Verordening van Provinciale Staten van de provincie Noord-Brabant van 11 december 2025 tot wijziging van de Verordening leges Noord-Brabant 2026, teneinde enkele omissies in de tarieventabel te herstellen (Eerste wijziging Verordening leges Noord-Brabant 2026)

Provinciale Staten van Noord-Brabant;

 

Gelezen het voorstel van Gedeputeerde Staten van 18 november 2025, nr. 16/25 A;

 

Gelet op de artikelen 105, 143, 145 en 220 van de Provinciewet;

 

Overwegende dat Provinciale Staten de Verordening leges Noord-Brabant 2026 wensen te wijzigen, teneinde enkele omissies in de tarieventabel, opgenomen in bijlage 1 behorende bij die verordening, te herstellen;

 

Besluiten vast te stellen de volgende verordening:

Artikel I Wijziging Verordening leges Noord-Brabant 2026

Paragraaf 2.4, Water, van bijlage 1 behorende bij artikel 1 van de Verordening leges Noord-Brabant 2026 wordt als volgt gewijzigd:

  • 1.

    Categorie 2.4.1, Wateronttrekkingsactiviteit, onder 1, wordt als volgt gewijzigd:

    • a.

      in onderdeel a wordt “€ 10.787” vervangen door “€ 5.393”;

    • b.

      in onderdeel b wordt “€ 35.958” vervangen door “€ 25.170”.

  • 2.

    Categorie 2.4.2, Het aanleggen of gebruiken van een open bodemenergiesysteem, onder 1, wordt als volgt gewijzigd:

    • a.

      in onderdeel a wordt “€ 9.246” vervangen door “€ 2.183”;

    • b.

      in onderdeel b wordt “€ 11.558” vervangen door “€ 2.312”.

Artikel II Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2026 nadat de Verordening leges Noord-Brabant 2026 in werking is getreden.

’s-Hertogenbosch, 12 december 2025

Provinciale Staten voornoemd,

de voorzitter,

mr. I.R. Adema

de griffier,

drs. G.J.P. van Soest

Toelichting behorende bij de Eerste wijziging Verordening leges Noord-Brabant 2026

I. Algemeen

 

Het betreft een administratieve wijziging van bijlage 1, de tarieventabel, bedoeld in artikel 2, onder a, van de Verordening leges Noord-Brabant 2026. In de categorieën 2.4.1, Wateronttrekkingsactiviteit, en 2.4.2, Het aanleggen of gebruiken van een open bodemenergiesysteem, was per abuis in het eerste onderdeel, onder a en b, het bedrag inclusief het basistarief opgenomen terwijl enkel het bedrag van de toeslag opgenomen had moeten worden.

 

Provinciale Staten van Noord-Brabant,

 

de voorzitter,

mr. I.R. Adema

 

de griffier,

drs. G.J.P. van Soest

Naar boven