Start van deze pagina
Skip navigatie, ga direct naar de Inhoud

Overheid.nl - de wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden.

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Tekstgrootte
+


Jaargang 2018
Nr. 7537

Gepubliceerd op 12 oktober 2018 09:00





Besluit van Gedeputeerde Staten van de provincie Flevoland houdende regels omtrent fysieke investeringen Openstelling POP3 maatregel 2 Fysieke investeringen voor innovatie en modernisering van agrarische ondernemingen

 

Besluit tot Openstelling van Hoofdstuk 2 § 2 ‘Fysieke investeringen voor innovatie en modernisering van agrarisch ondernemingen’ van de Subsidieverordening POP3 Flevoland 2014-2020

 

Gedeputeerde Staten van Flevoland;

 

Overwegende dat:

 

Het wenselijk is dat landbouwers fysiek kunnen investeren in innovatie en modernisering van agrarische ondernemingen;

 

Zij gebruik willen maken van de mogelijkheid die artikel 1.3 van de Subsidieverordening POP3 Flevoland biedt om een openstellingsperiode, een subsidieplafond en nadere regels vast te stellen;

 

Gelet op artikel 1.3 van de Subsidieverordening POP3 Flevoland 2014-2020.

 

Besluiten:

 

Artikel 1. Openstellingsperiode

Open te stellen: Hoofdstuk 2, Maatregelen § 2 ‘Fysieke investeringen voor innovatie en modernisering van agrarisch ondernemingen’ van de Subsidieverordening POP3 Flevoland 2014-2020 - verder te noemen de uitvoeringsregeling – voor de periode van maandag 29 oktober 2018 9:00 uur tot en met vrijdag 11 januari 2019 17:00 uur.

Artikel 2. Subsidieplafond

Het subsidieplafond voor de in artikel 1 genoemde periode bedraagt € 2.430.000,- bestaande uit 50% ELFPO middelen en 50% provinciale cofinanciering.

Artikel 3. Subsidiabele activiteiten

  • 1.

    Subsidie kan worden verstrekt voor fysieke investeringen voor de bredere uitrol van innovaties binnen de agrarische sector.

  • 2.

    Subsidie wordt uitsluitend verstrekt indien de activiteit betrekking heeft op tenminste één van de volgende thema’s:

    • a.

      verschuiving van de bestaande kostenreductiestrategie naar een meerwaardestrategie, met nieuwe marktconcepten, nieuwe verdienmodellen, meerwaardecreatie;

    • b.

      beter beheer van productierisico's, versterking van de positie van de primaire producent in, de handelsketen, verminderen van markt-falen;

    • c.

      maatregelen die leiden tot een geringer grondstoffengebruik of een meer gesloten kringloop, met als resultaat een emissievermindering van milieubelastende stoffen naar bodem, lucht en grond- en oppervlaktewater (zoals broeikasgassen, ammoniak, nutriënten en bestrijdingsmiddelen) en minder uitputting van hulpbronnen en grondstoffen (zoals water, fosfaat en bodemvruchtbaarheid);

    • d.

      klimaatmitigatie (vermindering van de uitstoot van broeikasgassen door een zuiniger energieverbruik, reductie van het gebruik van fossiele energie door omschakeling naar hernieuwbare energie, productie van hernieuwbare energie)

    • e.

      behoud en versterking van biodiversiteit en omgevingskwaliteit.

Artikel 4. Begunstigde

Subsidie wordt verstrekt aan landbouwers

Artikel 5. subsidiabele kosten

Subsidie wordt verstrekt voor de volgende kosten:

  • a.

    kosten voor bouw of verbetering van onroerende zaken;

  • b.

    kosten voor verwerving of leasing van onroerende zaken;

  • c.

    kosten voor aankoop van grond.

  • d.

    kosten van koop of huurkoop van nieuwe machines en installaties tot maximaal de marktwaarde van de activa;

  • e.

    algemene kosten als bedoeld in artikel 1.12a;

  • f.

    kosten voor projectmanagement en projectadministratie.

  • g.

    kosten van verwerving of ontwikkeling van computersoftware;

  • h.

    kosten van verwerving van octrooien, licenties, auteursrechten of merken;

  • i.

    kosten van koop van tweedehands machines en installaties tot maximaal de marktwaarde van de activa;

  • j.

    voorbereidingskosten.

Artikel 6. hoogte subsidie

  • 1.

    De subsidie bedraagt 40 % van de subsidiabele kosten;

  • 2.

    Geen subsidie wordt verleend indien de na de beoordeling berekende subsidie lager is dan € 100.000. De te verlenen subsidie bedraagt maximaal € 250.000;

Artikel 7. Selectiecriteria

Gedeputeerde staten hanteren voor de rangschikking als bedoeld in artikel 1.15 van de Uitvoeringsregeling P0P3 subsidies Flevoland de volgende criteria, die nader zijn beschreven in de toelichting bij dit besluit: effectiviteit, efficiëntie, kans op succes / haalbaarheid, mate van innovativiteit.

 

  • a.

    Effectiviteit

    De effectiviteit van de activiteit is afhankelijk van de projectbijdrage aan de beleidsdoelstellingen van de openstelling.

    Score:

    0 punten: de projectresultaten dragen zeer gering bij aan de beleidsdoelstellingen van de openstelling;

    1 punt: de projectresultaten dragen gering bij aan de beleidsdoelstellingen van de openstelling;

    2 punten: de projectresultaten dragen matig bij aan de beleidsdoelstellingen van de openstelling;

    3 punten: de projectresultaten dragen voldoende bij aan de beleidsdoelstellingen van de openstelling;

    4 punten: de projectresultaten dragen goed bij aan de beleidsdoelstellingen van de openstelling

    5 punten: de projectresultaten dragen zeer goed bij aan de beleidsdoelstellingen van de openstelling.

  • b.

    kans op succes/ haalbaarheid

    Of een project haalbaar is, kan worden bepaald aan de hand van de kwaliteit van het projectplan en is mede afhankelijk van de concrete situatie/omstandigheden waar het project plaats zal vinden. Er wordt in samenhang gekeken naar de volgende aspecten:

     

    De mate waarin de innovatie direct inpasbaar en toepasbaar is op het bedrijf van de aanvrager. Hierbij wordt gelet op

    *de aansluiting op de bedrijfsvoering

    *het te verwachten rendement van de investering

     

    De behoefte aan de innovatie in de bedrijfstak waar de aanvrager onderdeel van uitmaakt. Hierbij wordt gelet op

    *noodzaak

    *kansen

    *risico’s van de innovatie

     

    De wijze waarop over de (effecten van) de investering wordt gecommuniceerd waardoor andere landbouwers kennis nemen van de innovatie. Daarbij wordt met name gelet op

    *de voorbeeldfunctie die de aanvrager kan vervullen

    *de rol van erfbetreders (afnemers, leveranciers).

     

    Score

    0 punten bij zeer geringe score op genoemde aspecten

    1 punt bij geringe score op genoemde aspecten

    2 punten bij matig score op genoemde aspecten

    3 punten bij een voldoende score op genoemde aspecten

    4 punten bij een goede score op genoemde aspecten

    5 punten bij een zeer goede score op genoemde aspecten

 

  • c.

    efficiëntie

    Bij dit criterium wordt beoordeeld of de input (geld, kennis, kunde en overige middelen) efficiënt wordt ingezet om de gewenste output te realiseren. Daarbij wordt bezien of de opgevoerde kosten passend zijn (worden de resultaten met de juiste middelen gehaald); of de proceskosten die in het project gemaakt worden in verhouding staan tot de feitelijke projectkosten en wordt bezien of innen het project op een goede manier gebruik wordt gemaakt wordt van reeds bestaande kennis en kunde.

    Score

    0 punten: Kosten worden niet doelmatig gemaakt en middelen niet doelmatig ingezet. De opgevoerde projectkosten zijn te hoog. Er wordt geen gebruik gemaakt van bestaande kennis en kunde. De aanvrager gaat opnieuw het wiel uitvinden.

    1 punt = gering. De opgevoerde kosten en inzet van middelen zijn onvoldoende doelmatig. Opgevoerde projectkosten zijn hoog. De aanvrager geeft wet blijk van kennis van bestaande kennis en kunde maar gebruikt die kennis niet of nauwelijks bij de uitvoering van het project.

    2 punten = matig. Doelmatigheid van de opgevoerde kosten en middelen is matig. De bestaande kennis en kunde is in kaart gebracht en is gebruikt voor de basis van het projectplan. De opgevoerde projectkosten zijn matig hoog.

    3 punten = voldoende. Doelmatigheid van de opgevoerde kosten en middelen is voldoende. De opgevoerde projectkosten zijn redelijk. De bestaande kennis en kunde is in kaart gebracht en is gebruikt voor de basis van het projectplan.

    4 punten = goed. De doelmatigheid van de opgevoerde kosten is goed, ze staan in goede verhouding tot het doel van de subsidie. Het project wordt efficiënt uitgevoerd. De aanvrager maakt ook tijdens de uitvoering van het project gebruik va de bestaande kennis en kunde.

    5 punten = zeer goed. De opgevoerde kosten zijn zeer doelmatig, de opgevoerde kosten zijn zeer redelijk en er wordt op een zeer goede manier gebruik gemaakt van bestaande kennis en kunde.

 

  • d.

    de mate van de innovativiteit

    Om de mate van innovativiteit te beoordelen wordt in samenhang gekeken naar de aard van de innovatie en het vernieuwende karakter van de innovatie voor Flevoland, de sector of een bedrijf.

    Score

    0 punt: de mate van innovativiteit is gelet op genoemde aspecten zeer gering.

    1 punt: de mate van innovativiteit is gelet op de genoemde aspecten gering.

    2 punten: de mate van innovativiteit is gelet op de genoemde aspecten matig.

    3 punten: de mate van innovativiteit is gelet op de genoemde aspecten voldoende.

    4 punten: de mate van innovativiteit is gelet op de genoemde aspecten goed.

    5 punten: de mate van innovativiteit is gelet op de genoemde aspecten zeer goed.

Artikel 8. de puntensystematiek

Na sluiting van de openstellingstermijn worden alle aanvragen beoordeeld op basis van de selectiecriteria uit artikel 7 en in een bepaalde rangorde op een lijst geplaatst. Het puntentotaal per project wordt samengesteld uit de te behalen punten op basis van deze methodiek:

Criterium effectiviteit

1-5 punten, gewicht 3

Criterium kans op succes

1-5 punten, gewicht 3

Criterium efficiëntie

1-5 punten, gewicht 3

Criterium mate van innovativiteit

1-5 punten, gewicht 2

Artikel 9. Adviescommissie

Gedeputeerde Staten stellen voor de rangschikking van de subsidieaanvragen als bedoeld in artikel 1.15 van de Uitvoeringsregeling P0P3 subsidies Flevoland een adviescommissie in als bedoeld in artikel 1.14 van de Uitvoeringsregeling P0P3 Flevoland.

Artikel 10. Weigeringsgronden

Onverminderd het bepaalde in artikel 1.8 van de Uitvoeringsregeling POP-3 Flevoland wordt subsidie geweigerd als het gewogen aantal behaalde punten, zoals berekend op basis van artikel 8, lager is dan 33.

Artikel 11. Overige verplichting

De subsidie ontvanger is verplicht het project te hebben afgerond binnen 2 jaar na beschikken van het project. 

Artikel 12. Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin hij wordt geplaatst.

Aldus vastgesteld in de vergadering van Gedeputeerde Staten van provincie Flevoland van 2 oktober 2018.

Aldus vastgesteld In de vergadering van Gedeputeerde Staten van 2 oktober 2018.

Gedeputeerde Staten van Flevoland,

de secretaris,

de voorzitter,

Toelichting

De maatregel ‘Fysieke investeringen voor innovatie en modernisering van agrarische ondernemingen’ uit het Plattelandsontwikkelingsprogramma wordt opengesteld. Met deze openstelling kunnen agrarisch ondernemers subsidie aanvragen voor fysieke investeringen voor innovatie en modernisering van hun bedrijf. De openstelling is gericht op bredere uitrol en verdere verspreiding van innovaties aangezien de provincie recentelijk Samenwerking voor Innovaties heeft opengesteld. De te verlenen subsidie bedraagt maximaal € 250.000. Het subsidiepercentage bedraagt 40%, de aanvrager moet 60% uit eigen middelen bijdragen.

 

De openstellingsperiode loopt van maandag 29 oktober 2018 9:00 uur tot en met vrijdag 11 januari 2019 17:00 uur. In deze periode kunnen aanvragen worden ingediend. De behandeling van de subsidieaanvragen loopt via de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Uiterlijk 22 weken na sluiting van de openstelling worden de beschikkingen afgegeven.

 

Hierbij stimuleren wij geen projecten die behoren bij een goede bedrijfsvoering landbouw praktijk om aan wettelijke verplichtingen te voldoen, of aan wettelijke verplichtingen die in voorbereiding zijn.

 

De openstelling volgt vigerend Flevolands beleid. Deze is te vinden op:

www.flevoland.nl/loket/Provinciaal-Omgevingsplan-Flevoland-2006

 

Flevoland is onder andere gemaakt voor voedselproductie. We hebben hier goed water, optimale drooglegging, vruchtbare grond, goed doordachte verkaveling en ontsluiting. De landbouw is beeldbepalend voor Flevoland. Voor dit gebied selecteerde de overheid de beste boeren uit het hele land. Zij waren uitverkoren om hier te ondernemen op de beste landbouwgrond. Het heeft geleid tot 's werelds hoogste productie en opbrengsten. Het landbouwgebied kreeg binnen en buiten Flevoland een iconische betekenis.

 

De toekomst van de agrosector wordt voor een groot deel internationaal bepaald. Flevoland produceert voor de wereldmarkt. De consumentenvraag staat onder invloed van vele maatschappelijke, politieke en economische factoren. Europa beïnvloedt bijvoorbeeld met haar beleid de markt. De uitkomst van het samenspel van al die factoren is niet goed voorspelbaar. De uitdaging voor de Flevolandse agrosector is om zich maximaal voor te bereiden op alle mogelijke scenario's voor de toekomst.

 

ln de actuele uitwerking van de nieuwe omgevingsvisie Flevoland Straks heeft de landbouw een eigen perspectief. Landbouw: Meerdere Smaken. In 2030 en verder staat Flevoland bekend om haar meerdere smaken in de agrosector, die door haar aanpassingsvermogen vernieuwingen en innovaties voortvarend en snel in praktijk brengt. Dat is de ambitie die nu voorgelegd is aan het gebied en haar bestuurders.

Het versterken van de agrosector in positie, kennis en diversifiëring als ambitie sluit goed aan bij de POP3 thema's a) meerwaardestrategie, b) positie versterking producent en c) gesloten kringloop d) klimaatmitigatie en e)behoud biodiversiteit.

In Flevoland is er gezonde landbouw voor iedereen. We lopen voorop, spelen in op nieuwe ontwikkelingen en werken aan een diverse agrofoodsector. De landbouw heeft respect voor de leefomgeving en is bekend in de wereld. Om die diverse agrofoodketens te bereiken, werken we in Flevoland samen in proeftuinen. Een proeftuin is een community van ondernemers en partijen die zich groeperen rondom de vernieuwing en ontwikkeling van één smaak, bijvoorbeeld natuur inclusieve landbouw of robot farming. Dragers van een proeftuin zijn de ondernemers. Partijen dragen bij en doen mee. Dit geldt ook voor de provincie.

 

Criteria

Er is gekozen voor een selectie van de projecten op basis van criteria effectiviteit, kans op succes, de efficiëntie en mate van innovativiteit.

De selectie van projecten zal plaatsvinden via een zogenaamde 'tendermethode': alle binnen de in artikel 1 genoemde periode ingediende projecten worden, indien ze voldoen aan de subsidievoorwaarden, beoordeeld en er zal een puntentoekenning plaatsvinden. Indien de score tenminste gelijk is aan het minimum aantal punten (artikel 10) komen de projecten voor subsidie in aanmerking. De projecten worden vervolgens gerangschikt aan de hand van het puntentotaal, waarbij de projecten aflopend (hoog naar laag aantal punten) worden gerangschikt. Is het beschikbare subsidieplafond toereikend voor alle voor subsidie in aanmerking komende projecten, dan worden de projecten gerangschikt op hoogte van de score. Bij meerdere projecten met gelijke score prevaleren projecten die hoger scoren op criterium 7c en als dit niet volstaat criterium 7b. Voor zover dit onvoldoende onderscheidend is kan loting plaatsvinden.

 

Adviescommissie

Een adviescommissie wordt samengesteld om de beoordeling van de projecten te doen aan de hand van de opgestelde criteria. De behaalde punten worden gebruikt om de rangorde van de projecten te bepalen.

 

Overige verplichting

Het verkorten van de projectperiode van drie naar twee jaar maakt het mogelijk om in principe sneller de Europese middelen te besteden, de basis van verantwoording naar Europa. Wanneer de subsidieontvanger er bij de uitvoering van het project tegen aanloopt dat het hem niet gaat lukken om binnen 2 jaar het project af te ronden, is hij op grond van artikel 1.17, eerste lid sub i van de POP3 Verordening verplicht om dit tijdig te melden en om uitstel van project realisatie te vragen. Gedeputeerde Staten kunnen dan indien mogelijk de termijn verlengen.

 


SnelzoekenInfo

Snelzoeken
U kunt dit veld gebruiken om te zoeken op
–een vrije zoekterm voor het zoeken op tekst (bijvoorbeeld "milieu")
–een betekenisvolle zoekterm voor het zoeken naar specifieke publicaties (bijvoorbeeld dossiernummer '32123' of 'trb 2009 16').
U kunt termen combineren door EN te zetten tussen de termen (blg 32123 EN milieu).
U kunt zoeken op letterlijke tekst door '' om de term te zetten. ('appellabele toezeggingen').

Voor meer mogelijkheden en uitleg verwijzen wij u naar de help-pagina's van Officiële bekendmakingen op overheid.nl