Toewijzing verzoek om toepassing van de hardheidsclausule IOV voor de geitenhouderij aan de Wooijstraat 9 te Herpen

Op 24 januari 2022 is een verzoek ontvangen van Vennekes Geiten om toepassing van de hardheidsclausule op basis van de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant (hierna IOV). Er is een verzoek ingediend om af te wijken van de technische eisen als bedoeld in artikel 2.66, eerste lid van de IOV ten behoeve van de gerenoveerde geitenstal nummer 4 aan de Wooijstraat 9 te Herpen.

Bevoegdheid

Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant (hierna: GS) kunnen op basis van artikel 5.13, eerste lid van de IOV in individuele gevallen afwijken van de IOV. De hardheidsclausule kan worden ingezet wanneer naar het oordeel van GS de onverkorte toepassing van de IOV leidt tot buitenproportionele gevolgen voor individuele gevallen, mits dit geen negatieve invloed heeft op de doelen waarvoor de regels zijn vastgesteld en deze hierdoor niet worden geschaad.

Overwegingen

Het verzoek is beoordeeld, waarbij is besloten dat het verzoek om toepassing van de hardheidsclausule wordt toegewezen. Hieronder wordt de afweging van het besluit uitgelegd. Vennekes Geiten is een geitenhouderij met een milieuvergunning uit 2008 voor het houden van 1.945 melkgeiten en 400 opfokgeiten tot 1 jaar verdeeld over 3 stallen. De vergunning is onherroepelijk geworden op 14 oktober 2009, waarna de bestaande stal nummer 4 nagenoeg in lengte is verdubbeld om de uitbreiding in het aantal dieren mogelijk te maken. Tijdens het verlengen van de stal met de nieuwbouw is de eindgevel verwijderd. Hierdoor is er één grote ruimte ontstaan waarin de geiten gehouden worden. Gelijktijdig zijn in het reeds bestaande stalgedeelte aanpassingen doorgevoerd. Met de renovatie is het huisvestingssysteem van het bestaande staldeel niet gewijzigd en wordt daarom voor de beoordeling of sprake is van een verouderd huisvestingssysteem uitgegaan van de verleende vergunning in 2005. Er wordt verzocht om de hardheidsclausule toe te passen zodat de 15-jaarstermijn gekoppeld wordt aan de uitbreiding in combinatie met de renovatie, zodat de referentiedatum van 14 oktober 2009 geldt voor heel stal 4.

Naast de vergroting van stal 4 zijn in het bestaande deel diverse (renovatie)werkzaamheden uitgevoerd en vervangingsinvesteringen gedaan. De werkzaamheden omvatten onder andere het renoveren van de melkstal, het aanpassen van de potstal/ inpandige mestopslag, het omwisselen van de wachtruimte, herinrichten van het tanklokaal en bouwen van een nieuw tanklokaal, aanbrengen van een automatische krachtvoerinstallatie, aanbrengen van LED-verlichting, het vervangen van zeilen voor de luchtinlaat en ander groot onderhoud en installatiewerkzaamheden. De wijzigingen werden destijds niet aangemerkt als een nieuwe stal. In de huidige IOV zouden de uitgevoerde wijzigingen wel worden aangemerkt als een nieuwe stal. In de stal is de huisvesting en inpandige mestopslag vernieuwd en aangepast, volgens artikel 2.70 van de IOV is er sprake van een nieuwe stal wanneer de opslagsystemen voor dierlijke mest worden aangepast. Op grond van de IOV moet een verouderd huisvestingssysteem worden aangepast 15 jaar nadat het betreffende systeem voor de eerste keer is vergund door het bevoegd gezegd. Dit betekent dat wanneer een stal is uitgebreid met hetzelfde, maar een nieuwer huisvestingssysteem er twee referentiedata gelden voor hetzelfde huisvestingssysteem. De datum voor het eerder vergunde systeem en de datum voor het later, vanwege uitbreiding, vergunde systeem. Voor onderhavige situatie betekent dit dat datum 23 augustus 2005 geldt voor het oude staldeel en 14 oktober 2009 voor het nieuwe staldeel.

Omdat de 15-jaarstermijn wordt gegund als redelijke afschrijvingstermijn van investeringen en een grote investering in de stal is gedaan, waarbij aanzienlijke wijzigingen in het reeds bestaande deel van stal 4 zijn doorgevoerd, hebben GS besloten de hardheidsclausule toe te passen. Hierdoor wordt de 15-jaarstermijn gekoppeld aan de datum waarop de vergunning voor het nieuwe deel van stal 4 onherroepelijk is geworden. De referentiedatum van 14 oktober 2009 geldt hiermee voor heel stal 4.

Beschikking

Gelet op artikel 5.13, eerste lid van de Interim Omgevingsverordening Noord- Brabant besluiten Gedeputeerde Staten de hardheidsclausule toe te passen om af te wijken van de eisen gesteld in artikel 2.66, eerste lid van de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant voor het gerenoveerde deel van stal 4 van Vennekes Geiten aan de Wooijstraat 9, 5373 LB te Herpen, waardoor de datum van 14 oktober 2009 geldt als uitgangspunt voor de 15-jaarstermijn, zoals gesteld in artikel 2.66 eerste lid IOV. Deze datum geldt daarmee voor de gehele stal 4 zoals deze stal vergund is in de milieuvergunning 4 november 2008, die op 14 oktober 2009 onherroepelijk is geworden.

Bezwaar

Bezwaren tegen dit besluit kunnen binnen zes weken na de bekendmaking van dit besluit worden ingediend bij:

Het college van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant

Secretariaat van de hoor- en adviescommissie

Postbus 90151

5200 MC te ‘S-HERTOGENBOSCH

Wij vragen u om op de linkerbovenhoek van de envelop het woord "bezwaarschrift" te vermelden.

Het bezwaarschrift moet zijn voorzien van een handtekening, naam en adres van de indiener, de dagtekening en ons kenmerk van het besluit. Ook dient u een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar gericht is en de gronden van het bezwaar hierin op te nemen. Daarnaast vragen wij u vriendelijk om een kopie van dit besluit bij te voegen. Kunt u ons ook uw telefoonnummer geven? De provincie kan dan, mocht dit nodig zijn, u bellen om samen de beste aanpak van behandeling van uw bezwaarschrift te bespreken.

Meer informatie over de behandeling van bezwaarschriften vindt u op www.brabant.nl/bezwaar. U kunt het secretariaat van de Hoor- en adviescommissie bereiken via telefoonnummer (073) 680 83 04, faxnummer (073) 680 76 80 en e mailadres bezwaar@brabant.nl.

Voorlopige voorziening

Bovenstaand besluit treedt in werking, ook al wordt een bezwaarschrift ingediend. Het is daarom mogelijk om gelijktijdig met of na het indienen van een bezwaarschrift een zogenaamde “voorlopige voorziening” te vragen bij: de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Oost-Brabant, sector Bestuursrecht, Postbus 90125, 5200 MA 's-Hertogenbosch.

Een voorlopige voorziening is in feite het nemen van een tijdelijke maatregel, bijvoorbeeld het schorsen van het besluit gedurende de tijd die nodig is om de bezwaren te behandelen en daarop een besluit te nemen. Voorwaarde om zo’n voorlopige voorziening te vragen is, dat er sprake is van spoedeisend belang. Voor het vragen van een voorlopige voorziening is griffierecht verschuldigd

 

's-Hertogenbosch, 3 oktober 2022

Namens deze

Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant

Naar boven