Besluit nautische anker- en afmeerverboden provinciale vaarwegen en meren

GEDEPUTEERDE STATEN van FRYSLÂN;

 

Gelet op:

 

  • -

    artikel 2 van de Scheepvaartverkeerswet, waarin is bepaald dat van de scheepvaartwegen in beheer bij provincie Fryslân het college van Gedeputeerde Staten het bevoegd gezag is;

  • -

    artikel 4 tot en met 8, van de Scheepvaartverkeerswet, waarin is bepaald, dat voor verkeerstekens met een verbod of gebod, als ook voor bekendmakingen met dezelfde strekking als een verkeersteken een besluit nodig is van het bevoegd gezag;

  • -

    artikel 5, eerste lid, onder b, van het Vaststellingsbesluit Binnenvaartpolitiereglement, waarin is bepaald dat onder de Bevoegde Autoriteit wordt verstaan voor de vaarwegen in beheer bij een ander openbaar lichaam dan het Rijk de personen die worden aangewezen telkens door het bestuur van het openbare lichaam;

  • -

    het aanwijsbesluit Bevoegde Autoriteit Binnenvaartpolitiereglement d.d. 5 december 2023, waarin Gedupeerde Staten zijn aangewezen als Bevoegde Autoriteit;

  • -

    hoofdstuk 7, Binnenvaartpolitiereglement (BPR), waarin de regels voor het nemen van een ligplaats zijn opgenomen;

  • -

    het 1, waarin de nadere regels met betrekking tot nautische verkeersbesluiten wordt beschreven;

Overwegende dat:

 

  • -

    in verband met intrekken van de Vaarwegenverordening Fryslân 2014 (VVF 2014) en het per 1 januari 2024 in werking treden van de provinciale Omgevingsverordening Fryslân 2022 en de Nautische Verordening Fryslân 2023 de bestaande verkeersbesluiten zijn geïnventariseerd, waar nodig geactualiseerd en aangepast aan de nieuwe regelgeving;

  • -

    het wenselijk is om de wachtvoorzieningen bij de Johan Frisosluis zo efficiënt mogelijk te gebruiken en daarom aan de beroeps- en recreatievaart separate wachtvoorzieningen voorzieningen toe te wijzen voor het schutten;

  • -

    een gedeelte van de Wargeaster Feart niet voldoende breed is en het daarom noodzakelijk is om op dit gedeelte een afmeerverbod in te stellen om het gewenste vaarwegprofiel te garanderen, zodat het veilig en vlotte verloop van het scheepvaartverkeer gewaarborgd wordt;

  • -

    op een daartoe aangewezen gedeelte van de Stadsgracht Bolsward brandstof ingenomen mag worden en dat innemen van ligplaats aan de overzijde betekent dat er niet voldoende ruimte is om veilig te manoeuvreren voor de opening van de Blauwpoortsbrug, zodat hiervoor een afmeerverbod ingesteld dient te worden.

Besluiten:

Artikel 1 Toe te passen scheepvaartverkeerstekens

De onder artikel 1 tot en met 5 bedoelde verboden en beperkingen worden kenbaar gemaakt door het plaatsen van verkeerstekens A.5 of A.7 en de aanwijzingen worden kenbaar gemaakt door het plaatsen van de verkeerstekens E.5. en E.7 aangevuld met de richtingaanduidingen F.2.a. en genoemde aanvullende aanduidingen F.3, van Bijlage 7 van het Binnenvaartpolitiereglement.

Artikel 2 Anker- en afmeerverbod beroepsvaartvaarwegen (CEMT-vaarwegen c.a.)

  • Lid 1.

    Het is verboden op de volgende vaarwegen genoemd op de Lijst A van Nautische Verordening 2023 ligplaats te nemen (ankeren en meren):

    • a.

      Vaarweg A001b, Houkesleat (Traject vanaf Prinses Margrietkanaal tot en met de invaart Schuttevaerhaven te Sneek);

    • b.

      Vaarweg A002, Van Harinxmakanaal;

    • c.

      Vaarweg A002a, Ferbiningskanaal en Harlingervaart (Traject vanaf het Van Harinxmakanaal tot en met de invaart Kalkhaven te Leeuwarden);

    • d.

      Vaarweg A002b, Wide Greons, De Tynje en een gedeelte van het Nieuwe Kanaal;

    • e.

      Vaarweg A003, Vaarweg naar Drachten, bestaande uit Geul Krúswetters, Betonde Geulen Lange Sleatten en Sydsdjip, Fokkesleat, Headamsleat, betonde Geulen Wide Ie, Wide Mûntsegroppe, Geaster Djip en een gedeelte van het Nije Kanaal, vanaf Prinses Margrietkanaal tot monding Insteekhaven;

    • f.

      Vaarweg A004, het Johan Frisokanaal, Voorhaven IJsselmeerzijde Johan Frisosluis tot het Prinses Margrietkanaal;

    • g.

      Vaarweg A008, Vaarweg naar Heerenveen, vanaf het Prinses Margrietkanaal via de Nije Sânsleat, Meinesleat en It Deel tot de Industriehaven te Heerenveen;

    • h.

      Vaarweg A008a, “Vaarweg naar Akkrum”, deeltraject vanaf It Deel (A 008) tot en met Pouw (Kilometerraai 1,2).

  • Lid 2.

    Het in het eerste lid genoemde verbod is op de genoemde vaarwegen niet van toepassing op een schip, dat op een veilige plaats buiten het voor de doorgaande scheepvaart bestemde vaarwater ligt en/ of op een locatie die daartoe is bestemd door de bevoegde autoriteit.

  • Lid 3.

    Op en bij wachtvoorzieningen van bruggen, sluizen en overige openbare voorzieningen in beheer van de provincie, mag een schip, een drijvend voorwerp en een drijvende inrichting, niet:

    • a.

      aan onderhouds- en/ of herstelwerkzaamheden worden onderworpen;

    • b.

      laden, lossen of ontgassen;

    • c.

      langer dan drie achtereenvolgende dagen ligplaats nemen;

    • d.

      binnen twaalf uren, nadat de onder c bedoelde periode is beëindigd, opnieuw ligplaats nemen;

    • e.

      Het ligplaats nemen wordt geacht niet te zijn beëindigd, indien het schip, het drijvende voorwerp of de drijvende inrichting over minder dan 500 meter is verplaatst.

Artikel 3 Specifieke maatregelen diverse locaties op de beroepsvaart-vaarwegen

  • Lid 1.

    Van Harinxmakanaal (A002):

    Het is verboden ligplaats te nemen bij de losplaats langs de noordelijke oever ter hoogte van kilometerraai 20, met uitzondering van schepen ten behoeve van ministerie van defensie.

    Dit verbod wordt kenbaar gemaakt door het plaatsen van de BPR-verkeerstekens A 5 en F.3. als onderbord met de tekst “Uitgezonderd t.b.v. defensie”.

  • Lid 2.

    Johan Frisosluis (A004)

    De 8 meerpalen in de voorhaven van de Johan Frisosluis aan de IJsselmeerkant gesitueerd langs de zuidelijke strekdam worden aangewezen voor gebruik uitsluitend door de beroepsvaart.

    Deze aanwijzing wordt kenbaar gemaakt door het plaatsen van de BPR-verkeerstekens E.5 en F.3 als onderbord met de tekst “Beroepsvaart”.

  • Lid 3.

    Johan Frisosluis (A004)

    De in de voorhaven van de Johan Frisosluis aan het IJsselmeerkant gelegen afmeervoorziening langs de noordelijke strekdam wordt over een lengte van 80 meter als een openbare ligplaats aangewezen voor de recreatievaart om maximaal 30 minuten af te meren.

    Deze aanwijzing wordt kenbaar gemaakt door het plaatsen van de BPR-verkeerstekens E.5 en richtingaanduidingsbord F.2a. en onderbord F.3 met de tekst “Sport maximaal 30 minuten”.

  • Lid 4.

    Johan Frisosluis (A004)

    De in de voorhaven van de Johan Frisosluis aan het IJsselmeerkant gelegen afmeervoorziening langs de noordelijke strekdam wordt over een lengte van 160 meter als een wachtvoorziening ten behoeve van het schutten aangewezen.

    Deze aanwijzing wordt kenbaar gemaakt door het plaatsen van de BPR-verkeerstekens E.5 en richtingaanduidingsbord F.2a. en onderbord F.3 met de tekst “Sport t.b.v. schutten”.

  • Lid 5.

    Johan Frisosluis (A004)

    De in de voorhaven van de Johan Frisosluis aan het IJsselmeerkant gelegen afmeervoorziening die op een afstand van 12 meter van de wachtvoorziening van lid 5 is gesitueerd, wordt over een lengte van 70 meter aangewezen als wachtvoorziening voor het schutten via de noordkolk.

    Deze aanwijzing wordt kenbaar gemaakt door het plaatsen van de BPR-verkeerstekens E.5 en richtingaanduidingsbord F.2a. en onderbord F.3 met de tekst “t.b.v. schutten noordkolk”.

  • Lid 6.

    Johan Frisosluis (A004)

    Het is verboden om ligplaats te nemen over een lengte van 90 meter bij de noordelijke oever in de voorhaven van de Johan Frisosluis binnenzijde gelegen afmeervoorziening, met uitzondering van rond- en chartervaart ten behoeve van eerstvolgende schutting.

    Deze aanwijzing wordt kenbaar gemaakt door het plaatsen van de BPR-verkeerstekens A.5 en richtingaanduidingsbord F.2a. en onderbord F.3 met de tekst “Met uitzondering van rond- en chartervaart t.b.v. eerstvolgende schutting”.

  • Lid 7.

    Johan Frisosluis (A004)

    De in de voorhaven van de Johan Frisosluis binnenzijde gelegen afmeervoorziening langs de zuidelijke oever van het Johan Frisokanaal wordt over een lengte van 160 meter als een wachtvoorziening ten behoeve van het schutten aangewezen.

    Deze aanwijzing wordt kenbaar gemaakt door het plaatsen van de BPR-verkeerstekens E.5 en richtingaanduidingsbord F.2a. en onderbord F.3 met de tekst “Sport t.b.v. schutten”.

  • Lid 8.

    Johan Frisosluis (A004)

    De in de voorhaven van de Johan Frisosluis binnenzijde gelegen afmeervoorziening die op een afstand van 10 meter van de wachtvoorziening van lid 8 is gesitueerd, wordt over een lengte van 70 meter aangewezen als wachtvoorziening voor het schutten via de noordkolk.

    Deze aanwijzing wordt kenbaar gemaakt door het plaatsen van de BPR-verkeerstekens E.5 en richtingaanduidingsbord F.2a. en onderbord F.3 met de tekst “t.b.v. schutten noordkolk”.

  • Lid 9.

    Johan Frisokanaal (A004)

    De noordoever van het Johan Frisokanaal wordt over een lengte van 100 meter, van kilometerraai 24,965 tot kilometerraai 25,065, als openbare ligplaats aangewezen uitsluitend bestemd voor met spudpalen gemeerd liggende schepen.

    Deze aanwijzing wordt kenbaar gemaakt door het plaatsen van de BPR-verkeerstekens E.6.1 en richtingaanduidingsbord F.2a. met de tekst “100”.

Artikel 4 Anker- en afmeerverboden op recreatieve vaarwegen

Het is verboden op alle vaarwegen op de Lijsten A en C van de Nautische Verordening Fryslân 2023, uitgezonderd de beroepsvaart-vaarwegen genoemd in artikel 1, lid 1, om:

  • a.

    om ligplaats te nemen binnen 100 meter van een sluis gelegen in een vaarweg van de categorie Azm, Bzm, Czm en Cm met uitzondering van de wachtvoorzieningen;

  • b.

    om ligplaats te nemen binnen 25 meter van een sluis gelegen in een vaarweg van de categorie Dm, E en F met uitzondering van de wachtvoorzieningen;

  • c.

    ligplaats te nemen binnen 50 meter van een beweegbare brug gelegen in een vaarweg van de categorie Azm, Bzm, Czm enCm met uitzondering van de wachtvoorzieningen;

  • d.

    om ligplaats te nemen binnen 25 meter van een beweegbare brug gelegen in een vaarweg van de categorie Dm, E en F met uitzondering van de wachtvoorzieningen;

  • e.

    om ligplaats te nemen binnen 25 meter van een vaste brug gelegen in een vaarweg van de categorie Cm en Dm;

  • f.

    om ligplaats te nemen binnen 15 meter van een vaste brug gelegen in een vaarweg van de categorie E en F;

  • g.

    om ligplaats te nemen in een aquaduct en binnen 50 meter aan weerzijden van een aquaduct of ander waterstaatwerk.

Artikel 5 Specifieke maatregelen op diverse locaties op de recreatieve vaarwegen

  • Lid 1.

    Vaarweg: A 001b, Krúswetter en Houkesleat:

    Het is verboden om ligplaats te nemen bij de noordelijke oever van de Houkesleat tussen het Jachthavenkanaal en kilometerraai 2,6.

  • Lid 2.

    Vaarweg: A 005, Dokkumer Ie en Dokkumer Grutdjip:

    Het is verboden om:

    • a.

      ligplaats te nemen bij de oever van de oostelijke doorsnijding van de Zuiderstadsgracht te Dokkum tot het Dokkumer Grutdjip.

    • b.

      ligplaats te nemen bij de noordelijke oever vanaf de brug in de oostelijke rondweg te Birdaard tot 175 meter ten westen van de Steenhuisbrug gedurende de tijd dat genoemde bruggen bediend worden.

    • c.

      ligplaats te nemen bij de westelijke oever van de Dokkumer Ie vanaf de samenkomst met de Bonkefeart tot aan de Jelsumer Feart.

    • d.

      ligplaats te nemen bij de oevers tussen het punt van samenkomst met de Bonkefeart en Kalksleat bij Snakkerburen tot de Noorderbrug in Leeuwarden.

    • e.

      ligplaats te nemen 100 meter aan weerszijden van de Vrouwenpoortsbrug te Leeuwarden in zuidwestelijke richting bij de noordwestelijke oever en in noordelijke richting bij de oostelijke oever.

  • Lid 3.

    Vaarweg: A 009, Jonkers- of Helomavaort, De Kuunder of De Tsjonger (gedeeltelijk), Pier Christiaanssleat, (zuidelijke) betonde geul Tsjûkemar en Follegeasleat:

    Het is verboden ligplaats te nemen bij de zuidoostelijke oever aansluitend en ten noordoosten van de Mr. H.P. Linthorst Homansluis over een afstand van 280 meter.

  • Lid 4.

    Vaarweg A 010, Streamkanaal en Sylroede:

    • a.

      een tweetal oever-/kadegedeelten van de Sylroede te Lemmer in de periode van 1 april – 31 oktober aan te wijzen als wachtplaats voor op eerstvolgende bediening van de Zijlroedebrug wachtende schepen, te weten:

      • -

        de noordoever ten westen van deze brug, over een lengte van 90 meter, gerekend vanaf het punt gelegen op 15 meter uit de westzijde van deze brug, en

      • -

        de zuidoever ten oosten van deze brug, over een lengte van 50 meter, gerekend vanaf het punt gelegen op 10 meter uit de oostzijde van de brug

    • b.

      Het verbod om aan deze wachtplaats af te meren met andere schepen dan welke wachten op eerst volgende passagemogelijkheid van de brug, wordt kenbaar gemaakt door plaatsing van de BPR-verkeerstekens A.5 en richtingaanduidingsbord F.2a. en onderbord F.3 met de tekst “Met uitzondering van eerstvolgende brugopening” op de oevers van de Sylroede bij het begin en einde van de beide aangewezen oever-gedeelten.

  • Lid 5.

    Vaarweg A 012, Stadsgracht Sneek, De Kolk, De Geau En Wiiddraai:

    Het is verboden om:

    • a.

      ligplaats te nemen bij de noordoever van De Geau tussen de oostzijde Veemarktstraat en de Van Giffenstraat;

    • b.

      ligplaats te nemen langszij een schip aan de noordelijke oever van De Geau, van de Kolk tot de oostzijde Veemarktstraat. (Maximaal 5 meter breed in totaal.)

    • c.

      ligplaats te nemen bij de zuidelijke oever van De Geau vanaf de Kolk in westelijke richting over een afstand van 230 meter.

    • d.

      ligplaats te nemen ten noorden van de Van Harinxmabrug aan de zijde van de Harinxmakade over een afstand van 100 meter eindigend ter hoogte van Bothniakade 3a en aan de overzijde aan de Koopmansgracht tussen de huisnummers 34 en 38.

    • e.

      ligplaats te nemen bij de noordwestelijke oever van de Stadsgracht tegenover de invaart van de Wâldfeart ter hoogte van de splitsing van de wegen Bockemakade –Harinxmakade - Kleine Palen, over een afstand van 25 meter.

    • f.

      ligplaats te nemen ten zuiden van de Lemmerbrug bij beide oevers over een lengte van 100 meter met uitzondering van de invalidenligplaats aan de Balthuskade.

  • Lid 6.

    Vaarweg: A 017, (Betonde) Rjochte Grou, De Wide Galle, De Neare Galle, Pomprak, Koldykster Rak, Kromsleatsrak, Eagumer Djip, Nije Waring, Wergeaster Feart En Betonde Geul Himpenser Wielen:

    Het is verboden om:

    • a.

      ligplaats te nemen binnen 50 meter aan weerszijden van het Akwaduct Lang Deel gelegen tussen de Wergeasterwielen en de betonde geul in de Himpenser Wielen ter hoogte van kilometerraai 10,2. Dit verbod wordt kenbaar gemaakt door het plaatsen van de BPR-verkeersteken A.5 op 50 meter aan weerszijden van het aquaduct.

    • b.

      ligplaats te nemen langs oostelijke oever Wergeaster Feart van kilometerraai 5,7 tot en met kilometerraai 5,5 ter hoogte van de Narderbuorren. Dit verbod wordt kenbaar gemaakt door het plaatsen van het BPR-verkeersteken A.7 en richtingaanduidingsborden F.2a.

  • Lid 7.

    Vaarweg: A 019, Betonde geulen Pikmar, De Tynje en Peanster Ie, De Greft, Douwe Tseardsrak, Burstumer Rak, betonde geul Bokkumer Mar, Nesker Sylroede, De Boarn, Nije Djip, Nijdjip en Nije Feart:

    Het is verboden om:

    • a.

      ligplaats te nemen van de Hoofdbrug te Gorredijk tot aan de brug in de Jan Eisengastrjitte bij beide oevers en vanaf deze laatstgenoemde brug tot een punt 225 meter westelijk langs de zuidelijke oever.

    • b.

      ligplaats te nemen langszij een ander schip langs de zuidelijke oever van het punt gelegen op 225 meter vanaf de brug in de Jan Eisengastrjitte tot de Warme Hoek te Gorredijk over een afstand van 475 meter.

    • c.

      ligplaats te nemen langszij een ander schip langs de noordelijke oever vanaf de brug in de Jan Eisengastrjitte in westelijke richting tot de Warme Hoek te Gorredijk.

  • Lid 8.

    Vaarweg: A 023, Hearrenfeanster Kanaal (gedeeltelijk) en Engelenfeart:

    Het is verboden ligplaats te nemen binnen 85 meter bij de beide oevers ten zuiden van de Rottumerbrug te Rottum.

  • Lid 9.

    Vaarweg: A 024, Geul De Geau, Langwarder Feart, betonde geul Langwarder Wielen, Skarster Rien, westelijk betonde geul Tsjûkemar:

    Het is verboden ligplaats te nemen binnen 100 meter bij beide oevers van de Langwarder Feart aan weerszijde van de veerpont.

  • Lid 10.

    Vaarweg: A 027, Djippe Dolte En Warkumer Trekfeart

    Het is verboden ligplaats te nemen van de Noorderbrug te Workum tot de Súdergoabrêge indien een breedte van 3,50 meter gerekend vanuit de oever wordt overschreden.

  • Lid 11.

    Vaarweg: A 037, Boalserter Feart En Stadsgracht Bolsward:

    Het is verboden ligplaats te nemen langs zuidelijke oever van de Stadsgracht Bolsward van kilometerraai 22,33 tot en met kilometerraai 22,40 ter hoogte van het Oordje. Dit verbod kenbaar te maken door het plaatsen van het BPR-verkeersteken A.5 en richtingaanduidingsborden F.2a.

  • Lid 12.

    Vaarweg: A 207, Harlingertrekvaart, vanaf VHK (A 002, bij kilometerraai 2,500) tot 1e dam, incl. de Hopmansbrug en de doorgraving westelijk van deze brug:

    Het is verboden ligplaats te nemen bij de zuidoever van de Harlingertrekvaart vanaf de ontsluitingsdam (Koningsweg) tot aan de Hopmansbrug en bij de oostoever van de doorgraving naar het Van Harinxmakanaal vanaf de Hopmansbrug tot het Van Harinxmakanaal.

  • Lid 13.

    Vaarweg: A 208, Streamkanaal Willem Loréslûs, bestaande uit de twee westelijk van de spuisluis te Dokkumer Nieuwe Zijlen gesitueerde vaarweggedeelten vanaf Dokkumer Grutdjip (A 005) tot aan ballenlijn:

    Het is verboden ligplaats in te nemen over een lengte van 70 meter langs de noordelijke oever van het Streamkanaal Willem Loréslûs, vanaf de op 20 meter van het westelijk sluishoofd gelegen ballenlijn, met dien verstande dat voor wat betreft de eerste 40 meter westelijk van de ballenlijn, ligplaats mag worden ingenomen binnen 12 meter, gerekend vanuit de oever.

Artikel 6. Anker- en afmeerverbod meren

Goaiingarypster Puollen:

 

Het is verboden ligplaats te nemen bij de Goaiingarypster Puollenzijde van de keersluis te Goïngarijp gelegen steiger uitgezonderd voor kort meren voor op- en aftuigen van zeilschepen.

Artikel 7 Intrekken besluiten

De volgende verkeersbesluiten worden ingetrokken: (chronologisch volgorde)

 

  • A.

    BESLUIT van GEDEPUTEERDE STATEN VAN FRYSLÂN van 11 juni 2007, kenmerk 701165, Provinciaal Blad 2007, nr. 25, betreffende het instellen van een ankerverbod nabij het aquaduct Langdeel;

  • B.

    BESLUIT van GEDEPUTEERDE STATEN van FRYSLÂN van 28 augustus 2012, kenmerk 1018054, Provinciaal Blad 2012 nr. 31, betreffende 1. de aanwijzing van een oevergedeelte van de provinciale vaarweg nr. 4, het Johan Frisokanaal, ter lengte van 100 meter als ligoever voor schepen met spudpalen (nieuw), en 2. het opnemen van het onder 1. genoemde besluit en een ander vigerend deelbesluit in een geactualiseerd overzichtelijk totaalverkeersbesluit met betrekking tot het nemen van ligplaats op bij de provincie Fryslân in beheer zijnde vaarwegen (bestaand, geactualiseerd);

  • C.

    BESLUIT van GEDEPUTEERDE STATEN van Fryslân van 1 mei 2015, kenmerk 1214453, Provinciaal Blad 2015, nr. 2364, afdeling Provinciale Waterstaat, betreffende reservering van een oever-/kadegedeelte ter weerszijden van de Zijlroedebrug over de Sylroede te Lemmer (provinciale vaarweg, Lijst A, nr. 10, Vaarwegenverordening Fryslân 2014) voor op eerstvolgende brugbediening wachtende schepen.

Artikel 8 Citeertitel

Dit besluit aan te duiden met “Besluit nautische anker- en afmeerverboden provinciale vaarwegen en meren”.

Artikel 9 Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van bekendmaking in het Provinciaal Blad.

Leeuwarden, 15-10-2024,

Gedeputeerde Staten van Fryslân,

drs. A.A.M. Brok, voorzitter

drs. ing. J.J. Algra, secretaris

 

Degene wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken kan tegen dit besluit binnen zes (6) weken na de verzending daarvan een bezwaarschrift indienen bij Gedeputeerde Staten, Postbus 20120, 8900 HM in Leeuwarden.

 

Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten:

  • a.

    de naam en het adres van de indiener;

  • b.

    de dagtekening;

  • c.

    een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht;

  • d.

    de gronden van het bezwaar.

Meer informatie over de bezwaarschriftenprocedure vindt u op www.fryslan.nl onder “contact”, of u kunt bellen met het secretariaat van de bezwaarschriftencommissie, tel. 058 – 292 51 57.

Naar boven