Provincie Overijssel - Rectificatie - Kennisgeving voornemen start projectprocedure Windpark Groen

RECTIFICATIE Deze kennisgeving vervangt de kennisgeving van 1oktober 2026 (Provinciaal blad 2026, 16657). De kennisgeving van 1 oktober 2026 was onvolledig.

Procedure om de realisatie van Windpark Groen mogelijk te maken gaat van start.

Gedeputeerde Staten van Overijssel hebben op 7 oktober 2025 (2025-027244) besloten dat zij een projectprocedure willen gaan starten voor realisatie van Windpark Groen in de gemeente Steenwijkerland. Hiervoor is eerst een selectieprocedure doorlopen. Het beoogde windpark ligt in de gemeente Steenwijkerland en bestaat uit 1 windturbine. Na het besluit van Gedeputeerde Staten hebben de aanvrager van het project en de provincie een aantal praktische afspraken gemaakt. Bijvoorbeeld over samenwerking tussen beide partijen, over participatie van de omgeving en over de te doorlopen procedure. Met deze kennisgeving start de projectprocedure voor Windpark Groen.

Met deze publicatie geven Gedeputeerde Staten van Overijssel kennis van het volgende:

  • •

    Het voornemen om een verkenning, als bedoeld in artikel 5.47 van de Omgevingswet, uit te voeren voor de opgave om de opwek van (ongeveer) 20 GWh windenergie door 1 windturbine in het projectgebied van Windpark Groen te realiseren;

  • •

    Het voornemen om een projectbesluit vast te stellen, als bedoeld in artikel 5.44 van de Omgevingswet, zonder een voorkeursbeslissing als bedoeld in artikel 5.49 van de Omgevingswet.

In deze kennisgeving voornemen leest u wat het project Windpark Groen inhoudt. Ook leest u uit welke stappen de procedure bestaat en hoelang die ongeveer duren. Daarnaast leest u hoe en waarover u kunt meedenken.

Opgave

In het Klimaatakkoord van Parijs is afgesproken dat we in 2030 in Nederland per jaar 5 miljard kilowattuur zonne- en windenergie moeten opwekken. Wat dit voor Overijssel betekent, hebben de gemeenteraden, Provinciale Staten en algemeen besturen van de waterschappen gezamenlijk vastgelegd in de zogeheten Regionale Energie Strategieën (RES). Er zijn afspraken gemaakt voor twee regio's, de RES Twente en de RES West-Overijssel. Voor windenergie hebben alle partijen in Overijssel afgesproken dat we in 2030 in totaal 2 TWh windenergie opwekken. Om dit doel te halen, zijn in Overijssel ongeveer 90 extra windturbines nodig. De gemeente Steenwijkerland is betrokken bij de RES West-Overijssel. Bij de RES West-Overijssel hebben de partijen afgesproken dat in de regio per 2030 voor (ongeveer) 1 TWh aan windenergie wordt opgewekt. Wij hebben met de gemeente Steenwijkerland afgesproken dat in die gemeente voor maximaal 80 GWh aan windenergie zal worden opgewekt.

Het project Windpark Groen gaat over de realisatie van 1 windturbine in de gemeente Steenwijkerland. Het projectgebied ligt op het bedrijventerrein Groot Verlaat. De beoogde windturbine gaat circa 20 GWh elektrische energie produceren. Daarmee past de aanvraag binnen het provinciale beleid, de afspraak met de gemeente Steenwijkerland en de afspraken die zijn gemaakt in de RES West-Overijssel. Meer informatie over het project is te vinden op www.steenergie.com.

Procedure

 Gedeputeerde Staten zijn het bevoegd gezag voor alle windparken in de provincie Overijssel met een capaciteit tot 100 megawatt (MW). Uit artikel 6.2 van de Energiewet volgt dat Gedeputeerde Staten het bevoegd gezag zijn voor windprojecten tussen 15 en 100 MW. Aanvullend daarop hebben Gedeputeerde Staten in het Provinciaal Programma Energiestrategie 2026 (PPE) geregeld dat zij ook het bevoegd gezag zijn voor windparken met een capaciteit onder de 15 MW. Dit omdat alle windprojecten bijdragen aan de provinciale energieopgave en vragen om bovenlokale ruimtelijke en maatschappelijke afwegingen. Alle besluiten over windprojecten in de provincie Overijssel worden dus genomen door Gedeputeerde Staten.

Om Windpark Groen mogelijk te maken, is een projectbesluit nodig. Hiervoor wordt de projectprocedure gevolgd. De projectprocedure bestaat uit de volgende fasen:

  • •

    Fase 1 – Kennisgeving voornemen: met de kennisgeving voornemen laten Gedeputeerde Staten weten dat zij voor een bepaald project een projectprocedure gaan volgen, omdat ze van plan zijn een projectbesluit te nemen over dat project. De kennisgeving voornemen vormt de formele start van de projectprocedure en geeft informatie over onder andere het project, de stappen van de procedure en over hoe mensen kunnen meedenken. Dit document leest u nu.

In deze fase kunt u meedenken over alternatieve oplossingen voor de opgave. Verderop in dit document vindt u meer informatie over hoe u dat kunt doen. U kunt geen bezwaar of beroep instellen tegen het voornemen.

  • •

    Fase 2 – Kennisgeving participatie: in deze stap stelt de aanvrager een participatieplan op dat beschrijft hoe derden (zoals inwoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen) kunnen meedenken over het project. In dit plan staat ook hoe en wanneer u in de verschillende fasen van de projectprocedure betrokken wordt door de aanvrager van het project.

Gedeputeerde Staten stellen het concept-participatieplan vast en leggen dit voor een periode van zes weken ter inzage. Tijdens deze periode kan iedereen hierop reageren en meedenken over hoe derden worden betrokken tijdens de procedure. De reacties worden beantwoord in een zogeheten reactienota. Daarna stellen Gedeputeerde Staten de reactienota en het participatieplan definitief vast. U kunt geen bezwaar of beroep instellen tegen het (concept-)participatieplan. Mogelijk combineren wij de terinzagelegging van het concept-participatieplan met het concept-onderzoeksplan (zie fase 3).

  • •

    Fase 3 – Verkenning: de verkenning gaat over het in kaart brengen van de mogelijke effecten van het project op het milieu en de fysieke leefomgeving. Hiervoor gaat de aanvrager een onderzoeksrapport opstellen. In het onderzoeksplan presenteert de aanvrager de uit te voeren onderzoeken. In het onderzoeksplan staat wat wordt onderzocht en hoe de onderzoeken worden uitgevoerd.

Gedeputeerde Staten stellen het concept-onderzoeksplan vast en leggen dit voor een periode van zes weken ter inzage. Tijdens deze periode kunt iedereen hierop reageren en  meedenken over welke onderzoeken worden uitgevoerd en hoe dat wordt gedaan. De reacties worden beantwoord in een zogeheten reactienota. Daarna stellen Gedeputeerde Staten de reactienota en het onderzoeksplan definitief vast. U kunt geen bezwaar of beroep  instellen tegen het (concept-)onderzoeksplan. Mogelijk combineren wij de terinzagelegging van het concept-participatieplan met het concept-onderzoeksplan (zie fase 2).

Na het vaststellen van het onderzoeksplan gaat de aanvrager aan de slag met het onderzoeksrapport. Het doel van het onderzoeksrapport is dat milieueffecten van het project meegewogen kunnen worden bij het nemen van besluiten over het project. We verwachten dat het opstellen van het onderzoeksrapport een jaar duurt. Hoelang het precies duurt, hangt af van de tijd die nodig is om de onderzoeken uit te voeren.

Het onderzoeksrapport is ter onderbouwing van het projectbesluit. Bij het ontwerp-projectbesluit (fase 4) kunt u hierop reageren.

  • •

    Fase 4 – Projectbesluit: het projectbesluit is de juridische basis voor het project. Hierin staat ook welke maatregelen genomen worden om hinder te beperken en welke regels daarvoor gelden. Het onderzoeksrapport is ter onderbouwing van het projectbesluit.

Gedeputeerde Staten stellen eerst een ontwerp-projectbesluit vast. Deze ligt vervolgens zes weken ter inzage. Iedereen kan hierop een zienswijze indienen. In uw zienswijze kunt u reageren op het ontwerp-projectbesluit en de bijbehorende stukken. Gedeputeerde Staten beoordelen alle zienswijzen die zijn binnengekomen en passen het projectbesluit aan waar dat nodig is.

Daarna stellen Gedeputeerde Staten het projectbesluit definitief vast. Het projectbesluit ligt daarna opnieuw zes weken ter inzage. In deze periode kunt u beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Dat kan alleen als u een zienswijze heeft ingediend bij het ontwerp-projectbesluit of als u belanghebbende bent bij het projectbesluit.

Alternatieve oplossingen inbrengen

Op dit moment zitten we in fase 1 van de projectprocedure. Als u ideeën heeft over een mogelijk alternatieve oplossing voor de opgave in het projectgebied van Windpark Groen, dan kunt u die in deze fase van de procedure bij de provincie Overijssel indienen. Dit staat in artikel 5.47, derde lid, van de Omgevingswet. De mogelijke oplossing moet wel voldoen aan de volgende uitgangspunten:

  • •

    de oplossing moet passen binnen de kaders van de Omgevingsverordening, het Provinciaal Programma Energiestrategie en de Beleidsregel voor het indienen van een aanvraag voor windenergie in de Provincie Overijssel;

  • •

    er moet sprake zijn van een mogelijke oplossing die niet eerder is beoordeeld in het kader van de doorlopen selectieprocedure;

  • •

    de oplossing moet passen binnen de grondpositie van het windpark zoals die nu beoogd is. Deze grondpositie is kadastraal bekend als: Steenwijkerwold P1571;

  • •

    de oplossing moet technisch uitvoerbaar en juridisch haalbaar zijn.

Iedereen kan een mogelijke oplossing indienen in de periode van 1 oktober tot en met 11 november 2026. Dit kan door te mailen naar overijsselloket@overijssel.nl. Vermeld in uw bericht uw naam en adres, de datum en onderwerp “Windpark Groen”.

Contact

Voor meer informatie over de inhoud van het plan en het lokaal eigendom, kunt u contact opnemen met Windpark Groen:

Voor vragen over de procedure en doorgeven van u een mogelijke alternatieve oplossing kunt u contact opnemen met het team Processturing van de provincie Overijssel:

Naar boven