Wijzigingsbesluit Subsidieverordening inrichting landelijk gebied Limburg 2015 e.v.

Gedeputeerde Staten van Limburg

 

maken ter voldoening aan het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht en de Provinciewet bekend dat zij in hun vergadering van 25 september 2018 hebben vastgesteld:

Wijzigingsbesluit Subsidieverordening inrichting landelijk gebied Limburg 2015 e.v.

Artikel I Wijziging Subsidieverordening inrichting landelijk gebied Limburg 2015 e.v.

De Subsidieverordening investeringen Landelijk Gebied Limburg 2015 e.v. (laatst gewijzigd bij Pb. 2017, nr. 3671) wordt als volgt gewijzigd:

  • A.

    In de bijlage wordt paragraaf 2.1 “Soortenbeleid” gewijzigd en komt als volgt in zijn volledigheid nu te luiden:

2.1 Soortenbeleid

Doel

Realisatie actieve soortenbescherming zoals vastgelegd in hoofdstuk 7.1 van de “Natuurvisie Limburg 2016, Samen bereiken we natuurlijk meer!”

Beoogde activiteiten

  • Eenmalige maatregelen gericht op uitbreiding en instandhouding van de leefgebieden en populaties van soorten, zoals opgenomen bij de ‘Nadere eisen, voorwaarden en verplichtingen’. Het gaat om eenmalige maatregelen die niet via de actueel opengestelde Subsidieverordening Natuur en Landschapsbeheer Limburg (SvNL 2016) of Agrarisch Natuurbeheer (ANB) kunnen worden gerealiseerd.

  • Praktijkgericht onderzoek gericht op de uitbreiding en instandhouding van de leefgebieden en populaties van soorten.

  • Initiatieven binnen de samenleving die het draagvlak voor soorten vergroten.

  • Publicatie van gegevens over soorten.

Aanvrager

Grondeigenaren, grondgebruikers, gemeenten, waterschappen, onderzoeksinstituten, particulieren, instellingen zonder winstoogmerk en intermediërende instellingen (zoals IKL, Bosgroep).

Toepassingsgebied

Gehele provincie Limburg.

Subsidiabele kosten

  • kosten van eenmalige maatregelen, mits het geen productieve investeringen betreft.

  • kosten van praktijkgericht onderzoek.

  • Kosten van initiatieven die maatschappelijk draagvlak voor soorten vergroten.

  • Kosten van publicatie.

Subsidiepercentage/bedrag

Maximaal 50% van de totale subsidiabele kosten.

 

Inzet van vrijwilligersuren kan dienen als cofinanciering/eigen inbreng van de aanvrager op basis van een uurtarief €27,50. De subsidie mag echter niet daadwerkelijk worden ingezet als dekking voor de bijdrage in natura. Deze bijdrage in natura dient door aanvrager zelf gedragen te worden en in de begroting inzichtelijk gemaakt te worden.

Nadere eisen, voorwaarden en verplichtingen; EU-kaders

Het gaat om prioritaire soorten voor de actieve soortenbescherming zoals vermeld in de natuurvisie (boomkikker, knoflookpad, vroedmeesterpad, geelbuikvuurpad, vuursalamander, kamsalamander, zandhagedis, gladde slang, muurhagedis, hamster, bever, otter, eikelmuis, hazelmuis, wilde kat, ingekorven vleermuis, meervleermuis, bechsteins vleermuis, vale vleermuis, grauwe klauwier, oehoe, rode wouw, boomvalk, wespendief, vliegend hert, donker pimpernelblauwtje en patrijs).

 

Van deze lijst kan gemotiveerd worden afgeweken wanneer het gaat om bedreigde soorten die binnen Nederland alleen of in belangrijke mate in Limburg voorkomen.

 

Stapeling van subsidies in het kader van Natuur en landschapsbeheer Limburg (Svnl) en Agrarisch natuurbeheer (ANB) met subsidies voor soortenbeleid is in het kader van deze regeling niet mogelijk.

 

Maatregelen en activiteiten komen slechts dan voor subsidie in aanmerking als verwacht mag worden dat de resultaten relevant en bruikbaar zullen zijn voor bescherming, instandhouding, en ontwikkeling van de bedoelde soorten of hun leefgebieden.

 

Bij eenmalige maatregelen gericht op uitbreiding en instandhouding van de leefgebieden en populaties van soorten, is subsidieontvanger verplicht om een gebied of voorziening gedurende ten minste 10 jaar na subsidievaststelling deugdelijk te beheren en moet bij schade aan de voorziening of verlies van natuurwaarden ten gevolge van ondeugdelijk beheer de subsidie geheel of gedeeltelijk terugbetalen.

 

Aanvrager is een landbouwer of andere ondernemer: geen additioneel EU-kader mits het niet-productieve investeringen betreft; een de-minimis regeling is van toepassing.

 

Indien niet wordt voldaan aan een of meer van bovenstaande voorwaarden, dan zal de subsidieaanvraag worden afgewezen.

 

 

  • B.

    In de bijlage wordt paragraaf 2.5 “Faunabeheer” nieuw toegevoegd en komt als volgt in zijn volledigheid te luiden:

2.5 Faunabeheer

Doel

Realisatie faunabeheer zoals vastgelegd in hoofdstuk 7.3 van de “Natuurvisie Limburg 2016, Samen bereiken we natuurlijk meer!”

Beoogde activiteiten

  • De aanschaf of het plaatsen van duurzame preventieve maatregelen en/of middelen ter voorkoming van schade aan landbouwgewassen of vee, veroorzaakt door in het wild levende beschermde diersoorten.

  • Praktijkgericht onderzoek gericht op het voorkomen van schade aan onder andere gewassen of vee veroorzaakt door in het wild levende beschermde diersoorten.

Aanvrager

Grondeigenaren, grondgebruikers, wildbeheereenheden, faunabeheereenheid en terreinbeheerders.

Toepassingsgebied

Gehele provincie Limburg.

Subsidiabele kosten

  • kosten van middelen of maatregelen om faunaschade te voorkomen.

  • kosten van het plaatsen en onderhouden van preventieve middelen.

  • kosten van praktijkgericht onderzoek naar de preventie van faunaschade.

  • kosten van gebiedsgerichte coördinatie van schadepreventie.

Subsidiepercentage/bedrag

De subsidie bedraagt maximaal 50% van de totale subsidiabele kosten.

 

In het geval van een aanvraag van een individueel agrarisch bedrijf geldt een maximum van € 10.000, - per subsidieaanvraag.

 

Inzet van vrijwilligersuren kan dienen als cofinanciering/eigen inbreng van de aanvrager op basis van een uurtarief €27,50.

De subsidie mag echter niet daadwerkelijk worden ingezet als dekking voor de bijdrage in natura. Deze bijdrage in natura dient door aanvrager zelf gedragen te worden en in de begroting inzichtelijk gemaakt te worden.

 

Nadere eisen, voorwaarden en verplichtingen; EU-kaders

Het gaat alléén om het voorkomen van schade aan landbouwgewassen of vee door in het wild levende beschermde diersoorten in de bedrijfsmatige landbouw.

 

Er is in het afgelopen jaar aantoonbaar schade veroorzaakt door de betreffende diersoorten, en deze steeg uit boven het eigen risico (zoals opgenomen in de beleidsregels tegemoetkoming faunaschade) of er kan op een andere wijze schadedreiging aannemelijk worden gemaakt.

 

Alleen de preventieve maatregelen en/of middelen zoals opgenomen in de Faunaschade-preventiekit van BIJ12 (www.bij12.nl) komen voor subsidiëring in aanmerking.

 

De subsidieontvanger is verplicht om een preventief middel gedurende ten minste 5 jaar na subsidievaststelling deugdelijk te beheren en moet bij schade aan de voorziening ten gevolge van ondeugdelijk beheer de subsidie geheel of gedeeltelijk terugbetalen.

 

Aanvrager is een landbouwer of andere ondernemer: geen additioneel EU-kader mits het niet-productieve investeringen betreft; een de-minimis regeling is van toepassing.

 

Indien niet wordt voldaan aan een of meer van bovenstaande voorwaarden, dan zal de subsidieaanvraag worden afgewezen.

 

Artikel II Overgangsrecht

Voor besluiten die zijn genomen vóór de inwerkingtreding van deze wijziging blijven de bepalingen van de Subsidieverordening inrichting landelijk gebied Limburg 2015 e.v. (Pb. 2017, nr. 3671) van kracht zoals die golden vóór de inwerkingtreding van deze wijzigingen, ook voor de volgende stappen in het subsidietraject.

Artikel III Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking op de dag na de dag van publicatie in het Provinciaal Blad.

 

Aldus besloten in de vergadering van Gedeputeerde Staten, gehouden op 25 september 2018.

Gedeputeerde Staten voornoemd

de voorzitter,

de heer drs. Th.J.F.M. Bovens

secretaris

de heer drs. G.H.E. Derks MPA

Naar boven