Aanwijzen van activiteiten als dienst van algemeen economisch belang (DAEB) in het kader van het Programma Gelderland Sport!

Bekendmaking van het besluit van 4 juli 2017- zaaknummer 2017-009371

 

het volgende overwegende:

 

GEDEPUTEERDE STATEN VAN GELDERLAND

 

de provincie Gelderland investeert de komende jaren in een gezond sportklimaat en in goede sportvoorzieningen;

 

om deze doelstelling te bereiken, stimuleert de provincie de organisatie van sportevenementen in Gelderland; tevens stimuleert zij de organisatie van side-events, gericht op het versterken van de maatschappelijke en economische spin-off van evenementen;

 

de evenementen die de provincie wenst te ondersteunen staan vermeld op de sportevenementenkalender (Provinciaal blad 2017, 882); de voorwaarden waaronder subsidie beschikbaar wordt gesteld zijn vastgelegd in paragraaf 6.25 van de Regels Ruimte voor Gelderland (http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/Historie/Gelderland/CVDR390394/CVDR390394_11.html);

 

de Nederlandse Volleybalbond zal in de komende jaren de organisatie op zich nemen van een aantal volleybalevenementen;

 

subsidiëring van deze sportevenementen kan mogelijk in strijd zijn met Europese staatssteunregels;

 

ingevolge artikel 14 en 106, tweede lid van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, vallen ondernemingen die belast zijn met het beheer van diensten van algemeen economisch belang slechts onder de staatssteunregels voor zover deze regels dat beheer niet verhinderen;

 

om een beroep te kunnen doen op bovengenoemde bijzondere positie moet een onderneming met het beheer van een bepaalde dienst van algemeen economisch belang worden belast;

 

gelet op artikel 158, eerste lid, aanhef en onder a van de Provinciewet;

 

gelet op artikel 14, artikel 106, tweede lid en artikel 165 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie;

 

gelet op het Vrijstellingsbesluit van de Europese Commissie van 20 december 2011, 2012/21/EU (PB EU 2012 L7/3);

 

BESLUITEN ALS VOLGT

 

Artikel 1  

  • 1.

    De volgende diensten zijn als dienst van algemeen economisch belang aangewezen:

Het organiseren van volleybalevenementen die als sportevenement zijn opgenomen op de Gelderse evenementenkalender en uit dien hoofde door de provincie gesubsidieerd worden.

  • 2.

    Deze aanwijzing eindigt van rechtswege wanneer de subsidies die voor bovenstaande activiteiten zijn verleend, definitief zijn vastgesteld en uiterlijk op 1 juli 2027.

  • 3.

    De aangewezen diensten zullen worden uitgevoerd door de Nederlandse Volleybalbond in overeenstemming met de projectplannen die bij de subsidieaanvragen worden ingediend.

  • 4.

    De parameters voor de berekening, de controle en de herziening van de compensatie, zijn als volgt:

De maximale subsidie voor de daeb-activiteiten bestaat uit:

  • a.

    de totale kosten die specifiek aan de daeb-activiteiten zijn toe te rekenen, en

  • b.

    een passende bijdrage aan de niet-specifiek aan de daeb-activiteiten toe te rekenen kosten (gemeenschappelijke vaste kosten).

 

De passende bijdrage wordt als volgt berekend:

 

Ureninzet daeb-activiteiten

_______________________ x gemeenschappelijke vaste kosten

Ureninzet totale activiteiten

 

Om dit inzichtelijk te maken, zal de Nederlandse volleybalbond:

  • een gescheiden boekhouding hanteren (inkomsten en uitgaven gescheiden administreren: daeb-activiteiten - overige activiteiten)

  • de ureninzet in een urenregistratiesysteem opnemen

 

De berekening van de kosten zal plaatsvinden op basis van de Algemene subsidieverordening Gelderland 2016 en hoofdstuk 1 van de Regels Ruimte voor Gelderland 2016. Dat betekent dat alleen kosten die doelmatig, redelijkerwijs nodig en rechtstreeks aan de activiteiten zijn toe te rekenen, worden vergoed. Subsidievaststelling zal plaatsvinden op basis van werkelijke kosten. Eventuele inkomsten die voortvloeien uit de gesubsidieerde activiteiten zullen in mindering worden gebracht op de subsidie.

 

5. De regeling om overcompensatie te vermijden en terug te betalen

  • a.

    Controle op overcompensatie vindt plaats bij de vaststelling van de subsidie en minimaal eens in de drie jaar. In afwijking van artikel 25, eerste lid en artikel 26, eerste lid van de Algemene Subsidieverordening Gelderland, vindt vaststelling steeds plaats aan de hand van een activiteitenverslag en een jaarrekening op grond waarvan de werkelijke kosten en opbrengsten van de gesubsidieerde activiteiten kenbaar zijn, voorzien van een accountantsverklaring waaruit blijkt dat het controleprotocol van de provincie is toegepast.

  • b.

    Ons college vordert betaalde overcompensatie terug en past, indien daar aanleiding toe is, de parameters ter berekening van de compensatie voor de toekomst aan.

  • c.

    De subsidieontvanger wordt verplicht Gedeputeerde Staten onverwijld schriftelijk mee te delen indien te veel is gecompenseerd voor de verrichte dienst van algemeen economisch belang.

 

Artikel 2  

Dit besluit treedt in werking op de dag na publicatie.

 

Gepubliceerd te Arnhem

Gedeputeerde Staten van Gelderland

C.G.A. Cornielje - Commissaris van de Koning

M.M. Rajkowski - plv . secretaris

   

Meer informatie

Provincieloket, telefoonnummer (026) 359 99 99, e-mailadres: post@gelderland.nl.

Rechtsmiddelen

Belanghebbenden kunnen binnen zes weken na dagtekening van dit besluit hiertegen een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift dient te worden gezonden aan Gedeputeerde Staten, secretariaat Commissie van Advies voor Bezwaarschriften en Klachten, Postbus 9090, 6800 GX Arnhem. Op envelop en brief duidelijk "bezwaarschrift" vermelden.

Informatie over de bezwarenprocedure en de mogelijkheid van mediation is te vinden op de website van de provincie Gelderland (www.gelderland.nl). U kunt die informatie, vervat in de brochure "Niet eens met een besluit van de provincie Gelderland? Bezwaarschrift of mediation", ook opvragen bij het Provincieloket via telefoonnummer (026) 359 99 99.

Naar boven