Provinciaal blad van Utrecht
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Utrecht | Provinciaal blad 2026, 3736 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Utrecht | Provinciaal blad 2026, 3736 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Besluit van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 24 februari 2026, nr. UTSP-8141755331-1884 tot wijziging van de Subsidieregeling Leefomgeving landelijk gebied provincie Utrecht
De Subsidieregeling Leefomgeving landelijk gebied provincie Utrecht wordt als volgt gewijzigd:
Hoofdstuk 15 Wolfwerende rasters wordt als volgt gewijzigd:
Het subsidieplafond voor de periode bedoeld in artikel 15.3 eerste lid, bedraagt € 50.000,-.
B. Na hoofdstuk 19 wordt een nieuw hoofdstuk 20 ingevoegd, dat luidt:
Hoofdstuk 20 Aanjagen gemeentelijk voedselbeleid
Artikel 20.2 Subsidieontvangers (doelgroep)
Subsidie kan worden verstrekt aan:
Artikel 20.4 Weigeringsgronden
In aanvulling op het gestelde in artikel 1.6 wordt subsidie ook geweigerd als:
De subsidieontvanger is verplicht:
de resultaten van de gesubsidieerde activiteiten na afloop middels een verslag te delen met de provincie Utrecht zodat kennisdeling en opschaling mogelijk zijn en de regeling geëvalueerd kan worden. Het verslag dient gemaild te worden naar voedselagenda@provincie-utrecht.nl en bevat minimaal de volgende componenten:
Artikel 20.7 Hoogte van de subsidie
Artikel 20.8 Subsidiabele kosten
De activiteiten binnen dit hoofdstuk betreffen niet-economische activiteiten. Daarmee is er geen sprake van staatssteun zoals bedoeld in artikel 107, 108 en 109 Verdrag van de Werking van de Europese Unie (VWEU).
Artikel 20.10 Tijdelijkheid en overgangsrecht
Dit hoofdstuk vervalt op 1 januari 2028. Subsidies die op grond van dit hoofdstuk vóór 1 januari 2028 zijn aangevraagd of verstrekt, worden behandeld overeenkomstig de op dat moment geldende regelgeving.
Hoofdstuk 20 Slotbepalingen wordt vernummerd tot Hoofdstuk 21 Slotbepalingen.
In de bijlage bij Hoofdstuk 1 artikel 1.1 worden de volgende begripsbepalingen op alfabetische volgorde ingevoegd:
duurzaam voedsel: gezond voedsel binnen de grenzen van onze planeet, volgens de richtlijnen van het “planetary health diet” van de EAT-Lancet-commissie. Daarin wordt een meer plantaardig dieet geadviseerd met meer peulvruchten, granen, groentes en noten en de vermindering van voedselverspilling is van belang;
gezonde en duurzame voedselomgeving: voedselomgeving die zo is ingericht dat inwoners gemakkelijk gezonde en duurzame voedselkeuzes kunnen maken. De voedselomgeving bestaat uit alle plekken waar eet- en drinkaanbod aanwezig is, en ook de plaatsen waar inwoners worden blootgesteld aan (online) beeldmateriaal en reclame van voedsel of dranken;
natuurinclusieve landbouw: een vorm van duurzame landbouw die optimaal gebruik maakt van de natuurlijke omgeving en die deze integreert in de bedrijfsvoering. Natuurinclusieve landbouw bestaat uit drie dimensies: 1) het verminderen van impact door ongewenste emissies op de natuur (‘sparen’); 2) het inzetten van natuurlijke processen als alternatief voor externe input zoals kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen (‘benutten’); 3) het zorgen voor natuur en biodiversiteit en landschap door het nemen van maatregelen gericht op specifieke soorten of landschapselementen (‘verrijken’);
voedselverbindingsplekken: plekken/initiatieven waar toegang tot gezond en duurzaam voedsel wordt verbonden met andere sociale vraagstukken zoals educatie en het tegengaan van eenzaamheid en armoede. Dit kunnen initiatieven zijn als buurthuizen, (volks)tuinen en volkskantines waar mensen samen tuinieren, voedsel bereiden en andere sociale initiatieven ontplooien;
Aan de toelichting wordt onder de toelichting op hoofdstuk 19 toegevoegd:
Hoofdstuk 20 Aanjagen gemeentelijk voedselbeleid
Dit hoofdstuk is een instrument dat bijdraagt aan het provinciale meerjarendoel 2.4.2: “Utrechtse voedselproducenten produceren meer voor de regionale markt en Utrechtse inwoners kunnen gemakkelijker kiezen voor gezond en duurzaam voedsel.” Er is specifiek gekozen voor een subsidieregeling zodat de gemeente zelf keuzes kan maken voor de gewenste activiteit, doelgroep, omgeving en schaalniveau, passend bij de situatie van de gemeente.
De provincie Utrecht ondersteunt en stimuleert hiermee gemeenten om actief bij te dragen aan de transitie naar een gezond, duurzaam en toekomstbestendig voedselsysteem. Gemeenten staan dicht bij inwoners, producenten, ondernemers en maatschappelijke organisaties en kunnen deze doelgroepen bereiken om (gedrags)verandering tot stand te brengen.
Voedsel raakt aan veel maatschappelijke opgaven zoals gezondheid van de inwoners en de impact van voedselproductie op klimaat en biodiversiteit. Dit betreft ook vraagstukken die op gemeentelijk niveau spelen. Met integraal voedselbeleid worden verbindingen gelegd tussen bestaand gemeentelijk beleid op het gebied van economie, duurzaamheid, circulariteit, gezondheid, recreatie en toerisme. Het vraagt om samenwerking tussen verschillende beleidsdomeinen.
De subsidieregeling is tweeledig. Ten eerste biedt deze Utrechtse gemeenten de mogelijkheid om te onderzoeken hoe gemeentelijk voedselbeleid ontwikkeld, belegd en uitgevoerd kan worden. Dit is een verplicht onderdeel binnen de aanvraag. Hiermee wordt inzicht gecreëerd in hoe voedselbeleid aan verschillende beleidsdoelen raakt en wat er in de uitvoering mogelijk is, ook zonder dat er een apart beleidskader en/of visie voor voedsel ontwikkeld wordt. Het uitwerken van een aparte voedselvisie en uitvoeringsagenda kan ook een mogelijkheid zijn. Deze is passend als er zicht is op voldoende structurele middelen en bestuurlijk commitment vanuit de gemeente zelf.
Ten tweede ondersteunt de regeling de realisatie van uitvoeringsprojecten voor het stimuleren van een meer lokaal, duurzaam en gezond eetpatroon en het tegengaan van voedselverspilling.
Voor het maken van gezonde en duurzame voedselkeuzes speelt de voedselomgeving een belangrijke rol. Een voedselomgeving omvat alle fysieke, sociale, economische en beleidsmatige factoren die invloed hebben op wat mensen eten en drinken. Het gaat om plekken waar voedsel beschikbaar is, zoals supermarkten, buurtlocaties, tankstations, sport- of schoolkantines en bedrijfsrestaurants, maar ook reclame, voedselprijzen, sociale normen en wetgeving. Gemeenten kunnen aan de slag gaan met eigen reclame- en evenementenbeleid en kunnen doelgroepen bereiken zoals bijvoorbeeld lokale ondernemers en sociale en maatschappelijke initiatieven. Deze doelgroepen kunnen ervoor zorgen dat de toegang tot en beschikbaarheid van lokaal, gezond en duurzaam voedsel toeneemt en het makkelijker wordt om hiervoor te kiezen.
Voor de uitvoering van activiteiten die specifiek zijn gericht op het bereiken van de doelgroep kinderen en jongeren is het programma Jong Leren Eten van belang. Jong Leren Eten Utrecht heeft het educatieaanbod per gemeente in beeld gebracht. De regeling kan ingezet worden voor kennisdeling, challenges en coaching bij scholen en voor de uitvoering van matching en netwerkbijeenkomsten om daarmee het lokaal voedseleducatie-netwerk te versterken.
De voorbereiding en uitvoering van stakeholdersessies binnen de gemeentelijke organisatie en extern in relatie tot het opzetten van gemeentelijk voedselbeleid is belangrijk om te onderzoeken hoe gemeentelijk voedselbeleid tot stand kan komen binnen de huidige beleidskaders, te zorgen voor meer eigenaarschap en voor het identificeren van kansen en knelpunten. Daarom is dit een verplicht onderdeel binnen de aanvraag.
De uitvoering van kennisdeling, challenges, coaching en intervisie bij lokale horeca, scholen, sport- en zorglocaties betreft o.a. activiteiten zoals inzicht krijgen in de huidige situatie, advisering over acties/verbeteringen en implementatie van de verbeteringen. Intervisie is een methode waarbij professionals met een vergelijkbare achtergrond werkproblemen bespreken. Het doel van de coaching en intervisie is om een (gedrags)verandering op gang te brengen, ofwel in het aanbod/menukaart, ofwel door meer kennis/kunde. De deelname aan dergelijke activiteiten staat open voor meerdere ondernemers/locaties binnen de gemeente(n). Voor het doorzetten van (gedrags)verandering is het wenselijk als verandertrajecten worden ingezet van minimaal 3 maanden.
Voor de activiteit voorbereiding en uitvoering van inwonersparticipatie bij het versterken van een gezonde en duurzame voedselomgeving, is het advies om gebruik te maken van de Toolbox Inwonersparticipatie Gezonde Voedselomgeving van de Toekomst. Deze Toolbox helpt (beleids)adviseurs van gemeenten en GGD’en om samen met inwoners, vooral uit wijken met een lagere sociaaleconomische positie, de voedselomgeving te verbeteren. De aanpak bestaat uit vijf praktische stappen en start bij het perspectief van de inwoners.
Een voorbeeld van matching is het met elkaar in contact te brengen van producenten en afnemers.
De doelen “bevorderen van een plantaardig voedingspatroon” en “het verminderen van voedselverspilling en verwerking van reststromen tot humaan voedsel” dragen bij aan circulariteit en klimaatmitigatie. Bij de productie van plantaardig eiwit worden minder natuurlijke hulpbronnen en grondstoffen zoals water en land ingezet dan bij dierlijk eiwit. Daarbij dragen zowel meer plantaardig eten als vermindering van voedselverspilling bij aan een lagere CO2-uitstoot. Een lagere CO2-uitstoot is van belang om de doelen van het klimaatakkoord te behalen en daarmee klimaatverandering tegen te gaan.
Wat betreft het doel “het verminderen van voedselverspilling en verwerking van reststromen tot humaan voedsel” kan de Stichting Samen Tegen Voedselverspilling behulpzaam zijn. Deze stichting vormt dé beweging van bedrijven en publieke organisaties die zich inzet tegen voedselverspilling. De stichting heeft een bouwstenenplan ontwikkeld voor gemeenten die aan de slag willen met het aanpakken van voedselverspilling. Hierin worden concrete voorbeelden genoemd ter inspiratie.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2026-3736.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.