Gedeputeerde Staten van Noord-Holland,
overwegende,
dat wij op grond van artikel 2 van de Scheepvaartverkeerswet het bevoegd gezag zijn van de Amstel;
dat wij als bevoegd gezag krachtens artikel 5 van de Scheepvaartverkeerswet kunnen besluiten tot het aanbrengen of verwijderen van verkeerstekens;
dat in mei 2019 de bouw van de nieuwe Brug Ouderkerk aan de Amstel begint en volgens de planning in week 39 wordt afgerond;
dat tijdens de bouw de verkeerstekens A.2, A.9, B.8 met onderbord F.3 van Bijlage 7 van het Binnenvaartpolitiereglement aan weerszijden van de bouwlocatie langs de Amstel worden geplaatst;
dat de bouwtijd langer is dan 13 weken, zodat op grond van het Besluit administratieve bepalingen scheepvaartverkeer een verkeersbesluit moet worden genomen;
dat wij onze beslissing hebben getoetst aan de door de Scheepvaartverkeerswet beschermde onderstaande belangen:
- a.
het verzekeren van de veiligheid en het vlotte verloop van het scheepvaartverkeer;
- b.
het in stand houden van scheepvaartwegen en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;
- c.
het voorkomen of beperken van schade door de scheepvaart aan de waterhuishouding, oevers en waterkeringen of werken gelegen in of over scheepvaartwegen;
en mede aan het belang van het voorkomen of beperken van:
- d.
hinder of gevaar in het scheepvaartverkeer voor personen die zich anders dan op een schip te water bevinden;
- e.
schade door het scheepvaartverkeer aan de landschappelijke of natuurwetenschappelijke waarden van een gebied waarin scheepvaartwegen zijn gelegen;
dat met de verwijdering/plaatsing van de verkeerstekens de hierboven onder a., b. en c. genoemde belangen worden verzekerd;
dat er, voor zover bekend, geen sprake is van andere relevante belangen die het nemen van dit besluit in de weg staan;
gelet op de Scheepvaartverkeerswet, het Binnenvaartpolitiereglement en het Besluit administratieve bepalingen scheepvaartverkeer;
besluiten: