Nadere subsidieregels Economische Frontrunners

Gedeputeerde Staten van Limburg

 

maken ter voldoening aan het bepaalde in de Provinciewet en de Algemene Subsidieverordening Provincie Limburg 2023 e.v. bekend dat zij in hun vergadering van 7 april 2026 hebben vastgesteld:

 

Nadere subsidieregels Economische Frontrunners

 

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van deze nadere subsidieregels wordt verstaan onder:

 

  • 1.

    Interactiemilieu: voorwaarden en omstandigheden waaronder fysieke ontmoeting, samenwerken en kennisdeling tussen kennisinstellingen, bedrijven en overheden plaatsvindt gericht op (door)ontwikkeling van economische initiatieven en innovatie.

  • 2.

    Verstedelijkingsstrategie Limburg Centraal: een plan van de Provincie Limburg en de zes Limburg Centraal gemeenten om de zes Limburgse OV-knooppunten in samenhang te versterken en te verdichten met een mix van wonen, werken, voorzieningen en groen.

  • 3.

    Limburg Centraal gemeenten: de Limburgse gemeenten met een intercitystation te weten: Maastricht, Heerlen, Sittard-Geleen, Roermond, Weert en Venlo

  • 4.

    Economisch beleidskader: Economisch beleidskader 2024-2027 ‘Werken aan een toekomstbestendig Limburg’ zoals vastgesteld door Provinciale Staten

  • 5.

    Spoorzone: het verstedelijkte gebied binnen een straal van 1,5 km rondom een intercitystation in de Limburg Centraal gemeenten.

Artikel 2 Doel van de regeling

Context:

 

Verstedelijkingsstrategie Limburg Centraal is de gezamenlijke aanpak voor verstedelijking in de zes verbonden stationsgebieden van Venlo, Weert, Roermond, Sittard-Geleen, Maastricht en Heerlen. De zes steden vormen samen het Limburgse stedelijk netwerk waar wonen, werkgelegenheid, onderwijs, zorg, toerisme en cultuur zich concentreren. Steden staan voor grote opgaven met name op het gebied van demografie en brede welvaart. Daarom zijn onder meer investeringen in economie en werkgelegenheid nodig die de economische structuur van de stationsgebieden versterken, ondersteund door betere verbindingen waarin de zes intercitystations een belangrijke rol spelen.

 

Eén van de zes verstedelijkingsprincipes van Limburg Centraal is het creëren van meer economische dynamiek en interactie. Doel van dit principe is dat de binnenstedelijke economie en kenniseconomie meer dan nu het geval is, een aanvulling gaan vormen op de al bestaande sterktes van de Limburgs Centraal gemeenten. Economische Frontrunners zijn projecten die economische dynamiek op de kortere termijn aanjagen en daardoor Limburg Centraal zichtbaarheid en daarmee gezicht en uitstraling geven. Ze realiseren interactiemilieus die fysieke ontmoeting, samenwerken en kennisdeling tussen kennisinstellingen, bedrijven en overheden faciliteren gericht op (door)ontwikkeling van economische initiatieven en innovatie.

 

Doel van deze regeling is het stimuleren en versnellen van de realisatie van interactiemilieus die bijdragen aan de binnenstedelijke economieën en aan het vergroten van de aantrekkelijkheid om in de spoorzones te wonen, werken en leven.

 

Op deze manier wordt bijgedragen aan de economische versterking van de spoorzones en de doelen van Limburg Centraal.

Artikel 3 Aanvrager

Voor subsidie komen de Limburg Centraal gemeenten in aanmerking.

Artikel 4 Verplicht vooroverleg

Om voor een subsidie in aanmerking te komen dient ambtelijk vooroverleg plaats te vinden tussen de Limburg Centraal gemeente die een subsidieaanvraag indient en de Provincie. In dit vooroverleg wordt door de indienende Limburg Centraal gemeente uiteengezet hoe het voorgestelde projectplan bijdraagt aan de stedelijke economische visie van de Limburg Centraal gemeente, de Verstedelijkingsstrategie Limburg Centraal en het Economisch beleidskader.

Hoofdstuk 2 Criteria

Artikel 5 Algemene subsidiecriteria

Om voor een subsidie in aanmerking te komen, gelden de volgende algemene criteria:

 

  • 1.

    Het project is gericht op de realisatie van een of meerdere interactiemilieus. Deze interactiemilieus stimuleren en faciliteren aantoonbaar fysieke ontmoeting, samenwerking en kennisdeling tussen kennisinstellingen, bedrijven en overheden.

  • 2.

    Het project wordt gerealiseerd in of nabij de spoorzone van de Limburg Centraal gemeente én heeft effect op de levendigheid van de spoorzone.

  • 3.

    Het project past aantoonbaar in de stedelijke economische visie van de betreffende gemeente en draagt aantoonbaar bij aan de Verstedelijkingsstrategie Limburg Centraal.

  • 4.

    Het project past binnen het provinciale Economisch beleidskader.

  • 5.

    Het project draagt aantoonbaar bij aan de interactie tussen hetgeen zich binnen en buiten de fysieke projectlocatie afspeelt. Dat wil zeggen dat hetgeen zich binnen afspeelt, zichtbaar en toegankelijk is voor mensen buiten de fysieke projectlocatie.

  • 6.

    Het project heeft een stuwend karakter. Stuwend betekent dat het project naast een bijdrage aan de activiteiten van de aanvrager zelf ook in aanzienlijke mate moet bijdragen aan de economische ontwikkeling van andere organisaties of personen in de provincie Limburg (multipliereffect).

  • 7.

    De gevraagde provinciale subsidie heeft een aantoonbaar stimulerend effect op de realisatie van het project. Dat betekent dat het project dankzij de subsidie bijvoorbeeld eerder, beter of omvangrijker wordt gerealiseerd of dat het project dankzij de subsidie überhaupt mogelijk is.

  • 8.

    Voorafgaand aan de subsidieaanvraag dient er een vooroverleg zoals bedoeld in artikel 4 te hebben plaatsgevonden.

  • 9.

    Vóór indiening van de subsidieaanvraag heeft er afstemming plaatsgevonden tussen de aanvrager en de partijen waarvan medewerking bij de projectrealisatie noodzakelijk is.

  • 10.

    Elke Limburg Centraal gemeente kan slechts eenmaal in aanmerking komen voor subsidie op grond van deze nadere subsidieregels.

  • 11.

    Een subsidieaanvraag kan uit meerdere separate deelprojecten bestaan.

Artikel 6 Specifieke subsidiecriteria

Aanvullend aan de algemene subsidiecriteria dient een (deel)project de economische dynamiek in de spoorzone te stimuleren middels interactiemilieus in of nabij de spoorzone. Dat kan door de realisatie van een of meer fysieke locaties en/of door de ontwikkeling en uitvoering van programma’s.

 

  • 1.

    Een fysieke locatie dient gericht te zijn op een mix van bedrijven, kennis- en/of onderwijsinstellingen, studenten, forensen, en voldoet aan ten minste één van de volgende kenmerken:

    • samenkomen en samenwerken wordt gefaciliteerd;

    • beschikbaarheid van gezamenlijke test -, onderzoeks- en productiefaciliteiten;

    • mogelijkheid om te huisvesten of gebruik te maken van studie en flexwerkplekken.

  • 2.

    Een programma moet voldoen aan één of meerdere van de volgende kenmerken:

    • legt inhoudelijk verbinding met een of meer Brightlands campussen, in de vorm van bijvoorbeeld Brightlands Hubs;

    • stimuleert (grensoverschrijdende) kennisuitwisseling;

    • stimuleert ondernemerschap.

Artikel 7 Verplichtingen subsidieontvanger

Het (deel) project moet uiterlijk binnen vier jaar na de verzenddatum van de subsidieverleningsbeschikking zijn afgerond.

Artikel 8 Afwijzingsgronden

In aanvulling op artikel 17 van de Algemene Subsidieverordening Provincie Limburg 2023 e.v., wordt de subsidieaanvraag afgewezen, indien:

 

  • 1.

    het project niet aansluit bij de doelstelling van deze nadere subsidieregels zoals gesteld in artikel 2;

  • 2.

    het project niet is ingediend door een aanvrager zoals gesteld in artikel 3;

  • 3.

    er geen vooroverleg heeft plaatsgevonden, zoals gesteld in artikel 4;

  • 4.

    niet wordt voldaan aan (één van) de algemene subsidiecriteria in artikel 5;

  • 5.

    niet wordt voldaan aan (één van) de specifieke subsidiecriteria in artikel 6;

  • 6.

    de Provincie Limburg dezelfde activiteit/project al op een andere wijze subsidieert en/of financiert;

  • 7.

    de subsidieaanvraag betrekking heeft op activiteiten die gericht zijn op de continuïteit van een onderneming/instelling.

Hoofdstuk 3 Financiële aspecten

Artikel 9 Subsidiebedrag

Het te verstrekken subsidiebedrag bedraagt maximaal 50% van de totale subsidiabele projectkosten met een maximum van € 975.000,00 per aanvraag.

Artikel 10 Subsidiabele en niet subsidiabele kosten

  • 1.

    De volgende kostensoorten zijn subsidiabel:

     

    • kosten voor materiaal en materiaalgebruik, zoals testmaterialen, bouwmaterialen en software;

    • kosten voor inhuur van derden die direct gerelateerd zijn aan het project;

    • kosten voor machines en apparatuur op basis van afschrijving;

    Hierbij geldt dat een individuele kostensoort nooit meer dan 75% mag bedragen van de totale subsidiabele kosten.

  • 2.

    Voor alle subsidiabele kosten geldt dat deze kosten aantoonbaar gekoppeld zijn aan de activiteiten die in de projectomschrijving zijn genoemd.

  • 3.

    Aanvullend op artikel 15 van de Algemene Subsidieverordening Provincie Limburg 2023 e.v. zijn de volgende kosten niet-subsidiabel:

     

    • alle kosten waarvoor de subsidieaanvrager gebruik kan maken van andere inkomstenbronnen;

    • kosten voortvloeiend uit reguliere en/of wettelijke taken van de gemeente;

    • personele inzet van eigen ambtelijk personeel;

    • inhuurkosten ten behoeve van de eigen organisatie.

Hoofdstuk 4 Aanvraagprocedure

Artikel 11 Indienen aanvraag

  • 1.

    Een subsidieaanvraag kan uitsluitend worden ingediend bij Gedeputeerde Staten met gebruikmaking van het standaard (digitaal) aanvraagformulier dat geplaatst is op de website van de Provincie Limburg: www.limburg.nl/subsidies > actuele subsidieregelingen.

  • 2.

    Het standaard (digitaal) aanvraagformulier dient volledig ingevuld en rechtsgeldig ondertekend te worden en te zijn voorzien van alle bijlagen zoals aangegeven op het formulier en dient bij voorkeur digitaal, door middel van eHerkenning (aanvragen van organisaties) of DigiD (aanvragen van particulieren), te worden ingediend. Een aanvraag per e-mail is niet mogelijk en zal niet in behandeling worden genomen

Artikel 12 Termijn voor indienen aanvraag

  • 1.

    De subsidieaanvraag kan vanaf 29 april 2026 worden ingediend en dient uiterlijk 07 januari 2027 te zijn ontvangen door Gedeputeerde Staten.

  • 2.

    Voor de datum van ontvangst is de datum van de ontvangststempel van de Provincie Limburg bepalend en bij digitale aanvragen de datum van digitale ontvangst.

Hoofdstuk 5 Slotbepalingen

Artikel 13 Hardheidsclausule

  • 1.

    In alle gevallen waarin deze regeling niet voorziet beslissen Gedeputeerde Staten.

  • 2.

    Indien toepassing van het bepaalde in deze regeling, naar het oordeel van Gedeputeerde Staten, tot kennelijke onbillijkheden leidt, dan kunnen Gedeputeerde Staten van enige bepaling afwijken.

Artikel 14 Inwerkingtreding, beëindiging en citeertitel

  • 1.

    Deze Nadere subsidieregels treden in werking met ingang van 29 april 2026.

  • 2.

    Deze Nadere subsidieregels vervallen met ingang van 08 januari 2027, met dien verstande dat zij van toepassing blijven op subsidieaanvragen die vóór die datum zijn ontvangen door Gedeputeerde Staten en subsidiebesluiten die vóór die datum zijn genomen, ook voor de volgende stappen in het subsidietraject.

  • 3.

    Deze regeling kan worden aangehaald als "Nadere subsidieregels Economische Frontrunners”.

Aldus besloten in de vergadering van Gedeputeerde Staten, gehouden op 7 april 2026

Gedeputeerde Staten voornoemd

de voorzitter,

de heer E.G.M. Roemer

secretaris

de heer D.F. Timmer

Naar boven