Provinciaal blad van Utrecht
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Utrecht | Provinciaal blad 2025, 12438 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Utrecht | Provinciaal blad 2025, 12438 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Besluit van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 15 juli 2025, nr. UTSP-4437239-5229, tot wijziging van de Verordening Europese Landbouwsubsidies 2023-2027 provincie Utrecht, nr. UTSP-4437239-3551
Gedeputeerde Staten van Utrecht;
Gelet op artikel 123, vierde lid, van de EU-verordening 2021/2115 en de artikelen 2 en 3 van de Regeling uitvoering NSP GLB 2023–2027;
Gelet op de artikelen 145 en 152 van de Provinciewet;
Artikel I Wijziging regeling Europese Landbouwsubsidies 2023-2027 Provincie Utrecht
De Verordening wordt als volgt gewijzigd:
Artikel 1.1 wordt als volgt gewijzigd:
In de begrippenlijst worden de volgende begripsbepalingen op alfabetische volgorde ingevoegd:
niet-productieve investering: investering die niet leidt tot een aanzienlijke stijging van de waarde of de rentabiliteit van het bedrijf;
productieve investering: investering in vaste activa of immateriële activa van ondernemingen met het oog op de productie van goederen en diensten, waardoor wordt bijgedragen tot de vorming van brutokapitaal en het scheppen van werkgelegenheid;
Aan artikel 1.9b, eerste lid, wordt toegevoegd: ‘, onder de voorwaarden, genoemd in artikel 55, eerste lid, van verordening 2021/1060’.
In artikel 1.10, onderdeel g, wordt ‘Verordening (EU) 2018/1046’ vervangen door ‘Verordening (EU) 2024/2509 van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (PbEU L 2024/2509)’.
In artikel 1.11 wordt ‘de toepasselijke interventie’ vervangen door ‘de toepasselijke Europese verordeningen’.
In artikel 1.12, zesde lid, wordt na ‘op een gelijk puntenaantal eindigen’ ingevoegd: ‘, en het plafond met toekenning van deze aanvragen zou worden overschreden’.
In artikel 1.15 wordt, onder vernummering van het vijfde en zesde lid tot zesde en zevende lid, een lid ingevoegd, luidende:
Aan artikel 2.2.7 worden twee leden toegevoegd, luidende:
In aanvulling op het eerste en tweede lid kunnen Gedeputeerde Staten in het openstellingsbesluit bepalen dat de subsidie 70% van de subsidiabele kosten bedraagt, of 80% als de subsidie wordt verstrekt aan een jonge landbouwer, indien sprake is van investeringen in:
agroforestry, te weten landbouwsystemen en -praktijken die houtige meerjarige planten, te weten bomen en struiken, bewust combineren op hetzelfde stuk land waar ook andere landbouwgewassen worden geteeld of veehouderij plaatsvindt, waardoor een ecologische en economische wisselwerking plaats tussen houtige en niet-houtige onderdelen van landbouwsystemen; of
De bepaling van artikel 2.3.2 wordt in het geheel vervangen en komt als volgt te luiden:
‘Subsidie kan worden verstrekt aan:
Aan artikel 2.3.3 wordt een lid toegevoegd, luidende:
In artikel 2.5.1 vervalt in de begrippenlijst de begripsbepaling ‘GVE’.
In artikel 2.5.4 vervalt onderdeel e, onder vervanging van de puntkomma aan het slot van onderdeel d door een punt.
De bepaling van artikel 2.5.11 wordt in het geheel vervangen en komt als volgt te luiden:
‘In aanvulling op het bepaalde in de artikelen 1.16 en 1.18 bevat een voortgangsverslag of deelbetalingsverzoek het gerealiseerde en nog te verwachten aantal personen dat van advies, opleiding, kennisuitwisseling of deelname aan de activiteiten van het samenwerkingsverband heeft geprofiteerd of zal profiteren om betere duurzame economische, sociale, milieu- en klimaatprestaties en prestaties op het gebied van hulpbronnenefficiëntie te leveren.’
De bepaling van artikel 2.5.12 wordt in het geheel vervangen en komt als volgt te luiden:
‘In aanvulling op het bepaalde in de artikelen 1.20 en 1.21 bevat een inhoudelijk verslag het gerealiseerde aantal personen dat van advies, opleiding, kennisuitwisseling of deelname aan de activiteiten van het samenwerkingsverband heeft geprofiteerd om betere duurzame economische, sociale, milieu- en klimaatprestaties en prestaties op het gebied van hulpbronnenefficiëntie te leveren.’
In artikel 2.6.4, eerste lid, wordt ‘als bedoeld in artikel 2.6.3’ vervangen door ‘als bedoeld in artikel 2.6.3, tweede lid’.
Onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel h door een puntkomma wordt aan artikel 2.6.5, tweede lid, een onderdeel toegevoegd, luidende:
In artikel 2.6.6, tweede lid, wordt ‘het reeds bestaand samenwerkingsverband’ vervangen door ‘een reeds bestaand samenwerkingsverband’.
Artikel II Wijziging toelichting Verordening Europese Landbouwsubsidies 2023-2027
De artikelsgewijze toelichting bij de Verordening wordt als volgt gewijzigd:
In de toelichting op artikel 1.15 wordt het volgende toegevoegd:
Op grond van artikel 1.15, vierde lid, onder d, is de subsidieontvanger, kort gezegd, verplicht een urenadministratie bij te houden. Deze verplichting past niet bij een project waarin de subsidiabele kosten worden berekend met de vereenvoudigde kostenoptie voor arbeidskosten (artikel 1.9b). Daarom is in het vijfde lid expliciet opgenomen dat de verplichting uit het vierde lid, onder d, in die situatie niet van toepassing is.
In de toelichting op artikel 2.2.7 wordt het volgende toegevoegd:
Voor investeringen in agroforestry en in waterbeheervoorzieningen ter verlaging van risico’s van verontreiniging van oppervlaktewater door erfspoeling zijn in de eerste openstelling te weinig aanvragen gedaan.
Bij agroforestry gaat het om landbouwsystemen en -praktijken die houtige meerjarige planten, te weten bomen en struiken, bewust combineren op hetzelfde stuk land waar ook andere landbouwgewassen worden geteeld of veehouderij plaatsvindt, waardoor een ecologische en economische wisselwerking plaats tussen houtige en niet-houtige onderdelen van landbouwsystemen.
Het steunpercentage (40% van de subsidiabele kosten van de productieve investering) had bij deze investeringen te weinig effect op potentiële aanvragers. Daarom is het Nederlands Nationaal Strategisch Plan GLB 2023-2027 (hierna: NSP) aangepast. Voor deze twee investeringen kunnen Gedeputeerde Staten in het openstellingsbesluit bepalen dat het steunpercentage 70% bedraagt, dan wel 80% bij jonge landbouwers. Hierdoor wordt het voor landbouwers aantrekkelijker investeringen te doen in agroforestry of in waterbeheervoorzieningen ter verlaging van risico’s van verontreiniging van oppervlaktewater door erfspoeling. Hierbij geldt dat Gedeputeerde Staten in het openstellingsbesluit aangeven voor welke specifieke categorieën uit de investeringslijst dit verhoogde steunpercentage geldt.
In de toelichting op artikel 2.3.2 wordt het volgende toegevoegd:
Het aantal categorieën van aanvragers is hierdoor uitgebreid van twee naar vijf. Naast landbouwers en samenwerkingsverbanden van landbouwers kunnen de volgende categorieën aanvragers een aanvraag doen:
Bij agrarisch collectieven gaat het primair om de collectieven die de subsidies voor agrarisch natuurbeheer uit het Subsidiestelsel Natuur en Landschap (SNL) uitvoeren. Dit laat onverlet dat ook partijen die niet bij het SNL betrokken zijn een collectief kunnen oprichten. Bij landbouworganisaties en organisaties voor landschapsbeheer gaat het om organisaties die respectievelijk de sociale belangen van ondernemers in de agrarische sector behartigen, en die gericht zijn op het beheer van natuur of landschap.
In de toelichting op artikel 2.3.3, derde lid wordt het volgende toegevoegd:
Om te kunnen toetsen of een aanvrager een agrarisch collectief, landbouworganisatie of organisatie voor landschapsbeheer is, stuurt de aanvrager de statuten mee met de aanvraag. Het gaat bij een landbouworganisatie of organisatie voor landschapsbeheer dan ook om rechtspersonen.
In de toelichting op artikel 2.5.1, 2.5.4, 2.5.11 en 2.5.12 vervalt de tekst met betrekking tot GVE.
De toelichting op artikel 2.6.9 komt als volgt te luiden:
De subsidie voor de voorbereidende activiteiten wordt toegekend aan initiatiefnemers die voldoen aan de subsidiecriteria. De subsidie is bedoeld voor alle kosten ten behoeve van het opstellen (of updaten) van het gebiedsplan, het mobiliseren van de partijen uit het gebied en het samenstellen (of actualiseren) van een samenwerkingsverband dat de uitvoering van het plan in de tweede fase op zich kan nemen. Het gaat dan vooral om kosten voor het organiseren van bijeenkomsten, studies, adviseurs, communicatie en personeel. Uitgesloten zijn kosten voor uitvoering van het plan. De prestatie is een gebiedsplan, een uitwerking van het beoogde samenwerkingsverband en een begroting van het beoogde project.
De toelichting op artikel 2.6.9 vierde lid komt als volgt te luiden:
De hoogte van de totale subsidie voor een project bedraagt de optelsom van de per product of activiteit bepaalde, respectievelijk berekende subsidie. Hierbij geldt dat de subsidie voor draagvlakontwikkeling, samenwerkingsactiviteiten en voorbereiding en uitvoering van ruilverkaveling niet meer mag bedragen dan 25% van de totale subsidie. Dit wordt zowel bij de aanvraag als bij vaststelling van de subsidie berekend.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2025-12438.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.