Provinciaal blad van Utrecht
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Utrecht | Provinciaal blad 2025, 20063 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Utrecht | Provinciaal blad 2025, 20063 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Besluit van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 18 november 2025, nr. UTSP-390784346-3151, tot wijziging van Subsidieregeling Bereikbaarheid 2025-2029 provincie Utrecht
Gedeputeerde Staten van Utrecht;
Gelet op artikel 1.4 van de Algemene subsidieverordening provincie Utrecht 2022;
Overwegende dat het wenselijk is de Subsidieregeling Bereikbaarheid 2025-2029 provincie Utrecht te wijzigen, omdat de regeling wordt aangevuld met een vereenvoudigde aanvraag voor loopmaatregelen, verduidelijking over subsidiabele circulaire asfalttoepassingen en opname van paragraaf Deelmobiliteitshubs;
De Subsidieregeling Bereikbaarheid 2025-2029 provincie Utrecht wordt als volgt gewijzigd:
In de regeling wordt “Asv” zesmaal vervangen door: AsvpU.
Artikel 1.1 wordt als volgt gewijzigd:
In artikel 1.2, eerste lid, wordt “Aanvragen kunnen doorlopend worden ingediend van 1 januari 2025 tot en met 30 september 2025” vervangen door: Aanvragen kunnen doorlopend worden ingediend van 7 januari 2026 tot en met 30 september 2026.
Aan artikel 1.3 wordt een vijfde onderdeel toegevoegd, luidende:
In artikel 1.7 wordt, onder vernummering van het derde lid tot vierde lid, een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
Na artikel 1.7 wordt een artikel 1.8 ingevoegd, luidende:
Artikel 1.8 Vereenvoudigde aanvraag voor loopmaatregelen
Artikel 2.1 wordt als volgt gewijzigd:
In de begripsbepaling ‘ontbrekende schakel’ wordt “een fysiek nog niet bestaande, nieuw aan te leggen, fietsroute die onderdeel vormt van het regionaal fietsnetwerk.” vervangen door: fysiek nog niet bestaande, nieuw aan te leggen, fietsinfrastructuur die onderdeel vormt van het regionaal fietsnetwerk;.
Artikel 2.2, tweede lid, komt te luiden:
Artikel 2.3 wordt als volgt gewijzigd:
In artikel 2.4 wordt “in de het kalenderjaar” vervangen door: in het kalenderjaar.
In artikel 2.4, artikel 3.5, artikel 4.6 en artikel 5.5 wordt “2025” vervangen door: 2026.
Artikel 2.5 wordt als volgt gewijzigd:
Artikel 2.6 Verplichtingen subsidieontvanger
Voor zover de subsidie wordt verleend voor het onderdeel “We werken aan een sterk regionaal fietsnetwerk: verbeteren regionaal fietsnetwerk overige wegbeheerders” als bedoeld in artikel 2.2, lid 1, sub a, geldt in afwijking van artikel 1.4, aanhef en lid 1, dat de subsidieontvanger verplicht is om de activiteit binnen 24 kalendermaanden na subsidieverlening te starten.
Voor zover de subsidie wordt verleend voor het onderdeel “We stimuleren mensen om vaker te gaan fietsen” als bedoeld in artikel 2.2, lid 1, sub c, geldt dat de subsidieontvanger verplicht is om de resultaten van de activiteit binnen drie kalendermaanden na afronding van de gedragsmaatregel te mailen naar fiets@provincie-utrecht.nl. De resultaten geven in ieder geval inzicht in het aantal mensen van de doelgroep dat heeft deelgenomen aan de actie.
Artikel 3.1 wordt als volgt gewijzigd:
De begripsbepaling ‘Regionale risicoanalyse’ komt te luiden:
Regionale Risicoanalyse: de regionale risicoanalyse, ofwel Utrechtse Verkeersveiligheidsopgave (2025), komt voort uit het Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2030 (SPV2030) en betreft een inventarisatie van gemeentelijke en provinciale verkeersveiligheidsrisico's. Het omvat het identificeren van risicogroepen, en -locaties en het prioriteren hiervan;
Artikel 3.2 wordt als volgt gewijzigd:
Artikel 3.6 Hoogte van de subsidie
De maximale subsidie bedraagt voor:
In artikel 4.1 wordt in de alfabetische volgorde van de begripsbepalingen ingevoegd:
Artikel 4.2 wordt als volgt gewijzigd:
Het eerste lid, onderdeel b, sub iii, komt te luiden:
maatregelen om het openbaar vervoer beter toegankelijk te maken voor reizigers met een beperking. Het gaat dan om o.a. fysieke maatregelen op bus- en tramhaltes en hubs/knooppunten en de directe omgeving daarvan. Ook de aanleg of verbetering van een toegankelijk voetpad van/naar een halte in de directe omgeving van de halte en een voetpad van/naar een fietsparkeervoorziening in de directe omgeving van een halte zijn subsidiabel;
Artikel 4.7 wordt als volgt gewijzigd:
In artikel 5.4 wordt “in kalenderjaar 2025” vervangen door: per kalenderjaar.
Onder vernummering van paragraaf 6 tot 8, en onder vernummering van artikelen 6.1 tot en met 6.4 tot 8.1 tot en met 8.4, worden na paragraaf 5 twee nieuwe paragrafen ingevoegd:
Paragraaf 6 Deelmobiliteitshubs
In deze paragraaf wordt verstaan onder:
landelijke ‘Mijksenaar’-identiteit: het handboek “De identiteit voor hubs”.
Artikel 6.2 Subsidiabele activiteiten en criteria
Subsidie kan worden verstrekt voor maatregelen die leiden tot de realisatie of een kwaliteitsverbetering van een fysieke deelmobiliteitshub in de provincie Utrecht, waarbij geldt dat de deelmobiliteitshub:
Artikel 6.3 Subsidieontvangers/doelgroepen
Subsidie kan worden verstrekt aan rechtspersonen.
In afwijking van artikel 1.2 kunnen aanvragen voor subsidie op grond van deze paragraaf doorlopend worden ingediend van 7 januari 2026 tot en met 30 april 2027.
Het subsidieplafond voor subsidies op grond van deze paragraaf bedraagt tot en met 30 april 2027 € 193.000,- incl. btw.
Artikel 6.6 Hoogte van subsidie
De subsidie bedraagt maximaal 50% van de subsidiabele kosten, met een maximum van € 75.000,- per aanvraag.
Artikel 6.7 Verplichtingen subsidieontvanger
De subsidieontvanger realiseert de deelmobiliteitshub uiterlijk in 2027.
Artikel 8.1 (nieuw) komt te luiden:
De bijlage bij de regeling wordt vervangen door:
Bijlage als bedoeld in artikel 1.1, begripsbepaling van Regionaal fietsnetwerk, van de Subsidieregeling Bereikbaarheid 2025-2029 provincie Utrecht:
De toelichting bij de regeling wordt als volgt gewijzigd:
Aan de toelichting onder Artikel 1.7 Subsidiabele kosten wordt toegevoegd:
Toelichting op het derde lid: Hier staat dat het toepassen van circulair en duurzaam asfalt tot de subsidiabele kosten behoort.
De provincie Utrecht werkt aan de verduurzaming van provinciale infrastructuur. Dat doet zij aan de hand van een koersdocument “Samen op koers naar duurzame infra 2030”. Hierin staan doelen om infrastructuur circulair, klimaatneutraal en klimaatbestendig te realiseren, beheren en onderhouden.
Binnen de Subsidieregeling Bereikbaarheid wil de provincie andere opdrachtgevers ook de ruimte bieden om invulling te geven aan de verduurzaming van infrastructuur. Daarom stimuleert de provincie toepassing van materialen die bijdragen aan circulariteit, klimaatneutraliteit en klimaatbestendigheid. En vergoedt ook eventuele meerkosten van materiaaltoepassingen
Een aanzienlijk deel van de Subsidieregeling Bereikbaarheid wordt ingezet voor de realisatie van fietsinfrastructuur. Dit memo geeft daarom handvatten voor het realiseren van deze infrastructuur met duurzame materialen.
Hieronder staan de top 5 maatregelen die de provincie zelf treft. Ze moedigen aanvragers aan om ook deze maatregelen toe te passen:
Stoppen met gebruik van blanke bindmiddelen en terughoudend zijn met gebruik kleurstoffen: In het verleden werd rood asfalt voor fietspaden gemaakt met blanke bindmiddelen als vervanger voor bitumen. Het wordt al steeds minder toegepast omdat het gezondheidsrisico’s met zich meebrengt en omdat asfalt met deze bindmiddelen nagenoeg niet herbruikbaar zijn. Daarnaast past de provincie alleen kleurstoffen toe als het echt nodig is. Ook asfalt met kleurstof is namelijk minder makkelijk te hergebruiken. Het devies luidt dus: Zwart als het kan, rood als het moet.
Hoge herbruikbaarheidspercentages: Voor parallelwegen en fietspaden maakt de provincie Utrecht gebruik van hoge percentages hergebruikt asfalt in nieuwe lagen. Deze percentages zijn afgestemd met marktpartijen en de gewenste levensduur blijft gehandhaafd. Onderstaande tabel toont per jaar welke percentages hergebruikt asfalt worden toegepast in de deklaag. Voor tussen- en onderlagen geldt standaard een percentage van 85% hergebruik asfalt.
Warm Mix Asfalt: De provincie Utrecht neemt in principe alleen Warm Mix Asfalt af. Dit asfalt is geproduceerd met een lagere temperatuur tussen 110°C en 140°C. Door de lagere temperatuur is minder gas nodig om het mengsel op temperatuur te stoken, waardoor de CO2 uitstoot lager is. Asfaltproducten en verwerkers kunnen dezelfde kwaliteit garanderen met deze mengsels.
Biobased bitumen: De provincie Utrecht is een deelnemer aan het programma CIRCUROAD. Binnen dit programma – dat streeft naar fossielvrij asfalt – legt de provincie samen met opdrachtnemers proefvakken aan waar biobased bitumen worden toegepast. 10-10-2025 - Duurzaam asfalt met biobased bindmiddelen op de N210Nieuws
Deelname aan convenant SEB: Het aantal regionale deelnemers aan het convenant Schoon en Emissieloos Bouwen (SEB) wordt steeds groter (Steeds meer gemeenten zetten in op schoon en emissieloos bouwen | Schoon en Emissieloos Bouwen). 15 van 26 gemeenten zijn inmiddels deelnemer. Voor 2026 zijn voor deelnemers ruime subsidiemogelijkheden om de meerkosten voor inzet van materieel te laadinfra deels te bekostigen via de SPUK-SEB.
Na de toelichting onder Artikel 1.7 Subsidiabele kosten wordt ingevoegd:
Artikel 1.8 Vereenvoudigde aanvraag
De vereenvoudigde aanvraag is toegevoegd om de toegankelijkheid van de subsidieregeling te vergroten en de uitvoering van kleinere, laagdrempelige maatregelen te stimuleren. Met name voor maatregelen die bijdragen aan betere voorzieningen voor lopen, zoals veilige oversteekplaatsen, verbeterde stoepen of looproutes bij haltes, bleek de bestaande aanvraagprocedure relatief zwaar.
Provinciale Staten hebben in motie 24-58A (“Stap voor stap naar een volwaardig wandelbeleid”) en motie 25-63 (“Snelle stappen voor wandelvriendelijke maatregelen”) gevraagd om te verkennen hoe deze drempel verlaagd kan worden. Met de vereenvoudigde aanvraag kunnen gemeenten en andere wegbeheerders nu eenvoudiger en sneller subsidie aanvragen voor kleinschalige Loop projecten tot € 40.000.
Hiermee wordt het aantrekkelijker om concrete verbeteringen voor voetgangers uit te voeren, zonder uitgebreide administratieve lasten. De provincie geeft met deze aanpassing invulling aan de wens van PS om lopen een volwaardige plaats te geven binnen het mobiliteitsbeleid en om uitvoering te versnellen van lokale maatregelen die bijdragen aan een veilige, toegankelijke en gezonde leefomgeving.
Aanvragen worden ingediend via de aanvraagformulieren van bijhorende thema’s.
Aan de toelichting onder Toelichting bij Paragraaf 2 Fiets wordt toegevoegd:
Voor subsidieaanvragen voor het onderdeel “We werken aan een sterk regionaal fietsnetwerk: verbeteren regionaal fietsnetwerk overige wegbeheerders” wordt geadviseerd om, voorafgaand aan het indienen van een subsidieaanvraag, het concept-ontwerp (minimaal schetsontwerp of voorlopig ontwerp) in een vooroverleg te bespreken met de provincie. Vanuit de provincie kunnen dan nog opmerkingen of suggesties worden meegegeven om het ontwerp te verbeteren en geheel of zoveel mogelijk in overstemming te brengen met aanbevelingen en richtlijnen van het CROW. Voor dit vooroverleg kan contact worden opgenomen via fiets@provincie-utrecht.nl. De toets of voor de activiteiten subsidie kan worden verstrekt vindt plaats na het indienen van een formele subsidieaanvraag.
Aan de toelichting onder Artikel 2.2 Subsidiabele activiteiten en criteria wordt toegevoegd:
Wanneer er binnen een studie voor een doorfietsroute aanleiding is voor het realiseren of toevoegen van voetgangers- of loopvoorzieningen op of langs de doorfietsroute zijn die onderdeel van de doorfietsroutestudie en de daarover te maken (financiële) afspraken en overeenkomsten met de betrokken wegbeheerders.
Reeds bestaande en afgeronde doorfietsroutes worden beschouwd als onderdeel van het Regionaal Fietsnetwerk.
De beperking van de doelgroep voor basisschoolprojecten is opgenomen om te voorkomen dat uitvoeringsorganisaties zelfstandig subsidieaanvragen indienen voor activiteiten die feitelijk binnen één en dezelfde gemeente plaatsvinden die ook zelf een aanvraag heeft ingediend. Hiermee wordt de regierol van gemeenten als wegbeheerder versterkt en wordt overlap in financiering voorkomen.
De toelichting onder Artikel 2.6 Verplichtingen subsidieontvanger komt te luiden:
Derde lid: Dit betreft zowel digitale als fysieke publiciteitsuitingen (zoals bouwborden tijdens de uitvoeringswerkzaamheden van infrastructurele projecten).
Vierde lid: Verder wordt bij de inzet van de gedragsmaatregel zichtbaar een link gelegd met het regionale merk voor fietsstimulering: FIETS·HART. Logo bestanden zijn op te vragen via fiets@provincie-utrecht.nl. Dit betekent gebruik van het nieuwe beeldmerk bij de communicatie over de gedragsmaatregel en indien mogelijk een verwijzing naar de website: www.fietshart.nl. Om vast te kunnen stellen of aan deze verplichting is voldaan vragen we om bewijslast in de vorm van beeldmateriaal (denk aan foto’s of screenshots van online-kanalen).
De toelichting onder 1.b.iii (toegankelijkheidsmaatregelen): komt te luiden:
Voorbeeld 6: het gebruik van een halte is toegenomen en de gemeente wil deze opwaarderen met een perron op 18cm hoogte en een dubbele abri. Ook wil de gemeente de fietsenstalling bij de halte uitbreiden en het bestaande voetpad van en naar de halte verharden. De provincie Utrecht draagt 100% bij aan de perronverhoging en aan de verbetering van het voetpad, omdat de kwaliteit voor reizigers hiermee verbetert. De (plaatsing van) de abri is voor kosten van de gemeente. Bijdrage aan de kosten voor de uitbreiding van de fietsenstalling verloopt volgens artikel 4.2, eerste lid, sub b, onderdeel iv.
Na de toelichting onder 1.b.iii (toegankelijkheidsmaatregelen): wordt ingevoegd:
Voorbeeld 7: een gemeente constateert dat er op en bij een bushalte veel fietsen her en der worden neergezet. Er kan subsidie worden aangevraagd voor het plaatsen van (extra) fietsklemmen en eventueel een overkapping zodat de fietsen veilig en netjes kunnen worden gestald.
De toelichting onder 1.b.v (U-link en U-liner infrastructuur) komt te luiden:
Voorbeeld 8: sinds december 2025 is U-liner als concept geïntroduceerd in de provincie Utrecht. Een gemeente gaat een aantal bushaltes vanwege een herinrichting van een straat opnieuw inrichten. Deze bushaltes liggen aan een route van een buslijn die de provincie als U-liner heeft geoormerkt. Voor deze haltes kan de gemeentesubsidie aanvragen voor specifieke U-liner infrastructuur. Om welke infrastructuur het gaat en welke specifieke uiterlijke kenmerken van U-liner (of U-link) deze krijgt wordt nog uitgewerkt en vastgelegd in de BRT-aanpak.
Toelichting bij paragraaf 8 Slotbepalingen
De provincie Utrecht gaat bij een subsidieaanvraag na of mogelijk sprake is van ongeoorloofde staatsteun.
Aldus vastgesteld in de vergadering van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 18 november 2025.
Gedeputeerde Staten van Utrecht,
Voorzitter,
mr. J.H. Oosters
Secretaris,
mr. drs. A.G. Knol - van Leeuwen
Met dit wijzigingsbesluit wordt de Subsidieregeling Bereikbaarheid 2025-2029 op een aantal punten aangepast en aangevuld. De provincie wil hiermee uitvoering geven aan de wensen van Provinciale Staten en tegelijkertijd de regeling duidelijker en gebruiksvriendelijker maken voor aanvragers.
De belangrijkste aanleidingen voor deze wijziging zijn: het beter verankeren van lopen binnen het mobiliteitsbeleid, het verduidelijken van de mogelijkheden voor duurzaam en circulair asfalt, en het toevoegen van een nieuwe paragraaf over deelmobiliteitshubs. Daarnaast zijn enkele technische en redactionele verbeteringen doorgevoerd.
Lopen beter zichtbaar en eenvoudiger te ondersteunen
Provinciale Staten hebben in de moties 24-58A “Stap voor stap naar een volwaardig wandelbeleid” en 25-63 “Snelle stappen voor wandelvriendelijke maatregelen” gevraagd om lopen beter te verankeren in het provinciale mobiliteitsbeleid. Gemeenten gaven aan dat de bestaande aanvraagprocedure voor kleine loopmaatregelen vaak te zwaar was.
Daarom is een nieuwe mogelijkheid toegevoegd: de vereenvoudigde aanvraag voor loopmaatregelen. Gemeenten en andere wegbeheerders kunnen hiermee op een laagdrempelige manier subsidie aanvragen voor kleinere projecten, zoals het verbeteren van stoepen, oversteken of looproutes bij haltes. Deze maatregelen dragen bij aan een veilige, toegankelijke en gezonde leefomgeving.
Met de vereenvoudigde aanvraag kunnen nu ook kleinschalige loopprojecten tot € 40.000 worden uitgevoerd zonder dat een uitgebreide aanvraagprocedure nodig is. De provincie maakt het zo makkelijker om concreet aan de slag te gaan met het verbeteren van de loopvoorzieningen.
Daarnaast is in verschillende artikelen verduidelijkt dat lopen onderdeel is van de bredere mobiliteitsopgave. Zo is “lopen” als begrip toegevoegd aan de regeling en zijn de artikelen over fietsen, verkeersveiligheid en openbaar vervoer uitgebreid, zodat ook verbeteringen voor voetgangers daaronder kunnen vallen.
De provincie Utrecht werkt aan de verduurzaming van infrastructuur en wil dit ook stimuleren bij projecten van andere wegbeheerders. In veel projecten binnen deze regeling wordt asfalt toegepast, bijvoorbeeld bij fietsinfrastructuur.
De regeling is aangevuld met een bepaling die aanvragers vraagt aan te geven of zij gebruikmaken van duurzame of circulaire asfaltmengsels en welk percentage hergebruikt materiaal (PR%) wordt toegepast. Daarnaast is verduidelijkt dat eventuele meerkosten voor duurzame of circulaire mengsels subsidiabel zijn, zolang ze bijdragen aan verduurzaming en marktconform zijn.
Op die manier sluit de regeling beter aan bij het provinciale Koersdocument Duurzame Infra 2030, waarin is vastgelegd dat de provincie streeft naar circulaire, klimaatneutrale en toekomstbestendige infrastructuur.
Nieuwe paragraaf over deelmobiliteitshubs
De provincie ziet dat gemeenten steeds vaker kleine, herkenbare locaties willen realiseren waar deelauto’s, deelfietsen of deelscooters samenkomen: de zogenoemde deelmobiliteitshubs. Zulke hubs helpen inwoners om makkelijker over te stappen van bijvoorbeeld fiets of lopen naar deelvervoer of openbaar vervoer.
De nieuwe paragraaf 6 in de regeling maakt het mogelijk om subsidie aan te vragen voor de aanleg of verbetering van deze hubs. De provincie stelt hierbij basisvoorwaarden: de hub moet openbaar toegankelijk zijn, voldoen aan de landelijke ‘Mijksenaar’-identiteit, beschikken over verharding, belijning en waar nodig laadinfrastructuur.
Het subsidieplafond is vastgesteld op € 193.000 tot en met 2027. De provincie draagt maximaal 50 procent bij, met een maximum van € 75.000 per aanvraag.
Ook is de bepaling over staatssteun verduidelijkt. Er is beter vastgelegd onder welke Europese regels de provincie subsidie kan verlenen als sprake is van ondernemingen die economisch voordeel ontvangen. Zo blijft gewaarborgd dat alle subsidies in overeenstemming zijn met de Europese regelgeving.
Deze wijzigingen zorgen ervoor dat de subsidieregeling beter uitvoerbaar is, beter aansluit op de beleidsdoelen van Provinciale Staten en een extra impuls geeft aan een duurzaam, veilig en toegankelijk mobiliteitssysteem in de provincie Utrecht.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2025-20063.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.