Regeling van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant van 10 februari 2026 tot wijziging van de Subsidieregeling Levendig Brabant in verband met enkele technische wijzigingen in paragraaf 1 (Zesde wijziging Subsidieregeling Levendig Brabant)

Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant;

 

Gelet op artikel 2 van de Algemene subsidieverordening Noord-Brabant;

 

Overwegende dat het wenselijk is de Subsidieregeling Levendig Brabant te wijzigen in verband met enkele technische wijzigingen in paragraaf 1 Cultuur, erfgoed, sport en vrije tijd in de mix;

 

Besluiten vast te stellen de volgende regeling:

Artikel I Wijziging Subsidieregeling Levendig Brabant

De Subsidieregeling Levendig Brabant wordt als volgt gewijzigd:

 

A.

In artikel 1.4 wordt “twee of meer” vervangen door “drie”.

 

B.

In artikel 1.6, onder c, wordt “twee of meer” vervangen door “drie”.

 

C.

Artikel 1.7 komt te luiden:

Artikel 1.7 Subsidiabele kosten

  • 1.

    Voor subsidies als bedoeld in artikel 1.4 komen voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie de volgende kosten voor subsidie in aanmerking:

    • a.

      arbeids- en personeelsuren;

    • b.

      kosten derden tot een maximum van € 100 per uur, te vermeerderen met niet-verrekenbare btw;

    • c.

      kosten voor inzet van vrijwilligers tot een maximum van € 5,75 per uur;

    • d.

      overige uitvoeringskosten.

  • 2.

    Voor de berekening van subsidiabele uurtarieven van arbeids- en personeelsuren van de subsidieaanvrager past de subsidieaanvrager de berekeningswijze, genoemd in artikel 1.4, eerste lid, onder c, van de Regeling algemene subsidienormen Noord-Brabant toe en hanteert daarbij een uurtarief van maximaal €80.

D.

Bijlage 1 behorende bij de Subsidieregeling Levendig Brabant wordt vervangen door bijlage 1 bij deze regeling.

Artikel II Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin zij wordt geplaatst.

’s-Hertogenbosch, 10 februari 2026

Gedeputeerde Staten voornoemd,

de voorzitter,

mr. I.R. Adema

de secretaris,

drs. G.H.E. Derks MPA

Bijlage 1 behorende bij artikel I, onder D, van de Zesde wijziging Subsidieregeling Levendig Brabant

 

Bijlage 1 behorende bij artikel 1.1 van de Subsidieregeling Levendig Brabant

 

Cultuur: in deze paragraaf wordt hieronder kunst verstaan. Kunst is de bewuste creatie van iets moois of betekenisvols met behulp van vaardigheid en verbeelding. Het omvat een breed scala aan menselijke activiteiten, waaronder schilderen, tekenen, grafiek, beeldhouwen, moderne mediakunst, theater, dans, muziek en zang, fotografie, film, architectuur, literatuur, poëzie en streetculture.

 

Sport: in deze paragraaf wordt hieronder sport en bewegen verstaan:

  • Sport: doelgericht bewegen met een sportief karakter, gericht op het verbeteren of onderhouden van lichamelijke fitheid, vaardigheden en/of prestaties. Sport kan zowel georganiseerd als ongeorganiseerd worden beoefend;

  • Bewegen: lichamelijke activiteiten waarbij mensen zich actief verplaatsen of hun lichaam bewust inspannen, zoals wandelen en fietsen, met als doel het bevorderen van gezondheid, mobiliteit en ontspanning.

Erfgoed: hierbij zijn verschillende vormen te onderscheiden:

  • Onroerend erfgoed, in de praktijk meestal aangeduid met de term cultuurhistorische waarden. Dit zijn bijvoorbeeld historische gebouwen, stads- en dorpsgezichten, historische landschappen, historische groenstructuren en archeologische monumenten.

  • Roerend erfgoed: museumstukken, archeologische vondsten, etc.

  • Informatief erfgoed: archieven, foto’s, drukwerk, etc.

  • Immaterieel erfgoed: volkscultuur, dialect, historische gebruiken en tradities.

Vrije Tijd: hiermee wordt gedoeld op de tijd die mensen actief en passief besteden aan ontspanning, plezier en ontmoeten. Actieve vormen van vrijetijdsbesteding vinden meestal buitenshuis plaats, zoals het bezoeken van attractieparken, dierentuinen, evenementen, maar ook wandelen en fietsen, al dan niet via gethematiseerde routes, behoren hiertoe. Een goed vrijetijdsaanbod zorgt ervoor dat het fijn is om Brabant te bezoeken voor een langer of korter verblijf én het fijn is om in Brabant te wonen en werken omdat er genoeg te beleven is.

 

Toelichting behorende bij de Zesde wijziging Subsidieregeling Levendig Brabant

I. Algemeen

 

Met deze wijzigingsregeling zijn voor paragraaf 1 enkele technische wijzigingen doorgevoerd.

 

II. Artikelsgewijs

 

Artikel I (Wijziging Subsidieregeling Levendig Brabant)

 

Onder A (Artikel 1.4)

Door deze wijziging wordt subsidie verstrekt als een project verbinding legt tussen drie van de sectoren Cultuur, Erfgoed, Sport en Vrije tijd. Op deze wijze wordt de reikwijdte van de subsidie verbreed. Een project dat gericht is op Vrije tijd, zal dan bijvoorbeeld verbinding moeten maken met nog twee sectoren uit Cultuur, Erfgoed en Sport.

 

Onder B (Artikel 1.6)

Door deze wijziging worden de subsidievereisten aangepast aan de verbreding binnen artikel 1.4.

 

Onder C (Artikel 1.7)

Eerste lid, onder c

Ook de kosten voor vrijwilligers tot het fiscaal toegestane uurtarief zijn nu subsidiabel omdat vrijwilligerswerk cruciaal is voor de samenleving, het de sociale cohesie bevordert, kwetsbare groepen ondersteunt en persoonlijke groei stimuleert.

 

Tweede lid

De wijziging is bedoeld om meer flexibiliteit te brengen in de subsidiabele uurtarieven voor arbeids- en personeelsuren. Ook andere uurtarieven dan € 80 worden hiermee subsidiabel mits deze niet hoger zijn dan dat bedrag.

 

Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant,

 

de voorzitter,

mr. I.R. Adema

 

de secretaris,

drs. G.H.E. Derks MPA

Naar boven