Provinciaal blad van Zeeland
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Zeeland | Provinciaal blad 2025, 8304 | ander besluit van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Zeeland | Provinciaal blad 2025, 8304 | ander besluit van algemene strekking |
Besluit van gedeputeerde staten van Zeeland houdende wijziging van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023
Besluit van gedeputeerde staten van Zeeland van 20 mei 2025, nummer 692639, houdende wijziging van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023.
Gedeputeerde staten van Zeeland;
gelet op artikel 7 en 8 aanhef, onderdelen c en d, onder 2°, van de Algemene subsidieverordening Zeeland 2023;
Overwegende dat het Rijk in het kader van het landelijk Programma Natuur, aanvullend op het Natuurpact, specifieke uitkeringen ter beschikking heeft gesteld om via provinciale uitvoeringsprogramma’s een versnelling teweeg te brengen in het herstel van overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden;
Overwegende dat gedeputeerde staten om die reden een nieuw hoofdstuk toe wensen te voegen aan het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023 teneinde natuurherstelmaatregelen te kunnen subsidiëren;
besluiten vast te stellen de navolgende wijziging van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023:
Onder vernummering van hoofdstuk 40 tot hoofdstuk 41, de paragrafen 40.1 en 40.2 tot 41.1 en 41.2 en de artikelen 40.1.1 en 40.2.1 tot 41.1.1 en 41.2.1, wordt een hoofdstuk ingevoegd, luidende:
Hoofdstuk 40 Bijzondere bepalingen voor verstrekking van subsidie voor de uitvoering van het Programma Natuur – fase 2
Artikel 40.1 Begripsbepalingen
In deze paragraaf wordt verstaan onder:
algemene groepsvrijstellingsverordening: Verordening (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard (PbEU 2014, L 187);
kosten derden; kosten als bedoeld in artikel 1.3.3, eerste lid, die op factuur aantoonbaar zijn;
Natura 2000-gebied: gebied als bedoeld in bijlage 1 bij artikel 1.1 van de Omgevingswet;
natuurherstelmaatregelen: systeemherstelmaatregelen en andere natuurherstelmaatregelen;
Natuurnetwerk Zeeland: samenhangend netwerk van natuurgebieden dat, overeenkomstig artikel 2.44, vierde lid, van de Omgevingswet, is opgenomen en begrensd in de Omgevingsverordening Zeeland;
NDA: in het kader van het Programma Stikstofreductie en Natuurverbetering door de provincie Zeeland opgestelde natuurdoelanalyses, te raadplegen op www.bij12.nl/onderwerp/stikstof/gebiedsgerichte-aanpak/natuurdoelanalyses/;
overgangsgebied: aan een Natura 2000-gebied grenzend, overwegend agrarische gebied dat een bijdrage kan leveren aan de gunstige staat van instandhouding voor behoud en herstel van de biodiversiteit in Natura 2000-gebieden;
Programma Natuur Zeeland: Aanvraag Programma Natuur Zeeland fase 2, vastgesteld door Gedeputeerde Staten op 2 juli 2024;
recreatieve voorziening: faciliteit ten behoeve van recreatie of toerisme.
Subsidie wordt verstrekt aan instellingen die worden genoemd in het Programma Natuur Zeeland, voor zover zij gelet op hun grondgebied, taak of werkgebied betrokken zijn bij de maatregelen waarvoor subsidie wordt aangevraagd en waarop het Programma Natuur Zeeland betrekking heeft.
Artikel 40.3 Subsidiabele activiteiten
Subsidie kan worden verstrekt voor projecten gericht op:
Artikel 40.4 Weigeringsgronden
Artikel 40.5 Algemene s ubsidievereisten
Om voor een subsidie als bedoeld in artikel 40.3 in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende vereisten:
Artikel 40.6 Aanvullende subsidievereiste n natuurherstelmaatregelen
Onverminderd artikel 40.5, wordt om voor een subsidie voor maatregelen als bedoeld in artikel 40.3, onder a, in aanmerking te komen, voldaan aan de volgende vereisten:
Artikel 40.7 Aanvullende subsidievereisten maatregelen recreatiedruk verminderen
Onverminderd artikel 40.5, wordt om voor een subsidie voor maatregelen als bedoeld in artikel 40.3, onder b, in aanmerking te komen, voldaan aan de volgende vereisten:
Artikel 40.8 Aanvullende subsidievereisten onderzoek, planvorming en monitoring
Onverminderd artikel 40.5, wordt om voor een subsidie voor maatregelen als bedoeld in artikel 40.3, onder c, in aanmerking te komen, voldaan aan de volgende vereisten:
Artikel 40.10 Subsidiabele kosten
Artikel 40.11 Niet-subsidiabele kosten
In afwijking van artikel 40.10, komen de volgende kosten niet voor subsidie in aanmerking:
Onverminderd het eerste lid en artikel 1.3.1, tweede lid, komen de volgende kosten niet in aanmerking voor subsidie:
Artikel 40.13 Subsidieplafond en openstelling
Artikel 40.14 Subsidieverplichtingen
Indien het wegens onvoorziene omstandigheden niet mogelijk is om de verplichting, bedoeld in het eerste lid, onder a of b, na te komen binnen de gestelde termijn, kan de subsidieontvanger uiterlijk vier weken voor het verstrijken van die termijn schriftelijk een gemotiveerd verzoek indienen bij gedeputeerde staten tot verlenging van die termijn met maximaal een jaar.
Artikel 40.15 Subsidievaststelling en verantwoording
Na bijlage F wordt een bijlage toegevoegd, luidende:
Bijlage G behorende bij de artikelen 40.3 en 40.6 tot en met 40.8 van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023
Maatregelentabel openstelling 2025
Na de toelichting op hoofdstuk 39 , wordt een toelichting toegevoegd, luidende:
Toelichting op hoofdstuk 40 Bijzondere bepalingen voor verstrekking van subsidie voor de uitvoering van het Programma Natuur – fase 2
Dit hoofdstuk is een van de instrumenten die worden ingezet om herstel van overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, zoals vastgelegd in de Wet stikstofreductie en natuurverbetering, mogelijk te maken. Daartoe heeft het Rijk voor een eerste fase (vanaf 2021) de “Regeling specifieke uitkering Programma Natuur” (Stcrt. 2021, 21454) en voor een tweede fase (vanaf 2024) de “Regeling specifieke uitkering Programma Natuur 2e fase” vastgesteld (Stcrt. 2024,19784). Op grond van deze regelingen zijn aanvullende middelen beschikbaar gesteld aan de provincies. Deze dienen te worden besteed in aanvulling op reeds bestaande maatregelen zoals afgesproken in het Natuurpact.
Zeeland heeft in dialoog met haar maatschappelijke partners en mede-overheden de doelstellingen en daarmee samenhangende maatregelen voor de tweede fase vastgelegd in de “Aanvraag Programma Natuur Zeeland fase 2” (zie https://www.zeeland.nl/onderwerpen/natuur-en-landschap/programma-natuur). In dit document wordt aangegeven op welke wijze de provincie Zeeland het herstel van haar Natura 2000-gebieden in deze tweede fase (2024-2030) gaat aanpakken. Hoofdstuk 40 maakt het subsidiëren van deze maatregelen mogelijk.
Dit hoofdstuk maakt onderdeel uit van het Asb 2023. Dat betekent dat bij subsidieverstrekking ook de algemene bepalingen in hoofdstuk 1 van het Asb 2023 en de Algemene subsidieverordening Zeeland 2023 (Asv 2023) van toepassing zijn. De bepalingen van de Asv 2023 en hoofdstuk 1 van het Asb 2023 gelden in aanvulling op het onderhavige hoofdstuk. Zo bevat § 1.3 van het Asb 2023 een aantal bepalingen over subsidiabele kosten en § 1.4 een aantal vereisten waar de aanvraag aan moet voldoen. § 1.6 bevat een aantal verplichtingen die de subsidieontvanger in acht moet nemen, waaronder de meldingsplicht indien hij verwacht de activiteiten niet (geheel) te zullen verrichten of niet (geheel) aan zijn verplichtingen te zullen voldoen. Daar waar hoofdstuk 40 afwijkt van hoofdstuk 1 van het Asb 2023, wordt dit expliciet aangegeven.
Subsidiëring van genoemde natuurherstelmaatregelen kan staatssteun inhouden aan de betreffende subsidieontvanger. Om de subsidie rechtmatig te kunnen verstrekken, wordt daarom gebruik gemaakt van de algemene groepsvrijstellingsverordening van de Europese Commissie (Verordening 651/2014, PbEU 2014, L 187). Een kennisgeving is gedaan op grond van artikel 53 van deze verordening.
II Artikelsgewijze toelichting
Een groot aantal partijen zijn betrokken geweest bij de provinciale aanvraag van de ‘specifieke uitkering programma natuur – tranche 2’ bij het Rijk. Deze partijen hebben meegewerkt aan het opstellen en formuleren van de Zeeuwse doelstellingen en de te treffen maatregelen. Deze maatregelen zijn in bijlage G opgenomen. Dezelfde partijen die hebben meegewerkt aan de totstandkoming van deze plannen voor het programma natuur, zijn ook de adressanten van deze subsidieregeling.
Artikel 40. 3 Subsidiabele activiteiten
In artikel 40.3 zijn de subsidiabele activiteiten opgenomen. Het betreft drie categorieën, waarvoor verschillende vereisten en subsidiabele kosten gelden. In het projectplan moet duidelijk zijn aangegeven op welke activiteit het project betrekking heeft.
Artikel 40. 4 Weigeringsgronden
Naast de weigeringsgronden genoemd in artikel 40.4, dient een aanvrager rekening te houden met de weigeringsgronden opgenomen in artikel 5 van de Asv 2023 en in artikel 1.2.1, tweede lid van de Asb 2023. Zo wordt een subsidie geweigerd indien tegen de onderneming die de subsidie ontvangt, een bevel tot terugvordering van ongeoorloofde staatssteun uitstaat.
Artikel 40. 5 Algemene s ubsidievereisten
In artikel 40.5 is een aantal vereisten opgenomen waaraan de activiteiten moeten voldoen, ongeacht welke activiteit het betreft. Vervolgens zijn in de artikelen 40.6 tot en met 40.8 de specifieke subsidievereisten opgenomen die gelden voor één van de subsidiabele activiteiten genoemd in artikel 40.3.
Artikel 40. 8 Aanvullende vereisten onderzoek, planvorming en monitoring
In onderdeel a wordt duidelijk gemaakt dat alleen onderzoek subsidiabel is als het betrekking heeft op een van de in de bijlage genoemde uitvoeringsmaatregelen. Het onderzoek betreft dan steeds de vraag op welke wijze de genoemde maatregelen het best kunnen worden uitgevoerd gezien de op die locatie gestelde opgave. Voor planvorming geldt hetzelfde: alleen de direct aan een uitvoeringsmaatregel gerelateerde planvorming is subsidiabel.
Onderdeel b maakt duidelijk dat onderzoek, planvorming en monitoring alleen betrekking kan hebben op uitvoeringsmaatregelen die (zullen) voldoen aan de in de subsidieregeling gestelde vereisten voor die maatregelen.
Artikel 40.14 Subsidieverplichtingen
In onderdeel f van het eerste lid wordt de verplichting opgelegd om eventuele opbrengsten die voortvloeien uit een investering die gemaakt is met behulp van de subsidie, opnieuw te investeren in kwaliteitsverbetering van natuurgebieden. Op grond van artikel 53 van de algemene groepsvrijstellingsverordening mogen ondernemingen niet meer dan een ‘redelijke winst’ maken met een gesubsidieerde investering. Door de subsidieontvanger te verplichten opbrengsten te herinvesteren in natuur, wordt voorkomen dat een dergelijke hoge winst wordt gemaakt.
Artikel 40.15 Subsidievaststelling en verantwoording
Vanwege de toepassing van de algemene groepsvrijstellingsverordening, zijn er enkele van hoofdstuk 1 Asb 2023 afwijkende bepalingen opgenomen. Zo moet er ook in arrangement 1 (subsidies tot €10.000) altijd een aanvraag tot subsidievaststelling worden ingediend. Ook moet er over subsidies in de arrangementen 1 en 2 (subsidies tot € 50.000) financiële verantwoording worden afgelegd. Voor gemeenten en waterschappen geldt een afwijkende wijze van financiële verantwoording. Zij moeten overeenkomstig de Sisa regels verantwoorden (zie wetten.nl - Regeling - Regeling informatieverstrekking sisa - BWBR0029251).
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2025-8304.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.