Artikel I Wijzigingen
De Subsidieregeling vouchers agrarische bouwpercelen Noord-Brabant wordt als volgt gewijzigd:
A.
In artikel 1, onder a worden de woorden ‘als bedoeld in artikel 1.22 van de Verordening Ruimte Noord-Brabant van 1 augustus 2018’ verwijderd.
B.
Artikel 2 Doelgroep komt te luiden:
Artikel 2 Doelgroep
Een subsidie in de vorm van een voucher kan worden aangevraagd door:
- a.
eigenaren van vrijgekomen agrarische bouwpercelen;
- b.
veehouderijen, al dan niet met een agrarische neventak, die voornemens zijn om de bedrijfsactiviteiten met betrekking tot de veehouderij op hun agrarisch bouwperceel te beëindigen of om te schakelen;
C.
In artikel 7, onder a, wordt “€ 93” vervangen door: € 100.
D.
In artikel 9 wordt “2 april 2019 vanaf 09.00 uur tot en met 9 december 2019, tot 17.00 uur” vervangen door: 10 december 2019 vanaf 09.00 uur tot en met 1 december 2021, tot 17.00 uur.
E.
Artikel 10 Subsidieplafond komt te luiden:
Artikel 10 Subsidieplafond
Gedeputeerde Staten stellen het subsidieplafond voor subsidies als bedoeld in artikel 4, voor de periode, genoemd in artikel 9, vast op
€ 1.500.000 met dien verstande dat:
- a.
maximaal € 500.000 van het subsidieplafond wordt toegekend aan aanvragen van de doelgroep genoemd in artikel 2 onder a;
- b.
maximaal € 1.000.000 van het subsidieplafond wordt toegekend aan aanvragen van de doelgroep genoemd in artikel 2 onder b.
F.
Artikel 11 Subsidiehoogte komt te luiden:
Artikel 11 Subsidiehoogte
- 1.
De hoogte van de subsidie voor de kosten voor begeleiding en advies als bedoeld in artikel 4 juncto artikel 7 onder a bedraagt voor:
- a.
aanvragers die btw kunnen verrekenen, een maximum van € 4300 exclusief btw bestaande uit de som van:
- 1°.
100% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 3.000, gelijk aan een maximum van 30 adviesuren;
- 2°.
65% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 1.300, gelijk aan een maximum van 20 adviesuren.
- b.
aanvragers die geen btw kunnen verrekenen, een maximum van € 5.203 inclusief btw bestaande uit de som van:
- 1°.
100% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 3.630, gelijk aan een maximum van 30 adviesuren;
- 2°.
65% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 1.573, gelijk aan een maximum van 20 adviesuren.
- 2.
Onverminderd het eerste lid wordt, indien sprake is van staatssteun, maximaal slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt dat voor het totale bedrag aan subsidies over een periode van drie belastingjaren het maximumbedrag aan de de-minimissteun van € 20.000 voor ondernemingen in de landbouwsector niet wordt overschreden.
- 3.
Onverminderd het eerste lid wordt, indien sprake is van staatssteun, maximaal slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt dat voor het totale bedrag aan subsidies over een periode van drie belastingjaren het maximumbedrag aan de de-minimissteun van € 200.000 voor ondernemingen niet wordt overschreden.
G.
In artikel 13, tweede lid wordt ‘8 weken’ vervangen door: 26 weken.