Artikel I
De Subsidieregeling Cultuur en Erfgoed provincie Utrecht 2025-2028 wordt als volgt gewijzigd:
A
Artikel 1.3, eerste lid, komt te luiden:
- 1.
Subsidieaanvragen kunnen jaarlijks doorlopend worden ingediend van 1 januari tot en met 30 september, waarbij de verdeling van het beschikbare budget op basis van volgorde van ontvangst plaatsvindt met inachtneming van artikel 2.2 AsvpU.
B
In artikel 1.3 wordt onder vernummering van het tweede lid tot derde lid, een nieuw tweede lid ingevoegd, luidende:
- 2.
In afwijking van lid 1 van dit artikel kan een subsidieaanvraag in de zin van artikel 3.1, eerste lid, onderdeel d, worden ingediend tot 30 september 2025.
C
Artikel 2.2 komt te luiden:
Subsidie als bedoeld in artikel 2.1 kan worden verstrekt aan musea en tentoonstellingsorganisaties voor beeldende kunst, met uitzondering van amateurinstellingen en -verenigingen, mits het museum, dan wel de tentoonstellingsorganisatie minimaal gedurende zes maanden per jaar vier dagen per week voor publiek toegankelijk is.
D
In artikel 3.1, eerste lid, wordt onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel c onder ii door een puntkomma, een nieuw onderdeel toegevoegd, luidende:
- d.
historisch of ontwerpend onderzoek als onderdeel van voor het Erfgoed Deal Uitvoeringsprogramma 2025 ingediende projecten, welke zijn gericht op de inzet van cultuurhistorische en archeologische waarden bij grote maatschappelijke opgaven zoals klimaatadaptatie, energietransitie en stedelijke groei in projecten, zoals beschreven in het programma Erfgoed Deal 2019-2025.
E
In artikel 3.3 wordt, onder vernummering van het derde en het vierde lid tot vierde en vijfde lid, en nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
- 3.
Subsidie als bedoeld in artikel 3.1 lid 1 onder d, bedraagt maximaal € 50.000.
F
Artikel 4.6 komt te luiden:
Het subsidieplafond voor subsidies op grond van deze paragraaf bedraagt in:
2025: €450.000,-;
2026: €450.000,-;
2027: €250.000,-;
2028: €250.000,-.
G
Artikel 5.4, onderdeel a, komt te luiden:
- a.
een beknopt overzicht van hoe, naar inzicht van de subsidieaanvrager, wordt voldaan aan de criteria gesteld in artikel 5.1;
H
Artikel 5.5 komt te luiden:
Het subsidieplafond voor subsidies op grond van deze paragraaf bedraagt in de periode van 2025 tot en met 2028 €430.000,-, waarbij dit plafond als volgt is verdeeld:
- -
voor activiteiten bedoeld in het eerste lid onder a, € 400.000;
- -
voor activiteiten bedoeld in het eerste lid onder b, € 30.000.