Beschikking omgevingsvergunning milieuneutraal wijzigen van de inrichting

Onderwerp

Op 26 juli 2022 is een aanvraag voor een omgevingsvergunning ontvangen van Van der Wiel Holding B.V.. Het betreft het aanleggen van een vloeistofdichte vloer. De aanvraag heeft betrekking op De Meerpaal 11 te Drachten. De aanvraag is geregistreerd onder olo-nummer 7152323.

Besluit

Wij besluiten, gezien de overwegingen die zijn opgenomen in deze vergunning en gelet op de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), de daarop betrekking hebbende uitvoeringsbesluiten en -regelingen aan Van der Wiel Holding BV een (omgevings)vergunning:

  • -

    op grond van artikel 2.1, eerste lid, onder e, onder 2° (het veranderen of veranderen van de werking van een inrichting) en artikel 2.14, vijfde lid juncto artikel 3.10, derde lid (milieuneutrale wijziging) te verlenen voor het aanleggen van een vloeistodichte vloer. Aan de verlening van de vergunning zijn geen voorschriften verbonden.

Tevens besluiten wij:

  • -

    dat de volgende delen van de aanvraag onderdeel uit maken van deze vergunning:

    • Aanvraagformulier omgevingsvergunning met OLO-nummer 7152323 van 26 juli 2022;

    • Toelichting milieuneutrale melding activiteiten Van der Wiel Holding BV van juli 2022;

    • Inrichtingstekening met nummer 5435_V001 van 9 juni 2022.

Procedure

Deze beschikking tot verlenen van de omgevingsvergunning is voorbereid met de reguliere voorbereidingsprocedure als beschreven in paragraaf 3.2 van de Wabo.

Namens het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Fryslân,

S.G.C. Boender

Afdelingshoofd Vergunningverlening en Specialistisch Advies

Rechtsbeschermingsmiddelen

De bekendmaking van deze beschikking gebeurt door bekendmaking in de Leeuwarder Courant, het Friesch Dagblad en in het Provinciaal blad van Fryslân via www.officielebekendmakingen.nl. De dag na de bekendmaking treedt de beschikking in werking. Binnen zes weken na de bekendmaking kunnen zowel u als belanghebbenden bezwaar maken bij het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Fryslân, postbus 20120 8900 HM Leeuwarden. Het indienen van een bezwaarschrift stelt de werking van de beschikking niet uit. Als u of belanghebbenden niet willen dat de beschikking in werking is in afwachting van de bezwaarprocedure, kan een verzoek om een voorlopige voorziening worden gedaan bij de Rechtbank Noord-Nederland.

Voorschriften en overwegingen

  • 1.

    Overwegingen

  • 1.1.

    Procedurele aspecten

  • 1.1.1.

    Gegevens aanvraag

Op 26 juli 2022 is een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) ontvangen. Het betreft een verzoek van Van der Wiel Holding BV.

Er wordt vergunning gevraagd voor de volgende in de Wabo omschreven activiteit:

  • Het milieuneutraal veranderen van de inrichting of van de werking van de inrichting (artikel 2.1, lid 1, onder e, onder 2° en artikel 2.14, lid vijfde juncto artikel 3.10, derde lid).

  • 1.2.

    Bevoegd gezag

Wij zijn bevoegd gezag voor de inrichting. Dit volgt uit artikel 2.4, tweede lid van de Wabo juncto artikel 3.3 eerste lid van het Bor, op grond van de activiteiten van de inrichting, genoemd in Bijlage I onderdeel C categorie 28.4 onder a 3o en 6o, 28.4 onder b 2o en 28.4 onder c 1o van het Bor.

  • 1.3.

    Beoordeling van de aanvraag

Na ontvangst van de aanvraag hebben wij deze getoetst op volledigheid. Wij zijn van oordeel dat de aanvraag voldoende informatie bevat voor een goede beoordeling van de gevolgen van de activiteit op de fysieke leefomgeving. De aanvraag is dan ook in behandeling genomen.

  • 1.4.

    Procedure

Deze beschikking is voorbereid met de reguliere voorbereidingsprocedure als beschreven in paragraaf 3.2 van de Wabo. Gelet hierop hebben wij overeenkomstig artikelen 3.8 Wabo en 12 Bekendmakingswet de aanvraag digitaal gepubliceerd op internet via https://www.officielebekendmakingen.nl

  • 1.5.

    Adviezen

In de Wabo en het Bor worden bestuursorganen vanwege hun specifieke deskundigheid of betrokkenheid aangewezen als adviseur. Gelet op het bepaalde in artikel 2.26 Wabo, alsmede de artikelen 6.1 tot en met 6.5 van het Bor, hebben wij de aanvraag ter advies gezonden aan de gemeente Smallingerland.

Het advies van de gemeente Smallingerland hebben wij per mail op 30 augustus ontvangen en gaat over het aspect geluid. Dit aspect wordt behandeld bij de inhoudelijke overwegingen.

  • 1.6.

    Wet natuurbescherming

In de Wet natuurbescherming (Wnb) is opgenomen dat deze wet aanhaakt bij de Wabo wanneer:

  • 1.

    een activiteit plaatsvindt in of om een Natura 2000-gebied en deze activiteit de kwaliteit van de habitats en de habitats van soorten verslechtert (handelingen met gevolgen voor beschermde natuurgebieden), en/of;

  • 2.

    een activiteit plaatsvindt waarbij in onvoldoende mate sprake is van het beschermen van inheemse plant- en diersoorten en het bewaken van de biodiversiteit tegen invasieve uitheemse plant- en diersoorten (handelingen met gevolgen voor beschermde plant- en diersoorten).

Een omgevingsvergunning natuur is niet van toepassing wanneer al toestemming op basis van de Wnb is verkregen of gevraagd. Verder is een omgevingsvergunning niet van toepassing wanneer voor het voorgenomen project geen vergunning en ontheffing op grond van de Wnb nodig is.

De gevraagde veranderingen zijn geen project waarvoor op grond van de Wnb een vergunningplicht bestaat. Een omgevingsvergunning natuur voor Natura2000-activiteiten is daarom niet van toepassing.

De verandering vindt plaats binnen het bestaande bouwvlak. De verandering betreft het vervangen van een asfaltvloer door een vloeistofdichte vloer. Er zullen dan ook geen beschermde soorten aanwezig zijn. Voor de verandering hoeft geen ontheffing op grond van de Wnb te worden aangevraagd.

Een omgevingsvergunning natuur voor flora-en fauna-activiteiten is daarom niet van toepassing.

  • 2.

    Overwegingen Milieu

  • 2.1.

    Projectbeschrijving

Het project waarvoor vergunning wordt gevraagd is als volgt te omschrijven:

het aanleggen van een vloeistofdichte vloer.

Een uitgebreide projectomschrijving is opgenomen in de aanvraag om vergunning.

  • 2.2.

    Huidige vergunningsituatie

Voor de inrichting zijn eerder de onderstaande vergunningen verleend dan wel meldingen geaccepteerd:

Soort

Datum

Kenmerk

Onderwerp

Revisievergunning*

12 oktober 2009

842906

Opslag wegenbouwmateriaal /materieel, accepteren en

bewerken afvalstoffen en

grondreiniging

Milieuneutraal veranderen

22 februari 2011

940851

Verandering opslaglokatie puin

Verandering

15 januari 2015

JB/2015/0128

Uitbreiding afvalstromen en

aanpassing voorschriften

afscheiders/putten

Milieuneutraal veranderen

5 juli 2017

2017-FUM0-0020825

Aangepast acceptatie- en

verwerkingsbeleid en ao/ic

Ambtshalve aanpassing

26 november 2019

2019-FUM0-

0032764

Actualisatie LAP3

Ambtshalve aanpassing

9 november 2021

2020-FUM0-0041252

Actualisatie energievoorschriften

De hierboven genoemde vergunningen waar een * bij staat, zijn volgens de Invoeringswet Wabo gelijkgesteld aan een omgevingsvergunning voor onbepaalde tijd.

De milieuvoorschriften van de onderliggende omgevingsvergunningen zijn van overeenkomstige toepassing op de aangevraagde verandering, tenzij de aard van de vergunning en/of de aard van de verandering zich daartegen verzetten.

  • 2.3.

    Activiteitenbesluit

In het Activiteitenbesluit milieubeheer (hierna: Activiteitenbesluit) zijn voor een groot aantal activiteiten, die binnen inrichtingen plaats kunnen vinden, rechtstreeks werkende, algemene regels opgenomen.

De inrichting waarvoor vergunning is aangevraagd, is aangemerkt als een inrichting waarvoor vergunningplicht (type C inrichting) geldt.

De nu aangevraagde verandering betreft geen activiteiten die vallen onder de werkingssfeer van het Activiteitenbesluit. Het betreft hier slechts het aanleggen van een vloeistofdichte vloer en niet het in gebruik hebben van een vloeistodichte vloer. Zodra er stoffen worden opgeslagen op de vloeistofdichte vloer zal het Activiteitenbesluit wel van toepassing zijn.

  • 2.4.

    Toetsingskader milieu

  • 2.4.1.

    Inleiding

De aanvraag heeft betrekking op een milieu neutrale verandering van de inrichting of van de werking van de inrichting als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel e, onder 2° van de Wabo. De Wabo bepaalt in artikel 2.14, vijfde lid dat in afwijking van het eerste tot en met vierde lid de vergunning wordt verleend, wanneer wordt voldaan aan artikel 3.10, derde lid van de Wabo. Dat betekent dat een vergunning wordt verleend met de reguliere procedure, wanneer er sprake is van een verandering van de inrichting of van de werking van de inrichting die niet leidt

  • 1.

    tot andere of grotere nadelige gevolgen voor het milieu dan volgens de geldende vergunning is toegestaan;

  • 2.

    tot een verplichting tot het maken van een milieueffectrapport als bedoeld in hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer;

  • 3.

    tot een andere inrichting dan waarvoor eerder een omgevingsvergunning is verleend.

De aanvraag is getoetst aan deze criteria en wij komen tot de volgende afweging.

  • 2.4.2.

    Toetsing

  • 2.4.3.

    Toetsing gevolgen voor milieu

Geluid

Op 30 augustus heeft de gemeente Smallingerland advies uitgebracht met betrekking tot het aspect geluid. De aanvraag heeft betrekking op het aanleggen van een vloeistofdichte vloer. Er vindt geen wijziging in de activiteiten en indeling van de inrichting plaats. Aangezien er geen wijzigingen plaatsvinden in de indeling en activiteiten zal er geen wijziging plaatsvinden in de geluidsemissie. Bij toekomstige wijzigingen in indeling of activiteiten binnen de inrichting zal een akoestisch onderzoek moeten worden aangeleverd en zal er een zonetoets worden uitgevoerd.

Overige aspecten

Naar aanleiding van de ingediende aanvraag en de daarbij overgelegde gegevens concluderen wij dat de aangevraagde verandering aan bovenstaande voorwaarden voldoet, om de volgende redenen:

De aanvraag heeft betrekking op het aanleggen van een vloeistofdichte vloer. De aanleg gebeurt in voorbereiding op toekomstige veranderingen binnen de inrichting. Er zullen na de aanleg geen wijzigingen in de activeiten en indeling van de inrichting plaatsvinden. Voor de toekomstige wijzigingen zal een revisievergunning worden aangevraagd. Het gebruik van de vloeistofdichte vloer wordt in deze toekomstige procedure meegenomen.

De aanvrager heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat er geen toename zal zijn van de milieubelasting.

De verandering leidt niet tot andere of grotere nadelige gevolgen voor het milieu.

Tevens is er geen reden om milieuvoorschriften aan deze milieuneutrale verandering te verbinden, aangezien aan de voorschriften in de onderliggende vergunningen moet en kan worden voldaan.

  • 2.4.4.

    Toetsing andere inrichting

Op basis van de in de aanvraag opgenomen beschrijving van de verandering is het aannemelijk, dat de verandering niet leidt tot een andere inrichting dan waarvoor eerder een vergunning is verleend.

  • 2.4.5.

    Toetsing milieueffectrapport

Er hoeft bij deze aanvraag geen milieueffectrapport (MER) te worden ingediend. De reden hiervoor is dat de in de aanvraag beschreven voorgenomen veranderingen niet zijn vermeld in de eerste kolom van onderdeel C en/of onderdeel D van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage.

  • 2.4.6.

    Conclusie

Vanuit het toetsingskader dat betrekking heeft op het milieuneutraal veranderen van de inrichting wordt de gevraagde vergunning verleend. Er zijn geen redenen om de omgevingsvergunning te weigeren.

Naar boven