Omgevingsvergunning milieuneutraal veranderen inrichting Mars 35-37 Heerenveen 

  • I.

    Onderwerp

Op 22 juli 2022 is een aanvraag voor een omgevingsvergunning ontvangen van Fonterra Europe manufacturing B.V. Het betreft het milieuneutraal veranderen van de inrichting met betrekking tot de opslag van de werkvoorraad membraanreinigingsmiddelen en de lege emballage daarvan. De aanvraag heeft betrekking op de locatie Mars 35-37 in Heerenveen. De aanvraag is geregistreerd onder olo-nummer 7039499.

  • II.

    Besluit

Wij besluiten, gezien de overwegingen die zijn opgenomen in deze vergunning en gelet op de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), de daarop betrekking hebbende uitvoeringsbesluiten en -regelingen aan Fonterra Europe manufacturing B.V. een (omgevings)vergunning:

  • -

    op grond van artikel 2.1, eerste lid, onder e, sub 2° (het veranderen of veranderen van de werking van een inrichting) en artikel 2.14, vijfde lid, juncto artikel 3.10, derde lid te verlenen voor het veranderen van de opslag van de werkvoorraad membraanreinigingsmiddelen en de opslag van lege emballage daarvan. Aan de vergunning zijn geen voorschriften verbonden.

Tevens besluiten wij dat de volgende delen van de aanvraag onderdeel uitmaken van deze vergunning:

  • aanvraagformulier met aanvraagnummer 7039499, 22 juli 2022;

  • memo Wijziging Filtratiechemicaliën kabinet, IMD, kenmerk PR00536 IMD22001v2, 21 juli 2022;

  • Tekening opslaglocatie, Advies- en Ingenieursbureau Het 4kant, tekeningnummer 99AS-100.

  • III.

    Ondertekening en verzending

Namens het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Fryslân,  

S.G.C. Boender Afdelingshoofd Vergunningverlening en Specialistisch Advies  

Kopie:

Gemeente Heerenveen

Postbus 15000

8440 GA HEERENVEEN

Wetterskip Fryslân

Postbus 36

8900 AA LEEUWARDEN

Brandweer Fryslân

Postbus 612

8901 BK LEEUWARDEN

IMD B.V.

Tweelingenlaan 105

7324 BL APELDOORN

RECHTSBESCHERMINGSMIDDELEN

De bekendmaking van deze beschikking gebeurt door toezending aan de aanvrager. Op de dag na de bekendmaking treedt de beschikking in werking. Binnen zes weken na de bekendmaking kunnen zowel u als belanghebbenden bezwaar maken bij Gedeputeerde Staten van Fryslân, postbus 20120, 8900 HM Leeuwarden. Het indienen van een bezwaarschrift stelt de werking van de beschikking niet uit. Als u of belanghebbenden niet willen dat de beschikking in werking is in afwachting van de bezwaarprocedure, kan een verzoek om een voorlopige voorziening worden gedaan bij de Rechtbank Noord-Nederland.

1. OVERWEGINGEN

1.1. Procedurele aspecten

1.1.1. Gegevens aanvraag

Op 22 juli 2022 is een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) ontvangen. Het betreft een verzoek van Fonterra Manufacturing Europe B.V.

Er wordt vergunning gevraagd voor de volgende in de Wabo omschreven activiteiten:

  • het milieuneutraal veranderen van de inrichting of van de werking van de inrichting (artikel 2.1, eerste lid, onder e, sub 2° en artikel 2.14, vijfde lid juncto artikel 3.10, derde lid).

1.2. Bevoegd gezag

Wij zijn bevoegd gezag voor de inrichting. Dit volgt uit artikel 2.4, tweede lid van de Wabo juncto artikel 3.3, eerste lid van het Besluit omgevingsrecht (Bor), op grond van de activiteiten van de inrichting, genoemd in Bijlage I, onderdeel C, categorie 9.3 van het Bor.

1.3. Beoordeling van de aanvraag

Na ontvangst van de aanvraag hebben wij deze getoetst op volledigheid. Wij zijn van oordeel dat de aanvraag voldoende informatie bevat voor een goede beoordeling van de gevolgen van de activiteit op de fysieke leefomgeving. De aanvraag is dan ook in behandeling genomen.

1.4. Procedure

Deze vergunning is voorbereid met de reguliere voorbereidingsprocedure als beschreven in paragraaf 3.2 van de Wabo. Gelet hierop hebben wij op 30 juli 2022 overeenkomstig artikel 3.8 van de Wabo van de aanvraag kennisgegeven in het Friesch Dagblad en de Leeuwarder Courant en in het Provinciaal blad van de provincie Fryslân via de website https://officielebekendmakingen.nl.

1.5. Adviezen

In de Wabo en het Bor worden bestuursorganen vanwege hun specifieke deskundigheid of betrokkenheid aangewezen als adviseur. Gelet op het bepaalde in artikel 2.26 van de Wabo, alsmede de artikelen 6.1 tot en met 6.5 van het Bor, hebben wij de aanvraag ter advies gezonden aan:

  • college van burgemeester en wethouders van Heerenveen.

Het college van burgemeester en wethouders van Heerenveen heeft geen aanleiding gezien om advies uit te brengen.

1.6. Wet natuurbescherming (Wnb)

De gevraagde veranderingen zijn geen project waarvoor op grond van de Wet natuurbescherming (Wnb) een vergunningplicht bestaat. Een omgevingsvergunning natuur en daarmee vragen van een verklaring van geen bedenkingen voor Natura 2000-activiteiten is daarom niet van toepassing.

2. OVERWEGINGEN MILIEU

2.1. Vergunningplicht

De activiteiten van de inrichting zijn genoemd in Bijlage I, onderdeel B en C van het Bor en Bijlage I van de Richtlijn industriële emissies (Rie). De volgende categorieën zijn relevant voor deze aanvraag:

Categorie

Omschrijving

Categorie 4.4, onder c en j, Bijlage I, onderdeel C van het Bor

Opslag van gevaarlijke stoffen in tanks >10 m3 en opslag van meer dan 10.000 kg gevaarlijke stoffen in verpakking gevaarlijke in een brandcompartiment.

Categorie 9.3, onder a, b en c, Bijlage I, onderdeel C van het Bor

Gedeputeerde Staten zijn bevoegd te beslissen op een aanvraag om een omgevingsvergunning ten aanzien van inrichtingen, behorende tot deze categorie, voor zover het betreft inrichtingen voor:

a. het vervaardigen van melkpoeder, weipoeder of andere gedroogde zuivelproducten met een capaciteit ten aanzien daarvan van 1.500 kg per uur of meer;

b. het vervaardigen van consumptiemelk, consumptiemelkproducten of geëvaporiseerde melk of melkproducten met een melkverwerkingscapaciteit ten aanzien daarvan van 55.000.000 kg per jaar of meer;

c. het concentreren van melk of melkproducten door middel van indamping met een waterverdampingscapaciteit ten aanzien daarvan van 20.000 kg per uur of meer.

Categorie 6.4, onder c van de Rie

c. De bewerking en verwerking van uitsluitend melk, met een hoeveelheid ontvangen melk van meer dan 200 ton per dag (gemiddelde waarde op jaarbasis).

Op grond van categorie 4.4, onder c en j van Bijlage I, onderdeel C van het Bor is sprake van een vergunningplichtige activiteit.

Het betreft een inrichting waartoe een IPPC-installatie behoort zoals genoemd in Bijlage I, categorie 6.4, onder c van de Rie. Om die reden is op grond van artikel 2.1, tweede lid van het Bor sprake van een vergunningplichtige inrichting.

Omdat de inrichting valt onder het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), is volgens het bepaalde in Bijlage I, onderdeel B, onder1, sub a van het Bor sprake van een vergunningplichtige inrichting.

2.2. Projectbeschrijving

Het project waarvoor vergunning wordt gevraagd is als volgt te omschrijven:

het veranderen van de opslag van de werkvoorraad membraanreinigingsmiddelen en de opslag van lege emballage daarvan. In de nieuwe situatie worden IBC-containers met uitsluitend bovenaansluiting gebruikt, waarbij de voorraadtanks op het bordes worden geplaatst en worden de IBC-containers op lekbakken eronder geplaatst. De hoeveelheid gevaarlijke stoffen wijzigt niet.

Lege IBC-containers worden niet meer in deze voorziening opgeslagen, maar in andere bestaande PGS15-opslagen of een nieuwe opslagvoorziening daarvoor (met overkapping en lekbakken) op het buitenterrein.

Een uitgebreide projectomschrijving is opgenomen in de aanvraag om vergunning.

2.3. Huidige vergunningsituatie

Voor de inrichting zijn eerder de onderstaande vergunningen en/of ontheffingen verleend dan wel meldingen geaccepteerd:

Soort

Datum

Kenmerk

Onderwerp

Oprichting

16 mei 2013

01056682

Oprichten en in werking hebben van een kaas- en een weipoederfabriek

Milieuneutrale wijziging

18 november 2013

01094411

Verlengen van hal A

Bouwvergunning

9 juli 2014

PW/2014-FUMO-001438/2014/0062

Realiseren van een fundatie en putkelders voor een proefboring ten behoeve van aardwarmte

Bouwvergunning

19 juni 2017

2017-FUMO-0022455

Plaatsen van een kunststof koe

Milieuneutrale wijziging

7 december 2017

2017-FUM0-0024416

Fonterra: Tank voor ‘process aid’, verplaatsen gasflessenopslag en nieuwe afvalwaterpompput

Milieuneutrale wijziging

28 december 2017

2017-FUM0-0024957

Het verhogen en verbeteren van de bestaande productieprocessen (verhogen kaasproductie en wei-indikking)

Bouwvergunning

9 mei 2018

2018-FUMO-0027314

Fonterra: plaatsen van twee tanks op de tankplaat

Veranderingsvergunning

29 juni 2018

2018-FUM0-0027314

Uitbreiding met een mozzarella fabriek en de productie van UHT-room

Bouwen

15 oktober 2018

2018-FUM0-0028678

Wijziging van de uitbreiding mozzarellafabriek en de productie van UHT-room

Milieuneutrale wijziging

5 februari 2019

2018-FUMO-0030134

Fonterra: plaatsen van een extra etage op het lage productiedak waarin de MCC-ruimte en weifiltratiestap zullen worden geplaatst

Veranderingsvergunning (bouwen en milieu)

21 augustus 2019

2019-FUMO-0033590

Wijzigingen koelinstallaties en uitbreiding warmtepompen, aanpassing salpeterzuur en nog wat kleinere wijzigingen

Veranderingsvergunning

21 januari 2020

2019-FUMO-0035838

Het plaatsen van een PGS 15-opslagcontainer voor IBC-multiboxen en drums op het buitenterrein

Veranderingsvergunning

12 juni 2020

2019FUMO-0036746

Tijdelijke verruiming van de parameters vuilvracht, CZV en Kjeldahl-stikstof in het afvalwater

Veranderingsvergunning

16 juni 2020

2020-FUMO-0038728

Verlenging realisatietermijn van vergunning 2018-FUM0-0027314

Milieuneutrale wijziging

3 februari 2021

2020-FUMO-0047844

Inzetten weiwater als ketelvoedingswater

Milieuneutrale wijziging

8 juni 2021

2021-FUMO-0050222

Wijziging opslag milieugevaarlijke stoffen

Veranderingsvergunning

1 februari 2022

2021-FUMO-0051931

Verlengen termijn verruiming lozingseisen van het afvalwater

De milieuvoorschriften van de onderliggende omgevingsvergunning zijn van overeenkomstige toepassing op de aangevraagde verandering, tenzij de aard van de vergunning en/of de aard van de verandering zich daartegen verzetten.

2.4. Toetsingskader milieu

2.4.1. Inleiding

De aanvraag heeft betrekking op een milieuneutrale verandering van de inrichting of van de werking van de inrichting als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e, sub 2° van de Wabo. De Wabo bepaalt in artikel 2.14, vijfde lid dat in afwijking van het eerste tot en met vierde lid de vergunning wordt verleend, wanneer wordt voldaan aan artikel 3.10, derde lid van de Wabo. Dat betekent dat een vergunning wordt verleend met de reguliere procedure, wanneer er sprake is van een verandering van de inrichting of van de werking van de inrichting die niet leidt:

  • 1.

    tot andere of grotere nadelige gevolgen voor het milieu dan volgens de geldende vergunning is toegestaan;

  • 2.

    tot een verplichting tot het maken van een milieueffectrapport als bedoeld in hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer;

  • 3.

    tot een andere inrichting dan waarvoor eerder een omgevingsvergunning is verleend.

De aanvraag is getoetst aan deze criteria en wij komen tot de volgende afweging.

2.4.2. Toetsing gevolgen voor milieu

Naar aanleiding van de ingediende aanvraag en de daarbij overgelegde gegevens concluderen wij dat de aangevraagde verandering aan bovenstaande voorwaarden voldoet, om de volgende redenen:

Bodembescherming

Met betrekking tot bodembescherming is afdeling 2.4 van het Activiteitenbesluit milieubeheer van toepassing. De aangevraagde verandering voldoet daaraan. Met de omschreven voorzieningen en maatregelen wordt voldaan aan een verwaarloosbaar bodemrisico.

Externe veiligheid

De verandering voorziet in een andere indeling van de bestaande voorziening. In de nieuwe situatie worden IBC-containers met uitsluitend bovenaansluiting gebruikt, van waaruit de voorraadtanks via een pompsysteem worden gevuld. Met dit pompsysteem blijft minder restchemie achter in de IBC en is de kans op morsingen kleiner dan in de huidige situatie. De IBC’s en werkvoorraadtanks staan boven lekbakken. Zuren en basen worden gescheiden van elkaar opgevangen.

Met deze aanvraag wijzigt de hoeveelheid membraanreinigingsmiddelen niet. De aanvraag heeft ook geen betrekking op stoffen die andere gevaarseigenschappen bezitten dan volgens de geldende vergunning zijn toegestaan.

Gebruikte IBC’s voldoen aan de eisen van transportverpakkingen (ADR) en bevatten nog maximaal twee liter restvloeistof. De lege ongereinigde IBC’s zijn op dezelfde wijze gesloten en van alle etiketten en opschriften voorzien als in gevulde toestand. Daarmee zijn eventuele gevaren uitgesloten.

Geluid

Voor de inrichting gelden de geluidnormen zoals opgenomen in hoofdstuk 2 van de voorschriften behorend bij de vergunning van 29 juni 2018 met kenmerk 0027314.

De aanvraag voorziet in een andere indeling van de bestaande voorziening voor de opslag van de werkvoorraad membraanreinigingsmiddelen en een opslagvoorziening van lege emballage. De opslaghoeveelheid wijzigt niet.

Gelet op het bovenstaande, de locatie van de voorzieningen en de ligging van de geluidimmissiepunten zoals opgenomen in de geluidvoorschriften van de vergunning van 29 juni 2018, is het voldoende aannemelijk dat aan de geldende geluidvoorschriften kan worden voldaan.

Overige milieuaspecten

De aanvrager heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat er voor de overige milieuaspecten geen toename zal zijn van de milieubelasting.

De verandering leidt niet tot andere of grotere nadelige gevolgen voor het milieu dan op grond van de geldende vergunningen is toegestaan.

Tevens is er geen reden om milieuvoorschriften aan deze milieuneutrale verandering te verbinden, aangezien aan de voorschriften in de onderliggende vergunning wordt voldaan.

2.4.3. Toetsing andere inrichting

Op basis van de in de aanvraag opgenomen beschrijving van de verandering is het aannemelijk, dat de verandering niet leidt tot een andere inrichting dan waarvoor eerder een vergunning is verleend.

2.4.4. Toetsing milieueffectrapport

Er hoeft bij deze aanvraag geen milieueffectrapport (MER) te worden ingediend. De reden hiervoor is dat de in de aanvraag beschreven voorgenomen veranderingen niet zijn vermeld in de eerste kolom van onderdeel C en/of onderdeel D van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage.

3. Conclusie

Vanuit het toetsingskader dat betrekking heeft op het milieuneutraal veranderen van de inrichting wordt de gevraagde vergunning verleend. Er zijn geen redenen om de omgevingsvergunning te weigeren.

Naar boven