Provinciaal blad van Zeeland
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Zeeland | Provinciaal blad 2026, 2513 | ander besluit van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Zeeland | Provinciaal blad 2026, 2513 | ander besluit van algemene strekking |
Besluit van gedeputeerde staten van Zeeland houdende wijziging van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023
Onder vernummering van hoofdstuk 45 tot hoofdstuk 46, de paragrafen 45.1 en 45.2 tot paragrafen 46.1 en 46.2 en de artikelen 45.1.1 en 45.2.1 tot artikelen 46.1.1 en 46.2.1, wordt een hoofdstuk ingevoegd, luidende:
Hoofdstuk 45 Bijzondere bepalingen voor verstrekking van subsidie voor soortenbescherming
§ 45.1 Alternatieve verblijfplaatsen
Artikel 45.1.1 Begripsbepalingen
In deze paragraaf wordt verstaan onder:
alternatieve verblijfplaats: een plaats die geschikt is voor verblijf door beschermde soorten vleermuizen en ingericht is ter vervanging van een ander verblijfplaats van deze diersoort, die door verduurzaming van een gebouw ongeschikt is geworden of zal worden;
compensatieplan: plan ten behoeve van de NVI of plan dat onderdeel uitmaakt van een pre-soortenmanagementplan;
kosten derden: kosten die op factuur aantoonbaar aan derden verschuldigd zijn en die direct ten behoeve van de subsidiabele activiteit worden gemaakt;
NVI: wijze van natuurvriendelijk isoleren, ter voorbereiding op het pre-soortenmanagementplan;
pre-soortenmanagementplan: plan zoals bedoeld in artikel 3.11 van de Beleidsregels Natuurbescherming 2022 Zeeland, op basis waarvan een gemeente een gebiedsgerichte omgevingsvergunning voor flora- en fauna-activiteiten kan aanvragen.
Een subsidie op grond van deze paragraaf kan worden aangevraagd door gemeenten gelegen in de provincie Zeeland.
Artikel 45.1.3 Subsidiabele activiteiten
Subsidie kan worden verstrekt voor het plaatsen van alternatieve verblijfplaatsen.
Artikel 45.1.4 Weigeringsgronden
Onverminderd artikel 1.2.1, tweede lid, wordt subsidie geweigerd indien:
Artikel 45.1.5 Subsidievereisten
Om voor een subsidie als bedoeld in artikel 45.1.3 in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende vereisten:
Artikel 45.1.7 Subsidiabele kosten
De hoogte van de subsidie voor activiteiten als bedoeld in artikel 45.1.3 bedraagt 100% van de subsidiabele kosten.
Artikel 45.1.9 Openstelling en subsidieplafond
Artikel 45.1.10 Verplichtingen en verantwoording
§ 45.2 Soortenmanagementplannen
Artikel 45.2.1 Begripsbepalingen
In deze paragraaf wordt verstaan onder:
gebiedsgerichte omgevingsvergunning: omgevingsvergunning voor flora- en fauna-activiteiten als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder g, van de Omgevingswet voor verschillende activiteiten binnen een plangebied, zijnde een substantieel deel van een gemeente, waarbij maatregelen worden genomen die de staat van instandhouding van beschermde soorten versterken;
kosten derden: kosten die op factuur aantoonbaar en aan derden verschuldigd zijn en die direct voor de subsidiabele activiteit worden gemaakt;
soortenmanagementplan: plan gericht op het verbeteren van de staat van instandhouding van soorten vleermuizen en vogels binnen een gemeente en ter onderbouwing van een aanvraag om een gebiedsgerichte omgevingsvergunning voor flora- en fauna-activiteiten.
Een subsidie op grond van deze paragraaf kan worden aangevraagd door gemeenten gelegen in de provincie Zeeland.
Artikel 45.2.3 Subsidiabele activiteiten
Een subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten gericht op:
Artikel 45.2.4 Weigeringsgronden
Onverminderd artikel 1.2.1, tweede lid, wordt subsidie geweigerd indien:
Artikel 45.2.5 Subsidievereisten
Artikel 45.2.7 Subsidiabele kosten
De hoogte van de subsidie bedraagt 100% van de subsidiabele kosten.
Artikel 45.2.9 Openstelling en subsidieplafond
Na de toelichting op hoofdstuk 38, wordt een toelichting toegevoegd, luidende:
[De bovenstaande tekst bevat een kennelijke verschrijving. Hier wordt bedoeld: Na de toelichting op hoofdstuk 44, wordt een toelichting toegevoegd, luidende:].
Toelichting op hoofdstuk 45 Bijzondere bepalingen voor verstrekking van subsidie soortenbescherming
Omdat niet alle gemeenten op korte termijn kunnen starten met het onderzoek dat nodig is voor het opstellen van een soortenmanagementplan (verder: SMP), is ter overbrugging op 15 mei 2024 de landelijke “korte termijn aanpak natuurvriendelijk isoleren” gestart. Bij het isoleren van woningen is een risico voor beschermde diersoorten die hun verblijfplaats hebben in deze woningen. Met name vleermuissoorten die gebouwen bewonen, zijn hier gevoelig voor. Onderdeel van de landelijke korte termijn aanpak is daarom de compensatie van mogelijk te verliezen kraamverblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis, de laatvlieger, de baardvleermuis en de gewone grootoorvleermuis. Deze compensatieopgave ligt bij gemeenten.
Met paragraaf 1 van deze subsidieregeling wil de provincie gemeenten financieel ondersteunen bij het realiseren van alternatieve verblijfplaatsen. Daarbij is ervoor gekozen om een subsidie enkel beschikbaar te stellen ten behoeve van het behoud van de essentiële functies (kraamverblijven en massawinterverblijven) binnen het leefgebied van vleermuispopulaties. De subsidies op grond van paragraaf 2 moeten het opstellen en implementeren van SMP’s versnellen.
De middelen voor deze subsidie zijn afkomstig uit de ministeriële Regeling specifieke uitkering versnelling natuurinclusief isoleren.
Dit hoofdstuk maakt onderdeel uit van het Asb 2023. Dat betekent dat bij subsidieverstrekking ook de algemene bepalingen in hoofdstuk 1 van het Asb 2023 en de Algemene subsidieverordening Zeeland 2023 (Asv) van toepassing zijn. De bepalingen van Asv en hoofdstuk 1 Asb 2023 gelden in aanvulling op het onderhavige hoofdstuk. Zo bevat § 1.3 van de Asb 2023 een aantal bepalingen over subsidiabele kosten en § 1.4 een aantal vereisten waar de aanvraag aan moet voldoen. § 1.6 bevat een aantal verplichtingen die de subsidieontvanger in acht moet nemen, waaronder de meldingsplicht indien hij verwacht de activiteiten niet (geheel) te zullen verrichten of niet (geheel) aan zijn verplichtingen te zullen voldoen.
Artikel 45.1.4 Weigeringsgronden
Op grond van het onderhavige hoofdstuk kan elke gemeente maximaal twee subsidieaanvragen doen. Een volgende aanvraag zal niet in behandeling worden genomen. In totaal mogen de twee aanvragen niet het subsidieplafond overschrijden dat voor de betreffende gemeente genoemd wordt in artikel 45.1.9. Ook wordt een aanvraag geweigerd indien de uitvoering van de activiteiten al is gestart vóór 1 januari 2024.
Artikel 45.1.5 Subsidievereisten
De locaties van de alternatieve verblijfplaatsen zijn opgenomen in de compensatieplannen die zijn opgesteld. In principe moeten de gemeenten dit compensatieplan volgen. Afwijking is slechts mogelijk als dit goed gemotiveerd wordt. De alternatieve nieuwe locatie moet opgenomen zijn in het kaartje dat wordt aangeleverd bij de subsidieaanvraag.
De ministeriële regeling schrijft voor dat de activiteiten uiterlijk eind 2030 moeten zijn afgerond. Om die reden moet de subsidieaanvrager op voorhand laten zien aan de hand van een haalbare planning dat de activiteiten voor die datum kunnen worden afgerond.
Artikel 45.1.7 Subsidiabele kosten
Alleen materiaalkosten en kosten derden komen in aanmerking voor een subsidie. Personeelskosten van de gemeenten zelf komen niet in aanmerking voor een subsidie.
Artikel 45.1.9 Openstelling en subsidieplafond
De deelplafonds per gemeente zijn vastgesteld op basis van de binnen de betreffende gemeente aan te leggen alternatieve verblijfplaatsen. Dit is uitgerekend aan de hand van de compensatieopgave die de gemeenten hebben.
Artikel 45.1.10 Verplichtingen en verantwoording
De gemeenten leggen verantwoording af overeenkomstig de Sisa-regeling. Daarnaast verstrekken zij bij de aanvraag tot vaststelling het bewijs dat de prestatie is geleverd door een GIS-kaart aan te leveren waarop de locaties staan aangegeven waar de verblijfplaatsen zijn geplaatst.
Artikel 45.2.4 Weigeringsgronden
Er wordt geen subsidie verstrekt voor activiteiten die zijn gestart voor 1 januari 2024 (zie onderdeel a). Onderdeel b maakt duidelijk dat gemeenten slechts eenmaal een subsidie kunnen ontvangen op grond van deze paragraaf. Een tweede subsidieaanvraag wordt geweigerd.
Artikel 45.2.5 Subsidievereisten
Het eerste lid heeft betrekking op het voorbereiden en opstellen van een soortenmanagementplan (SMP).
De beoordeling of gedeputeerde staten op basis van het opgestelde SMP een gebiedsgerichte omgevingsvergunning voor flora- en fauna-activiteiten aan een gemeente kunnen verlenen, is een separate beoordeling op grond van de Omgevingswet en het Besluit kwaliteitseisen leefomgeving.
De vereisten voor het implementeren en het monitoren van het soortenmanagementplan, zijn opgenomen in het tweede en derde lid.
Artikel 45.2.7 Subsidiabele kosten
De subsidie wordt alleen verstrekt voor kosten derden. Kosten derden is in de begripsbepalingen gedefinieerd als: kosten die op factuur aantoonbaar en aan derden verschuldigd zijn en die direct voor de subsidiabele activiteit worden gemaakt. Een bijdrage in de kosten bedraagt 100% van de kosten en is mogelijk tot het voor de aanvrager geldende maximumbedrag genoemd in artikel 45.2.9. Op grond van hoofdstuk 1 komen compensabele en verrekenbare btw niet in aanmerking voor een bijdrage (zie artikel 1.3.1, tweede lid Asb).
Artikel 45.2.10 Verplichtingen en verantwoording
Bij de aanvraag tot vaststelling dient een activiteitenverslag te worden aangeleverd. Hierin geeft de subsidieontvanger aan of het SMP is opgesteld en of het voldoet aan de verplichtingen, bedoeld in het eerste lid. Dit geeft overigens geen garantie dat op basis van het SMP ook daadwerkelijk een gebiedsgerichte vergunning voor flora- en fauna-activiteiten kan worden verleend. Dit vergt een separate beoordeling door gedeputeerde staten op grond van de Omgevingswet en het Besluit kwaliteitseisen leefomgeving.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2026-2513.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.