en verstaan:

ARTIKEL I

Artikel 4 van het >Besluit gebruik sofi-nummer1 wordt als volgt gewijzigd:

A

Aan het slot van onderdeel c wordt, onder vervanging van de puntkomma door een komma, toegevoegd:

de Beschikking geldelijke steun eigen woningen 1979,

de Beschikking geldelijke steun eigen woningen 1984,

de Beschikking jaarlijkse bijdragen bestaande eigen woningen en het Besluit woninggebonden subsidies, voorzover het betreft de uitvoering van de in dat besluit opgenomen regeling voor sociale-koopwoningen;

B

Onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel e door een puntkomma, wordt een onderdeel f toegevoegd dat luidt:

f. gemeenten en samenwerkingsverbanden van gemeenten met het oog op de uitvoering van het Besluit woninggebonden subsidies, voor zover het betreft de uitvoering van de in dat besluit opgenomen regeling voor sociale-koopwoningen, koopstandplaatsen en koopwoonwagens.

ARTIKEL II

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

histnoot

Tavarnelle, 18 juli 1996

Beatrix

De Minister van Justitie,

W. Sorgdrager

De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

D. K. J. Tommel

Uitgegeven de zevenentwintigste augustus 1996

De Minister van Justitie,

W. Sorgdrager

NOTA VAN TOELICHTING

1. Op 1 april 1996 zijn artikel 6a van de Wet persoonsregistraties en het Besluit gebruik sofi-nummer in werking getreden (respectievelijk Stb. 1995, 679 en 1996, 190). Gelet op artikel 4, onderdeel c, van dat besluit zoals het bij inwerkingtreding luidde, brengt deze stand van zaken met zich mee dat de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM) vanaf die datum het sofi-nummer slechts mag gebruiken met het oog op de uitvoering van de Wet individuele huursubsidie.

Voor de controle en uitvoering van de inkomensafhankelijke subsidiëring in geval van door de eigenaar bewoonde woningen is echter eveneens het gebruik van het sofi-nummer noodzakelijk. Het aantal situaties waarin de Minister van VROM gebruik moet kunnen maken van het sofi-nummer blijkt dus aanvulling te behoeven. Het onderhavige besluit strekt daartoe.

2. Met dit besluit wordt een praktijk voortgezet, waarvan al in de jaren tachtig melding is gemaakt aan de Tweede Kamer (kamerstukken II 1986/87, 19 700, hfdst. IXB, nr. 40 en kamerstukken II 1987/88, 20 200, hfdst. XI, nr. 67). Het betrof het verlenen van ontheffing van de geheimhoudingsplicht ten aanzien van het gebruik van sofi-nummers en het uitwisselen van gegevens door de Staatssecretaris van Financiën en van VROM.

Het gaat hier om de volgende regelingen:

– de Beschikking geldelijke steun eigen woningen 1979 en de Beschikking geldelijke steun eigen woningen 1984. Beide zijn, voor zover hier van belang, gebaseerd op de artikelen 35, 37 en 41 van het Besluit geldelijke steun volkshuisvesting, dat strekt tot uitvoering van, voor zover hier van belang, artikel 72 van de Woningwet 1962.

– de Beschikking jaarlijkse bijdrage bestaande eigen woningen. Aangezien het hier niet gaat om de subsidiëring van te bewonen nieuwe woningen maar van te bewonen bestaande woningen, kon deze regeling niet worden gebaseerd op artikel 35 van het Besluit geldelijke steun volkshuisvesting en moet dan ook gekwalificeerd worden als een bundel beleidsregels.

– Het Besluit woninggebonden subsidies, voorzover het betreft de uitvoering van de in dat besluit opgenomen regeling voor sociale koopwoningen. De wettelijke basis hiervan is gelegen in de artikelen 81 en 82 van de Woningwet.

Deze regelingen hebben een aflopend karakter, terwijl voorts vast beleid is dat het Rijk geen nieuwe inkomensafhankelijke subsidies voor eigenaar-bewoners verleent.

In de toelichting op het Besluit gebruik sofi-nummer is als uitgangspunt genomen dat aan organisaties en personen die ingevolge enige wettelijke regeling met de uitvoering van een (publieke) taak zijn belast, kan worden toegestaan het sofi-nummer te gebruiken (o.a. voor zover hier relevant) indien dit noodzakelijk is met het oog op de bestrijding en het tegengaan van fraude met overheidsgelden en gelden verzameld ten behoeve van de uitvoering van de sociale zekerheidswetgeving. Het gebruik kan voorts worden toegestaan met het oog op de structurele gegevensuitwisseling van persoonsgegevens met andere (particuliere) instanties en personen die gerechtigd zijn het nummer te gebruiken voor zover de uitwisseling van gegevens met die instanties bij of krachtens de wet is voorzien.

Het thans voorgestelde gebruik voldoet aan beide criteria, waarvan het eerste: kortweg het belang van de fraudebestrijding, het zwaarst weegt. Met behulp van de sofi-nummers worden ter uitvoering van genoemde regelingen bij de Belastingdienst de inkomensgegevens van subsidie-ontvangers opgevraagd. Deze sofi-nummers zijn uitermate belangrijk voor de juiste koppeling van de subsidie aan de subsidie-ontvanger.

Berekening, herberekening, betaling en terugvordering van jaarlijkse bijdragen, alsmede de controle op de rechtmatigheid van de verstrekte en nog te verstrekken subsidiegelden zijn – mede door de opbouw van het uitvoeringssysteem – in hoge mate afhankelijk van het gebruik van sofi-nummers.

Omdat in het kader van het Besluit woninggebonden subsidies tevens gemeenten met de uitvoering belast zijn, is het bovendien noodzakelijk dat ook voor gemeenten de mogelijkheid bestaat tot het gebruik van het sofi-nummer met het oog op de uitvoering van die regeling.

4. Nu de Staatssecretaris van VROM ter uitvoering van zijn taak duidelijk behoefte heeft aan (uitbreiding van) het gebruik van het sofi-nummer, in het bijzonder met het oog op de bestrijding en het tegengaan van fraude van overheidsgelden, terwijl de onderhavige aanvulling van het Besluit in overeenstemming is met de in het Besluit genoemde criteria, is deze naar mijn oordeel verantwoord.

Uit het voorgaande volgt dat het van groot belang is dat in het Besluit gebruik sofi-nummer alsnog zo snel mogelijk een basis voor het noodzakelijke gebruik van sofi-nummers met het oog op de uitvoering en controle van de bovengenoemde regelingen wordt opgenomen.

De Minister van Justitie,

W. Sorgdrager

De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

D. K. J. Tommel


XNoot
1

Stb. 1996, 190.

XHistnoot

Het advies van de Raad van State wordt niet openbaar gemaakt op grond van artikel 25a, vierde lid, onder b, van de Wet op de Raad van State, omdat het zonder meer instemmend luidt.

Naar boven