Provinciaal blad van Utrecht
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Utrecht | Provinciaal blad 2025, 11045 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Utrecht | Provinciaal blad 2025, 11045 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Besluit van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 24 juni 2025, UTSP-813834306-435, houdende nadere regels op grond van de Algemene subsidieverordening provincie Utrecht 2022 (Subsidieregeling Vitale Kernen provincie Utrecht 2025-2027)
In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:
dorpendeal provincie Utrecht: een set van activiteiten met als uitgangspunt community-up werken en met het doel een bijdrage te leveren aan minimaal één in Bijlage 2 bij deze regeling genoemde transitie, uitgewerkt in een activiteitenplan (de dorpendeal), opgesteld door de gemeenschap met steun van de gemeente, in samenwerking met ondernemers en maatschappelijke organisaties in een kleine kern gelegen in provincie Utrecht.
gemeenschap: een groep mensen die door sociale banden met elkaar verbonden is, gemeenschappelijke perspectieven delen en gezamenlijk actie willen ondernemen op minimaal één in Bijlage 2 bij deze regeling genoemde transitie. Een gemeenschap in deze regeling vertegenwoordigt een kleine kern genoemd in Bijlage 1 bij deze regeling en heeft de vorm van een stichting, vereniging met rechtspersoonlijkheid of coöperatie, allen zonder winstoogmerk;
gemeenschapsalliantie Utrecht: de Gemeenschapsalliantie Utrecht is een ondersteuningsstructuur die gemeenschappen ondersteunt die voornemens zijn een subsidieaanvraag in te dienen, dan wel bezig zijn met de uitvoering van de dorpendeal Utrecht. De GAU is een samenwerking tussen Katalys, Omzien naar Elkaar en Utrechtse Vereniging Kleine Kernen;
Artikel 2 Activiteiten en Inhoudelijke beoordelingscriteria (subsidiecriteria)
Bij toepassing van deze regeling is in beginsel geen sprake van staatssteun als bedoeld in artikel 107, eerste lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU), aangezien de subsidie wordt verstrekt aan niet-economische actoren dan wel zonder verstoring van het handelsverkeer. Indien uit de aanvraag blijkt dat economische activiteiten worden ondersteund of ondernemingen profiteren, kan evenwel sprake zijn van staatssteun.
Subsidies die zijn aangevraagd of verstrekt vóór de datum van inwerkingtreding van deze subsidieregeling of een wijziging hiervan, worden behandeld overeenkomstig de op dat moment geldende regelgeving.
Aldus vastgesteld in de vergadering van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 24 juni 2025.
Voorzitter,
mr. J.H. Oosters
Secretaris,
mr. drs. A.G. Knol-van Leeuwen
Bijlage 1: Kleine kernen provincie Utrecht
Lijst van kleine kernen als bedoeld in artikel 1, onderdelen h en j van deze regeling.
Lijst van transities als bedoeld in artikel 1, onderdelen f en h, en artikel 2, tweede lid, onderdeel d van deze regeling. Hierbij geldt voor alle verzoeken dat bestaande regelingen eerst worden benut, alvorens over te gaan tot de inzet van een dorpendeal.
De Actie-agenda Vitale Samenleving heeft als doel het verstevigen van de vitaliteit van kernen en het vergroten van de sociale cohesie. Met deze Actie-agenda wordt door provincie Utrecht het stimuleren van werken in gemeenschappen beoogd. Deze gemeenschappen werken samen met ondernemers, maatschappelijke organisaties en gemeenten gezamenlijk en gelijkwaardig aan een (of meerdere) maatschappelijke transitie(s). Gemeenschappen dragen bij aan lokale en regionale doelen, dragen bij aan de vitaliteit van kernen en hebben transformatie potentieel. Er wordt ingezet op door gemeenschappen in te dienen dorpendeals. In deze dorpendeals wordt community-up gewerkt aan minimaal één transitie. Gelijkwaardigheid in samenwerking is daarbij uitgangspunt. De dorpendeal provincie Utrecht is gebiedsgericht, dat wil zeggen dat de focus in deze regeling ligt op kleine kernen. Het leren staat centraal in deze regeling. Hogeschool Utrecht ondersteunt hierbij door middel van gemeenschapsversterkend onderzoek in het kader van monitoring. Het is een nieuwe werkwijze, waarbij we jaarlijks met elkaar evalueren en zo nodig bijstellen.
Ter ondersteuning van de gemeenschappen en om te komen tot dorpendeals wordt een Gemeenschapsalliantie Utrecht (GAU) ingericht met betrokken partners. Deze Gemeenschapsalliantie Utrecht kan gemeenschappen ondersteunen bij het indienen van een voorstel/aanvraag en bij de uitvoering.
Artikel 1, onderdeel e – community-up werken:
Met partners worden gemeenschappen, gemeenten, provincie, ondernemers en organisaties bedoeld. De partners werken met elkaar samen en nemen elkaars rol serieus. Dit houdt in dat iedereen, of het nu de gemeente, provincie, ondernemers, (maatschappelijke) organisaties of gemeenschappen zelf zijn, een gelijke stem heeft. Ze dragen allemaal bij met hun kennis, ervaring en middelen en luisteren naar elkaars behoefte en ideeën. Het doel is om samen te werken aan oplossingen die goed zijn voor iedereen. Het wordt ook wel geduid als gelijkwaardige samenwerking.
Artikel 1, onderdeel h – gemeenschap:
Een gemeenschap is een groep mensen die door sociale banden met elkaar verbonden is. Een gemeenschap is divers en kan onder andere een vereniging zijn. Uitzondering hierop is de ondernemersvereniging. Deze wordt uitgesloten vanwege eenzijdige nadruk op ondernemers.
Artikel 1, onderdeel j – kleine kern:
De kleine kernen zoals bedoeld in deze subsidieregeling zijn opgenomen in Bijlage 1 bij deze regeling. In deze regeling wordt deels aangesloten op de definitie vanuit Subsidieregeling Leefomgeving landelijk gebied provincie Utrecht, welke is gebaseerd op het CBS bevolkingskernenonderzoek.
Artikel 1, onderdeel k – leefbaarheid:
Voor de definitie van leefbaarheid is aangesloten op de definitie zoals omschreven in de Actie-agenda Vitale Samenleving. Het bevorderen van een leefbare, veilige, groene en gezonde leefomgeving. Iedereen kan meedoen en ervaart eigen regie (actieve bijdrage aan de samenleving)
Artikel 1, onderdeel m – sociale cohesie:
Voor de definitie van sociale cohesie is aangesloten op de omschrijving van het Sociaal en Cultureel Planbureau, mede opgenomen in de Subsidieregeling Leefomgeving landelijk gebied provincie Utrecht.
Artikel 1, onderdeel n – transitie:
Het is een omslag of overgang van de ene situatie naar de andere. Denk bijvoorbeeld aan de energietransitie, waarbij we van energie uit kolen en gas overgaan naar energie uit hernieuwbare bronnen zoals zon, wind en water. Dit is een proces dat tijd kost en waarbij vele zaken tegelijk moeten veranderen, zoals technologie, wetgeving en/of beleid en het gedrag van mensen. Het idee van een transitie is dus dat je stap voor stap een grote verandering doormaakt.
Artikel 2, eerste lid – aanvragen dorpendeal:
De gemeenschap vraagt subsidie voor de uitvoering van een dorpendeal provincie Utrecht aan. Een steunverklaring van de gemeente is toegevoegd aan de dorpendeal (steun voor de betreffende gemeenschap en voor de inzet op de gekozen transitie(s)).
De in de dorpendeal omschreven activiteiten komen in aanmerking voor subsidie als ze bijdragen aan de gekozen transitie(s). Dit zijn:
Artikel 2, tweede lid, onderdeel b - draagvlak:
Draagvlak wordt in deze regeling gemeten door inspanning. Kan een gemeenschap aantonen dat zij zich ingespannen heeft bewoners van de kleine kern te benaderen via diverse instrumenten zoals bijeenkomsten, informatiebrieven, enquêtes e.d. (zonder uitsluiting van bewoners). Het gaat hier om intenties. Mocht een bewoner geïnformeerd wensen te worden, dan is deze mogelijkheid in voldoende mate gebleken. Daarnaast wordt draagvlak gemeten door de steunverklaring van de gemeente waartoe de kleine kern behoort.
Artikel 2, tweede lid, onderdeel c – meerdere partners:
Indien meerdere partners participeren in de dorpendeal (gemeenschap in samenwerking met bijvoorbeeld maatschappelijke organisaties en ondernemers), wordt voorafgaand aan het indienen van de dorpendeal helder omschreven wie welke bijdrage ontvangt (afspraken worden vastgelegd in een samenwerkingsovereenkomst).
Artikel 2, tweede lid, onderdeel d – transities:
De onderscheiden transities zijn met korte uitleg genoemd in Bijlage 2 (De onderscheiden transities zijn gebaseerd op de transities die Jan Rotmans onderscheidt in zijn boek “Omarm de Chaos”). Daarnaast onderscheidt Rotmans nog de financiële en democratische transities. Deze zijn voor de uitvoering van deze regeling niet relevant en worden derhalve als transitie niet genoemd in Bijlage 2. In het in te dienen activiteitenplan staan de afspraken vermeld welke betrekking hebben op het beoogde resultaat van de transitie, gekoppeld aan een beoogd effect. Het gaat hier bijvoorbeeld om minder gebruik van de Wet Langdurige Zorg bij de zorgtransitie en meer gebruik van het totaal aan algemene voorzieningen dat beschikbaar is in een kern of bijvoorbeeld een kortere keten bij de voedseltransitie.
Artikel 2, tweede lid, onderdeel i – gesprek met de Gemeenschapsalliantie Utrecht
Er vindt minimaal een gesprek plaats tussen de gemeenschap en de (afvaardiging van) Gemeenschapsalliantie Utrecht. In dit gesprek worden afspraken gemaakt over wat de GAU kan betekenen voor de gemeenschap. De behoefte van de gemeenschap staat centraal.
Artikel 3 eerste lid – gemeenschap
Een gemeenschap die subsidie aanvraagt, heeft een juridische entiteit (bijvoorbeeld een stichting of coöperatie).
Artikel 4 derde lid – activiteitenplan volgend uit AsvpU:
AsvpU verplicht tot een activiteitenplan. In deze regeling is de dorpendeal het activiteitenplan zoals bedoeld in de AsvpU. In de dorpendeal is in ieder geval opgenomen:
Artikel 5 – adviescommissie Vitale Samenleving:
De subsidieaanvragen worden voor advies voorgelegd aan de adviescommissie Vitale Samenleving. Deze adviescommissie moet een advies afgeven voor de aangevraagde dorpendeal. De commissie bestaat uit drie experts op het terrein van de transities, gemeenschappen en ervaringsdeskundigheid.
De criteria waaraan zij toetsen, zijn:
Is de gemeenschap de aanvrager en staat de gemeenschap centraal in de aanvraag? In de dorpendeal staat een omschrijving van de belangen van de gemeenschap en de andere partners (een beschrijving van de minimale inbreng van partners en de gemeenschap). In de dorpendeal staat vermeld hoe is geborgd dat een ieder die wil of kan meedoen aan de gemeenschap is betrokken.
Artikel 6, onderdeel b – maximaal twee dorpendeals per gemeente in de periode 2025-2027:
In de subsidieperiode 2025-2027 mag iedere gemeente zoveel steunverklaringen afgeven als zij willen, maar bij de beoordeling van de subsidieaanvraag wordt gekeken naar eerder ingediende aanvragen aan gemeenschappen uit de betreffende gemeente.
Artikel 6, onderdeel d – wettelijke taken gemeente:
De activiteiten die voortvloeien uit de dorpendeal provincie Utrecht zijn geen wettelijke taken van een gemeente. Het gaat hier om taken die een gemeente uitvoert vanuit wettelijke bevoegdheden. Gemeenten en provincies hebben een aantal taken die zij vanuit hun eigen bestaan uitvoeren, de zogenoemde bevoegdheden of wettelijke taken. Dit zijn taken die hen op grond van de wet zijn toebedeeld en die ze altijd moeten uitvoeren, ongeacht andere omstandigheden. Deze bevoegdheden of taken worden in deze regeling voorliggend genoemd en komen niet in aanmerking voor subsidie. Een voorbeeld van een activiteit die niet in aanmerking komt voor subsidie, is bijvoorbeeld de salarissen van medewerkers van scholen of het onderhoud van schoolgebouwen bij de onderwijstransitie. Hiervoor krijgen de scholen middelen vanuit wettelijke taken vanuit het rijk.
Artikel 7, eerste lid, onderdeel a – verlenging uitvoering:
De vraag tot verlenging van de uitvoering van de dorpendeal provincie Utrecht is een verantwoordelijkheid van de gemeenschap.
Artikel 7, eerste lid, onderdeel b - representatief en inclusief te handelen:
Dit is handelen waarbij iedere inwoner die dit wenst en woonachtig is in de kern waartoe de gemeenschap behoort, bij zowel de uitvoering als uitwerking van de dorpendeal Utrecht betrokken wordt. Dat vereist dat er een breed draagvlak is bij de planvorming en de realisatie van de dorpendeal Utrecht rekening wordt gehouden met inclusie en toegankelijkheid voor de gebruikers.
Artikel 7, eerste lid, onderdeel c – duurzaamheid:
Het aspect duurzaamheid mee te laten wegen bij de uitvoering van de dorpendeal Utrecht. Dit houdt in dat bij alle relevante handelingen en maatregelen die voortvloeien uit de dorpendeal Utrecht, expliciet rekening wordt gehouden met de ecologische, economische en sociale gevolgen op lange termijn. Dit vereist dat bij de uitvoering van de dorpendeal Utrecht keuzes worden gemaakt die bijdragen aan de bescherming van het milieu, het bevorderen van maatschappelijk welzijn en het waarborgen van een verantwoorde omgang met natuurlijke hulpbronnen.
De Hogeschool Utrecht, lectoraat Duurzame Gemeenschappen, gaat voor deze regeling gemeenschapsversterkend onderzoek uitvoeren als monitoring- en evaluatie-instrument. Dit wordt gedaan in overleg met de gemeenschappen waarvan de dorpendeal is gehonoreerd. Het doel hiervan is te leren van en met elkaar. Het is een nieuwe regeling. In deze regeling wordt op een nieuwe manier gewerkt, te weten community-up. Het is van belang dat er geleerd wordt van de toekomstige dorpendeals en dat dit met elkaar gebeurt.
Artikel 10 - hoogte van het subsidie:
Er is gekozen geen minimum subsidie (minimale bedrag volgt uit AsvpU en is € 1.000 euro) te hanteren. Het toetsen op het werken aan een transitie door een gemeenschap is in deze regeling meer relevant dan de minimale aangevraagde hoogte van een subsidie voor een dorpendeal Utrecht.
In deze regeling gaat het om het werken aan minimaal één transitie. Bij aanvragen wordt gekeken door de Gemeenschapsalliantie Utrecht of deze regeling het beste aansluit op de wensen van de gemeenschap of dat andere regelingen meer passend zijn.
Bijlage 1: Kleine kernen provincie Utrecht
De bijlage is globaal gebaseerd op CBS Bevolkingskernen 2021. Deze bron is als startpunt gebruikt. Vervolgens is in overleg met de gemeenten in Utrecht een check uitgevoerd. Dit heeft geleid tot een aantal wijzigingsvoorstellen. De uiteindelijke lijst met kernen staat vermeld in Bijlage 1.
Een voorbeeld waaraan gedacht kan worden bij bijvoorbeeld de sociale en zorgtransitie is het intergenerationeel bouwen voor alle leeftijden in een gezamenlijke setting. Hierbij speelt de programmering, dus hoe ga je met elkaar om als je er eenmaal woont, een belangrijke rol.
Bij een landbouw- en voedseltransitie kan er gedacht worden aan het verkleinen van de voedselketen (dus moment van zaaien tot op het bord zo klein mogelijk te houden met zo min mogelijk vervoers- en verpakkingsstappen).
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2025-11045.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.