Bevoegdheid
Op grond van artikel 18, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994 Gedeputeerde Staten bevoegd dit verkeersbesluit te nemen. Het betreft namelijk verkeer op wegen onder beheer van de provincie Drenthe.
Overwegingen ten aanzien van het besluit
Op grond van artikel 15, eerste lid van de Wegenverkeerswet 1994 dient er een verkeersbesluit te worden genomen voor de plaatsing van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer opgenomen verkeerstekens, evenals voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd.
Op grond van artikel 15, eerste lid van de Wegenverkeerswet 1994 dient er een verkeersbesluit te worden genomen voor de verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer opgenomen verkeerstekens, evenals voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd.
De in dit verkeersbesluit genoemde verkeersmaatregelen strekken tot de in artikel 2, eerste lid, van de
Wegenverkeerswet 1994 genoemde volgende belangen:
- het verzekeren van de veiligheid op de weg;
- het beschermen van weggebruikers en passagiers;
- het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;
- het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer.
Belangenafweging
De N34 is een autoweg tussen de grens met de provincie Overijssel tot aan de A28 nabij De Punt. Op de N34 tussen knooppunt Gieten en de A28 De Punt wordt groot onderhoud uitgevoerd en in samenhang hiermee gaat de provincie Drenthe aanpassingen uitvoeren ter bevordering van de doorstroming en een verkeersveilige inrichting van de N34.
Maatregelen
Aanbrengen doorgetrokken asmarkering
Op de N34 wordt tussen hectometerpaal 93,7 en 107,6 een doorgetrokken asmarkering aangebracht met het doel om een inhaalverbod in te stellen. Dit deel van de N34 heeft beperkte inhaalmogelijkheden door beperkte zichtlengtes vanwege het horizontale en verticale alignement van de weg, wisselende verkeersintensiteiten en gereden snelheden. Inhaalmanoeuvres kunnen tot verhoogde risico’s en onveilige verkeerssituaties leiden. Met het instellen van een inhaalverbod wordt de verkeersveiligheid vergroot.
Busbaan
Naast de N34 tussen hm 93,6 en hm 94,5 wordt een busbaan gerealiseerd. De busbaan is een rijbaan enkel bestemd voor lijnbussen en wordt gemarkeerd door middel van een ononderbroken lengtemarkering en de rijbaan wordt voorzien van het woord LIJNBUS, als bedoeld in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990.
Met de realisatie van de busbaan wordt beoogd de doorstroming van het openbaar vervoer te bevorderen en de verkeersveiligheid te waarborgen.
Daarnaast wordt ook de busbaan gelegen naast de N34 tussen hm 93,1 en hm 93,3 voorzien van een ononderbroken lengtemarkering.
Afgekruist vlak
Ter voorkoming dat de uitrijbeweging van lijnbussen komend vanaf de busbaan wordt belemmerd, is het noodzakelijk overig verkeer te attenderen op het vrijhouden van dit wegdeel. Om te voorkomen dat het wegdeel wordt benut door stilstaande of langzaam rijdende voertuigen, worden op de N34 ter hoogte van hm 93,6Li afgekruiste vakken aangebracht.
Overleg
Overeenkomstig artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer is er overleg geweest met de (gemachtigde van de) korpschef van de nationale politie.
Overeenkomstig artikel 25 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer is er overleg geweest met de gemeente Aa en Hunze.
Besluit
Gezien voorgaande overwegingen is Gedeputeerde Staten van de provincie Drenthe tot het besluit gekomen om:
1. De vigerende verkeersbesluiten met betrekking tot alle overige onderdelen in stand te laten.
2. Met borden A1 van bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (hierna: RVV 1990), geplaatst langs de N34 ter hoogte van hm 93,050 en hm 93,9 een maximum snelheid van 70 km/u in te stellen.
3. Met borden B6 van bijlage 1 RVV 1990 geplaatst langs de N34 ter hoogte van hm 93,4 en hm 93,6, nabij de rotonde N34/N33, te bepalen dat bestuurders voorrang moeten verlenen aan bestuurders op de kruisende weg.
4. Op de N34 ter plaatse hm 93,6 Li afgekruiste vakken aan te brengen, ter voorkoming dat overig verkeer de uitrijbeweging van lijnbussen vanaf de busbaan belemmeren.
5. Naast de N34 tussen hm 93,6 en hm 94,5 een busbaan te realiseren door het aanbrengen van een ononderbroken lengtemarkering en het woord LIJNBUS op het wegdek aan te brengen als bedoeld in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990).
6. De naast de N34 tussen hectometerpaal 93,1 en 93,3 gelegen busbaan te voorzien van een ononderbroken lengtemarkering en op het wegdek het opschrift “LIJNBUS” aan te brengen, als bedoeld in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990).
7. De blokmarkering op de N34 tussen hm 93,1 en hm 93,3 te verwijderen.
8. De onderbroken asmarkering op de N34 tussen hm 93,7 - hm 107,6 te verwijderen.
9. Met een ononderbroken asmarkering op de N34 tussen ongeveer hm 93,7 - hm 107,6 een inhaalverbod in te stellen en daarmee te bepalen dat bestuurders de ononderbroken asmarkering niet overschrijden en zich niet links van de streep bevinden.
10. Middels haaientanden te bepalen dat bestuurders voorrang moeten verlenen aan bestuurders op de kruisende weg.
Gedeputeerde Staten van Drenthe,
namens dezen,
D.D. van Dijken
Themamanager Beheer Wegen & Vaarwegen
Bezwaar
Bent u het niet eens met dit besluit, dan kunt u binnen zes weken na de dag van bekendmaking ervan hiertegen een bezwaarschrift indienen bij het college van Gedeputeerde Staten van Drenthe. De dag van bekendmaking is de dagtekening van het besluit. Voor meer informatie over het indienen van een bezwaarschrift verwijzen wij u naar: www.provincie.drenthe.nl/bezwaarprocedure