Provinciaal blad van Zeeland
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Zeeland | Provinciaal blad 2026, 11385 | ander besluit van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Zeeland | Provinciaal blad 2026, 11385 | ander besluit van algemene strekking |
Besluit van gedeputeerde staten van Zeeland houdende wijziging van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023
Besluit van gedeputeerde staten van Zeeland van 30 juni 2026, kenmerk 820816, houdende wijziging van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023.
Gedeputeerde staten van Zeeland,
overwegende dat op basis van het vorenstaande bijzondere bepalingen in het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023 benodigd zijn en het hiertoe wenselijk is, ter vervanging van het huidige hoofdstuk 28 (Bijzondere bepalingen voor verstrekking van subsidie voor de uitvoering van fysieke maatregelen ten behoeve van toekomstbestendige bedrijventerreinen) een nieuw hoofdstuk op te nemen in het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023;
besluiten vast te stellen de navolgende wijziging van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023:
Hoofdstuk 28 van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023 komt te luiden:
Hoofdstuk 28 Bijzondere bepalingen voor verstrekking van subsidie voor herstructurering en herontwikkeling van bedrijventerreinen
Artikel 28.1 Begripsbepalingen
In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
beter benutten: het zodanig herstructureren of herontwikkelen van een bedrijventerrein dat de kwaliteit en inrichting van het bedrijventerrein worden verbeterd, zodat de beschikbare ruimte duurzamer, aantrekkelijker en toekomstbestendig wordt benut in samenhang met economische, ruimtelijke en maatschappelijke doelstellingen;
infrastructuur ten behoeve van de verkaveling: de fysieke boven- en ondergrondse voorzieningen die aantoonbaar noodzakelijk zijn voor de herindeling, ontsluiting en functionele bruikbaarheid van kavels binnen het herstructureringsgebied, waaronder begrepen wegen, terreinontsluitingen, riolering en kabels en leidingen, voor zover deze direct samenhangen met de nieuwe verkavelingsstructuur. Onder infrastructuur wordt niet verstaan: vervanging, uitbreiding of kwaliteitsverbetering van bestaande infrastructuur die niet noodzakelijk is voor de uitvoering van de (her)verkaveling;
Artikel 28.2 Subsidiabele activiteiten
Subsidie kan worden verstrekt voor de herstructurering of herontwikkeling van een bestaand bedrijventerrein, gericht op het beter en efficiënter benutten van de beschikbare ruimte met als doel de balans tussen vraag en aanbod op de bedrijventerreinenmarkt in Zeeland te verbeteren.
Subsidie wordt slechts verstrekt aan een gemeente binnen de provincie Zeeland.
Artikel 28.4 Weigeringsgronden
Onverminderd artikel 1.2.1, tweede lid, aanhef en onderdeel b en c, wordt subsidie niet verstrekt indien:
het project plaatsvindt op een bedrijventerrein bestemd voor grondstoffenwinning, olie en gaswinning, waterwinning, afvalstort, een nutsvoorziening, een horeca- en recreatiebedrijf, een agrarisch bedrijf, de vestiging van een nieuwe economische drager als bedoeld in bijlage III van de Omgevingsverordening Zeeland, de mogelijkheid voor een niet-agrarische activiteit in het landelijk gebied, niet zijnde een bedrijf gericht op de industriële verwerking van producten als bedoeld in bijlage III van de Omgevingsverordening Zeeland, energieopwekking als bedoeld in artikel 5.1, vijftiende en zestiende lid, van de Omgevingsverordening Zeeland alsmede overige overeenkomstig de Omgevingsverordening Zeeland toegelaten bedrijvigheid, overige functioneel aan het buitengebied gebonden bedrijvigheid en solitaire bedrijvigheid binnen stedelijk gebied;
Artikel 28.5 Subsidievereisten
Om voor subsidie in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende vereisten:
Artikel 28.6 Subsidiabele kosten
Onverminderd de artikelen 1.3.1 en 1.3.3 komen de volgende kosten voor subsidie in aanmerking:
Artikel 28.7 Niet-subsidiabele kosten
De subsidie bedraagt maximaal 75% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 3.500.000 per aanvraag.
Artikel 28.10 Indieningstermijn
Gedeputeerde staten stellen het subsidieplafond voor de openstellingsperiode, bedoeld in artikel 28.10, vast op € 3.500.000.
Artikel 28.13 Extern deskundige
Voor de beoordeling van de subsidieaanvraag kunnen gedeputeerde staten een beroep doen op een extern deskundige.
De toelichting op hoofdstuk 28 van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023 komt te luiden:
Toelichting op hoofdstuk 28 Bijzondere bepalingen voor verstrekking van subsidie voor herstructurering en herontwikkeling van bedrijventerreinen
Bedrijventerreinen zijn van groot belang voor het economisch functioneren van Zeeland. Door ontwikkelingen zoals schaarste aan ruimte, veranderende marktvraag en de noodzaak tot verduurzaming staan bestaande bedrijventerreinen onder druk. Niet altijd leiden deze ontwikkelingen vanzelf tot investeringen in gebouwen en openbare ruimte, waardoor de toekomstbestendigheid van bedrijventerreinen in het geding kan komen.
Het Rijk en de provincies zetten gezamenlijk in op het versterken en toekomstbestendig maken van bedrijventerreinen. In dat kader heeft het ministerie van Economische Zaken en Klimaat middelen beschikbaar gesteld aan provincies om, passend bij het eigen beleid, pilotprojecten te ondersteunen die bijdragen aan de herstructurering en herontwikkeling van bestaande bedrijventerreinen. De uitgangspunten daarbij zijn ondernemersgerichtheid, integraliteit en het combineren van publieke en private belangen. De pilotprojecten hebben primair een lerend karakter. Ze zijn bedoeld om kennis en ervaringen op te doen, goede voorbeelden te delen en signalen te agenderen.
In Zeeland is de vraag naar bedrijventerreinen groot, terwijl het beschikbare aanbod beperkt is. Tegelijkertijd liggen er kansen om bestaande terreinen beter en efficiënter te benutten. Met deze subsidieregeling wil de provincie bijdragen aan het beter benutten van de beschikbare ruimte en het verbeteren van het economisch functioneren van bedrijventerreinen.
De regeling is gericht op het ondersteunen van projecten voor herstructurering en herontwikkeling van bestaande bedrijventerreinen, met als doel de beschikbare ruimte doelmatiger in te zetten en vraag en aanbod op de bedrijventerreinenmarkt beter op elkaar te laten aansluiten.
Relatie met beleid en programma’s
De Zeeuwse ambitie zoals geformuleerd in Zeeland 2050, waarbij wordt ingezet op groei van het aantal inwoners om Zeeland ook in de toekomst leefbaar te houden, heeft gevolgen voor wonen en werken in de provincie, en daarmee ook voor de bedrijventerreinen. Daarnaast kunnen grote investeringen in North Sea Port, een mogelijke extra ruimtevraag door defensie en de mogelijke komst van één of meerdere nieuwe kerncentrales de vraag naar en het functioneren van bedrijventerreinen in Zeeland beïnvloeden.
De Zeeuwse Omgevingsvisie wordt in 2026 geactualiseerd op de onderdelen Bedrijven & Haven. Tegelijkertijd wordt gewerkt aan een programma Ruimte voor Economie, waarvan de presentatie naar verwachting eind 2026 zal plaatsvinden.
Deze subsidieregeling wordt opengesteld met middelen die door het Rijk beschikbaar zijn gesteld, aangevuld met provinciale middelen. In het programma zal vervolgens duidelijk worden of de regeling een vervolg krijgt als instrument om de gestelde doelen te realiseren.
Artikel 28.2 Subsidiabele activiteiten
Deze regeling is gericht op de herstructurering of herontwikkeling van bestaande bedrijventerreinen. Het doel is om de beschikbare ruimte beter en efficiënter te benutten, zodat vraag en aanbod op de bedrijventerreinenmarkt in Zeeland beter op elkaar aansluiten.
De regeling is bedoeld om projecten mogelijk te maken die zonder publieke ondersteuning niet of onvoldoende tot stand komen, maar die wel bijdragen aan een doelmatiger gebruik van de beschikbare ruimte en aan een betere balans tussen vraag en aanbod.
Artikel 28.4 Weigeringsgronden
Deze weigeringsgrond is opgenomen om de beschikbare middelen gericht in te zetten op projecten met een substantiële omvang en impact, in lijn met de inzet van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Door het hanteren van een minimale subsidieomvang wordt beoogd projecten te ondersteunen die als voorbeeld kunnen dienen voor andere locaties (binnen en buiten Zeeland) en die een aantoonbaar effect hebben op de bedrijventerreinenmarkt in Zeeland.
Onder start van het project wordt ook verstaan het onderhandelen over de grondverwerving en het aankooptraject van gronden. Hierbij is het van belang dat er in het projectplan een duidelijke planning en aanvangsdatum komt te staan.
Er is gekozen voor een termijn van vijf jaar vanaf het moment dat de openstellingsperiode eindigt, omdat herontwikkelingsprojecten van bedrijventerreinen doorgaans gefaseerd worden uitgevoerd. Voor dit type projecten is tijd nodig voor verwerving, sanering, inrichting en realisatie.
Een termijn van vijf jaar biedt voldoende ruimte om complexe projecten zorgvuldig uit te voeren, terwijl tegelijkertijd wordt geborgd dat subsidie wordt ingezet voor activiteiten die binnen een afzienbare en controleerbare periode tot realisatie komen. Ook hierbij is het van belang dat er in het projectplan een duidelijke en realistische planning is opgenomen.
Artikel 28.6 Subsidiabele kosten
Tot de subsidiabele kosten voor onderzoeken kunnen onder meer kosten voor bodemonderzoek en verkeersonderzoek worden gerekend.
Artikel 28.7 Niet-subsidiabele kosten
Kosten die verband houden met regulier of achterstallig beheer en onderhoud van de openbare ruimte komen niet voor subsidie in aanmerking. Hieronder worden in ieder geval verstaan werkzaamheden die zijn gericht op het in stand houden of herstellen van bestaande infrastructuur, groenvoorzieningen en openbare ruimte, zonder dat sprake is van een structurele verbetering van de ruimtelijke kwaliteit of het ruimtegebruik.
Lid 2, onderdeel a, subonderdeel v
De analyse van de marktvraag en de regionale behoefte wordt bij voorkeur opgesteld op basis van bestaande regionale afspraken, zoals het regionale bedrijventerreinenprogramma. Hiermee wordt inzichtelijk gemaakt in hoeverre het project aansluit op de vraag en bijdraagt aan een betere balans tussen vraag en aanbod.
Balans tussen vraag en aanbod:
Bij dit criterium wordt beoordeeld in hoeverre de herstructurering of herontwikkeling bijdraagt aan een betere afstemming tussen vraag en aanbod op de bedrijventerreinenmarkt. Daarbij wordt beoordeeld in welke mate het project aansluit op de actuele en toekomstige behoefte van bedrijven en bijdraagt aan het verminderen van schaarste.
Dit subcriterium beoordeelt in hoeverre het project ruimte biedt aan bedrijfsactiviteiten waarvoor binnen het bestaande aanbod beperkt ruimte beschikbaar is vanwege een hogere milieucategorie (4 tot en met 6). Projecten die bijdragen aan het mogelijk maken of behouden van deze categorieën scoren hoger.
De puntenverdeling van in totaal 100 punten wordt als volgt toegepast:
Artikel 28.15 Subsidieverplichtingen
Deze verplichting vloeit voort uit het lerende karakter van de pilotprojecten zoals door het Rijk beoogd. De subsidieregeling maakt onderdeel uit van een landelijke aanpak waarbij kennis en ervaringen met herstructurering en herontwikkeling van bedrijventerreinen worden verzameld en gedeeld.
Van subsidieontvangers wordt daarom verwacht dat zij tijdens en na afloop van het project bijdragen aan deze kennisuitwisseling, bijvoorbeeld door het delen van ervaringen, resultaten en geleerde lessen binnen de landelijke learning community die door het ministerie van Economische Zaken en Klimaat wordt opgezet. Hiermee wordt beoogd de opgedane inzichten breder toepasbaar te maken en de effectiviteit van toekomstige inzet te vergroten.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2026-11385.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.