Besluit van provinciale staten van Zuid-Holland van 8 maart 2023 tot wijziging van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening in verband met de Definitieve Herziening Omgevingsbeleid Module Soortenbeleid (Wijziging Zuid-Hollandse Omgevingsverordening module soortenbeleid)

Provinciale Staten van Zuid-Holland,

 

Gelezen het voorstel van Gedeputeerde Staten van 24 januari 2023, met het besluitnummer PZH-2023-824554335;

 

Gelet op artikel 2.6 en artikel 2.8 van de Omgevingswet en artikel 143 van de Provinciewet;

 

Overwegende dat het vigerende Omgevingsbeleid wordt gewijzigd door de Module Soortenbeleid;

 

Overwegende dat effectief en goed georganiseerd faunabeheer van belang is, onder meer ter voorkoming van veiligheidsrisico’s en schade aan landbouw en natuur;

 

Overwegende dat nieuwe stedelijke ontwikkelingen naast bedreigingen ook kansen dienen te bieden voor biodiversiteit;

 

Besluiten:

Artikel I  

De Zuid-Hollandse Omgevingsverordening wordt gewijzigd zoals is aangegeven in bijlage 1 behorende bij dit besluit.

Artikel II  

De toelichting bij de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening wordt gewijzigd zoals is aangegeven in bijlage 2 behorende bij dit besluit.

Artikel III  

  • 1.

    Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag na uitgifte van het Provinciaal blad waarin dit besluit is bekendgemaakt.

  • 2.

    Als dit besluit voor het tijdstip van inwerkingtreding van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening wordt bekendgemaakt, dan treedt dit besluit in werking op het tijdstip dat de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening in werking treedt.

  • 3.

    In afwijking van het eerste lid treedt dit besluit op een bij besluit van gedeputeerde staten te bepalen tijdstip in werking, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Artikel IV  

  • 1.

    Gedeputeerde staten kunnen, indien dit noodzakelijk is voor de bekendmaking op grond van artikel 6 van de Bekendmakingswet en de beschikbaarstelling op grond van artikel 14.5 van het Omgevingsbesluit ondergeschikte technische wijzigingen aanbrengen, zonder de aard, bedoeling of werking van de regels te veranderen.

  • 2.

    Als toepassing is gegeven aan het eerste lid brengen gedeputeerde staten samenhangende besluiten, waaronder voorbereidingsbesluiten en het Delegatiebesluit Zuid-Hollandse Omgevingsverordening met de technische wijzigingen in overeenstemming.

Artikel V  

Dit besluit wordt aangehaald als: Wijziging Zuid-Hollandse Omgevingsverordening Module Soortenbeleid.

Den Haag, 8 maart 2023

Provinciale Staten van Zuid-Holland,

plv. griffier,

F. Kas

voorzitter,

drs. J. Smit

Bijlage I behorende bij artikel I van het besluit van provinciale staten tot wijziging van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening in verband met de Herziening Omgevingsbeleid Module Soortenbeleid

 

De Zuid-Hollandse Omgevingsverordening wordt als volgt gewijzigd:

 

A.

In artikel 3.188, tweede lid, vervalt onderdeel m, onder vervanging van een puntkomma aan het slot van onderdeel l. door een punt.

 

B.

In artikel 3.190, eerste lid, worden twee onderdelen toegevoegd, onder vervanging van een punt aan het slot van onderdeel e. door een puntkomma:

  • f.

    lokvogels;

  • g.

    middelen waarmee lokgeluiden kunnen worden gemaakt.

C.

In artikel 3.191 vervalt het tweede lid, onder vernummering van het derde lid tot het tweede lid.

 

D.

Er wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 7.45ca (kansen voor biodiversiteit)

Een omgevingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, betrekt daarbij de mogelijkheden voor het bevorderen van de biologische diversiteit.

 

E.

 

In artikel 8.1 wordt een lid toegevoegd, luidende:

 

  • 6.

    De faunabeheereenheid legt de door haar uit te voeren werkzaamheden vast in een werkplan voor minimaal drie en maximaal 6 jaren.

F.

In artikel 8.2 wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 4.

    De voorzitter van de faunabeheereenheid wordt benoemd door het bestuur van de faunabeheereenheid, op voordracht van gedeputeerde staten.

G.

Artikel 8.10 komt te luiden:

 

Artikel 8.10 (geldigheidsduur faunabeheerplan)

Een faunabeheerplan heeft een geldigheidsduur van ten hoogste tien jaren.

 

Den Haag, 8 maart 2023

 

Provinciale Staten van Zuid-Holland,

 

Griffier

B.S.M. Sepers

 

Voorzitter

drs. J. Smit

Naar boven