Gedeputeerde Staten van Noord-Holland;
Gelet op ex artikel 3.18 van de wet natuurbescherming bestrijden Nijlgans
Wij besluiten om onze opdracht van 10 december 2018 met kenmerk 1151887/1151928 te wijzigen.
Om bij het uitvoeren van de opdracht ook gebruik te kunnen maken van een geweer voorzien van een geluiddemper, wordt het volgende besluitpunt toegevoegd:
- 2a.
daartoe op grond van artikel 3.26, lid 3 van de Wnb aan Stichting Faunabeheereenheid Noord-Holland ontheffing te verlenen van het verbod van artikel 3.13, lid 4 van het Bnb om het geweer te gebruiken voorzien van een geluiddemper
Wij wijzigen voorschrift 3, zodat deze nu als volgt luidt:
- 3.
Op de naleving van het in of krachtens de wet gestelde wordt toezicht gehouden door de toezichthouders van de Regionale Uitvoeringsdienst Noord-Holland Noord. De gebruiker van de opdracht moet op of nabij het veld waar de uitvoerders gerechtigd tot uitvoering zijn ter plaatse waar deze een der handelingen verricht waartoe de opdracht strekt, aan genoemde toezichthouders op eerste aanvrage een kopie van de opdracht, de machtiging, de originele jachtakte en/of valkeniersakte en relevante grondgebruikersverklaringen tonen. Deze documenten hiertoe aantoonbaar aanwezig te zijn op of nabij het veld waar de uitvoerders gerechtigd tot uitvoering zijn. Met uitzondering van de jachtakte en valkeniersakte mogen genoemde documenten langs elektronische weg, leesbaar worden getoond.
Tevens wijzigen wij voorschrift 7 van het besluit met kenmerk 1151887/1261669, d.d. 27 september 2019. Voorschrift 7 wordt tekstueel aangepast en opgedeeld in voorschrift 7, en de nieuwe voorschriften 8 en 9:
- 7.
het gebruik van het geweer ter uitvoering van het onderhavige besluit binnen de begrenzing van de door de Gedeputeerde Staten aangewezen ganzenfoerageergebieden1 is buiten de onderstaande perioden toegestaan:
- a.
Van 1 november tot en met 31 maart;
- b.
Wanneer in de volgende perioden onderstaande soorten in het ganzenfoerageergebied aanwezig zijn:
- i.
van 1 april tot en met 30 april: de brandgans (Branta leucopsis);
- ii.
van 1 april tot en met 31 mei: de rotgans (Branta bernicla)
- 8.
het gebruik van het geweer ter uitvoering van het onderhavige besluit binnen de begrenzing van de door de Gedeputeerde Staten aangewezen ganzenfoerageergebieden2 is binnen de perioden als beschreven in voorschrift 7 onder de volgende voorwaarden toegestaan:
- a.
Tussen zonsondergang en 12.00 uur ’s middags vindt er geen uitvoering van de opdracht plaats;
- b.
Uitvoering vindt enkel plaats wanneer een afstand van tenminste 500 meter tot zich op de grond bevindende of foeragerende grauwe ganzen, brandganzen, kolganzen en/of rotganzen in acht kan worden genomen;
- c.
na zonsondergang vindt geen uitvoering van de opdracht plaats
- 9.
Indien ganzenfoerageergebieden, al dan niet gedeeltelijk, overlappen met Natura 2000-gebieden waarvoor op grond van de Natuurbeschermingswet 1998 of de Wet natuurbescherming een vergunning is afgegeven voor de handelingen zoals mogelijk gemaakt door dit besluit, is het in de voorschriften 7 en 8 bepaalde niet van toepassing.
De geldigheid van het besluit passen wij als volgt aan:
De opdracht geldt vanaf de dag na verzending tot 30 november 2029.
Voor het overige blijft het besluit met kenmerk 1151887/1151928, d.d. 10 december 2018, en het besluit met kenmerk 1151887/1261669, d.d. 27 september 2019, gelijk.
Voor de leesbaarheid is in de bijlage een geconsolideerde versie van de besluiten met kenmerk 1151887/1151928, d.d. 10 december 2018, de besluiten met kenmerken 1151887/1261669, d.d. 27 september 2019, en het besluit met kenmerk 1878792/1878800, d.d. 1 augustus 2022, inclusief de in het voorliggende wijzigingsbesluit genoemde aanpassingen, toegevoegd als bijlage bij dit besluit.