Toewijzing verzoek om toepassing van de hardheidsclausule IOV voor de rundveehouderij aan de Kerkendijk 143, Someren

Op 6 december 2021 is een verzoek ontvangen van Maatschap Thelosen - Van Haren om toepassing van de hardheidsclausule op basis van de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant (hierna IOV). Er is een verzoek ingediend om af te wijken van de technische eisen als bedoeld in artikel 2.69, eerste lid van de IOV. Het verzoek heeft betrekking op het toepassen van een emissiearm huisvestingssysteem in een nieuw te bouwen stal (nummer 7) van de vleeskalverhouderij aan de Kerkendijk 143 te Someren.

Bevoegdheid

Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant (hierna: GS) kunnen op basis van artikel 5.13, eerste lid van de IOV in individuele gevallen afwijken van de IOV. De hardheidsclausule kan worden ingezet wanneer naar het oordeel van GS de onverkorte toepassing van de IOV leidt tot buitenproportionele gevolgen voor individuele gevallen, mits dit geen negatieve invloed heeft op de doelen waarvoor de regels zijn vastgesteld en deze hierdoor niet worden geschaad.

Overwegingen

Het verzoek is beoordeeld, waarbij is besloten dat toepassing van de hardheidsclausule in dit geval wordt toegewezen. Hieronder wordt de afweging van het besluit uitgelegd. Maatschap Thelosen- Van Haren is een vleeskalverbedrijf aan de Kerkendijk 143 te Someren. In de afgelopen jaren zijn er op de locatie in samenwerking met diverse betrokkenen uit de kalversector en met ondersteuning van de provincie Noord-Brabant huisvestingssystemen ontwikkeld en onderzocht om ammoniakemissies te reduceren. In 2022 zijn de laatste onderzoeksresultaten uitgewerkt, mede op basis van de resultaten van dit onderzoek wordt een verzoek gedaan om een nieuwe stal te voorzien van een van de onderzochte huisvestingssystemen, een urine doorlatende mestband met aangepaste mestkelder. Het bedrijf heeft een omgevingsvergunning voor het houden van 1.701 vleeskalveren, verspreid over 3 stallen. Stallen 1 en 2 met plek voor 951 vleeskalveren zullen gesloopt worden. Stal 6 met plek voor 750 vleeskalveren wordt niet gesloopt, deze stal is uitgerust met een chemische luchtwasser met 90% reductie (BWL 2013.08.V3). Er zal een nieuwe stal, nummer 7, gebouwd worden voor 1.188 vleeskalveren. De nieuwe stal zal voorzien worden van het innovatieve huisvestingssysteem. Dit huisvestingssysteem is nog niet opgenomen in de Regeling ammoniak en veehouderij (Rav). Daarnaast worden in de beoogde situatie 8 paarden en 2 pony’s gehouden.

Samen met de gemeente en omgevingsdienst wordt onderzocht of toepassing van de Crisis-en Herstelwet in combinatie met de inzet van meetsensoren kan leiden tot vaststelling van een emissiefactor door de gemeente ten behoeve van de Omgevingsvergunning. Dit is mede afhankelijk van de snelheid waarmee een bijzondere emissiefactor wordt toegekend. Voor het huisvestingssysteem is eveneens een bijzondere emissiefactor (BEF) aangevraagd, dit betreft dan een zogenaamde proefstal. Deze emissiefactor geldt specifiek voor dit huisvestingssysteem op deze locatie. De emissie wordt volgens het erkende meetprotocol ‘Protocol voor meting van ammoniakemissie uit huisvestingssystemen in de veehouderij 2013a’, gemeten. Deze meting vindt plaats in combinatie met de eerdere genoemde inzet van meetsensoren. Daarnaast is vanuit de Subsidiemodules brongerichte verduurzaming stal- en managementmaatregelen (Sbv) subsidie aan het bedrijf verstrekt voor onderzoek naar emissiearme huisvestingssystemen voor de vleeskalverhouderij. Ook worden aanvullende (oriënterende) onderzoeken uitgevoerd naar andere technieken en maatregelen, maar deze staan los van het huidige verzoek. Na afronding van de metingen wordt een definitieve emissiefactor (DEF) aangevraagd. De emissiemetingen die worden uitgevoerd in het kader van het Sbv-project bestaan uit twee fasen, een ontwikkel en optimalisatie-fase (fase 1) en een validatiefase (fase 2). De metingen in fase 1 hebben tot doel om het huisvestingssysteem te optimaliseren om de ammoniakemissie zo ver mogelijk te reduceren. In fase 2 wordt het systeem middels metingen gevalideerd, eveneens ten opzichte van de traditionele stal. Hierbij worden ammoniak, methaan, geur en fijnstof gemeten. De metingen zijn continue en worden uitgevoerd door FarmGasLive en Wageningen Livestock Research (WLR). De relevante meetgegevens zijn continue beschikbaar en te volgen via Teamviewer. Hierdoor is het voor toezicht mogelijk om de metingen in te zien. Voorafgaand aan ingebruikname van het huisvestingssysteem vindt afstemming plaats tussen de meetinstantie (FarmGasLive), provincie Noord-Brabant, de Omgevingsdienst Zuidoost Brabant (ODZOB) en de ondernemer. Op bedrijfslocatieniveau wordt de ammoniakemissie met 65% gereduceerd ten opzichte van traditioneel, waarmee ruimschoots aan de IOV-eis van 50% op bedrijfslocatieniveau voldaan wordt.

Omdat het huisvestingssysteem niet is opgenomen in de Rav of formeel erkend is, staat onvoldoende vast dat voldaan wordt aan artikel 2.69 eerste lid van de IOV, waarbij in bijlage 2 een emissiereductie van 50% voor de vleeskalverhouderij geëist wordt. Door Wageningen University & Research (WUR) zijn in het verleden metingen gedaan bij vleeskalveren met een case-control benadering om het effect van de urine doorlatende mestband en een roostervloer (Groene vlag-vloer) op ammoniak- en geuremissie vast te stellen (rapport 1171; Mosquera et al., 2019). Voor dat systeem is een emissiereductie van 53% ten opzichte van traditioneel gemeten. Door optimalisatie van de mestverwijdering uit de stal wordt verwacht dat de emissiereductie van 53% in ieder geval behaald wordt. Dit wordt ook bevestigd door validatiemetingen van TAUW BV en FarmGasLive BV vanuit het validatieproject ‘Emissiearme kalverstallen- praktijktoetsing en validatie’, wat door de Provincie Noord-Brabant gesubsidieerd is. Uit metingen in de praktijkstal van Maatschap Thelosen- van Haren blijkt dat dit huisvestingssysteem de ammoniakemissie met 50% reduceert. Daarnaast wordt geur met 68%, methaan met 82% en fijnstof met 12% gereduceerd. De resultaten van het project zijn in juni 2022 opgeleverd. In het Sbv rapport is aangegeven dat volgens de experts een reductiepercentage van 50% voor ammoniak wordt verwacht. Op bedrijfslocatieniveau is de inschatting dat een reductie van 65% behaald wordt, dit is een ruime marge waarmee bij een tegenvallende reductie van het innovatieve systeem alsnog gemiddeld aan de IOV-eisen voldaan wordt. Naar verwachting kan met het emissiearme systeem daarom voldaan worden aan de eisen uit de IOV.

Beschikking

Gelet op artikel 5.13, eerste lid van de Interim Omgevingsverordening Noord- Brabant besluiten Gedeputeerde Staten de hardheidsclausule toe te passen om af te wijken van de eisen gesteld in artikel 2.69, eerste lid van de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant voor toepassing van het innovatieve emissiearme huisvestingssysteem, de urine doorlatende mestband met V-vormige, ondiepe mestkelder ten behoeve van stal 7 van vleeskalverhouderij Maatschapen Thelosen- Van Haren, aan de Kerkendijk 143, 5712 RE te Someren onder de volgende voorwaarden:

Voorwaarden

1. De totale bedrijfsvoering wordt uitgevoerd zoals in het aangepaste verzoek ‘Onderbouwing ammoniakemissie vleeskalverenstal in het kader van de aanvraag onder de hardheidsclausule Provincie Noord-Brabant' daterend van 7 juli 2022 is omschreven. De tekst van het besluit is bepalend.

2. Indien de ammoniakemissiereductie niet de beoogde 50% bedraagt worden in overleg met de provincie Noord-Brabant optimalisatiemogelijkheden verkend zoals de afdraaifrequentie van de mestband, met als doel de beoogde reductie van 50% te behalen.

3. De ammoniakemissie wordt gemeten in 2 fasen. Fase 1 betreft een ontwikkel- en optimalisatiefase met continue metingen die beschikbaar gesteld worden. Fase 2 betreft validatiemetingen overeenkomstig het meetprotocol ‘Protocol voor meting ammoniakemissie uit huisvestingssystemen in de veehouderij 2013a, Wageningen Livestock Research’ of het bij de start van de metingen geldende meetprotocol.

4. Minimaal 1 maand voorafgaand aan de ingebruikname van de stal is vastgelegd op welke wijze toezicht op de realtime meetresultaten plaatsvindt door de ODZOB, in overleg met de meetinstantie, gemeente en provincie.

Volledigheidshalve wijzen we erop dat de werkingsduur voor deze toepassing van de hardheidsclausule IOV geldt voor maximaal 20 jaar na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning (onderdeel milieu) of melding activiteitenbesluit voor het toepassen van de urine doorlatende mestband met V-vormige, ondiepe mestkelder voor stal 7.

Bezwaar

Bezwaren tegen dit besluit kunnen binnen zes weken na de bekendmaking van dit besluit worden ingediend bij:

Het college van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant

Secretariaat van de hoor- en adviescommissie

Postbus 90151

5200 MC te ‘S-HERTOGENBOSCH

Wij vragen u om op de linkerbovenhoek van de envelop het woord "bezwaarschrift" te vermelden.

Het bezwaarschrift moet zijn voorzien van een handtekening, naam en adres van de indiener, de dagtekening en ons kenmerk van het besluit. Ook dient u een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar gericht is en de gronden van het bezwaar hierin op te nemen. Daarnaast vragen wij u vriendelijk om een kopie van dit besluit bij te voegen. Kunt u ons ook uw telefoonnummer geven? De provincie kan dan, mocht dit nodig zijn, u bellen om samen de beste aanpak van behandeling van uw bezwaarschrift te bespreken.

Meer informatie over de behandeling van bezwaarschriften vindt u op www.brabant.nl/bezwaar. U kunt het secretariaat van de Hoor- en adviescommissie bereiken via telefoonnummer (073) 680 83 04, faxnummer (073) 680 76 80 en e mailadres bezwaar@brabant.nl.

Voorlopige voorziening

Bovenstaand besluit treedt in werking, ook al wordt een bezwaarschrift ingediend. Het is daarom mogelijk om gelijktijdig met of na het indienen van een bezwaarschrift een zogenaamde “voorlopige voorziening” te vragen bij: de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Oost-Brabant, sector Bestuursrecht, Postbus 90125, 5200 MA 's-Hertogenbosch.

Een voorlopige voorziening is in feite het nemen van een tijdelijke maatregel, bijvoorbeeld het schorsen van het besluit gedurende de tijd die nodig is om de bezwaren te behandelen en daarop een besluit te nemen. Voorwaarde om zo’n voorlopige voorziening te vragen is, dat er sprake is van spoedeisend belang. Voor het vragen van een voorlopige voorziening is griffierecht verschuldigd

's-Hertogenbosch, 28 maart 2023, Namens deze: Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant

Naar boven