Provinciaal blad van Limburg
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Limburg | Provinciaal blad 2025, 19819 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Limburg | Provinciaal blad 2025, 19819 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Nadere Subsidieregels voor de Zesde Projectoproep specifiek tot voorzien project in het kader van het grensoverschrijdend samenwerkingsprogramma Interreg Maas-Rijn (NL-BE-DE)
Het College van Gedeputeerde Staten van de Provincie Limburg in de hoedanigheid van Beheerautoriteit voor het grensoverschrijdend samenwerkingsprogramma Interreg Maas-Rijn (NL-BE-DE) conform het besluit tot goedkeuring van het programma door de Europese Commissie van 14 november 2022, alsmede conform het besluit van de Minister van Economische Zaken en Klimaat van 17 december 2022, nr. WJZ/22253869, houdende aanwijzing van de Beheerautoriteit en de Auditautoriteit voor het Interreg-programma Maas Rijn (NL-BE-DE) 2021–2027;
Gelet op Verordening (EU) Nr. 2021/1060 van het Europees Parlement en de Raad van 24 juni 2021 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds Plus, het Cohesiefonds, het Fonds voor een rechtvaardige transitie en het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en de financiële regels voor die fondsen en voor het Fonds voor asiel, migratie en integratie, het Fonds voor interne veiligheid en het Instrument voor financiële steun voor grensbeheer en visumbeleid;
Gelet op Verordening (EU) Nr. 2021/1058 van het Europees Parlement en de Raad van 24 juni 2021 inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling en het Cohesiefonds;
Gelet op Verordening (EU) Nr. 2021/1059 van het Europees Parlement en de Raad van 24 juni 2021 betreffende specifieke bepalingen voor de doelstelling “Europese territoriale samenwerking” (Interreg) ondersteund door het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling en door externe financieringsinstrumenten;
Overwegende dat het Monitoringcomité ingestemd heeft met de algemene uitgangspunten die ten grondslag liggen aan deze Nadere Subsidieregels, inclusief de Kostencatalogus Interreg Maas-Rijn (NL-BE-DE) 2021-32027;
Overwegende dat het Monitoringcomité op 12 november 2025 ingestemd heeft met de specifieke bepalingen die ten grondslag liggen aan de Nadere Subsidieregels voor de Zesde Projectoproep specifiek tot voorzien project;
Overwegende dat de Beheerautoriteit verantwoordelijk is voor de uitvoering van het samenwerkingsprogramma Interreg Maas-Rijn (NL-BE-DE) en de inzet van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling voor de ontwikkeling van de Maas-Rijn gebied tot
Overwegende dat de subsidiabele activiteiten breed ingevuld kunnen worden en deze ruime invulling ten behoeve van een optimaal bereik van de doelstelling wordt beoogd, toetst de Beheerautoriteit of het totaal aan overheidsbijdragen aan de subsidieontvanger niet meer bedraagt dan volgens Europeesrechtelijke bepalingen inzake staatssteun is toegestaan. In het bijzonder acht de Beheerautoriteit in het kader van rechtvaardiging van staatssteun, de volgende steunmaatregelen van toepassing:
Besluit op 25 november 2025 de volgende subsidieregels vast te stellen:
NADERE SUBSIDIEREGELS VOOR DE ZESDE PROJECTOPROEP SPECIFIEK TOT VOORZIEN PROJECT IN INTERREG MAAS-RIJN (NL-BE-DE)
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
Auditautoriteit: De directeur van de Auditdienst Rijk wordt aangewezen als Auditautoriteit, bedoeld in artikel 45, eerste lid, van Verordening (EU) Nr. 2021/1059, voor het Interreg-programma Maas-Rijn en als bedoeld in artikel 2, tweede lid van het besluit van de Minister van Economische Zaken en Klimaat van 17 december 2022, nr. WJZ/22253869, houdende aanwijzing van de Beheerautoriteit en de Auditautoriteit voor het programma Interreg- Maas Rijn (NL-BE-DE) 2021–2027.
Beheerautoriteit: Het College van Gedeputeerde Staten van de Provincie Limburg is aangewezen als Beheerautoriteit (als bedoeld in artikel 45, eerste lid, van Verordening (EU) Nr. 2021/1059 voor het programma Interreg Maas-Rijn en als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van het besluit van de Minister van Economische Zaken en Klimaat van 17 december 2022, nr. WJZ/22253869, houdende aanwijzing van de Beheerautoriteit en de Auditautoriteit voor het programma Interreg Maas Rijn (NL-BE-DE) 2021–2027.
De-minimissteun: steun die voldoet aan de voorwaarden voor vrijstelling van aanmelding als opgenomen in Verordening (EU) Nr. 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun, Pb EU Serie L van 15 december 2023, met inbegrip van eventueel in de toekomst vast te stellen wijzigingen.
Fonds voor kleinschalige projecten: een project dat bestaat uit de opzet van een fonds conform de bepalingen van artikel 25 van Verordening (EU) Nr. 2021/1059 betreffende specifieke bepalingen voor de doelstelling “Europese territoriale samenwerking” (Interreg) ondersteund door het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling en door externe financieringsinstrumenten;
Kostencatalogus: Catalogus met nadere uitwerking van subsidiabele en niet-subsidiabele kosten voor het grensoverschrijdend samenwerkingsprogramma Interreg Maas-Rijn (NL-BE-DE) voor de periode 2021-2027, opgesteld op grond van artikel 37, tweede lid, van Verordening (EU) Nr. 2021/1059. Versie 4.5 van de kostencatalogus, zoals formeel vastgesteld door het Monitoringcomité op 5 augustus 2025 en gepubliceerd op de website van het samenwerkingsprogramma (www.interregmeuserhine.eu), is van toepassing op deze zesde projectoproep.
Onderneming: eenheid die een economische activiteit uitoefent, ongeacht haar rechtsvorm en de wijze waarop zij wordt gefinancierd. In Vlaams en Nederlands recht hebben bepaalde ondernemingsvormen (eenmanszaak, vennootschap onder firma, commanditaire vennootschap, maatschap) geen rechtspersoonlijkheid, maar worden deze natuurlijke ondernemingsvormen wel als rechtspersoon gezien.
Output- en resultaatindicatoren: indicatoren als bedoeld in artikel 16, lid 1, onder (a), en artikel 22, lid 3, onderdelen d. ii en e. ii, van Verordening (EU) Nr. 2021/1060, en het Werkdocument van de diensten van de Commissie over prestaties, toezicht en evaluatie van het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het cohesiefonds en het fonds voor een rechtvaardige transitie in 2021-2027, zoals toegepast en uitgewerkt in hoofdstuk 2 van het samenwerkingsprogramma.
Samenwerkingsprogramma: het programma Interreg Maas-Rijn (NL-BE-DE) voor de periode 2021-2027, zijnde een programma als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a, van Verordening (EU) Nr. 2021/1059, goedgekeurd door de Europese Commissie op 14 november 2022 (2021TC16RFCB001); dit programma is te vinden op de website www.interregmeuserhine.eu.
Stuurcomité: het Stuurcomité handelt onder de verantwoordelijkheid van het Monitoringcomité om concrete acties te selecteren (projectselectie) die bijdragen tot de verwezenlijking van de doelstellingen van het Interreg-programma en de uitvoering van de samenwerkingscomponent van de concrete acties in het kader van de Interreg programma’s conform artikel 22, eerste en tweede lid, alsmede artikel 23, eerste en vierde lid, van Verordening (EU) Nr. 2021/1059.
Artikel 2 Doelstelling van de regeling
De regeling stelt subsidie beschikbaar voor een specifiek project dat bijdraagt aan een specifieke doelstelling van het samenwerkingsprogramma, zoals beschreven in paragraaf 2.4.1 en in hoofdstuk 6 van het samenwerkingsprogramma. Het betreft de initiëring van een kleinschalig projectenfonds gericht op het accommoderen van juridische obstakels en het nemen van bestuurlijke en juridische maatregelen in het programmagebied.
Artikel 4 Verplichtingen subsidieontvanger
Voor subsidieverlening gelden de volgende verplichtingen:
De subsidieontvanger voert een administratie die zodanig is ingericht dat alle gemaakte en betaalde kosten te allen tijde op eenvoudige en overzichtelijke wijze kunnen worden gespecificeerd en gecontroleerd conform de bepalingen en voorwaarden zoals gesteld in de op deze zesde projectoproep van toepassing zijnde Kostencatalogus Interreg Maas-Rijn (NL-BE-DE) 2021-2027.
Een aanvraag kan worden afgewezen indien:
De aanvrager of één van de begunstigden een onderneming is waartegen een uitstaand bevel tot terugvordering bestaat in de zin van artikel 1, lid 4, onder a), van Verordening (EU) Nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014, waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag als verenigbaar met de interne markt worden beschouwd (PB L 2014, 187).
Hoofdstuk 2 Inhoudelijke aspecten Specifieke Projectoproep
Artikel 6 Specifieke doelstellingen
De specifieke projectoproep wordt geopend voor projecten die passen binnen de volgende prioriteit en onderliggende Interreg-specifieke doelstelling (ISD):
Ter nadere verbijzondering wordt de specifieke projectoproep geopend voor projecten die aan de in lid 1 genoemde prioriteit en haar Interreg-specifieke doelstelling (ISD) invulling geven door middel van de instelling van een kleinschalig projectenfonds gericht op het verder mogelijk maken, versterken en verbeteren van grensoverschrijdende samenwerking tussen actoren en structuren, het wegnemen van grensobstakels en het bevorderen van grensoverschrijdende contacten en gezamenlijke bestuurlijke samenwerking, teneinde grenseffecten te ondervangen.
Hoofdstuk 3 Financiële aspecten Zesde Projectoproep
Indien sprake is van staatssteun en de activiteit voldoet aan één van de voorwaarden van het tweede lid van artikel 11, wordt slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt dat het totaal aan overheidsbijdragen aan de subsidieontvanger niet meer bedraagt dan volgens Europeesrechtelijke bepalingen inzake staatssteun is toegestaan op grond van de Algemene groepsvrijstellingsverordening, dan wel dan mogelijk is in het kader van de de-minimisverordening.
Artikel 9 Subsidiabele en niet-subsidiabele kosten
Indien sprake is van staatssteun en de steun wordt verleend onder toepassing van de algemene groepsvrijstellingsverordening dan wel een andere vrijstelling, dan zijn slechts de kosten subsidiabel die genoemd zijn in het van toepassing zijnde artikel van de Algemene groepsvrijstellingsverordening, dan wel de andere vrijstelling, op basis waarvan de subsidie wordt verstrekt.
Artikel 10 Bepalingen ten aanzien van het doorleggen van subsidiemiddelen
Indien het project bestaat uit de instelling van een subsidieregeling waarmee subsidiemiddelen worden doorgelegd naar eindontvangers, aanvaardt de aanvrager de verantwoordelijk voor toepassing en naleving van relevante bepalingen door de eindontvangers. Dit betreft met name de volgende bepalingen uit deze specifieke projectoproep:
Hoofdstuk 5 Aanvraagprocedure, planning, beoordelingscriteria, kwaliteitsbeoordeling, beslissing en beslistermijn
indien van toepassing, een verklaring over de juridische status van alle leden van het samenwerkingsverband waaruit tevens blijkt dat in het samenwerkingsverband geen sprake is van onderneming(en) in moeilijkheden zoals bedoeld in artikel 1, vierde lid, onderdeel c, van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening.
voor aanvragers - uitsluitend met een privaatrechtelijke status - de financiële overzichten van de afgelopen twee beschikbare jaren (goedgekeurde jaarrekeningen) en een ingevulde Excel-sheet met betrekking tot de financiële positie (zie de programmawebsite www.interregmeuserhine.eu, onder Projectaanvraag, voor de Excel-sheet).
Artikel 14 Beoordelingscriteria
In het beoordelingsproces wordt onderscheid gemaakt tussen de beoordeling van de subsidiabiliteitseisen en de beoordeling van selectiecriteria.
De Beheerautoriteit en het Gemeenschappelijk Secretariaat voeren een administratieve controle uit op onderstaande subsidiabiliteitseisen. Wanneer een aanvraag niet aan alle onderstaande subsidiabiliteitseisen voldoet, wordt de betreffende aanvraag niet aan de selectiecriteria getoetst.
Onderstaand zijn de selectiecriteria weergegeven. Aanvragen worden hierop beoordeeld door het Stuurcomité.
14.3 Kwaliteitsbeoordeling op de subsidieaanvraag
De mate waarin de aanvragen voldoen aan elk selectiecriterium, inclusief de daarin opgenomen sub-aspecten, wordt beoordeeld aan de hand van onderstaande scoretabel:
De kwaliteitsbeoordeling gaat als volgt:
Hoofdstuk 6 Implementatie en vaststelling
Artikel 17 Betaling en bevoorschotting
Een voortgangsverslag bestaat uit een inhoudelijk deel en een financieel deel (betalingsaanvraag). Het inhoudelijk deel moet de inhoudelijke voortgang van het project bevatten, inclusief de realisatie van de deliverables en de output- en resultaatindicatoren zoals vermeld in het aanvraagformulier. De betalingsaanvraag moet ten minste de declaratie van de gemaakte kosten bevatten.
Deze regeling vervalt met ingang van 30 juni 2026, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidieaanvragen die vóór die datum zijn ontvangen door Gedeputeerde Staten van Limburg in zijn hoedanigheid van Beheerautoriteit voor Interreg Maas-Rijn (NL-BE-DE) en subsidiebesluiten die vóór die datum zijn genomen, ook voor de volgende stappen in het subsidietraject.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2025-19819.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.