Provinciaal blad van Flevoland
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Flevoland | Provinciaal blad 2026, 5401 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Flevoland | Provinciaal blad 2026, 5401 | beleidsregel |
Reglement van Orde Provinciale Staten Provincie Flevoland 2026
Verordening van Provinciale Staten van Flevoland, op grond van artikel 16, 80 en 143 lid 1 Provinciewet, bevattende het reglement van orde voor de vergaderingen van Provinciale Staten, haar commissies en gremia, alsmede verwijzingen naar de volgende verordeningen van Provinciale Staten en Gedeputeerde Staten:
Petitieloket: de plaats waar een E-petitie ingediend wordt, beheerd door de Statengriffie (griffie@flevoland.nl)
Artikel 2. Statencommissies en Commissievoorzitter
De Statencommissies worden voorgezeten door een commissievoorzitter, te benoemen door en uit Provinciale Staten via een benoemingsbesluit. De commissievoorzitter is belast met het voorzitten van de Statencommissie conform de wet en dit reglement. Bij de voordracht van een commissievoorzitter wordt rekening gehouden met het hiertoe opgestelde functieprofiel. De benoeming eindigt met het aftreden van Provinciale Staten, indien de commissievoorzitter niet langer Statenlid is, dan wel indien betrokkene hierom verzoekt.
Het functioneren van de Statencommissies en de commissievoorzitters worden regelmatig geëvalueerd in de Statencommissies en het fractievoorzittersoverleg. Provinciale Staten kunnen de commissievoorzitter van zijn taken ontheffen, indien voornoemde evaluaties daar aanleiding toe geven. Provinciale Staten benoemen in dat geval een nieuwe commissievoorzitter met toepassing van lid 6.
Artikel 3. Commissie Planning & Control
Provinciale Staten hebben een Commissie Planning & Control, een commissie conform artikel 82 van de Provinciewet. De commissie heeft als primaire taak Provinciale Staten te ondersteunen met betrekking tot de planning en control cyclus. Bij de start van de Statenperiode wordt bij instellingsbesluit de opdracht nader gepreciseerd.
De voorzitter van de Commissie Planning & Control maakt, door tussenkomst van de commissiegriffier, een concept agenda. De conceptagenda wordt opgesteld aan de hand van de Langetermijnagenda. Leden van de Commissie Planning & Control kunnen voorstellen voor de agenda indienen. Bij aanvang van de vergadering stelt de Commissie Planning & Control de agenda vast.
Het Presidium draagt als dagelijks bestuur van Provinciale Staten de verantwoordelijkheid voor een optimale positionering van Provinciale Staten. Dit doet zij door zorg te dragen voor de volgende kerntaken:
Conceptagenda’s en vergaderorde
Het Presidium stelt de conceptagenda’s vast van de Statenvergaderingen, Statencommissies en het politiek regio overleg, inclusief de vergaderorde. Daarbij maakt zij gebruik van passende instrumenten zoals, doch niet uitsluitend: spreektijden, sprekersvolgorde, insprekers, beeldvormende presentaties en andere vergader technische middelen. Het Presidium draagt zoveel als mogelijk zorg voor een evenwichtige spreiding van de agendastukken en behandeltijd over de beschikbare vergaderdata.
Artikel 7. Het Fractievoorzittersoverleg
Het fractievoorzittersoverleg kan ook buiten vergadering overleggen, mits alle leden in de gelegenheid zijn gesteld schriftelijk, per e-mail of via andere communicatiemiddelen hun mening te uiten. Van dit overleg wordt door de griffier een korte besluitenlijst opgemaakt, waarbij de ingekomen antwoorden worden bijgevoegd. Deze korte besluitenlijst wordt bij een volgend fractievoorzittersoverleg vastgesteld.
Artikel 11. Toelating Statenleden na verkiezingen en tussentijdse toelating
De commissie voor de geloofsbrieven rapporteert haar bevindingen aan Provinciale Staten en geeft aan of er geen beletselen zijn voor toelating. Indien van toepassing, wordt van een minderheidsstandpunt melding gemaakt in dit verslag. Dit geschiedt mondeling in de vergadering waarin de toelating van het Statenlid geagendeerd staat.
Artikel 12. Benoeming burgerleden
Provinciale Staten benoemen burgerleden op voordracht van de fractie. Het burgerlid dient als kandidaat geplaatst te zijn op de kandidatenlijst van de betreffende partij, zoals deze kandidatenlijst luidde ten tijde van de laatste verkiezingen van Provinciale Staten. De artikelen 10, 11, 12, 13 en 15 van de Provinciewet en artikelen 11.1, 11.3, 11.5, 11.6 en 11.7 van het Reglement van Orde zijn op burgerleden van overeenkomstige toepassing.
Artikel 13. Tussentijds ontslag Staten- en burgerleden en tijdelijke vervanging bij langdurige ziekte of zwangerschap van Staten- en burgerleden
Een Statenlid kan te allen tijde ontslag nemen. Het Statenlid doet daarvan schriftelijk mededeling aan de voorzitter, die dit meldt aan de voorzitter van het Centraal Stembureau. Het ontslag gaat in wanneer de opvolger is toegelaten tot Provinciale Staten of wanneer het Centraal Stembureau heeft beslist dat geen opvolger kan worden benoemd
Artikel 15. Benoeming gedeputeerden
De commissie voor de ge0loofsbrieven rapporteert haar bevindingen aan Provinciale Staten en geeft aan of er geen beletselen zijn voor benoeming. Indien van toepassing, wordt van een minderheidsstandpunt melding gemaakt in dit verslag. Dit geschiedt mondeling in de vergadering waarin de benoeming van de kandidaat-gedeputeerde geagendeerd staat.
Artikel 16. Vergaderen en agenderen in de periode na verkiezingen: integrale ad hoc commissie
In de periode na de Statenverkiezingen geldt dat besluiten ten aanzien van vergaderen en agenderen door een tijdelijk Presidium worden genomen en dat vergaderingen plaatsvinden in een integrale ad hoc commissie. Deze voorziening geldt zolang Provinciale Staten nog geen besluit hebben genomen tot:
2. Vergadering commissies en Provinciale Staten
Artikel 20. Agenda Statencommissies en Provinciale Staten
Op de agenda van een Statencommissie worden periodiek de lijst moties, de lijst toezeggingen, de lijst geheimhouding, de lijst initiatiefvoorstellen, de lijst e-petities, de lijst burgerinitiatieven en een afdoeningsvoorstel toezeggingen geagendeerd. Op de agenda van Provinciale Staten wordt periodiek een afdoeningsvoorstel moties en voorstel opheffen geheimhouding geagendeerd.
Bij agendering in Provinciale Staten adviseert de Statencommissie unaniem of het stuk als hamerstuk of bespreekstuk wordt geagendeerd. Indien een stuk als bespreekstuk wordt geagendeerd kan de Statencommissie, door tussenkomst van de commissievoorzitter, aangeven welke punten deel kunnen uitmaken van de beraadslaging in Provinciale Staten.
De voorzitter en de griffier stellen (zo nodig in overleg met de vicevoorzitter) een concept agenda vast. Hierbij wordt per agendapunt een voorstel voor de te hanteren behandeltijd gedaan. De voorzitter en de griffier bepalen bij welke bespreekstukken een maximale spreektijd wordt ingesteld. Bij het vaststellen van de conceptagenda voor de bespreking van de Jaarstukken, de Perspectiefnota, de Zomernota en de Programmabegroting wordt over spreektijd afgestemd met het Presidium.
Artikel 23. Toevoegingen op de agenda
Een Statenlid kan de volgende toevoegingen op de agenda van Provinciale Staten indienen:
mondelinge vragen: zolang deze voldoen aan de bepalingen in artikel 24.
Voor mondelinge vragen wordt in de vergadering een halfuur gereserveerd. Het onderwerp van de vragen wordt tot uiterlijk 4 uur voor de vergadering door tussenkomst van de griffier bij de voorzitter ingediend. Het Statenlid bepaalt zelf of de vragen vooraf aan het college ter beschikking worden gesteld. De portefeuillehouder wordt hiervan door de griffier op de hoogte gesteld. Het Presidium toetst aan het kader zoals opgenomen in artikel 24. De voorzitter meldt bij aanvang van de vergadering dat er mondelinge vragen zijn.
een verzoek tot een interpellatiedebat: zolang het verzoek voldoet aan artikel 28. Een verzoek tot interpellatie wordt altijd op de conceptagenda van de eerstvolgende Statenvergadering geplaatst. Het Presidium adviseert op basis van het kader zoals opgenomen in artikel 28 en het verzoek wordt na verlof van Provinciale Staten geagendeerd. Het schriftelijke verzoek dient tenminste 48 uur voor de vergadering door tussenkomst van de griffier bij de voorzitter te zijn ingediend, tenzij naar het gemotiveerde oordeel van de voorzitter sprake is van spoed. Het verzoek omvat een omschrijving van het onderwerp, alsmede de te stellen vragen. De voorzitter brengt het verzoek, alsmede de te stellen vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van Provinciale Staten en het college.
een motie vreemd aan de orde van de dag, door deze bij de vaststelling van de agenda mondeling aan te kondigen. Moties vreemd worden, zo mogelijk, uiterlijk op de maandag voorafgaand aan de Statenvergadering openbaar gedeeld. Indien dit niet mogelijk is geeft de indiener bij het indienen van de motie een toelichting over de spoedeisendheid. De vergadering beslist na discussie en desgewenst na een reactie van het college, middels een ordevoorstel of de motie vreemd aan de agenda wordt toegevoegd.
een initiatiefvoorstel, door deze schriftelijk bij de voorzitter in te dienen. Verzoeker kan aangeven eerst behandeling in een Statencommissie wenselijk te vinden. Er wordt geen besluit genomen dan nadat Gedeputeerde Staten in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen ter kennis van Provinciale Staten te brengen. De voorzitter doet mededeling van het verzoek aan Provinciale Staten en plaatst deze in overleg met de griffier op de eerstvolgende vergadering. Wanneer de schriftelijke oproep hiervoor reeds verzonden is, wordt het op de eerst daaropvolgende vergadering geplaatst. Indien de verzoeker eerst behandeling in een Statencommissie wenselijk acht, treedt de voorzitter in overleg met het Presidium over agendering.
Een burger, bedrijf of instelling in Flevoland kan, door tussenkomst van de commissiegriffier, tot 24 uur voorafgaand aan een digitale en tot een half uur voorafgaand aan een fysieke Statencommissievergadering een verzoek tot inspreken indienen bij de commissievoorzitter. De commissiegriffier toetst of het verzoek voldoet aan de criteria zoals omschreven in artikel 32. Voor insprekers is per vergadering twintig minuten beschikbaar. Een inspreker krijgt vijf minuten spreektijd, bij meer dan vier aanmeldingen verdeelt de commissievoorzitter de spreektijd naar evenredigheid. Op voorstel van de commissievoorzitter kan hiervan worden afgeweken. De commissievoorzitter kan toestaan dat aan de inspreker verhelderende vragen worden gesteld.
Een burger kan, door tussenkomst van de griffier, het schriftelijke verzoek doen aan de voorzitter tot plaatsing van een burgerinitiatiefvoorstel op de agenda van Provinciale Staten. De griffier toetst of het voorstel voldoet aan de criteria zoals omschreven in artikel 33. De indiener ontvangt bericht of het voorstel aan de eisen voldoet en op de agenda van Provinciale Staten wordt geplaatst. De voorzitter doet in de eerstvolgende vergadering van Provinciale Staten na binnenkomst van het verzoek, een procedurevoorstel aan Provinciale Staten. Provinciale Staten beslissen op grond hiervan over de wijze van agendering en behandeling. De voorzitter nodigt de verzoeker schriftelijk uit voor de vergadering(en) waarvoor het voorstel is geagendeerd. De verzoeker of zijn plaatsvervanger heeft tijdens deze vergadering(en) de gelegenheid om zijn burgerinitiatiefvoorstel mondeling nader toe te lichten.
Een burger kan, door tussenkomst van de griffier, een e-petitie indienen bij de voorzitter ter agendering in Provinciale Staten. De griffier toetst of het voorstel voldoet aan de criteria, zoals omschreven in artikel 34. De petitionaris ontvangt bericht of het voorstel aan de eisen voldoet en op de agenda van Provinciale Staten wordt geplaatst. De voorzitter doet in de eerstvolgende vergadering van Provinciale Staten na binnenkomst van het verzoek, een procedurevoorstel aan Provinciale Staten. Provinciale Staten beslissen op grond hiervan over de wijze van agendering en behandeling. De voorzitter nodigt de petitionaris schriftelijk uit voor de vergadering(en) waarin de e-petitie is geagendeerd. De petitionaris of de plaatsvervanger heeft tijdens deze vergadering(en) de gelegenheid zijn e-petitie mondeling nader toe te lichten.
Paragraaf 3: Instrumenten van Provinciale Staten en burgers
Een Statenlid kan op de wijze als omschreven in artikel 23 een verzoek doen tot het houden van een interpellatie, waarbij inlichtingen worden gevraagd aan de commissaris van de Koning of het college, gericht op verantwoording van het gevoerde bestuur, over een onderwerp dat niet reeds op de agenda van de betreffende vergadering staat.
Artikel 32. Inspreken door burgers
De commissievoorzitter doet bij aanvang van de vergadering melding van het verzoek tot inspreken. Het inspreekrecht wordt geagendeerd bij aanvang van de behandeling van het betreffende onderwerp, in volgorde van aanmelding. De commissievoorzitter kan hiervan afwijken indien dit in het belang is van de orde van de vergadering.
Een kiesgerechtigde inwoner van de provincie kan, met inachtneming van artikel 23, een e-petitie indienen. Hierbij dient gebruik te worden gemaakt van het petitieloket, dat te bereiken is via de website www.petities.nl.
De voortgang met betrekking tot het onderwerp van de e-petitie is zichtbaar via het petitieloket op de website www.petities.nl.
Paragraaf 4: Orde van de vergadering
Indien het lid hieraan geen gehoor geeft kan de voorzitter:
de vergadering voorstellen aan een lid dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. Over dit voorstel wordt niet beraadslaagd. Het lid dient na het aannemen van het voorstel de vergadering onmiddellijk te verlaten. Bij herhaling kan het lid voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering worden ontzegd.
Artikel 39. Geluid en beeldregistraties, gebruik mobiele apparatuur
Het ten gehore brengen van geluidsfragmenten, dan wel vertonen van beeldmateriaal ten tijde van de vergadering, dient vooraf te worden gemeld bij de griffier. De griffier kan aanwijzingen geven om de kwaliteit van de vergadering te bewaken. Degene die hiervan gebruik maakt volgt de aanwijzingen van de voorzitter.
Paragraaf 5: Openen en Beraadslagen
Artikel 43. Onderwerp van beraadslaging
Indien hierbij meer dan één amendement, subamendement of voorstel tot splitsing wordt ingediend, doet de voorzitter een voorstel voor de behandelvolgorde. Hierbij wordt betrokken of de inhoud van de ingediende voorstellen een andere behandelvolgorde vraagt dan de volgorde van indiening vanwege een onderlinge weging van de verstrekkendheid.
Paragraaf 6: Besluiten/Stemmen
Artikel 46. Stemmen over zaken: acclamatie, handopsteken en hoofdelijk stemmen
Een vergissing bij het uitbrengen van een stem kan worden hersteld totdat het volgende Statenlid gestemd heeft, dan wel bij elektronisch stemmen totdat de uitslag van de stemming bekend is. Bij een latere constatering van een vergissing kan het Statenlid alleen nog verzoeken dat in de besluitenlijst wordt opgenomen dat hij zich vergist heeft. In de uitslag van de stemming brengt dit geen verandering.
Artikel 49. Aantal stemmingen, herstemmen, vernietigen stembriefjes
Wanneer bij deze tweede stemming door niemand de volstrekte meerderheid is verkregen, wordt gestemd tussen de kandidaten, die hiervoor de meeste stemmen kregen. Zijn echter de meeste stemmen over meer dan twee personen verdeeld, dan wordt bij tussenstemming bepaald tussen welke twee personen de derde stemming zal lopen.
Indien bij de tussenstemming of bij de derde stemming de stemmen staken, beslist terstond het lot. Hiertoe worden de namen door de stemopnemers op afzonderlijke, geheel gelijke biljetten geschreven. De biljetten worden op gelijke wijze naar binnen gevouwen, in een bus gedaan en omgeschud. De voorzitter neemt één van die biljetten uit de bus en verklaart dat diegene gekozen is.
Paragraaf 7: Beslotenheid en geheimhouding
Artikel 53. Opleggen geheimhouding door de commissaris van de Koning of het college aan Provinciale Staten
Indien de commissaris van de Koning of het college geheimhouding oplegt op stukken bestemd voor Provinciale Staten, informeren zij Provinciale Staten over het genomen besluit door middel van een mededeling onder schriftelijk gemotiveerde verwijzing naar de relevante bepalingen uit de Provinciewet en de Wet open overheid. Hierbij worden de gronden voor geheimhouding en de termijn waarvoor deze moet gelden aangegeven.
Artikel 54. Opleggen en opheffen geheimhouding door een commissie
Indien een commissie geheimhouding oplegt wordt Provinciale Staten hiervan op de hoogte gesteld door middel van de besluitenlijst onder gemotiveerde verwijzing naar de relevante bepalingen uit de Provinciewet en de Wet open overheid. Hierbij worden de gronden voor geheimhouding en de termijn waarvoor deze moet gelden aangegeven.
Artikel 56. Registratie van opleggen geheimhouding aan en door Provinciale Staten en opheffen geheimhouding door Provinciale Staten
Bij de registratie door de secretaris of de griffier wordt aangegeven wanneer de geheimhouding wordt opgeheven. Drie keer per jaar wordt de lijst geheimhouding door de secretaris en griffier geactualiseerd en ter kennisname aan Provinciale Staten aangeboden. Indien nodig bereidt de griffier op basis van de aangeleverde informatie in de geactualiseerde lijst geheimhouding een opheffingsbesluit voor.
Artikel 61. Intrekken eerdere Reglementen van Orde
Het 'Reglement van Orde Provinciale Staten Provincie Flevoland 2015' wordt met terugwerkende kracht vanaf 15 september 2021 ingetrokken en het 'Reglement van Orde Provinciale Staten Provincie Flevoland 2021' wordt ingetrokken met inwerkingtreding van het 'Reglement van Orde Provinciale Staten Provincie Flevoland 2026'.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2026-5401.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.