Provinciaal blad van Zeeland
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Zeeland | Provinciaal blad 2025, 20635 | ander besluit van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Zeeland | Provinciaal blad 2025, 20635 | ander besluit van algemene strekking |
Besluit van gedeputeerde staten van Zeeland houdende wijziging van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023
Besluit van gedeputeerde staten van Zeeland van 9 december 2025, kenmerk 792996, houdende wijziging van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023.
Gedeputeerde staten van Zeeland,
gelet op artikel 7 en 8 aanhef, onderdelen c en d, onder 2°, van de Algemene subsidieverordening Zeeland 2023;
overwegende dat in het Actieplan doelsoorten zijn benoemd die gestimuleerd worden met behulp van soortgerichte maatregelen, onderzoek en/of communicatie. Het hoofddoel is om, aanvullend op het overige natuurbeleid en -beheer, kwetsbare en met uitsterven bedreigde soorten te behouden en in hun voortbestaan te stimuleren.
besluiten vast te stellen de navolgende wijziging van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023:
Hoofdstuk 43 Bijzondere bepalingen voor verstrekking van subsidie voor het behoud van Zeeuwse soorten
Artikel 43.1 Begripsbepalingen
In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
Artikel 43.5 Subsidievereisten
Onverminderd het eerste lid, wordt:
voor een subsidie als bedoeld in artikel 43.3, eerste lid, onder a tot en met c, voldaan aan het vereiste dat de activiteiten worden uitgevoerd op locaties waar de verspreiding van de soort aansluit op bestaande leefgebieden of waar kansen zijn dat de soort zich duurzaam kan ontwikkelen tot een populatie, blijkend uit een ecologische onderbouwing;
Artikel 43.7 Subsidiabele kosten
Artikel 43.8 Niet-subsidiabele kosten
In afwijking van artikel 43.7, komen de volgende kosten niet voor subsidie in aanmerking:
In afwijking van de artikelen 1.7.2, 1.8.2 en 1.9.2, bedraagt de subsidie voor de activiteiten, bedoeld in artikel 43.3:
Artikel 43.11 Subsidieverplichtingen
Onverminderd het bepaalde in § 1.6, is de subsidieontvanger verplicht:
Toelichting op hoofdstuk 43 Bijzondere bepalingen voor verstrekking van subsidie voor het behoud van Zeeuwse soorten
In het Actieplan behoud Zeeuwse soorten dat bij besluit van 5 april 2022 door gedeputeerde staten is vastgesteld, is het Zeeuwse actief soortenbeleid vastgelegd. Dit beleid draagt substantieel bij aan de biodiversiteit en bescherming van het leefgebied van soorten waar het niet goed mee gaat in Zeeland. Dit hoofdstuk beoogt activiteiten op het gebied van de soortenbescherming te stimuleren.
Dit hoofdstuk maakt onderdeel uit van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023 (Asb 2023). Dat betekent dat bij subsidieverstrekking ook de algemene bepalingen in hoofdstuk 1 van het Asb 2023 en de Algemene subsidieverordening Zeeland 2023 (Asv) van toepassing zijn. De bepalingen van de Asv en hoofdstuk 1 van het Asb 2023 gelden in aanvulling op het onderhavige hoofdstuk. Zo bevat § 1.3 van de Asb 2023 een aantal bepalingen over subsidiabele kosten en § 1.4 een aantal vereisten waar de aanvraag aan moet voldoen. § 1.6 bevat een aantal verplichtingen die de subsidieontvanger in acht moet nemen, waaronder de meldingsplicht indien hij verwacht de activiteiten niet (geheel) te zullen verrichten of niet (geheel) aan zijn verplichtingen te zullen voldoen. Daar waar hoofdstuk 43 afwijkt van hoofdstuk 1 van het Asb 2023, wordt dit expliciet aangegeven.
Subsidiëring van activiteiten ten behoeve van het behoud van Zeeuwse soorten kan staatssteun inhouden aan de betreffende subsidieontvanger. Om de subsidie rechtmatig te kunnen verstrekken, wordt daarom gebruik gemaakt van de algemene groepsvrijstellingsverordening van de Europese Commissie (Verordening 651/2014, PbEU 2014, L 187). Een kennisgeving is gedaan op grond van artikel 53 van deze verordening. Deze kennisgeving brengt met zich dat de provincie bepaalde administratieve verplichtingen dient na te komen. Eén daarvan is de transparantieverplichting. De provincie zal hier invulling aan geven door in geval van subsidies hoger dan €100.000 onder andere de naam van de subsidieontvanger en het subsidiebedrag te publiceren.
II. Artikelsgewijze toelichting
Zowel publiekrechtelijke als privaatrechtelijke rechtspersonen kunnen een subsidieaanvraag indienen. Hieronder vallen o.a. terreinbeherende organisaties, waterschappen, gemeenten, landschapbeheerders en andere organisaties. Individuele agrarische ondernemingen zijn uitgesloten van de regeling. Wel kunnen agrarische collectieven subsidies aanvragen.
Artikel 43.3 Subsidiabele activiteiten
De subsidiabele activiteiten dienen gericht te zijn op doelsoorten. Doelsoorten zijn soorten waarvan het behoud, het herstel of de terugkeer nodig is om de doelstellingen van natuurbehoud te verwezenlijken. De soorten zijn opgenomen in bijlagen 3 en 4 van het Actieplan. Daarnaast is het mogelijk dat Gedeputeerde Staten op grond van nieuwe inzichten een doelsoort expliciet aanwijst als doelsoort (zie definitie in artikel 43.1, onder e).
De activiteiten dienen uitgevoerd te worden binnen het gebied dat is opgenomen in de kaart die is aangehecht als bijlage H. De kaart biedt een overzicht van het natuurerfgoed van de provincie Zeeland met daarop aangegeven waar de leefgebieden van doelsoorten zijn gesitueerd en de doelsoorten gestimuleerd en behouden moeten worden. Deze kaart kan interactief worden geraadpleegd via het Subsidieloket.
In de onderdelen a, b en c van het eerste lid zijn de maatregelen opgenomen waarvoor subsidie kan worden gevraagd. Deze maatregelen kunnen eveneens voorwerp zijn van onderzoek, communicatie of monitoring (onderdeel d). Ook kan voor losstaand onderzoek of losstaande monitoring subsidie worden aangevraagd (onderdeel e).
Artikel 43.4 Weigeringsgronden
Naast de weigeringsgronden van artikel 43.4, dient rekening te worden gehouden met de weigeringsgronden opgenomen in artikel 5 van de Asv 2023 en in artikel 1.2.1, tweede lid van de Asb 2023. Zo wordt een subsidie geweigerd indien tegen de onderneming die de subsidie ontvangt, een bevel tot terugvordering van ongeoorloofde staatssteun uitstaat.
In het tweede lid wordt duidelijk gemaakt dat subsidies die minder dan € 20.000 bedragen, niet worden toegekend. Dit geldt echter uitsluitend voor de subsidies die worden aangevraagd voor de activiteiten genoemd in het eerste lid, onder a en b. Voor de overige activiteiten geldt slechts het algemene minimumbedrag van € 2.500 (zie artikel 1.2.1, tweede lid, onder d).
Artikel 43.5 Subsidievereisten
In het eerste lid van dit artikel, zijn de vereisten opgenomen waar alle subsidiabele activiteiten aan moeten voldoen. Zo is vereist dat de activiteiten in ieder geval gericht moeten zijn op doelsoorten. Daarnaast kunnen meeliftsoorten profiteren van de maatregelen voor doelsoorten. In de subsidieaanvraag dient te worden aangegeven welke meeliftsoorten kunnen profiteren van de maatregelen. Een overzicht van de meeliftsoorten is eveneens opgenomen in bijlage 3 van het Actieplan.
Het tweede lid geeft aanvullende eisen aan die specifiek gelden voor de activiteiten genoemd in de onderdelen a tot en met d van artikel 43.3, eerste lid.
Artikel 43.8 Niet-subsidiabele kosten
Kosten waarvoor al een subsidie of bijdrage is verstrekt, komen niet in aanmerking voor subsidie. Dit geldt niet alleen voor subsidies van de provincie Zeeland, maar ook voor subsidies die door een andere overheid zijn verstrekt.
Kosten voor regulier beheer en onderhoud zijn niet subsidiabel. Kosten voor eenmalige beheeractiviteiten die noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteit, zijn wel subsidiabel.
Kosten voor de bouw of sloop van opstallen, wegen of paden zijn niet subsidiabel. De kosten van faunavoorzieningen die noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van de gesubsidieerde activiteit, zijn daarentegen wel subsidiabel.
Kosten voor de aanschaf en afschrijving van machines en apparatuur zijn niet subsidiabel. Dit geldt echter niet voor apparatuur die noodzakelijk is voor het uitvoeren van onderzoek. De afschrijvings- of aanschafkosten daarvan zijn wel subsidiabel.
Een onderscheid wordt gemaakt tussen enerzijds grote ondernemingen en overheden en anderzijds overige subsidieontvangers. Een onderneming kwalificeert als ‘grote onderneming’ bij meer dan 250 personen in dienst of bij een netto omzet van meer dan 50 miljoen euro of een balanstotaal van meer dan 43 miljoen euro. Dergelijke ondernemingen en overheden ontvangen een subsidie van maximaal 50% van de subsidiabele kosten. Overige ondernemingen en Staatsbosbeheer kunnen een subsidie ontvangen van maximaal 100% van de subsidiabele kosten.
Artikel 43.10 Subsidieplafond en openstelling
Het subsidieplafond wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de aanvragen. Dit houdt in dat de subsidie wordt verstrekt op basis van het principe ‘wie het eerst komt, wie het eerst maalt’. De datum waarop een aanvraag volledig is, geldt als datum van binnenkomst.
Artikel 43.11 Subsidieverplichtingen
In onderdeel h van het eerste lid wordt de verplichting opgelegd om eventuele opbrengsten die voortvloeien uit een investering die gemaakt is met behulp van de subsidie, opnieuw te investeren in activiteiten op het gebied van soortenbescherming zoals deze omschreven zijn in artikel 43.3. Reden voor deze verplichting is dat op grond van artikel 53 van de algemene groepsvrijstellingsverordening ondernemingen niet meer dan een ‘redelijke winst’ mogen maken met een gesubsidieerde investering. Door de subsidieontvanger te verplichten opbrengsten te herinvesteren in de activiteiten die subsidiabel zijn gesteld, wordt voorkomen dat een dergelijke winst wordt gemaakt.
Artikel 43.12 Subsidievaststelling en verantwoording
Vanwege de toepassing van de algemene groepsvrijstellingsverordening, zijn er enkele van hoofdstuk 1 Asb 2023 afwijkende bepalingen opgenomen. Zo moet er ook in arrangement 1 (subsidies tot €10.000) altijd een aanvraag tot subsidievaststelling worden ingediend. Ook moet er over subsidies in de arrangementen 1 en 2 (subsidies tot € 50.000) financiële verantwoording worden afgelegd.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2025-20635.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.