Besluit tot wijziging van de Subsidieregeling natuur- en landschapsbeheer Provincie Groningen 2016

GEDEPUTEERDE STATEN VAN DE PROVINCIE GRONINGEN

 

Besluit tot wijziging van de Subsidieregeling natuur- en landschapsbeheer Provincie Groningen 2016

 

Gedeputeerde Staten van provincie Groningen;

 

Overwegende dat het wenselijk is om een aantal onderdelen van de Subsidieregeling natuur- en landschapsbeheer Provincie Groningen 2016 te actualiseren en de leesbaarheid van de regeling te verbeteren;

 

Besluiten:

ARTIKEL I Wijzigingen

De Subsidieregeling natuur- en landschapsbeheer Provincie Groningen 2016 wordt gewijzigd als volgt:

 

A

Aan artikel 1.1 (Begripsbepalingen) wordt de volgende begripsbepaling toegevoegd:

  • -

    Verordening (EU) nr. 2022/1173: verordening van de Europese Commissie tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor Verordening (EU) 2021/2116 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft het geïntegreerd beheers- en controlesysteem in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid;

B

Artikel 2.5 (Subsidiabele kosten), vierde lid, wordt “achtste of negende lid” vervangen door “zesde of zevende lid”.

 

C

In artikel 2.9 (Verplichtingen van de subsidieontvanger), eerste lid, onder e, wordt “certificeringsvoorwaarden” vervangen door “certificeringsvoorschriften”.

 

D

Artikel 3.7 (Subsidiehoogte) wordt als volgt gewijzigd:

In het eerste en tweede lid wordt “zes” telkens vervangen door “de periode als bedoeld in artikel 3.10”.

 

E

Artikel 3.11 (Verplichtingen van de subsidieontvanger) wordt als volgt gewijzigd:

  • 1.

    Onder b, komt “In afwijking van het voorgaande dient het jaarlijkse beheer voor het beheerjaar 2023 uiterlijk op 15 mei 2023 te zijn ingediend” te vervallen.

  • 2.

    Onder e, wordt “op 15 mei” vervangen door “op 31 mei van het lopende beheerjaar”.

  • 3.

    Onder f, wordt “tenzij artikel 3 lid 2 van Verordening (EU) nr. 809/2014 zich tegen deze wijziging verzet” vervangen door “tenzij artikel 7 van Verordening (EU) nr. 2022/1173 zich tegen de wijziging verzet”.

  • 4.

    Onder h, wordt “een certificaat collectief agrarisch natuurbeheer » vervangen door « het certificaat bedoeld in artikel 3.4, onder a” vervangen door “de subsidievervanger beschikt voor de gehele duur van de subsidie over het certificaat bedoeld in artikel 3.4, onder a”.

  • 5.

    Onder i, wordt “certificeringsvoorwaarden” vervangen door “certificeringsvoorschriften”.

F

Artikel 3.12a (Voorziening onmiddellijke liquiditeitsbehoefte subsidieontvanger) komt als volgt te luiden:

 

Artikel 3.12a Voorziening liquiditeitsbehoefte subsidieontvanger

  • 1.

    Om te voorzien in de onmiddellijke liquiditeitsbehoefte van de subsidieontvanger kunnen Gedeputeerde Staten voorafgaande aan de in artikel 3.12 bedoelde voorschotbetaling een betaling doen, mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:

    • a.

      de betaling vindt plaats tussen 16 oktober en 30 november van het kalenderjaar waarop de voorschotbetaling betrekking heeft;

    • b.

      de betaling bedraagt 30% van de totale subsidie die aan de subsidieontvanger per kalenderjaar is verleend;

    • c.

      Gedeputeerde Staten brengen bij de voorschotbetaling, bedoeld in artikel 3.12, vierde lid, de betaling bedoeld in onderdeel a, in mindering op het voorschot.

  • 2.

    Indien het in het eerste lid, onderdeel c, bedoelde voorschot ontoereikend is om de betaling geheel in mindering te brengen, verrekenen Gedeputeerde Staten het openstaande bedrag met de te verstrekken voorschotten voor de daaropvolgende kalenderjaren of, indien dit niet mogelijk is, bij de subsidievaststelling, bedoeld in artikel 3.14.

  • 3.

    Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van het laatste jaar van het subsidietijdvak, met dien verstande dat Gedeputeerde Staten, in afwijking van het eerste lid, onderdeel c, de betaling bij de subsidievaststelling, bedoeld in artikel 3.14, in mindering brengen op de te verstrekken subsidie.

G

Artikel 3.13 (Wijziging subsidieverlening) wordt als volgt gewijzigd:

  • 1.

    In het derde lid, onder b wordt “€ 1.200;” vervangen door “€ 1.200,-; en”

  • 2.

    In het derde lid, onder c wordt “beheerjaar;” vervangen door “beheerjaar.”

  • 3.

    Het derde lid onder d komt te vervallen.

ARTIKEL II Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na dagtekening van het Provinciaal Blad waarin zij wordt geplaatst.

Groningen, 3 september 2024

Gedeputeerde Staten van Groningen:

Toelichting bij het besluit tot wijziging

Er zijn een aantal tekstuele en een aantal inhoudelijke wijzigingen in de Subsidieregeling natuur- en landschapsbeheer Provincie Groningen 2016 doorgevoerd ten opzichte van de versie voor beheerjaar 2024. De belangrijkste wijzigingen worden hieronder nader uiteengezet.

 

Artikel I, onderdelen C en E lid 5

De wijziging van de term certificeringsvoorwaarde naar certificeringsvoorschrift sluit beter aan op de werkelijkheid. Controle op naleving ziet immers op de voorschriften die de certificaathouder heeft, het betreft geen voorwaarde voor certificering zoals de huidige tekst suggereert. Artikel 2.9, eerste lid, onder e, en artikel 3.11, onder e, worden daarom aangepast. De Uitvoeringsregeling Stichting Certificering SNL 2023 wordt gelijktijdig op dit punt in overeenkomstige zin aangepast. De wijziging is enkel tekstueel en behelst geen wijziging van de certificeringseisen.

 

Artikel I, onderdeel D

Besloten is om in dit artikel niet langer de termijn van het subsidietijdvak te herhalen, maar om te verwijzen naar de in artikel 3.10 genoemde termijn. Hierdoor werken eventuele toekomstige wijzigingen in de in artikel 3.10 termijn automatisch door in artikel 3.7.

 

Artikel I, onderdeel E lid 2

M.b.t. artikel 3.11 lid e: Vertraging in de termijn voor het indienen van activiteiten onder de eco-regeling had tot gevolg dat de termijn voor het indienen van jaarlijks beheer ANLb niet konden worden gehaald. Met 31 mei als datum krijgen de collectieven 16 dagen de tijd om te reageren op hetgeen de deelnemer in de gecombineerde opgave heeft opgegeven. Bovendien wordt hiermee aangesloten bij de werkwijze uit het vorige GLB, waarbij een relatie tot 31 mei nog wijzigingen in zijn betaalaanvraag mocht aanbrengen zonder dat dit tot korting zou leiden.

 

Artikel I, onderdeel F

Europese regelgeving (Vo. 2021/2116 artikel 44 lid 2, onderdeel b) maakt het mogelijk om al voor de reguliere EU-betaalperiode van 1 december tot 30 juni betalingen te doen in het kader van plattelandsontwikkelingsinterventies zoals het ANLb. Betalingen gedaan voor 16 oktober moeten echter ook eerder verantwoord worden bij de Europese Commissie (Vo. 2022/128 artikel 22). Om die reden worden geen betalingen gedaan voor 16 oktober van het betreffende beheerjaar. Het percentage is opgehoogd naar 30%.

 

De beslissing tot het wel of niet doen van deze betaling is een discretionaire bevoegdheid. Er wordt hiervoor dus geen aanvraagprocedure opgezet. Het is aan de provincie om in onderling overleg met de subsidieontvanger (het collectief) te bepalen of er bij laatstgenoemde behoefte is aan deze betaling. In het bevestigende geval zal de provincie vervolgens voor het betreffende beheerjaar een toekenningsbesluit nemen.

 

Artikel I, onderdeel G

Het maximum percentage voor uitbreidingen is per beheerjaar 2025 komen te vervallen. Uitbreidingen van meer dan 20% van de originele gebiedsaanvraag zijn mogelijk in het 1ste en 2de beheerjaar. De huidige gebiedsaanvragen zijn ingegaan per 1 januari 2023. Dit betekent dat de collectieven in de aanvraagperiode 2025 voor het laatst een uitbreidingsaanvraag kunnen indienen, mits de provincie deze mogelijkheid in het openstellingsbesluit opneemt.

Naar boven