Provinciaal blad van Noord-Brabant
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Noord-Brabant | Provinciaal blad 2022, 11421 | andere beschikking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Noord-Brabant | Provinciaal blad 2022, 11421 | andere beschikking |
Afwijzing verzoek om toepassing hardheidsclausule IOV voor een varkenshouderij aan de Hoog-Beugt 15, te Heeswijk-Dinter
Op 5 augustus 2020 is een verzoek ontvangen van VOF van der Biezen, door tussenkomt van DLV-advies, om toepassing van de hardheidsclausule op basis van de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant (hierna IOV). Naar aanleiding van het niet voldoen aan het Besluit emissiearme huisvesting (Beh) op 19 juli 2017 moet het bedrijf aan de Hoog-Beugt 15 te Heeswijk-Dinther per 1 januari 2020 voldoen aan de emissie-eisen in de IOV. Er wordt verzocht om de datum waarop de stallen aan de IOV-eisen moeten voldoen uit te stellen naar 1 januari 2024 conform artikel 2.66 eerste lid.
Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant (hierna: GS) kunnen op basis van artikel 5.13, eerste lid van de IOV in individuele gevallen afwijken van de IOV. De hardheidsclausule kan worden ingezet wanneer naar het oordeel van GS de onverkorte toepassing van de IOV leidt tot buitenproportionele gevolgen voor individuele gevallen, mits dit geen negatieve invloed heeft op de doelen waarvoor de regels zijn vastgesteld en deze hierdoor niet worden geschaad.
Het verzoek is beoordeeld, waarbij is besloten dat het verzoek om toepassing van de hardheidsclausule wordt afgewezen. Hieronder wordt de afweging van het besluit uitgelegd.
Tijdens controles door de Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN) op 26 november 2019 en 6 juli 2020 is geconstateerd dat niet werd voldaan aan de emissiewaarden uit het Besluit emissiearme huisvesting (Beh), doordat de inrichting niet overeenkomstig de omgevingsvergunning van 2017 in werking was. Gezien deze constatering is het aannemelijk dat het bedrijf ook op de peildatum 19 juli 2017 niet aan het Beh voldeed. Op 15 juni 2021 heeft er een hercontrole bestuurlijke maatregel plaatsgevonden, naar aanleiding van de last onder dwangsom. Hierbij is geconstateerd dat de overtreding is opgeheven en nu op inrichtingsniveau voldaan wordt aan het Beh. Op 27 juli 2020 heeft de ODBN het bedrijf aangeschreven voor het overtreden van artikel 2.66, tweede lid van de IOV. Doordat het bedrijf op de peildatum van 19 juli 2017 niet aan de eisen van het Beh voldeed, moet met ingang van 1 januari 2020 voldaan worden aan de eisen uit de IOV wat betreft het gemiddeld voldoen op bedrijfsniveau of het voldoen van elke stal die 15 jaar of ouder is. Bedrijven die op 19 juli 2017 wel voldeden aan het Beh moeten op 1 januari 2024 voldoen aan deze eisen.
Er is een verzoek om toepassing van de hardheidsclausule, volgens artikel 5.13 van de IOV, ingediend. Dit verzoek maakt onderdeel uit van de zienswijze tegen de brief van 27 juli 2020 van de ODBN. Hierin wordt verzocht om uitstel, zodat vanaf 1 januari 2024 voldaan moet worden aan de eisen uit de IOV. In de zienswijze wordt aangegeven dat de ondernemer in december 2017 eigenaar is geworden van de locatie, waardoor het niet voldoen aan het Beh buiten de invloedssfeer ligt. Daarnaast wordt gesteld dat de peildatum van 19 juli 2017 op een zodanige manier in de tekst van de Verordening natuurbescherming was opgenomen dat bedrijven die op een later moment zijn gaan voldoen aan de Beh in aanmerking kwamen voor de uitgestelde werking van de emissie-eisen. In het verzoek wordt aangegeven dat direct na de overname van het bedrijf is geprobeerd om tijdig te voldoen aan de emissie-eisen. Op 30 oktober 2019 is er voor de locatie een aanvraag ingediend om de omgevingsvergunning milieuneutraal te wijzigen. Deze kon echter niet doorgezet worden omdat de m.e.r.-rapportage ontbrak, waarop de aanvraag werd ingetrokken. Op 21 september 2020 is een aanvraag voor de omgevingsvergunning ingediend, welke is verleend op 11 februari 2022. In deze vergunning zijn 6 opties opgenomen, waarvan met opties 3, 4 en 6 voldaan kan worden aan de eisen in de IOV.
Wij hebben de argumenten overwogen en zijn tot de conclusie gekomen dat de omstandigheden niet dermate uitzonderlijk zijn dat deze toepassing van de hardheidsclausule rechtvaardigen. Ten tijde van de aankoop van het bedrijf had de ondernemer kunnen en moeten weten dat de varkenshouderij niet aan de wettelijke eisen voldeed. Daarnaast stond de peildatum 19 juli 2017 expliciet opgenomen in de toelichting van de Verordening natuurbescherming, daarna is de datum in 2019 opgenomen in de regels van de (Interim) omgevingsverordening. Dit is echter geheel niet van belang gelet op het feit dat het bedrijf vanwege de omvang onder de Richtlijn industriële emissie (IPPC) valt. Voor veehouderijen die hieronder vallen geldt dat deze al sinds eind 2007 moesten voldoen aan maximale emissiewaarden zoals opgenomen in het Beh en haar voorloper het Besluit ammoniakemissie huisvesting veehouderij (Bahv). Het gedoogbeleid volgend uit het Actieplan ammoniak en veehouderij en de daaruit volgende uiterlijk aanpassings- c.q. stopdatum voor stoppende veehouderijen per 1 januari 2020 is nooit van toepassing geweest voor IPPC-bedrijven. Daarnaast kon met de vergunning uit 2010 en 2017 voldaan worden aan de eisen uit het Beh. De emissiearme huisvestingssystemen zijn echter nooit gerealiseerd, waardoor de overtreding van het Beh is ontstaan. De overtreding had spoedig opgelost kunnen worden door de situatie in overeenstemming te brengen met de vergunning. Dit is echter niet gebeurd waardoor op de peildatum van 19 juli 2017 en tijdens de controles in 2019 en 2020 niet aan het Beh werd voldaan.
Om deze redenen hebben Gedeputeerde Staten besloten de hardheidsclausule niet toe te passen. Dit betekent dat het bedrijf conform artikel 2.66 tweede lid IOV per 1 januari 2020 moet voldoen aan de eisen uit de IOV.
Gelet op artikel 5.13, eerste lid van de Interim Omgevingsverordening Noord- Brabant besluiten Gedeputeerde Staten de hardheidsclausule NIET toe te passen om af te wijken van de eisen gesteld in artikel 2.66 tweede lid van de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant.
Bezwaren tegen dit besluit kunnen binnen zes weken na de bekendmaking van dit besluit worden ingediend bij:
Het college van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant
Secretariaat van de hoor- en adviescommissie
Wij vragen u om op de linkerbovenhoek van de envelop het woord "bezwaarschrift" te vermelden.
Het bezwaarschrift moet zijn voorzien van een handtekening, naam en adres van de indiener, de dagtekening en ons kenmerk van het besluit. Ook dient u een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar gericht is en de gronden van het bezwaar hierin op te nemen. Daarnaast vragen wij u vriendelijk om een kopie van dit besluit bij te voegen. Kunt u ons ook uw telefoonnummer geven? De provincie kan dan, mocht dit nodig zijn, u bellen om samen de beste aanpak van behandeling van uw bezwaarschrift te bespreken.
Meer informatie over de behandeling van bezwaarschriften vindt u op www.brabant.nl/bezwaar. U kunt het secretariaat van de Hoor- en adviescommissie bereiken via telefoonnummer (073) 680 83 04, faxnummer (073) 680 76 80 en e mailadres bezwaar@brabant.nl.
Bovenstaand besluit treedt in werking, ook al wordt een bezwaarschrift ingediend. Het is daarom mogelijk om gelijktijdig met of na het indienen van een bezwaarschrift een zogenaamde “voorlopige voorziening” te vragen bij: de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Oost-Brabant, sector Bestuursrecht, Postbus 90125, 5200 MA 's-Hertogenbosch.
Een voorlopige voorziening is in feite het nemen van een tijdelijke maatregel, bijvoorbeeld het schorsen van het besluit gedurende de tijd die nodig is om de bezwaren te behandelen en daarop een besluit te nemen. Voorwaarde om zo’n voorlopige voorziening te vragen is, dat er sprake is van spoedeisend belang. Voor het vragen van een voorlopige voorziening is griffierecht verschuldigd
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2022-11421.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.