Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties | Staatsblad 1995, 150 | AMvB |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties | Staatsblad 1995, 150 | AMvB |
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken, directoraat-generaal voor Openbare Orde en Veiligheid, directie Brandweer en Rampenbestrijding, van 8 december 1994, nr. EB94/3361;
Gelet op artikel 5, tweede lid, van de Brandweerwet 1985 en artikel 19, tweede lid, van de Wet geneeskundige hulpverlening bij rampen;
Gezien het advies van de Raad voor de gemeentefinanciën van 2 november 1994, nr. Rgf 03.20/005.002;
De Raad van State gehoord (advies van 27 januari 1995, nr. W04.94.0757);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken, directoraat-generaal voor Openbare Orde en Veiligheid, directie Brandweer en Rampenbestrijding, van 1 maart 1995, nr. EB95/321;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Het Besluit doeluitkering rampenbestrijding1 wordt als volgt gewijzigd:
Bijlage 1 wordt als volgt gewijzigd:
1. De kolom «Meetposten» wordt als volgt gewijzigd:
a. Bij de regionale brandweer:
1°. WEST.NRD-BRABANT wordt het cijfer «8» vervangen door: 5;
2°. ZEELAND wordt het cijfer «24» vervangen door: 19;
3°. OOST-VELUWE wordt het cijfer «7» vervangen door: 4;
4°. ZUID. ZD-HOLLAND wordt het cijfer «7» vervangen door: 5;
5°. Z.O. NOORD-BRABANT wordt het cijfer «11» vervangen door: 8;
6°. RIJNLAND wordt het cijfer «5» vervangen door: 4;
7°. ALMELO wordt het cijfer «4» vervangen door: 3;
8°. WEST-VELUWE/VALLEI wordt het cijfer «3» vervangen door: 4;
9°. NOORDELIJKE DELTA wordt het cijfer «10» vervangen door: 8;
10°. NOORD-FRIESLAND wordt het cijfer «9» vervangen door: 8;
11°. N.- EN M.-DRENTHE wordt het cijfer «7» vervangen door: 6;
12°. BREDA wordt het cijfer «9» vervangen door: 7;
13°. MIDDEN-LIMBURG wordt het cijfer «5» vervangen door: 4;
14°. GRONINGEN wordt het cijfer «17» vervangen door: 15;
15°. ENSCHEDE wordt het cijfer «6» vervangen door: 5;
16°. UTRECHT wordt het cijfer «12» vervangen door: 9;
17°. IJSSEL-VECHT wordt het cijfer «11» vervangen door: 9;
18°. NOORD-LIMBURG wordt het cijfer «8» vervangen door: 5;
19°. OOST-GELDERLAND wordt het cijfer «7» vervangen door: 6;
20°. Z. & M.-KENNEMERLAND wordt het cijfer «6» vervangen door: 5;
21°. ARNHEM wordt het cijfer «3» vervangen door: 5;
22°. AMSTERDAM E.O. wordt het cijfer «4» vervangen door: 3;
23°. RIVIERENLAND wordt het cijfer «3» vervangen door: 2;
24°. FLEVOLAND wordt het cijfer «8» vervangen door: 7;
25°. ZUID-LIMBURG wordt het cijfer «11» vervangen door: 7;
26°. Z.O.-DRENTHE wordt het cijfer «7» vervangen door: 6;
27°. N.O. NOORD-BRABANT wordt het cijfer «12» vervangen door: 10.
b. Onder «Totalen» wordt het cijfer «297» vervangen door: 252.
2. In de kolom «Sirenes» wordt:
a. bij de regionale brandweer GRONINGEN het cijfer «223» vervangen door: 213;
b. bij de regionale brandweer N.- en M.-DRENTHE het cijfer «52» vervangen door: 62.
3. In de kolom «Gemeenten» wordt:
a. bij de regionale brandweer
1°. ZEELAND het cijfer «30» vervangen door: 27;
2°. GRONINGEN voor de periode van 1 januari 1994 tot en met 31 maart 1994 het cijfer «29» vervangen door «28» en met ingang van 1 april 1994 het cijfer «28» vervangen door «25»;
3°. N.O. NOORD-BRABANT het cijfer «43» vervangen door: 32;
4°. N.- EN M.-DRENTHE het cijfer «11» vervangen door: 14;
b. onder «Totalen» voor de periode van 1 januari 1994 tot en met 31 december 1994 het cijfer «648» vervangen door «636» en met ingang van 1 januari 1995 het cijfer «636» vervangen door «633».
Bijlage 2 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de kolom «Functionarissen» wordt bij de:
a. de GGD Midden IJssel het cijfer «2*» vervangen door: 1;
b. de GGD Regio IJssel Vecht het cijfer «1» vervangen door: 2*.
2. Aan het einde van deze bijlage wordt onder de kolom:
a. «De financiële suppletie gaat naar» «GGD Midden IJssel» vervangen door: GGD Regio IJssel Vecht;
b. «De functionaris is mede ten dienste van» «GGD Regio IJssel Vecht» vervangen door: GGD Midden IJssel.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt voor zover het:
a. artikel I, onderdeel A, onder 1 en 3, onderdeel a, onder 2° en 3°, en onderdeel b, betreft, terug tot en met 1 januari 1994;
b. artikel I, onderdeel A, onder 2 en 3, onderdeel a, onder 4°, betreft, terug tot en met 1 april 1994;
c. artikel I, onderdeel B, betreft, terug tot en met 1 juli 1994;
d. artikel I, onderdeel A, onder 3, onderdeel a, onder 1°, betreft, terug tot en met 1 januari 1995.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
histnootDe Minister van Binnenlandse Zaken,
H. F. Dijkstal
Uitgegeven de dertigste maart 1995
De Minister van Justitie,
W. Sorgdrager
Dit besluit strekt ertoe de bijlagen die behoren bij het Besluit doeluitkering rampenbestrijding (hierna afgekort als: BDUR) op een aantal punten te wijzigen.
Wijziging van bijlage 1 is allereerst noodzakelijk om het aantal meetposten voor het overgrote deel van de regionale brandweren in overeenstemming te brengen met het werkelijke binnen het grondgebied van die brandweren aanwezige aantal meetposten. Deze wijziging werkt terug tot en met de datum van inwerkingtreding van het BDUR (artikel I, onderdeel A, onder 1, juncto artikel II, onder a). Deze datum is 1 januari 1994. Terugwerkende kracht op dit punt is gerechtvaardigd omdat de desbetreffende regionale brandweren voldoende duidelijk was dat het aantal in de bijlage 1 aangegeven meetposten voor hen te hoog was. Weliswaar zijn de meetposten eigendom van de Staat der Nederlanden, maar de regionale brandweren hebben in het verleden, dat wil zeggen vóór 1 januari 1994, zelf de locaties voor de meetposten binnen hun grondgebied bepaald. Bovendien hebben zij voor het Ministerie van Binnenlandse Zaken de toestemming van de eigenaren van de grond van deze locaties tot plaatsing van de meetposten verzorgd.
Wijziging van deze bijlage is ook nodig om voor een drietal regionale brandweren het aantal gemeenten te verlagen waarvoor zij een normbedrag voor het oefenen van een meetploeg ontvangen.
Het gaat hier op de eerste plaats om de Regionale Brandweer Groningen. De provincie Groningen telde op de datum van inwerkingtreding van het BDUR 25 gemeenten. Tot 1 april 1994 maakten ook de Drentse gemeenten Eelde, Peize en Roden deel uit van de Regionale Brandweer Groningen. In bijlage 1 had daarom in plaats van het cijfer «29» 28 moeten staan. Daarnaast geldt dat met ingang van 1 april 1994 de gemeenten Eelde, Peize en Roden zijn overgegaan naar een andere brandweerregio. Hiervoor zij verwezen naar het besluit van gedeputeerde staten van Drenthe van 31 mei 1994, nr. KAB/A1/94-5.632, tot bekendmaking van het besluit van provinciale staten inzake regiovorming ingevolge artikel 3, eerste lid, van de Brandweerwet 1985. Deze toetreding betekent dat het aantal gemeenten dat aangegeven staat bij de Regionale Brandweer Groningen met ingang van 1 april 1994 verminderd dient te worden met drie gemeenten. Artikel I, onderdeel A, onder 3, onderdeel a, onder 2°, juncto artikel II, onder b, strekt tot aanpassing van het aantal gemeenten dat deel uitmaakt van de Regionale Brandweer Groningen aan het feitelijke aantal per 1 januari 1994, respectievelijk 1 april 1994. Het aantal gemeenten dat deel uitmaakt van de Regionale Brandweer N.- en M.-Drenthe werd ten gevolge van de toetreding per 1 april 1994 vermeerderd met drie. Artikel I, onderdeel A, onder 3, onderdeel a, onder 4°, juncto artikel II, onder b, voorziet daarin. Een ander gevolg van die toetreding voor bijlage 1 is dat de tien sirenes die op het grondgebied van de drie genoemde gemeenten staan met ingang van 1 april 1994 worden afgetrokken van het aantal sirenes van de Regionale Brandweer Groningen en worden opgeteld bij de Regionale Brandweer «N.- en M.-Drenthe». Hiervoor zij verwezen naar artikel I, onderdeel A, onder 2, juncto artikel II, onder b.
Ook voor de Regionale Brandweer Noord-Oost Noord-Brabant geldt een verlaging van het aantal gemeenten, te weten met 11, waarvoor het Rijk een oefenvergoeding verstrekt. Bij de totstandkoming van bijlage 1 is abusievelijk geen rekening gehouden met de wet van 9 september 1993 tot gemeentelijke herindeling in het noordoostelijke deel van de provincie Noord-Brabant (Stb. 476), welke tot een vermindering van tien gemeenten heeft geleid, en is daarenboven abusievelijk één gemeente teveel aan deze regionale brandweer toebedacht. Het aantal gemeenten wordt daarom, mede op verzoek van deze regionale brandweer, bij artikel I, onderdeel A, onder 3, onderdeel a, onder 3°, juncto artikel II, onder a, met ingang van 1 januari 1994 van 43 teruggebracht tot 32.
Vermindering van het aantal gemeenten doet zich met ingang van 1 januari 1995 tot slot ook voor bij de Regionale Brandweer Zeeland. Bij artikel I, onderdeel A, onder 3, onderdeel a, onder 1°, juncto artikel II, onder d, wordt het aantal gemeenten met drie verlaagd als gevolg van gemeentelijke herindelingen. Hiervoor zij verwezen naar de wetten van 7 juli 1994 tot samenvoeging van de gemeenten Sint Philipsland en Tholen (Stb. 543), van 7 juli 1994 tot samenvoeging van de gemeenten Aardenburg en Sluis (Stb. 544), alsmede van 7 juli 1994 tot samenvoeging van de gemeenten Kortgene en Wissenkerke (Stb. 545).
Daarnaast strekt het onderhavige besluit ertoe met ingang van 1 juli 1994 bijlage 2 aan te passen waar het gaat om de financiële suppletie voor de GGD Midden IJssel en de GGD Regio IJssel Vecht voor het in dienst hebben van een functionaris die belast is met de organisatie van de geneeskundige hulpverlening. Artikel I, onderdeel B, juncto artikel II, onder c, strekt daartoe.
Tot slot zij opgemerkt dat de Raad voor de gemeentefinanciën blijkens zijn advies van 2 november 1994, nr. Rgf 03.20/005.002, kan instemmen met dit besluit.
De Minister van Binnenlandse Zaken,
H. F. Dijkstal
Het advies van de Raad van State is openbaar gemaakt door terinzagelegging bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken.
Tevens zal het advies met de daarbij ter inzage gelegde stukken worden opgenomen in het bijvoegsel bij de Nederlandse Staatscourant van 11 april 1995, nr. 72.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stb-1995-150.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.