Wijzigingsbesluit Uitvoeringsbesluit subsidies Overijssel 2022

Gedeputeerde Staten van Overijssel delen mee dat het Uitvoeringsbesluit subsidies Overijssel 2022 als volgt is gewijzigd:

Artikel I  

Uitvoeringsbesluit subsidies Overijssel 2022

 

Hoofdstuk 1 Algemeen

Artikel 1.2.23 Beslistermijn op een aanvraag

Dit artikel komt als volgt te luiden:

  • 1.

    De beslistermijn op een subsidieaanvraag, wijziging van een subsidieverlening of een aanvraag voor subsidievaststelling is 13 weken vanaf de ontvangst van de aanvraag.

  • 2.

    Als er sprake is van een tenderregeling dan start de beslistermijn op een subsidieaanvraag op de dag na de laatste dag waarop een aanvraag kan worden ingediend. De beslistermijn is 13 weken vanaf de sluitingsdatum van de tenderregeling.

2.9 Deltaplan Agrarisch Waterbeheer Overijssel 2024-2027

Artikel 2.9.1 Betekenis van begrippen

Voor ‘Landbouworganisatie’ wordt toegevoegd het begrip:

  • -

    Aangewezen grondwaterbeschermingszones in Overijssel: Archemerberg, Herikerberg, Holten, Hoge Hexel, Wierden en Manderveen zoals opgenomen in de Bestuursovereenkomst Nitraat.

Na ‘Maatregelen’ wordt toegevoegd het begrip:

  • -

    Bestuursovereenkomst Nitraat: voor de jaren 2023, 2024 en 2025 voortgezette aanpak van de bestuursovereenkomst ‘Aanvullende aanpak nitraatuitspoeling uit agrarische bedrijfsvoering in specifieke grondwaterbeschermingsgebieden’ van 12 december 2017, bijlage 7a bij het Zesde Nederlandse actieprogramma betreffende de Nitraatrichtlijn (2018–2021) (bijlage bij Kamerstukken II 2017/18, 33 037, nr. 250);

Artikel 2.9.3 Activiteiten die voor de subsidie in aanmerking komen

Lid 2 onderdeel b onder punt 1 wordt aan de opsomming een derde punt toegevoegd:

  • -

    zoals vastgesteld in de Bestuursovereenkomst Nitraat, specifiek geldend voor 6 aangewezen grondwaterbeschermingszones in Overijssel

Artikel 2.9.6 Hoogte van de subsidie

Lid 2 komt als volgt te luiden:

  • 2.

    De subsidie is maximaal € 20.313,- voor maatregelen die die uitspoeling van Nitraat verminderen in de 6 aangewezen grondwaterbeschermingszones in Overijssel. De aangewezen grondwaterbeschermingszones zijn te raadplegen via:master.

    De subsidie voor de overige maatregelen is maximaal € 12.500,- per maatregel.

Artikel 2.9.8 Subsidieaanvraag

Lid 1

Aan lid 1 wordt de volgende zin toegevoegd: De aanvraag voor maatregelen die uitspoeling van Nitraat verminderen in de 6 aangewezen grondwaterbeschermingszones in Overijssel kan worden ingediend vanaf 14 juli 2025 en moet ontvangen zijn op 1 oktober 2025 voor 17.00 uur.

 

Artikel 2.9.10 Beschikbaar budget voor de regeling

Huidige tekst wordt vernummerd tot lid 2 en lid 2 wordt toegevoegd:

  • 2.

    Er geldt een subsidieplafond voor de maatregelen die uitspoeling van Nitraat verminderen in de 6 aangewezen grondwaterbeschermingszones in Overijssel, zoals opgenomen in de Bestuursovereenkomst Nitraat. Dit subsidieplafond geldt voor de periode 14 juli 2025 tot en met 1 december 2025.

Artikel 2.9.12 Aanvullende verplichtingen

Lid 1 komt als volgt te luiden:

  • 1.

    De subsidieontvanger is verplicht:

    • a.

      de activiteiten voor 31 december 2027 uitgevoerd te hebben;

    • b.

      de activiteiten die uitspoeling van Nitraat verminderen in de 6 aangewezen grondwaterbeschermingszones in Overijssel, uitgevoerd te hebben voor 1 december 2025.

Bijlage 1 komt als volgt te luiden:

 

Bijlage 1 Maatregelen DAW 2024-2027

BOOT-lijst: maatregelentabel opgesteld door het Bestuurlijk Overleg Openteelten en Veehouderij.

 

Maatregel (volgens nummering BOOT-lijst)

Heeft relatie met BOOT-lijst versie 2022, maatregel nr:

Productief?

Maximale subsidie

Maximale subsidie indien maatregel gelegen is in Grondwater

Beschermings

zones: Archemerberg, Herikerberg, Holten, Hoge Hexel, Wierden, Manderveen

a. Opstellen (gebiedsgericht) bedrijfswaterplan of bedrijfs(afval)waterscan: erfafspoeling, waterkwantiteit (droog, nat) en/of waterkwaliteit mogelijk in combinatie met milieupuntensysteem, inclusief (gebiedsgerichte) bedrijfsstimuleringsplannen voor klimaatadaptatie, en bodembedrijfswaterplannen.

BOOT-lijst maatregel 6

ja

80% en maximaal €2.000,- per deelnemende landbouwonderneming

80% en maximaal € 2.000,- per deelnemende landbouwonderneming

c. Gebruik beslissingsondersteunende systemen voor het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen en meststoffen.

BOOT-lijst maatregel 8

ja

40%

65%

f. Meteo en grondwater gestuurd bemesten (managementsysteem).

BOOT-lijst maatregel 8

ja

40%

65%

e. Gebruik van beslissingsondersteunende systemen op basis van bodemonderzoek aangevuld met beschikbare meetresultaten.

BOOT-lijst maatregel 8

ja

40%

65%

j. Gerichte bemesting via druppelsystemen en dergelijke.

BOOT-lijst maatregel 64

ja

40%

65%

g. (Gebiedsgericht) zuivering van drainagewater (stikstof/fosfor, in sloot/slootkant/bodem).

BOOT-lijst maatregel 69/84

ja

40%

40%

h. Aanleg en beheer infiltratiegreppel (afspoeling tegengaan).

BOOT-lijst maatregel 75

ja

40%

40%

m. Koppeling drainage met zuivering (bijvoorbeeld ijzerzand voorziening).

BOOT-lijst maatregel 69

ja

40%

40%

n. Mechanische onkruidbestrijding.

BOOT-lijst maatregel 33

ja

40%

40%

q. Spuittechnieken die drift boven de wettelijke norm vergaand reduceren zoals bijvoorbeeld wingsprayer en luchtondersteuning.

BOOT-lijst maatregel 36

ja

40%

40%

t. Toepassen precisiebemesting (GPS, taakkaarten, rijenbemesting en dergelijke).

BOOT-lijst maatregel 66

ja

40%

65%

u. Toepassen rijenbemesting dierlijke mest bij gewassen die in rijen worden geteeld.

BOOT-lijst maatregel 66

ja

40%

65%

w. Gebruik van sensor gestuurde of andere voorzieningen voor selectieve en/of gerichte spuitapparatuur.

BOOT-lijst maatregel 36

ja

40%

40%

ggg. Het toepassen van groenbemesters na aardappelteelten in grondwaterbeschermingsgebieden zonder gebruik van chemische middelen.

BOOT-lijst maatregel 32

ja

40%

65%

l. Herinrichting erf en aanleg opvangvoorziening voor tegengaan erfafspoeling.

BOOT-lijst maatregel 4

ja

40%

40%

v. Zuiveringssystemen voor afvalwater voor verwijdering van nutriënten en/of gewasbeschermingsmiddelen (bijvoorbeeld voor reiniging spuitapparatuur).

BOOT-lijst maatregel 27

ja

40%

40%

y. Aanleg en beheer droge bufferstroken (breder dan wettelijk voorgeschreven/mest- en spuitvrij) langs water.

BOOT-lijst maatregel 81/38

ja

40%

40%

z. Aanleg en beheer helofytenfilters in nabijheid watergang.

BOOT-lijst maatregel 83

ja

40%

i. Afvoer nitraatrijke en/of fosforrijke groenresten direct na oogst en stimulering compostering daarvan (gericht op compostering of milieuverliezen).

BOOT-lijst maatregel 26

ja

40%

65%

o. Nuttig toepassen op bedrijf van sloot- en bermmaaisel.

BOOT-lijst maatregel 26/50

ja

40%

40%

p. Organische stofgehalte (OS) verhogen door toepassen stikstofarme en/of fosforarme gewasresten niet zijnde mest (onder andere compost, bokashi of andere OS verhogende bronnen); Bokashi kan alleen op eigen gronden worden toegepast en dient afkomstig te zijn van eigen organische reststromen.

BOOT-lijst maatregel 26

ja

40%

65%

pp. Toepassen niet-kerende bodembewerking.

BOOT-lijst maatregel 18

ja

40%

65%

qq. Opheffen van storende/verdichte bodemlagen, echter beperkt tot kunstmatig verdichte lagen, Het opheffen van keileemlagen en natuurlijke profielen is niet toegestaan. Dit dient vooraf getoetst te worden aan de Provinciale Omgevingsverordening.

BOOT-lijst maatregel 26

ja

40%

40%

ss. Vaste rijpaden op perceel.

BOOT-lijst maatregel 15

ja

40%

40%

vv. Verbeteren bodemstructuur.

BOOT-lijst maatregel 26

ja

40%

65%

fff. Robotisering teneinde bodemverdichting te voorkomen zoals geautomatiseerde mechanische onkruidverwijdering.

BOOT-lijst maatregel

ja

40%

b. Gebruik beslissingsondersteunende systemen beregening.

BOOT-lijst maatregel 8

ja

40%

65%, teneinde uitspoeling van nitraat te minimaliseren

aa. Aanleg en beheer natuurvriendelijke oevers en/of waterbergingsoever.

BOOT-lijst maatregel 82

ja

40%

40%

bb. Aanleg natte bufferstroken.

BOOT-lijst maatregel 81

ja

40%

40%

cc. Aanleg regelbare/peil gestuurde drainage eventueel in combinatie met klimaat adaptieve regelbare drainage.

BOOT-lijst maatregel 71

ja

40%

40%

dd. Beschikbaar stellen van landbouwgrond voor bovenwettelijke waterberging op perceel.

BOOT-lijst maatregel 77

ja

40%

65%

ee. Egaliseren lokale en geïsoleerde laagtes in percelen (natte delen opheffen). Dit dient vooraf getoetst te worden aan de Provinciale Omgevingsverordening in verband met landschappelijke, aardkundige, archeologische en cultuurhistorische waarden.

BOOT-lijst maatregel 23

ja

40%

40%

ff. Gerichte watergeefsystemen bijvoorbeeld druppelirrigatie, ondergrondse druppelirrigatie.

BOOT-lijst maatregel 72

ja

40%

40%

gg. Inrichtingskosten voor het gebruik van (rest)water van derden dat anders via het oppervlaktewatersysteem wordt afgevoerd.

BOOT-lijst maatregel 78

ja

40%

40%

hh. Investeringen in voorzieningen zodat drainagewater niet wegstroomt maar opnieuw benut wordt binnen eigen bedrijf of door omliggende bedrijven.

BOOT-lijst maatregel 69

ja

40%

40%

ii. Investeringen met betrekking tot infiltratie via onderwaterdrainage of subirrigatie (bijvoorbeeld veenweidegebied).

BOOT-lijst maatregel 71

ja

40%

40%

jj. Investeringen ten behoeve van opslag van hemelwater in een bassin, vijver en/of plas dat op eigen terrein ligt of in samenspraak met de betreffende grondeigenaar.

BOOT-lijst maatregel 70

ja

40%

40%

kk. Kunstmatige infiltratie of vasthouden van gebiedseigen wateroverschotten ter aanvulling van het grondwater.

BOOT-lijst maatregel 76

ja

40%

40%

ll. Maatregelen met als doel minder waterafvoer ten behoeve van erosiepreventie.

BOOT-lijst maatregel 20

ja

40%

40%

mm. Ondiepe drainage op bijvoorbeeld 0,8 m onder maaiveld.

BOOT-lijst maatregel 74

ja

40%

40%

nn. Peil opzetten.

BOOT-lijst maatregel 68

ja

40%

40%

oo. Plaatsen stuwtjes en andere maatregelen om water langer vast te houden in detailwaterlopen (door het plaatsen van (LOP-)stuwen of het verhogen of verkleinen van bestaande duikers of deze volledig te dempen, sloten dempen sloten verondiepen of afdammen, greppels afsluitbaar maken).

BOOT-lijst maatregel 68

ja

40%

40%

rr. Uitplaatsen van beregeningsputten uit bufferzones rondom natuurgebieden.

ja

40%

40%

t. Beperken of sturen oppervlakkige afstroming.

BOOT-lijst maatregel 16

ja

40%

40%

uu. Aanbrengen verholen goten regenwater.

ja

40%

40%

ww. Water (lokaal) opvangen en opslaan als voorraad voor droge perioden en opvangen van piekafvoeren (bijvoorbeeld bassins).

BOOT-lijst maatregel 70

ja

40%

40%

xx. Besparen drinkwater.

ja

40%

40%

yy. Hergebruik water.

BOOT-lijst maatregel 69

ja

40%

40%

zz. Hergebruik regenwater.

BOOT-lijst maatregel 69

ja

40%

40%

aaa. Hergebruik proceswater.

BOOT-lijst maatregel 78

ja

40%

40%

bbb. Hergebruik RWZI-effluent.

BOOT-lijst maatregel 78

ja

40%

40%

ccc. Grondgebruik aanpassen: functie veranderen in ruimte voor water.

BOOT-lijst maatregel 77

ja

40%

65%

mits nieuwe functie leidt tot minder nitraat-

uitspoeling

ddd. Grondgebruik permanent aanpassen gericht op vergroten waterbeschikbaarheid: naaldbos omzetten in heide of loofbos.

ja

40%

40%

fff. Robotisering teneinde bodemverdichting te voorkomen zoals geautomatiseerde mechanische onkruidverwijdering.

BOOT-lijst maatregel 19

ja

40%

65%

 

2.13 Langer zelfstandig wonen

Artikel 2.13.12 Staatssteun

Lid 1: toegevoegd wordt achter aan de zin: of de reguliere De-minimisverordening.

Lid 2: toegevoegd wordt achter aan de zin: of de reguliere De-minimisverordening.

Lid 4 komt als volgt te luiden:

  • 4.

    Als door de subsidie het toegestane (gecumuleerde) plafond voor de-minimissteun van de aanvrager wordt overschreden, dan moet de subsidieverlening voldoen aan de voorwaarden van het DAEB-vrijstellingsbesluit.

3.3 Energiebesparende maatregelen ( geld terug actie )

Artikel 3.3.4 Aanvrager

Lid 2: laatste zin ‘Voor alle aanvragers die in 2022 zijn opgericht geldt dat de energiekosten voor 2022 naar verwachting niet meer dan € 60.000,- zijn’ komt te vervallen.

 

3.9 Stimuleringslening verduurzaming maatschappelijk vastgoed

Artikel 3.9.5 Aanvrager

lid 4: komt te vervallen

 

4.2 Meer bos in Overijssel

Artikel 4.2.1 Betekenis van de begrippen

Het begrip ‘houtwal’ komt te vervallen.

Het begrip ’Uitwerkingsgebied Ontwikkelopgave Natura2000’ komt te vervallen.

 

Artikel 4.2.2 Doel van de subsidieregeling

De tekst van dit artikel komt als volgt te luiden: Met deze subsidieregeling wil de provincie bijdragen aan 10% meer bos in 2030 in Overijssel zoals bedoeld in de Bossenstrategie.

 

Artikel 4.2.3 Activiteiten die voor de subsidie in aanmerking komen

Lid 1 onderdeel b komt te vervallen.

Lid 1 onderdeel c: de woorden ‘of houtwal’ komen te vervallen en het onderdeel wordt omgenummerd naar onderdeel b.

 

Lid 2. In de eerste zin komt ‘de subsidie’ te luiden: deze subsidie

 

Lid 3 onderdeel b komt te luiden: het beplantingsplan voldoet aan de voorwaarden die zijn opgenomen in bijlage 1. Bijlage 1 is te vinden op https://regelen.overijssel.nl/Producten_en_diensten/Subsidies/Natuur_en_landschap/Meer_bos_in_Overijssel/Bijlagen/Bijlage_1_Beplantingsplan

 

Lid 3 onderdeel c sub 7 komt te vervallen.

 

Lid 4:

In de eerste zin komt de tekst ’of de houtwal’ te vervallen.

Onderdeel b komt te vervallen.

Onderdeel c: de tekst ’of de houtwal’ te vervallen.

Onderdeel d in de eerste zin komt de tekst ’of de houtwal’ te vervallen.

Onderdeel e komt als volgt te luiden: e. het bos is minimaal 0,5 hectare en minimaal 30 meter breed.

Onderdeel f komt te vervallen.

Onderdeel i: ‘of houtwal’ komt te vervallen.

 

Lid 5:

Onderdeel a: ‘bos, houtwal of natuur’ komt te luiden: bos of natuur.

Onderdeel c: ‘of houtwal’ komt te vervallen.

 

Artikel 4.2.4 Aanvrager

Lid 1: de tekst ‘of houtwal’ komt te vervallen.

 

Artikel 4.2.5 Kosten die voor de subsidie in aanmerking komen

Lid 1: de tekst ‘of houtwal’ komt te vervallen.

Lid 4: de tekst ‘of de houtwal’ komt te vervallen.

 

Artikel 4.2.6 Hoogte van de subsidie

Lid 1: de tekst ‘of houtwal’ komt te vervallen.

 

Artikel 4.2.8. Pretoets en taxatie

Lid 1: de tekst ‘of houtwal’ komt te vervallen.

 

Artikel 4.2.9 Beschikbaar budget voor de regeling

Lid 1: ‘2024’ wordt vervangen door: 2025

Lid 2 komt te vervallen.

Lid 3 wordt omgenummerd naar 2.

 

Artikel 4.2.10 Aanvullende verplichtingen

Lid 1:

Onderdeel a aanhef: de tekst ‘of de houtwal’ komt te vervallen.

Onderdeel a sub 2: de tekst ‘, houtwal’ komt te vervallen.

Onderdeel c: de tekst ‘of de houtwal’ komt te vervallen.

Onderdeel d: de tekst ‘of de houtwal’ komt te vervallen.

Onderdeel e: de tekst ‘of de houtwal’ komt te vervallen.

Onderdeel f: de tekst ‘of de houtwal’ komt te vervallen.

Onderdeel g, sub 1: de tekst ‘of de houtwal’ komt te vervallen.

Onderdeel g, sub 2: de tekst ‘of de houtwal’ komt te vervallen.

Onderdeel j de tekst ‘of de houtwal’ komt te vervallen.

Onderdeel k de tekst ‘of de houtwal’ komt te vervallen.

 

Lid 2, onderdeel b de tekst ‘of houtwal’ komt te vervallen.

Lid 3: de tekst ‘of de houtwallen’ komt te vervallen.

 

Artikel 4.2.12 Het bekend maken van gegevens

Lid 1 onderdeel a: ‘eindbegustigde’ komt te luiden: eindbegunstigde

Lid 1 onderdeel b: ‘eindbegustigden’ komt te luiden: eindbegunstigden

Lid 2: ‘ondernememing’ komt te luiden: onderneming

Lid 2: ‘subsidieontvager’ komt te luiden: subsidieontvanger

 

4.4 Advies en ondersteuning Agro&food in Overijssel

Artikel 4.4.6 Hoogte van de subsidie

Lid 2 aanhef komt als volgt te luiden: De subsidie voor het opstellen van een bedrijfsplan of een ondernemersprofiel is:

 

Artikel 4.4.11 Staatssteun

Lid 3 komt als volgt te luiden:

  • 3.

    De subsidie voor het opstellen van een bedrijfsplan of een ondernemersprofiel voldoet aan de De-minimisverordening Landbouw. Artikel 1.2.10 lid 4 is van toepassing.

4.9 Verplaatsen landbouwbedrijfsgebouwen

Artikel 4.9.8 Beschikbaar budget voor de subsidieregeling

‘2022’ wordt vervangen door: 2025

 

4.14 Gemeentelijk soortenmanagementplan voor natuurvriendelijk isoleren

Artikel 4.14.11 Looptijd

‘2025’ wordt vervangen door: 2026

 

4.17 Aanpak van invasieve exoten 2.0

Artikel 4.17.1 Betekenis van de begrippen

Het begrip ’Aanvoerende watergang’ komt te vervallen.

 

Het begrip ‘Invloedsgebieden van N2000’ komt als volgt te luiden: Invloedsgebieden van N2000: in directe open verbinding staande aanvoerende watergangen of direct naastgelegen percelen buiten Natura 2000-gebieden, als vanuit deze plekken infectiebronnen van invasieve exoten richting een N2000-gebied bestaan;

Tussen ‘Invloedsgebieden van N2000' en 'Natura 2000-gebieden’ wordt een begrip gevoegd dat luidt:

Artikel 4.17.3 Activiteiten die voor de subsidie in aanmerking komen

Lid 1c: Tussen ‘N2000’ en ‘, waarvan’ wordt gevoegd:, met uitzondering van het LIFE-projectgebied De Wieden en Weerribben,

 

Lid 2 komt als volgt te luiden:

  • 2.

    De volgende activiteiten die met de verwijdering van de aangewezen soorten te maken hebben komen in aanmerking voor de subsidie:

    • a.

      het inventariseren van het plangebied, zodat een goede kostenraming gemaakt kan worden (inventarisatie);

    • b.

      het opstellen van een uitvoeringsplan voor de aanpak van de invasieve exoot of exoten;

    • c.

      het feitelijk verwijderen van de invasieve exoot of exoten, vervoer en vernietiging, verbranding of vergisting en de schoonmaak van apparatuur als dat nodig is om verdere verspreiding van de invasieve exoot te voorkomen;

    • d.

      het voorbereiden, opstellen of uitvoeren van communicatieve activiteiten of communicatieve producten;

    • e.

      de coördinatie van eventueel in te schakelen externe bestrijders of vrijwilligers.

Lid 3:

Onderdeel a komt als volgt te luiden: het vindt plaats in Overijssel, maar buiten het LIFE-projectgebied De Wieden en Weerribben (hier is een afzonderlijke LIFE-subsidie van kracht).

 

Lid 4 komt als volgt te luiden:

  • 4.

    Met het opstellen van een inventarisatie van het plangebied en uitvoeringsplan mag voor ontvangst van de subsidieaanvraag al gestart zijn. Dit is een afwijking van artikel 1.2.3.

Artikel 4.17.5 Kosten die voor de subsidie in aanmerking komen

Lid 1. Tussen ‘De’ en ‘personeelskosten’ wordt toegevoegd: eigen

Lid 2 komt als volgt te luiden:

  • 2.

    De ureninzet van vrijwilligers is subsidiabel. In de begroting en het dekkingsplan mag die inzet opgenomen worden voor maximaal € 15,- per uur;

Lid 3: Het woord ‘Alleen’ komt te vervallen en ‘reiskosten’ komt te luiden: Reiskosten

Lid 4 komt als volgt te luiden:

  • 4.

    De kosten voor het inventariseren van het plangebied en het opstellen van een uitvoeringsplan zijn maximaal 20% van de totale kosten per subsidieaanvraag.

Lid 5 komt als volgt te luiden:

  • 5.

    De kosten voor het uitvoeren van de inventarisatie en voor het opstellen van een uitvoeringsplan zijn wel subsidiabel, maar alleen als deze kosten toe te rekenen zijn aan de uitvoering van de verwijdering binnen 6 maanden na subsidieverlening. Artikel 1.2.8 onderdeel a is niet van toepassing.

Lid 6 komt te vervallen.

 

Artikel 4.17.6 Hoogte van de subsidie

Lid 2. Na ‘binnen de invloedsgebieden van N2000’ wordt toegevoegd: met uitzondering van het LIFE-projectgebied De Wieden en Weerribben.

 

Lid 3 komt te vervallen.

 

Een nieuw artikel 4.17.6.a wordt toegevoegd dat luidt:

Artikel 4.17.6.a.

De eigen bijdrage bestaat uit de inzet van uren van medewerkers die op de loonlijst staan, uit een betaling aan kosten derden of uit een andere vorm van een geldelijke bijdrage. Ureninzet van vrijwilligers mag niet tot de eigen bijdrage worden gerekend, tenzij deze uren daadwerkelijk worden vergoed.

 

Artikel 4.17.7 Subsidieaanvraag

Lid 4: ‘plan van aanpak’ wordt vervangen door: uitvoeringsplan

 

Bijlage 1A. Onderdeel in de tabel Invasieve uitheemse landplanten (terrestrische planten), subcategorie Aanvullende soorten provincie Overijssel (onmiddellijk gevaar biodiversiteit):

Tussen Penninghertshooi en Trosbosbes wordt gevoegd 1 rij met de inhoud:

K Gele bieslelie (Sisyrinchium californicum)

 

Bijlage 1A. Onderdeel in de tabel Invasieve uitheemse oever- en waterplanten, subcategorie Aanvullende soorten provincie Overijssel (onmiddellijk gevaar biodiversiteit):

Na Watercrassula worden 5 rijen ingevoegd met de inhoud:

W Egeria (Egeria densa)

W Hydrilla (Hydrilla verticillata)

W Kaapse waterlelie (Aponogeton distachyos)

W Reuzenvallisneria (Vallisneria gigantea)

W Rossig vederkruid (Myriophyllum rubricaule)

 

4.22 Wolf- en goudjakhals preventieve maatregelen

 

Artikel 4.22.1 Betekenis van de begrippen

Het begrip "gehouden hoefdieren' komt als volgt te luiden: Gehouden hoefdieren: pony's met een schofthoogte van maximaal 1.47 meter, ezels, kleine runderrassen met een kruishoogte van maximaal 1.10 meter, kalveren gehouden buiten kuddeverband, schapen, geiten, herten, alpaca's, vicuña's, lama's en varkens.

 

Het begrip "Hekwerk' komt als volgt te luiden: Hekwerk: gegalvaniseerd hekwerk met een buisdoorsnede van minimaal 20 millimeter en van minimaal 1.20 meter hoog, met maximaal 20 centimeter ruimte tussen de verticale spijlen, en voorzien van een onder- en bovendraad met schrikstroomvoering.

 

Het begrip ‘Vaste schaapskooi’ komt als volgt te luiden: Vaste schaapskooi: een kleine (max. omtrek 50 meter, max. nokhoogte van 3,5 meter) afsluitbare veldschuur, bestemd voor schuil- en nachtberging van gehouden hoefdieren.

 

Het begrip ‘Verplaatsbare schaapskooi’ komt als volgt te luiden: Verplaatsbare schaapskooi: kooiconstructie van hekwerk, in combinatie met stroomdraden met een max. omtrek van 50 meter, eventueel met een tentdoek of een weidetent, waarbij een weidetent een schuiltent voor vee is, ook wel bekend als sheep shelter.

 

Artikel 4.22.4 Voorwaarden voor alle activiteiten

Lid b onderdeel 1 komt als volgt te luiden: weilanden, dijken, bermen, velden of andere terreinen waarop schapen, geiten, herten, alpaca's, vicuña's, lama's, ezels, pony's, kleine runderrassen of gespeende kalveren tot 1 jaar oud, waarbij deze dieren tenminste 200 dagen per jaar buiten gehouden worden.

 

Artikel 4.22.13 Subsidieaanvraag

Lid 4:

Onderdeel b komt te vervallen.

Onderdeel c komt als volgt te luiden: ingeval van een vaste of een verplaatsbare schaapskooi: de constructietekening en een offerte van de aan te schaffen materialen die met de provinciaal adviseur zijn besproken;

 

Artikel 4.22.14 Beschikbaar budget voor de regeling

Lid 1 komt als volgt te luiden:

  • 1.

    Het subsidieplafond geldt voor:

    • a.

      de jaren 2023 en 2024;

    • b.

      het jaar 2025

4.28 Ondersteunen van Overijsselse aandachtsoorten

 

Artikel 4.28.1 Betekenis van de begrippen

Tussen ‘Aandachtsoortenlijst Overijssel’ en ‘Leefgebied/biotoop’ wordt een begrip toegevoegd dat luidt:

  • -

    Bosmantel: de overgang tussen opgaand bos en open gebied, bestaande uit een zone met struiken en kruiden.

Artikel 4.28.3 Activiteiten die voor de subsidie in aanmerking komen

Lid 1 onderdeel a sub 3 komt als volgt te luiden:

  • 3.

    het terugzetten van bosranden tot een 10 meter brede zone, zodat struiken en kruiden tot ontwikkeling kunnen komen ("bosmantel"). De struikontwikkeling kan worden bespoedigd door maximaal 2 struiken per strekkende meter bosrand aan te planten. De kruidenontwikkeling kan worden bespoedigd door sporadisch bosrandsoorten in te zaaien (maximaal 0,1 gram zaad per strekkende meter bosrand).

Lid 2 onderdeel o: het eerste woord ‘worden' komt te vervallen.

 

Artikel 4.28.5 Kosten die voor de subsidie in aanmerking komen

Lid 1. Tussen ‘De’ en ‘personeelskosten’ wordt toegevoegd: eigen

Lid 3 komt als volgt te luiden:

  • 3.

    Kosten voor inzaai, aanplant of herplant zijn alleen subsidiabel als dit plaatsvindt met inheemse soorten, passend bij de regio waar de maatregelen worden uitgevoerd, de standplaatscondities en de beoogde doelsoorten.

Artikel 4.28.6 Hoogte van de subsidie

Lid 3 komt als volgt te luiden:

  • 3.

    Voor de aanleg van heidecorridors en bosrandverbetering is de subsidie maximaal € 100.000,- per aanvraag.

4.30 Stimuleren weidegang melkveehouders

Artikel 4.30.7 Aanvraag

Lid 3 onderdeel a: komt als volgt te luiden:

  • a.

    de gecombineerde opgave in waaruit het aantal hectares tijdelijk en blijvend grasland (areaal) blijkt;

Artikel 4.30.9 Aanvullende verplichtingen

Onderdeel d komt als volgt te luiden:

  • d.

    jaarlijks voor 31 december een tussenrapportage in te dienen. Dit kan via Indienen tussenrapportage - Loket provincie Overijssel. Bij de tussenrapportage worden de volgende stukken ingeleverd:

    • a.

      bewijsstuk van Qlip in te dienen bij de provincie, waaruit het aantal daadwerkelijk geweide uren blijkt;

    • b.

      de gecombineerde opgave van het betreffende jaar.

  • In 2028 moet de tussenrapportage uiterlijk op 1 december 2028 ingediend worden;

Artikel 4.30.10 Subsidieverlening

Lid 1: achter hectare wordt toegevoegd: tijdelijk en blijvend grasland (areaal)

 

6.14 Regio Deal Twente 2023-2028

 

Artikel 6.14.14 Staatssteun

Lid 3: na ‘26 bis’ wordt een komma geplaatst en toegevoegd: 27.

Lid 3: na ‘28’ wordt een komma geplaatst en toegevoegd: 31, 35.

Lid 3: na ‘38’ wordt een komma geplaatst en toegevoegd: 41.

Lid 3: na ‘49’ wordt een komma geplaatst en toegevoegd: 56.

 

6.22 Provinciale cofinanciering Regio Deal ‘Sterker in 3D’

Artikel 6.22.11 Staatssteun

Lid 2: na ‘subsidie aan’ wordt toegevoegd: hoofdstuk 1 en’

Na ‘26bis’ wordt toegevoegd: 27

Na ‘de AGVV’ wordt toegevoegd; of aan hoofdstuk 1 en artikel 32 van de LVV.

 

6.23 Provinciale cofinanciering Regio Deal Regio Zwolle II- Gebiedsarrangementen en losse initiatieven

Artikel 6.23.8 Aanvraag

Lid 1 komt als volgt te luiden:

  • 1.

    De aanvraag voor de provinciale cofinanciering op basis van deze subsidieregeling kan ingediend worden als de aanvrager de subsidieverlening heeft ontvangen op basis van de Kassiersregeling.

7.2 Restauratie Rijksmonumenten

 

Artikel 7.2.7 Subsidieaanvraag

Lid 3, onderdeel f: de woorden ‘of een archeologisch monument’ komen te vervallen.

 

7.16 Overijssel toont talent

 

Artikel 7.16.7 Subsidieaanvraag

Lid 4 komt te vervallen.

 

Artikel 7.16.8 Beschikbaar budget voor de subsidieregeling

‘de jaren 2022 tot en met 2024’ wordt vervangen door: het jaar 2025.

 

7.25 Fysieke investeringen leefbaar platteland

 

Artikel 7.25.8 Subsidieaanvraag

lid 4 komt te vervallen

Bij lid 5 wordt een nieuw onderdeel d toegevoegd dat luidt:

  • d.

    bij een klein project: offertes van de op de begroting vermelde derde(n).

Een nieuwe paragraaf wordt toegevoegd:

8.7 Ondersteuning gemeenten bij opvang asielzoekers en statushouders

 

Artikel 8.7.1 Betekenis van de begrippen

In dit artikel worden vaker voorkomende begrippen uitgelegd.

  • -

    Bijzondere opvangplaats: opvangplaats van bijzondere aard, zoals bedoeld in de Spreidingswet. Een opvangplaats bestemd voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv) is een bijzondere opvangplaats.

  • -

    Doelgroep(en): asielzoekers, statushouders en vergunninghouders.

  • -

    Opvangopgave: de verdeling van het benodigd aantal opvangplaatsen over alle provincies met daarin de opvangopgave voor Overijssel en indicatieve verdeling naar het benodigde aantal opvangplaatsen per gemeente wordt bepaald. Deze komt voort uit de Spreidingswet en bijbehorende Algemene Maatregelen van Bestuur.

  • -

    Opvangplaats: plaats bestemd voor de opvang van één asielzoeker in een opvangvoorziening.

  • -

    Opvangvoorziening: accommodatie waarin door of onder verantwoordelijkheid van het COA onderscheidenlijk door of onder verantwoordelijkheid van het college van burgemeester en wethouders opvang wordt geboden aan asielzoekers.

  • -

    Provinciale Regietafel: overleg onder voorzitterschap van de commissaris van de Koning (cdK) in de rol van rijksorgaan in te zetten tussen de colleges van B&W, Gedeputeerde Staten en het COA (Centrale Opvang Asielzoekers) over de verdeling van opvangplaatsen voor de twee daaropvolgende kalenderjaren (vanaf 1 februari in het eerste jaar van de cyclus).

  • -

    Regionale Regietafel: In Overijssel zijn er twee regionale regietafels: de Regionale Regietafel IJsselland en de Twentse Regietafel Asielinstroom. De regionale regietafels in IJsselland en Twente voeren bestuurlijke regie op de realisatie van de regionale opgaven op het gebied van opvang voor Oekraïense ontheemden, asielopvang en de huisvesting van statushouders.

  • -

    Spreidingswet: Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen, die is aangenomen op 16 januari 2024.

  • -

    Taakstelling opvang vergunninghouders: door het Ministerie van Justitie en Veiligheid halfjaarlijkse publicatie waarin is aangegeven hoeveel statushouders gemeenten moeten huisvesten.

Artikel 8.7.2 Doel van de subsidieregeling

Met deze subsidieregeling wil de provincie bijdragen aan de opgave van gemeenten als gevolg van de Spreidingswet en taakstelling huisvesting statushouders. Deze opgave houdt in dat gemeenten voldoende opvangplaatsen voor deze doelgroepen realiseren en zorgen voor een evenwichtige verdeling van hen over gemeenten. Met deze regeling ondersteunt de provincie projecten die bijdragen aan realisatie van deze taken.

 

Artikel 8.7.3 Activiteiten die voor de subsidie in aanmerking komen

  • 1.

    De subsidie wordt verleend voor activiteiten die bijdragen aan:

    • a.

      het creëren van meer duurzame opvangplaatsen in Overijssel voor de doelgroepen, om te voldoen aan de opgave voor Overijssel uit de Spreidingswet en de taakstelling huisvestiging statushouders; of

    • b.

      het bevorderen van de doorstroom van de doelgroep naar andere locaties voor asielopvang en/of van asielopvang naar een woning in Overijssel; of

    • c.

      het bevorderen van de maatschappelijke deelname van de doelgroepen aan de Overijsselse samenleving.

  • 2.

    De activiteiten voldoen aan de volgende voorwaarden:

    • a.

      ze worden uitgevoerd in Overijssel;

    • b.

      de kennis die wordt opgedaan door de uitgevoerde activiteiten wordt actief overgedragen naar andere gemeenten in Overijssel.

  • 3.

    De volgende activiteiten komen niet in aanmerking voor de subsidie:

    • a.

      reguliere taken voor de opvang van de doelgroepen van zowel gemeenten als andere organen zoals COA;

    • b.

      als een geplande nieuwe opvangvoorziening niet in overeenstemming is met provinciaal beleid.

Artikel 8.7.4 Aanvrager

De aanvrager is:

  • a.

    een Overijsselse gemeente;

  • b.

    een penvoerder namens een samenwerkingsverband van meerdere Overijsselse gemeenten. Bij een samenwerkingsverband zijn alle deelnemers aanvrager. Alle deelnemers zijn voor het eigen deel verantwoordelijk voor de subsidie. Deelnemers zijn verplicht een samenwerkingsovereenkomst te sluiten. De penvoerder is een van de deelnemers en maakt de ontvangen subsidie over aan de deelnemers. Voor de uitleg van de begrippen samenwerkingsverband en samenwerkingsovereenkomst geldt artikel 1.1.3.

Artikel 8.7.5 Kosten die voor de subsidie in aanmerking komen

  • 1.

    De personeelskosten en de kosten van derden zijn subsidiabel.

  • 2.

    De reguliere personeelskosten van de aanvrager en/of samenwerkingspartners komen niet in aanmerking voor de subsidie. Artikel 1.2.6 lid 2 is van toepassing.

Artikel 8.7.6 Hoogte van de subsidie

  • 1.

    De subsidie is maximaal 100% van de subsidiabele kosten.

  • 2.

    De subsidie is maximaal € 400.000,- per aanvraag en per regio, zoals genoemd in artikel 8.7.8 lid 2.

Artikel 8.7.7 Subsidieaanvraag

  • 1.

    De aanvraag moet uiterlijk 28 november 2025 vóór 17.00 uur ontvangen zijn.

  • 2.

    De aanvrager maakt gebruik van het digitale aanvraagformulier Ondersteuning gemeenten bij opvang asielzoekers en statushouders.

  • 3.

    De aanvrager levert een begroting en een dekkingsplan in. Het is verplicht om het beschikbaar gestelde begrotingsformat te gebruiken. Artikel 1.2.13 is van toepassing.

  • 4.

    De aanvrager levert aanvullend de volgende stukken in:

    • a.

      een projectplan. In het projectplan staat minimaal:

      • 1.

        hoe het project bijdraagt aan realisatie van de taakstellingen voor de betreffende gemeente(n) en voor Overijssel als gevolg van de Spreidingswet en/of Taakstelling opvang vergunninghouders;

      • 2.

        de uit te voeren activiteiten;

      • 3.

        de planning;

      • 4.

        hoe de kennis die is opgedaan door de uitgevoerde activiteiten wordt overgedragen naar andere gemeenten;

      • 5.

        als de aanvraag de realisatie van een nieuwe opvanglocatie betreft: de beoogde locatie, de opvangcapaciteit in de vorm van reguliere en bijzondere opvangplaatsen, een investeringsbegroting en een exploitatiebegroting voor de eerste 5 jaar na realisatie van een nieuwe opvanglocatie;

    • b.

      als er sprake is van een samenwerkingsverband: een samenwerkingsovereenkomst van de samenwerkingspartners. Artikel 1.2.13 lid 7 is van toepassing.

Artikel 8.7.8 Beschikbaar budget voor de regeling

  • 1.

    Het subsidieplafond geldt voor de indieningsperiode die is genoemd in artikel 8.7.7 lid 1.

  • 2.

    Er geldt een deelplafond voor:

    • a.

      Regio IJsselland volgens de indeling die geldt voor de Regionale Regietafel IJsselland;

    • b.

      Regio Twente volgens de indeling die geldt voor de Twentse Regietafel Asielinstroom.

  • 3.

    Als de te verstrekken subsidie hoger is dan het resterende bedrag van het subsidiebudget, dan kan de subsidie lager worden verleend. Dit kan alleen na overleg met de aanvrager en onder de voorwaarde dat de aanvrager of derden het tekort dat dan ontstaat, aanvullen.

Artikel 8.7.9 Looptijd

De subsidieregeling vervalt op 1 december 2026 om 17.00 uur.

Artikel II Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking 1 dag na publicatie in het Provinciaal Blad, met uitzondering van de wijziging van artikel 7.25.8: die werkt terug tot 6 mei 2025.

Gedeputeerde Staten van Overijssel

Naar boven