Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland maken bekend dat zij op 3 maart 2026 hebben besloten om voor het project WarmtelinQ Rijswijk – Leiden en Aanlandlocatie niet (meer) de coördinatieregeling toe te passen, met uitzondering van de hieronder genoemde besluiten in cluster 9. De redenen die aan dat besluit ten grondslag liggen staan hieronder vermeld.
Op 10 mei 2023 hebben Provinciale Staten van Zuid-Holland, dat wil zeggen voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet, besloten om voor dit project de Provinciale Coördinatieregeling (PCR) uit artikel 3.33, eerste lid, onder b, van de Wet ruimtelijke ordening toe te passen. Daardoor is op grond van artikel 4.106a van de Invoeringswet Omgevingswet in samenhang met artikel 16.7 van de Omgevingswet nu de coördinatieregeling als bedoeld in afdeling 3.5 Awb van toepassing op de besluiten voor de uitvoering van dit project.
Op basis van deze coördinatieregelingen hebben de beide initiatiefnemers thans het grootste gedeelte (95%) van de benodigde vergunningen verkregen die vereist zijn voor de aanleg en het in werking hebben van de warmtetransportleiding en de technische voorzieningen. Tegen het Provinciaal Inpassingsplan (PIP) en enkele vergunningen lopen nog beroepsprocedures bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. WarmtelinQ Transportservices heeft verscheidene aannemers gecontracteerd en er is gestart met de voorbereidende werkzaamheden voor de aanleg van de warmtetransportleidingen. Vattenfall is al vergevorderd met de bouw van haar Piek- en Back-up-installatie op de Aanlandlocatie ten westen van Leiden nabij de kruising N206-A44.
Daarmee komen beide projecten in een andere fase terecht. Ook in die fase zullen nog vergunningen en toestemmingen van het lokale bevoegde gezag nodig zijn, maar dat gaat om een beperkt aantal zeer lokale en uitvoeringsgerichte besluiten. Om die reden hebben WarmtelinQ en Vattenfall op 29 januari 2026 Gedeputeerde Staten schriftelijk verzocht de coördinatieregeling niet meer toe te passen, met uitzondering van de vergunningaanvragen voor enkele activiteiten in cluster 9 waarvoor het Hoogheemraadschap van Rijnland bevoegd gezag is.
Op grond van artikel 3:21, derde lid, Awb, kunnen Gedeputeerde Staten bepalen dat besluiten, in afwijking van het voorgaande niet als besluiten als bedoeld in afdeling 3.5 van die wet worden aangemerkt, en daarmee niet onder de coördinatieregeling als bedoeld in afdeling 3.5 Awb vallen, indien niet valt te verwachten dat de toepassing van die afdeling op deze besluiten de voortgang van de besluitvorming over de te coördineren besluiten redelijkerwijs in betekenende mate zal versnellen of dat aan deze toepassing anderszins aanmerkelijke voordelen zijn verbonden.
Aangezien de resterende besluiten beperkt in aard en omvang zijn en het coördineren van deze besluiten via de hiervoor bedoelde coördinatieregeling de besluitvorming redelijkerwijs niet in betekenende mate zal versnellen of dat daaraan anderszins aanmerkelijke voordelen zijn verbonden, hebben Gedeputeerde Staten besloten om voor het project WarmtelinQ Rijswijk-Leiden en Aanlandlocatie de Coördinatieregeling niet (meer) toe te passen, met uitzondering van de besluiten in cluster 9 ten behoeve van de hieronder genoemde activiteiten:
- -
Grondwateronttrekking Lot C, wijziging verleende vergunning;
- -
Grondwateronttrekking Lot F, wijziging verleende vergunning;
- -
Aanbrengen objecten in kwetsbaar kwelgebied;
- -
Aanbrengen objecten in beschermingszone waterkering;
- -
Werken in kwetsbaar kwelgebied;
- -
Tijdelijke aanpassingen in de waterhuishouding.
De reden om bovengenoemde besluiten van dit besluit uit te zonderen, is het feit dat deze samenhangen met de nog lopende beroepsprocedures bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het is in het belang van alle betrokkenen dat op die besluiten de coördinatieregeling nog wordt toegepast. Voor de overige aanvragen geldt dat deze conform de wettelijke werkwijze – maar zonder coördinatie door PZH – door de bevoegde gezagen in behandeling worden genomen, vergund en gepubliceerd. De bevoegde gezagen zijn hierover per brief geïnformeerd.
Dit besluit treedt in werking de dag na bekendmaking hiervan in het Provinciaal Blad. Tegen dit besluit staat geen bezwaar of beroep op (artikel 8:4 eerste lid, onder e, van de Awb).
Meer informatie
Voor meer informatie over de procedure voor dit project kunt u terecht op de website van de provincie Zuid-Holland: WarmtelinQ Rijswijk - Leiden - Provincie Zuid-Holland. Aanvullende Informatie over het project WarmtelinQ kunt u vinden op de website van WarmtelinQ: https://www.warmtelinq.nl