Omgevingsvergunning warmte terugwininstallatie in de WPC-droger

  • I.

    Onderwerp

Op 27 juli 2023 is een aanvraag voor een omgevingsvergunning ontvangen van Fonterra Europe Manufacturing B.V. De aanvraag betreft het terugwinnen van warmte ter plaatse van de WPC droger bij A-Ware/Fonterra op het adres Mars 35-37 te Heerenveen. De aanvraag hebben wij geregistreerd onder nummer 2023-FUMO-0079209.

  • II.

    Besluit

Wij besluiten, gezien de overwegingen die zijn opgenomen in deze vergunning en gelet op de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), de daarop betrekking hebbende uitvoeringsbesluiten en -regelingen aan Fonterra Europe Manufacturing B.V. een omgevingsvergunning:

  • op grond van artikel 2.1, eerste lid, onder a. (het bouwen van een bouwwerk) te verlenen voor het plaatsen van een warmteterugwinning systeem als onderdeel van de WPC droger . Aan de verlening van de vergunning zijn geen voorschriften verbonden.

  • op grond van artikel 2.1, eerste lid, onder e, onder 2° (het veranderen of veranderen van de werking van een inrichting) en artikel 2.14, vijfde lid juncto artikel 3.10, derde lid (milieuneutrale wijziging) te verlenen voor het terugwinnen van warmte ter plaatse van de WPC droger. Aan de verlening van de vergunning zijn geen voorschriften verbonden.

De volgende onderdelen van de aanvraag maken deel uit van de vergunning:

  • OLO aanvraagformulier omgevingsvergunning van 27 juli 2023 (aanvraagnummer 7966609);

  • Toelichting aanvraag warmteterugwinning WPC droger Fonterra van 20 september 2023;

  • AERIUS_projectberekening_20230908080451_jaar2024bouwfasemetrealisatiewarmteterugwinningRNxD5T7yKQ1E van 8 september 2023;

  • AERIUS_projectberekening_20230908080522_jaar2024bouwfasemetrealisatiewarmteterugwinningRvKCCZPWm6Ph van 8 september 2023;

  • Tekening DO-40KS-431 - Staalconstructie dak 29000 van 21 januari 2015;

  • Tekening DO-40AA-001 - BESTAAND - Gevel aanzichten en situatie van 9 juni 2023 en

  • Tekening DO-40AA-002 - GEWIJZIGD - Gevel aanzichten en situatie van 9 juni 2023.

  • III.

    Procedure

Deze beschikking tot verlenen van de omgevingsvergunning is voorbereid met de reguliere voorbereidingsprocedure als beschreven in paragraaf 3.2 van de Wabo.

  • IV.

    Ondertekening en verzending

Namens het college van Gedeputeerde Staten van Fryslân,

Hoogachtend,

S.G.C. Boender

Afdelingshoofd Vergunningverlening en Specialistisch Advies

Rechtsbeschermingsmiddelen

De bekendmaking van deze beschikking gebeurt door verzending van deze beschikking. De dag na de bekendmaking treedt de beschikking in werking. Binnen zes weken na de bekendmaking kunnen zowel u als belanghebbenden bezwaar maken bij het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Fryslân. Het indienen van een bezwaarschrift schorst de werking van de beschikking niet. Als u of belanghebbenden niet willen dat de beschikking in werking treedt tijdens de bezwaarprocedure, kan gelijktijdig of na het indienen van het bezwaarschrift een verzoek om voorlopige voorziening worden ingediend bij de Rechtbank Noord-Nederland.

  • 1.

    Overwegingen

  • 1.1

    Procedurele aspecten

  • 1.1.1.

    Gegevens aanvraag

Op 27 juli 2023 is een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) ontvangen. Het betreft een verzoek van Fonterra Europe Manufacturing BV.

Er wordt vergunning gevraagd voor de volgende in de Wabo omschreven activiteiten:

  • Het bouwen van een bouwwerk (artikel 2.1, lid 1, onder a);

  • Het milieuneutraal veranderen van de inrichting of van de werking van de inrichting (artikel 2.1, lid 1, onder e, onder 2° en artikel 2.14, lid 5 juncto artikel 3.10, lid 3).

  • 1.2.

    Categorieën Bor en IPPC

  • 1.1.

    De activiteiten van de inrichting zijn genoemd in Bijlage I onderdeel C van het Bor en Bijlage I van de Richtlijn industriële emissies (Rie). De volgende categorieën zijn relevant voor deze aanvraag:

Categorie

Omschrijving

Categorie 9.3 onderdeel C van het Bor

Gedeputeerde Staten zijn bevoegd te beslissen op een aanvraag om een omgevingsvergunning ten aanzien van inrichtingen, behorende tot deze categorie, voor zover het betreft inrichtingen voor:

  • a.

    het vervaardigen van melkpoeder, weipoeder of andere gedroogde zuivelproducten met een capaciteit ten aanzien daarvan van 1.500 kg per uur of meer;

  • b.

    het vervaardigen van consumptiemelk, consumptiemelkproducten of geëvaporiseerde melk of melkproducten met een melkverwerkingscapaciteit ten aanzien daarvan van 55.000.000 kg per jaar of meer;

  • c.

    het concentreren van melk of melkproducten door middel van indamping met een waterverdampingscapaciteit ten aanzien daarvan van 20.000 kg per uur of meer;

Categorie 6.4 van de Rie

  • c.

    De bewerking en verwerking van uitsluitend melk, met een hoeveelheid ontvangen melk van meer dan 200 ton per dag (gemiddelde waarde op jaarbasis)

  • 1.3.

    Vergunningplicht

Op grond van categorie 4.4, onder c en j van Bijlage I, onderdeel C van het Bor is sprake van een vergunningplichtige activiteit.

Het betreft een inrichting waartoe een IPPC-installatie behoort zoals genoemd in Bijlage I, categorie 6.4, onder c van de Rie. Om die reden is op grond van artikel 2.1, tweede lid van het Bor sprake van een vergunningplichtige inrichting.

Omdat de inrichting valt onder het Bevi is volgens het bepaalde in Bijlage I, onderdeel B, artikel 1, onderdeel a van het Bor, sprake van een vergunningplichtige inrichting.

  • 1.4.

    Bevoegd gezag

Wij zijn bevoegd gezag voor de inrichting. Dit volgt uit artikel 2.4, tweede lid van de Wabo in samenhang met artikel 3.3, eerste lid van het Besluit omgevingsrecht (Bor), op grond van de activiteiten van de inrichting, genoemd in Bijlage I, onderdeel C, categorie 9.3 van het Bor.

  • 1.5.

    Beoordeling van de aanvraag

Na ontvangst van de aanvraag hebben wij deze getoetst op volledigheid. Wij zijn van oordeel dat de aanvraag voldoende informatie bevat voor een goede beoordeling van de gevolgen van de activiteit op de fysieke leefomgeving. De aanvraag is dan ook in behandeling genomen.

  • 1.6.

    Procedure

Deze beschikking is voorbereid met de reguliere voorbereidingsprocedure als beschreven in paragraaf 3.2 van de Wabo. Gelet hierop hebben wij overeenkomstig artikelen 3.8 van de Wabo en 12 van de Bekendmakingswet de aanvraag digitaal gepubliceerd op internet, www.officiëlebekendmakingen.nl.

Wij hebben gebruik gemaakt van de mogelijkheid om de beslistermijn van 8 weken te verlengen met 6 weken als bedoeld in artikel 3.9, tweede lid van de Wabo. Van deze verlenging is overeenkomstig artikel 12 van de Bekendmakingswet digitaal kennis gegeven op internet www.officielebekendmakingen.nl.

  • 1.7.

    Adviezen

In de Wabo en het Bor worden bestuursorganen vanwege hun specifieke deskundigheid of betrokkenheid aangewezen als adviseur. Gelet op het bepaalde in artikel 2.26 van de Wabo, alsmede de artikelen 6.1 tot en met 6.5 van het Bor, hebben wij de aanvraag ter advies gezonden aan de gemeente Heerenveen.

  • 1.8.

    Wet natuurbescherming

In de Wet natuurbescherming is opgenomen dat een vergunning in het kader van deze wet nodig is wanneer als gevolg van het realiseren van een project, of het verrichten van handelingen, nadelige effecten kunnen ontstaan voor:

  • natuurlijke habitats,

  • de habitats in een natura 2000-gebied,

  • beschermde planten of

  • beschermde dieren.

De aanvraag heeft betrekking op het plaatsen van een warmeterugwininstallatie als onderdeel van de WPC-droger. Bij de vergunningaanvraag zijn twee AERIUS-berekeningen gevoegd van 8 september 2023 (met kenmerk RNxD5T7yKQ1E en RvKCCZPWm6Ph). Wij zijn akkoord met de uitgangspunten in deze berekeningen. Uit de AERIUS-berekeningen blijkt dat de aangevraagde wijziging van de inrichting geen hogere emissies of depositie van stikstofverbindingen tot gevolg heeft dan vergund bij besluit van 29 juni 2018 (kenmerk 2018-FUMO-0027314). Het aanvragen van een vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming is daarom niet noodzakelijk.

  • 2.

    OVERWEGINGEN BOUWEN

  • 2.1.

    Bouwen van een bouwwerk

Inleiding

De aanvraag omgevingsvergunning voor het (ver)bouwen van een bouwwerk (als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel a van de Wabo) kan alleen worden verleend als deze voldoet aan de in artikel 2.10, eerste lid van de Wabo gestelde toetsingscriteria.

Een toetsing aan deze criteria heeft plaatsgevonden.

Welstand

De gegevens en bescheiden behorende bij de aanvraag omgevingsvergunning zijn getoetst aan de door de gemeenteraad vastgestelde criteria zoals gesteld in de gemeentelijke welstandsnota.

De aanvraag is op 28 augustus 2023 beoordeeld door het Team Omgevingskwaliteit Heerenveen (verder: de commissie). De commissie is van mening dat de aanvraag voldoet aan redelijke eisen van welstand FR2023--349.

Wij nemen het advies van de commissie over. De aanvraag voldoet aan redelijke eisen van welstand.

Bouwbesluit 2012

De gegevens en bescheiden die horen bij de aanvraag omgevingsvergunning, zijn getoetst aan de voorschriften van het Bouwbesluit 2012. Op grond van de ingediende stukken bij deze aanvraag is voldoende aannemelijk gemaakt dat wordt voldaan aan de voorschriften van het Bouwbesluit 2012.

Bouwverordening

De gegevens en bescheiden behorende bij de aanvraag omgevingsvergunning zijn getoetst aan de voorschriften van de gemeentelijke Bouwverordening. De aanvraag voldoet aan de voorschriften van de gemeentelijke bouwverordening.

Bestemmingsplan

Het perceel plaatselijk bekend Mars 35 en 37 te Heerenveen is gelegen in een gebied waarvoor het bestemmingsplan ‘Internationaal Bedrijvenpark Friesland (IBF)‘ en het bestemmingsplan ‘1e partiële herziening van het bestemmingsplan Internationaal Bedrijvenpark Friesland (IBF)’ zijn vastgesteld. In dit bestemmingsplan hebben de gronden de bestemming ‘Bedrijventerrein‘ (artikel 4 van de regels).

Op basis van lid 4.1, sub a, onder 2 zijn de voor ‘Bedrijventerrein ‘ aangewezen gronden bestemd voor bedrijven die zijn genoemd in bijlage 2 onder de categorieën 1 tot en met 4.2, ter plaatse van de aanduiding “bedrijf tot en met categorie 4.2”.

Het bouwplan is in overeenstemming met de regels van het bestemmingsplan.

  • 3.

    OVERWEGINGEN Milieu

  • 3.1.

    Projectbeschrijving

Het project waarvoor vergunning wordt gevraagd is als volgt te omschrijven: het plaatsen van een warmte terugwininstallatie in de WPC-droger.

Een uitgebreide projectomschrijving is opgenomen in de aanvraag om vergunning.

  • 3.2.

    Huidige vergunningsituatie

Voor de inrichting zijn eerder de onderstaande vergunningen verleend dan wel meldingen geaccepteerd:

Soort

Datum

Kenmerk

Onderwerp

Oprichting

16 mei 2013

01056682

Oprichten en in werking hebben van een kaas- en een weipoederfabriek

Milieuneutrale wijziging

18 november 2013

01094411

Verlengen van hal A

Bouwvergunning

9 juli 2014

PW/2014-FUMO-001438/2014/0062

Realiseren van een fundatie en putkelders voor een proefboring ten behoeve van aardwarmte

Bouwvergunning

19 juni 2017

2017-FUMO-0022455

plaatsen van een kunststof koe

Milieuneutrale wijziging

7 december 2017

2017-FUM0-0024416

Fonterra: Tank voor ‘process aid’, verplaatsen gasflessenopslag en nieuwe afvalwaterpompput

Milieuneutrale wijziging

28 december 2017

2017-FUM0-0024957

Het verhogen en verbeteren van de bestaande productieprocessen (verhogen kaasproductie en wei-indikking)

Bouwvergunning

9 mei 2018

2018-FUMO-0027314

Fonterra: plaatsen van 2 tanks op de tankplaat

Veranderingsvergunning

29 juni 2018

2018-FUM0-0027314

Uitbreiding met een mozzarella fabriek en de productie van UHT-room

Bouwen

15 oktober 2018

2018-FUM0-0028678

Wijziging van de uitbreiding mozzarellafabriek en de productie van UHT-room

Milieuneutrale wijziging

5 februari 2019

2018-FUMO-0030134

Fonterra: plaatsen van een extra etage op het lage productiedak waarin de MCC-ruimte en weifiltratiestap zullen worden geplaatst

Veranderingsvergunning (bouwen en milieu)

21 augustus 2019

2019-FUMO-0033590

wijzigingen koelinstallaties en uitbreiding warmtepompen, aanpassing salpeterzuur en nog wat kleinere wijzigingen

Veranderingsvergunning

21 januari 2020

2019-FUMO-0035838

Het plaatsen van een PGS 15-opslagcontainer voor IBC-multiboxen en drums op het buitenterrein

Veranderingsvergunning

12 juni 2020

2019FUMO-0036746

Tijdelijke verruiming van de parameters vuilvracht, CZV en Kjeldahl-stikstof in het afvalwater

Veranderingsvergunning

16 juni 2020

2020-FUMO-0038728

Verlenging realisatietermijn van beschikking 2018-FUM0-0027314

Milieuneutrale wijziging

3 februari 2021

2020-FUMO-0047844

Inzetten weiwater als ketelvoedingswater

Milieuneutrale wijziging

8 juni 2021

2021-FUMO-0050222

Wijziging opslag milieugevaarlijke stoffen

Veranderingsvergunning

1 februari 2022

2021-FUMO-0051931

Verlengen termijn verruiming lozingseisen van het afvalwater

Veranderingsvergunning

18 augustus 2022

2022-FUMO-0067260

Verandering opslagvoorziening membraanreinigingsmiddelen en de lege emballage daarvan

Veranderingsvergunning

31 januari 2023

2021-FUM0-0059621

Vergroten van de productiecapaciteit

De milieuvoorschriften van de onderliggende omgevingsvergunning zijn van overeenkomstige toepassing op de aangevraagde verandering, tenzij de aard van de vergunning en/of de aard van de verandering zich daartegen verzetten.

  • 3.3

    Activiteitenbesluit 

De inrichting is een inrichting type C als bedoeld in artikel 1.2 van het Activiteitenbesluit milieubeheer. Het Activiteitenbesluit is deels rechtstreeks van toepassing op de inrichting. De vergunninghouder moet, naast aan de voorschriften van de verleende omgevingsvergunningen, voldoen aan bepaalde artikelen uit het Activiteitenbesluit. Ook bepaalde artikelen uit de Activiteitenregeling milieubeheer (verder: Activiteitenregeling) zijn rechtstreeks van toepassing. De aangevraagde verandering heeft geen betrekking op onderwerpen die zijn geregeld in het Activiteitenbesluit.

  • 3.4.

    Toetsingskader milieu

  • 3.4.1.

    Inleiding

De aanvraag heeft betrekking op een milieu neutrale verandering van de inrichting of van de werking van de inrichting als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel e, onder 2° van de Wabo. De Wabo bepaalt in artikel 2.14, vijfde lid dat in afwijking van het eerste tot en met vierde lid de vergunning wordt verleend, wanneer wordt voldaan aan artikel 3.10, derde lid van de Wabo. Dat betekent dat een vergunning wordt verleend met de reguliere procedure, wanneer er sprake is van een verandering van de inrichting of van de werking van de inrichting die niet leidt:

  • 1.

    tot andere of grotere nadelige gevolgen voor het milieu dan volgens de geldende vergunning is toegestaan;

  • 2.

    tot een verplichting tot het maken van een milieueffectrapport als bedoeld in hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer;

  • 3.

    tot een andere inrichting dan waarvoor eerder een omgevingsvergunning is verleend.

De aanvraag is getoetst aan deze criteria en wij komen tot de volgende afweging.

  • 3.4.2.

    Toetsing gevolgen voor milieu

Naar aanleiding van de ingediende aanvraag en de daarbij overgelegde gegevens concluderen wij dat de aangevraagde verandering aan bovenstaande voorwaarden voldoet, om de volgende redenen:

Geluid

In de aanvraag is voldoende aannemelijk gemaakt dat er geen extra geluidsbijdrage zal ontstaan door het plaatsen van de warmte terugwininstallatie in de WPC droger. De verandering is voor het aspect geluid milieuneutraal.

Lucht

In de toelichting op de vergunningaanvraag wordt in paragraaf 4.3 onderbouwd dat het warmteterugwinsysteem geen invloed heeft op de emissies naar de lucht. De verandering is voor het aspect lucht milieuneutraal.

Externe veiligheid

Het warmteterugwinning systeem is gevuld met een koudemiddel, zijnde synthetisch koudemiddel R-513A en betreft een gesloten systeem. Het betreft een gas wat niet ADR-geclassificeerd is. De omvang van de vergunde gevaarlijke stoffen binnen de inrichting wijzigt daarmee niet. De verandering is voor het aspect externe veiligheid milieuneutraal.

Energie

Het warmteterugwinning systeem zelf zorgt voor een lichte toename van het elektriciteitsverbruik van de inrichting, maar heeft als positief effect dat er binnen de inrichting 12% minder aardgas zal worden verbruikt. De verandering is voor het aspect energie dan ook milieuneutraal.

De aanvrager heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat er voor de overige milieuaspecten geen toename zal zijn van de milieubelasting.

De verandering leidt niet tot andere of grotere nadelige gevolgen voor het milieu.

  • 3.4.3.

    Toetsing andere inrichting

Op basis van de in de aanvraag opgenomen beschrijving van de verandering is het aannemelijk, dat de verandering niet leidt tot een andere inrichting dan waarvoor eerder een vergunning is verleend.

  • 3.4.4.

    Toetsing milieueffectrapport

Er hoeft bij deze aanvraag geen milieueffectrapport (MER) te worden ingediend. De reden hiervoor is dat de in de aanvraag beschreven voorgenomen veranderingen niet vallen onder de vermelde activiteiten genoemd in de eerste kolom van onderdeel D 36 van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage. Het gaat niet om de wijziging of uitbreiding van een installatie van een zuivelfabriek. De warmte terugwininstallatie maakt geen onderdeel uit van het productieproces van de zuivelfabriek. Er is dan ook geen sprake van een indirecte MER-plicht.

Er is verder ook geen sprake van een directe MER-plicht, nu de activiteit niet in Onderdeel C van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage is opgenomen.

  • 3.4.5.

    Conclusie

Vanuit het toetsingskader dat betrekking heeft op het milieuneutraal veranderen van de inrichting wordt de gevraagde vergunning verleend. Er zijn geen redenen om de omgevingsvergunning te weigeren.

 

 

Naar boven