Provinciaal blad van Noord-Brabant

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Noord-BrabantProvinciaal blad 2017, 1855Beleidsregels



Eerste wijzigingsregeling Beleidsregel natuurbescherming Noord-Brabant

Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant;

 

Gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;

 

Overwegende dat Gedeputeerde Staten op 20 december 2016 de Beleidsregel natuurbescherming Noord-Brabant hebben vastgesteld, waarin is vastgelegd op welke wijze Gedeputeerde Staten aan een aantal aan haar, op grond van de Wet natuurbescherming, toegekende bevoegdheden uitvoering zullen geven;

 

Overwegende dat Gedeputeerde Staten op 18 april 2017 de Nota faunabeheer Noord-Brabant hebben vastgesteld waarin de hoofdlijnen en uitgangspunten van het door Gedeputeerde Staten te voeren faunabeheer zijn opgenomen;

 

Overwegende dat Gedeputeerde Staten, op grond van de artikelen 3.3, eerste lid, 3.4, tweede lid, 3.8, eerste lid, 3.9, tweede lid, 3.10, tweede lid, in samenhang met artikel 3.8, eerste lid, van de Wet natuurbescherming, bevoegd zijn ontheffing te verlenen van de in de wet opgenomen verboden ter voorkoming van schade en overlast;

 

Overwegende dat Gedeputeerde Staten, op grond van de artikelen 3.17, eerste lid en 3.18, eerste lid, van de Wet natuurbescherming, bevoegd zijn ontheffing te verlenen van de in de wet opgenomen verboden, respectievelijk opdracht te geven om in afwijking van die verboden, om in bepaalde situaties de omvang van een populatie van bepaalde vogels en dieren te beperken;

 

Overwegende dat Gedeputeerde Staten, op grond van artikel 3.12, zevende lid, van de Wet natuurbescherming bevoegd zijn het faunabeheerplan vast te stellen;

 

Overwegende dat Gedeputeerde Staten, op grond van artikel 3.22, vierde lid, van de Wet natuurbescherming, bevoegd zijn de jacht te sluiten indien de bijzondere weersomstandigheden dat vergen;

 

Overwegende dat Gedeputeerde Staten het, met het oog op deze aan haar toegekende bevoegdheden, wenselijk achten om de in de Nota faunabeheer Noord-Brabant beschreven hoofdlijnen en uitgangspunten van het faunabeheerbeleid, nader te concretiseren en uit te werken zodat alle betrokkenen daar in hun beleid, besluitvorming en initiatieven rekening mee kunnen houden;

 

Overwegende dat Gedeputeerde Staten met het oog daarop de Beleidsregel natuurbescherming Noord-Brabant in die zin wensen te wijzigen dat daaraan een paragraaf wordt toegevoegd;

 

Besluiten vast te stellen de volgende regeling:

Artikel 1 Wijzigingen

De Beleidsregel natuurbescherming Noord-Brabant wordt als volgt gewijzigd:

 

A.

Onder vernummering van § 6 tot § 7 en vernummering van de artikelen 6.1 tot en met 6.3 tot 7.1 tot en met 7.3 wordt een paragraaf ingevoegd, luidende:

 

§ 6 Faunabeheer

 

Artikel 6.1 Begripsbepalingen

In deze paragraaf wordt verstaan onder:

  • a.

    FBE: faunabeheereenheid als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de wet;

  • b.

    faunabeheerplan: faunabeheerplan als bedoeld in artikel 1.1, van de wet;

  • c.

    oppervlaktewater: oppervlaktewateren die een minimale oppervlakte hebben van 5 hectare;

  • d.

    wet: Wet natuurbescherming;

  • e.

    wildbeheereenheden: wildbeheereenheden als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de wet.

     

Artikel 6.2 Ontheffing overlast- of schadeveroorzakende soorten Vogelrichtlijn

Gedeputeerde Staten verlenen, met het oog op de bestrijding van overlast- of schadeveroorzakende vogels, een ontheffing van de verboden, bedoeld in de artikelen 3.1, 3.2, zesde lid en 3.4, eerste lid, van de wet, mits wordt voldaan aan de afwegingskaders en voorwaarden voor de soorten opgenomen in bijlage 1.

 

Artikel 6.3 Ontheffing overlast- of schadeveroorzakende soorten Habitatrichtlijn

Gedeputeerde Staten verlenen, met het oog op de bestrijding van overlast- of schadeveroorzakende strikt beschermde soorten, een ontheffing van de verboden, bedoeld in de artikelen 3.5, 3.6, tweede lid, en 3.9, eerste lid, van de wet, mits wordt voldaan aan de afwegingskaders en voorwaarden voor de soorten opgenomen in bijlage 2.

 

Artikel 6.4 Ontheffing overlast- of schadeveroorzakende andere soorten

Gedeputeerde Staten verlenen, met het oog op de bestrijding van overlast- of schadeveroorzakende nationaal beschermde soorten, een ontheffing van het verbod, bedoeld in artikel 3.10, eerste lid, van de wet, mits wordt voldaan aan de afwegingskaders en voorwaarden voor de soorten opgenomen in bijlage 3.

 

Artikel 6.5 Ontheffing en opdracht voor populatiebeheer

Gedeputeerde Staten verlenen een ontheffing van de verboden, bedoeld in de artikelen 3.1, 3.2, zesde lid, 3.4, eerste lid, 3.5, 3.6, tweede lid, 3.9, eerste lid, en 3.10, eerste lid, of geven een opdracht om, in afwijking van de artikelen 3.1, 3.4, eerste lid, 3.5, 3.9, eerste lid en 3.10, eerste lid, van de wet, de populatie van vogels of dieren te beperken, mits wordt voldaan aan de afwegingskaders en voorwaarden voor de soorten opgenomen in bijlagen 1,2 en 3.

 

Artikel 6.6 Loketfunctie faunabeheereenheid

  • 1.

    Gedeputeerde Staten verlenen een ontheffing als bedoeld in de artikelen 6.2 tot en met 6.5, in principe aan de faunabeheereenheid.

  • 2.

    Gedeputeerde Staten achten de noodzaak voor de tussenkomst van de faunabeheereenheid, bedoeld in het eerste lid, voor het verrichten van handelingen in ieder geval niet aanwezig in de volgende gevallen:

    • a.

      voor schade- of overlastbestrijding binnen de bebouwde kom of binnen gebouwen;

    • b.

      voor de bestrijding van overige schade, niet zijnde schade aan gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden en wateren;

    • c.

      voor onderzoek en onderwijs;

    • d.

      voor de opvang van inheemse dieren.

       

Artikel 6.7 Beslistermijnen

Gedeputeerde Staten nemen bij het beslissen op een aanvraag om ontheffing als bedoeld in de artikelen 6.2 tot en met 6.5, in afwijking van artikel 5.1 van de wet, de volgende termijnen in acht:

  • a.

    bij een ontheffing op voorhand geldt een termijn van acht weken;

  • b.

    bij een incidentele ontheffing geldt een beslistermijn van twintig werkdagen.

     

Artikel 6.8 Voorschrift ontheffing ivm sluiting jacht

Gedeputeerde Staten verbinden aan de te verlenen ontheffing het voorschrift dat bij sluiting van de jacht tegelijk de ontheffing kan worden opgeschort voor die soorten waarvan zij van mening zijn dat de instandhouding in gevaar is als gevolg van de bijzondere weersomstandigheden.

 

Artikel 6.9 Goedkeuring faunabeheerplan

Gedeputeerde Staten verlenen goedkeuring aan het faunabeheerplan als bedoeld in artikel 3.12, zevende lid, van de wet, mits het plan voldoet aan:

  • a.

    de Wet natuurbescherming;

  • b.

    de Verordening natuurbescherming Noord-Brabant;

  • c.

    de voorwaarden en uitgangspunten zoals deze zijn vastgelegd in de Nota faunabeheer Noord-Brabant.

     

Artikel 6.10 Sluiting van de jacht bij winterse omstandigheden

  • 1.

    Gedeputeerde Staten besluiten tot sluiting van de jacht op:

    • a.

      alle wildsoorten indien sprake is van:

      • sneeuwbedekking voor meer dan 90%, langer dan eenentwintig dagen;

      • bevroren sneeuw voor meer dan 90%, langer dan zeven dagen;

      • ijzel op sneeuw voor meer dan 90%, langer dan zeven dagen;

    • b.

      de wilde eend indien sprake is van ijsbedekking op open water, rivieren, sloten en kanalen, voor meer dan 50% en langer dan zeven dagen.

  • 2.

    Onverminderd het eerste lid, kunnen Gedeputeerde Staten ook andere omstandigheden, zoals de aanwezigheid en bereikbaarheid van voedsel bij haar besluit betrekken.

  • 3.

    Gedeputeerde Staten sluiten de jacht, bedoeld in het eerste lid, voor de gehele provincie of een deel daarvan en sluiten daarbij zoveel mogelijk aan bij de grenzen van de wildbeheereenheden.

  • 4.

    Gedeputeerde Staten nemen in het besluit, bedoeld in het eerste lid, op of er nog gebruik kan worden gemaakt van de provinciale vrijstelling en verleende ontheffingen.

  • 5.

    Voordat Gedeputeerde Staten een besluit als bedoeld in het eerste lid nemen, wordt advies gevraagd aan de FBE en eventueel andere, onafhankelijke, instanties.

     

Artikel 6.11 Sluiting van de jacht bij langdurige warmte

  • 1.

    Gedeputeerde Staten besluiten tot sluiting van de jacht indien de luchttemperatuur voor ten minste meer dan zeven achtereenvolgende dagen elke dag 25 graden of hoger is.

  • 2.

    Gedeputeerde Staten sluiten de jacht, bedoeld in het eerste lid, alleen in delen van de provincie waar het risico op optreden of verspreiden van botulisme hoog is vanwege hoge temperaturen van het oppervlaktewater van 20° Celsius of warmer.

  • 3.

    Gedeputeerde Staten nemen in het besluit, bedoeld in het eerste lid, op of er nog gebruik kan worden gemaakt van de provinciale vrijstelling en verleende ontheffingen.

  • 4.

    Voordat Gedeputeerde Staten een besluit als bedoeld in het eerste lid nemen, wordt advies gevraagd aan de FBE en eventueel andere, onafhankelijke, instanties.

     

Artikel 6.12 Intrekking beluit sluiting jacht

  • 1.

    Gedeputeerde Staten kunnen het besluit tot sluiting van de jacht intrekken.

  • 2.

    Gedeputeerde Staten vragen voordat zij een besluit als bedoeld in het eerste lid nemen, advies aan de FBE en eventueel andere, onafhankelijke, instanties.

     

B.

De volgende bijlagen worden toegevoegd:

 

Bijlage 1 behorende bij Beleidsregel natuurbescherming Noord-Brabant

 

Afwegingskaders en voorwaarden beheer soorten Vogelrichtlijn

 

Aalscholver,  Phalacrocorax carbo

 

Provinciaal beleid

Van de aalscholver is bekend dat deze schade kan veroorzaken aan het belang van de bedrijfsmatige visserij of viskwekerijen en ook schade aan inheemse (vis)soorten. Vanwege het ontbreken van schadehistorie verlenen GS enkel incidentele ontheffing voor vangen en/of doden ter voorkoming van belangrijke schade aan bedrijfsmatige visserij of ter bescherming van de flora en fauna.

 

GS kunnen opdracht verlenen in geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren;

  • Ter bescherming van flora of fauna.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Matige afname (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014);

  • Stabiel (trend broedvogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Onzeker (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014);

 

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

  • Overnetting;

  • Fysieke verjaging.

Periode(n) en tijdstippen

  • bij ontheffing te bepalen.

Gebied

Gehele provincie, op locaties waar sprake van concrete dreigende schade of gevaar voor de volksgezondheid of openbare veiligheid.

Middelen en methoden

Middelen en methoden voor vangen of doden zoals voor deze soort benoemd in het goedgekeurde faunabeheerplan en welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend indien:

  • de verspreiding, de ontwikkelingen in de populatie, alsmede de daadwerkelijke omvang van schade of invloed op wettelijke belangen is aangetoond en onderbouwd in een goedgekeurd faunabeheerplan;

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort op regionaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Brandgans , Branta leucopsis

 

Provinciaal beleid

Schadebestrijding:

Ontheffing op voorhand (voor verjaging met ondersteunend afschot).

 

Incidentele ontheffing mogelijk ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen.

 

Populatiebeheer:

De grootte van de (duurzame) broedpopulatie dient in evenwicht te zijn met een acceptabel schade- en veiligheidsniveau.

Als uitgangspunt voor de brandgans wordt het schadeniveau 2011 aangehouden (5 a 6.000 euro).

Bij benadering was de populatieomvang ca. 4.000 exemplaren.

 

Op basis van een ganzengebiedsplan, als onderdeel van een goedgekeurd faunabeheerplan, kan ontheffing op jachtveldniveau worden verleend voor reducerende maatregelen.

GS kunnen opdracht verlenen in geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid of in het belang van de veiligheid van het luchtverkeer.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer;

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren;

  • Ter bescherming van flora of fauna.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

Bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

Sterke toename (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

Bron 1: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

Bron 2: Zomerganzentelling FBE (alleen gebruiken als trendindicatie)

Bron 1: Sterke toename (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014).

 

Bron 2: Schommelend rond 2.500 ex. (periode 2013-2016).

 

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

  • Visuele en akoestische middelen;

  • Maatregelen als beschreven in de Faunaschadepreventiekit Ganzen (www.BIJ12.nl/faunafonds).

Periode(n) en tijdstippen

15 februari - 31 oktober

Gebied

Gebieden met concrete dreigende schade op basis van een faunabeheerplan van de FBE (m.u.v. rust- en foerageergebieden in de periode 1 november tot 1 april).

Middelen en methoden

Middelen en methoden voor vangen of doden zoals voor deze soort benoemd in het goedgekeurde faunabeheerplan en welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend of opdracht wordt alleen gegeven indien:

  • de verspreiding, de ontwikkelingen in de populatie alsmede de daadwerkelijke omvang van schade, de noodzaak tot of invloed op wettelijke belangen is aangetoond en onderbouwd in een goedgekeurd faunabeheerplan;

  • in geval van regulatie van de omvang van de broedpopulatie, enkel op basis van een ganzengebiedsplan, als onderdeel van een goedgekeurd faunabeheerplan,

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet, of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort ook op regionaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Canadese gans , Branta canadensis

 

Provinciaal beleid

De Canadese gans is landelijk vrijgesteld.

 

Populatiebeheer:

De grootte van de (duurzame) broedpopulatie dient in evenwicht te zijn met een acceptabel schade- en veiligheidsniveau. In geval van de Canadese gans is dit schadeniveau nul.

 

Aanvullend op de vrijstelling kan door GS opdracht worden gegeven of ontheffing worden verleend om alle wettelijk toegestane maatregelen in te zetten, zoals koppelreductie, legselreductie en vangen en doden van ruiende ganzen.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer;

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren;

  • Ter bescherming van flora of fauna.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

 N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Matige toename (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014);

  • Sterke toename (trend broedvogelmonitoring periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

Bron 1: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

Bron 2: zomerganzentelling FBE (alleen gebruiken als indicatie van een trend!)

  • Bron 1: Sterke toename (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014);

  • Bron 2: min of meer stabiel op 10.000 ex. (periode 2013-2016).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

  • Visuele en akoestische middelen;

  • Maatregelen als beschreven in de Faunaschade Preventiekit Ganzen (www.BIJ12.nl/faunafonds).

Periode(n) en tijdstippen

Gehele jaar vrijgesteld; gebruik van het geweer van zonsopgang tot zonsondergang.

Gebied

Gehele provincie.

Middelen en methoden

Toegestane middelen onder vrijstelling (als opgenomen in artikel 3.3. lid 1 Regeling natuurbescherming)

  • geweren(wettelijk toegestane kalibers hagel en kogelgeweren);

  • honden, niet zijnde lange honden;

  • haviken, slechtvalken en woestijnbuizerds

 

Onder ontheffing of bij opdracht:

Middelen en methoden voor vangen of doden zoals voor deze soort benoemd in het goedgekeurde faunabeheerplan en welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Met betrekking tot de landelijke vrijstelling; de voorwaarden opgenomen in artikelen 3.1, 3.2, 3.3 en 3.4 Regeling Natuurbescherming.

 

Ontheffing wordt alleen verleend indien:

  • aangetoond is dat gebruikmaking van de vrijstelling (en de daaraan gekoppelde beperkingen) niet afdoende kan zijn;

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn.

  

 

Ekster, Pica pica

 

Provinciaal beleid

Door het ontbreken van schadecijfers zal voor deze soort in Noord-Brabant geen ontheffing op voorhand kunnen worden verleend.

Voor deze soort zal eerst inzicht moeten komen in het voorkomen en de aantallen, alsmede de omvang van de schade welke de soort veroorzaakt.

 

Een incidentele ontheffing bij regionaal optredende of dreigende belangrijke schade aan gewassen kan wel worden aangevraagd.

Wettelijke belangen

Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

Stabiel (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

Matige toename (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Maatregelen als beschreven in Faunaschade Preventiekit Kraaiachtigen (www.BIJ12.nl/faunafonds).

Periode(n) en tijdstippen

Bij ontheffing te bepalen.

Gebied

Bij ontheffing te bepalen.

Middelen en methoden

Bij ontheffing te bepalen, waarbij geldt dat enkel middelen en methoden voor vangen of doden worden toegepast welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort ook op regionaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Fazant, Phasianus colchius

 

Provinciaal beleid

GS streven voor deze soort naar een duurzame instandhouding van de populatie, waarbij tevens wordt geborgd dat belangrijke landbouwschade en risico’s voor het luchtverkeer wordt voorkomen.

 

Jachtwildsoort.

De jacht op fazanthanen is geopend van 15 oktober t/m 31 januari, de jacht op -hennen van 15 oktober t/m 31 december.

Jacht is afdoende voor beperking van landbouwschade.

 

Wanneer de jacht is gesloten kan slechts een incidentele ontheffing ter voorkoming van risico’s voor het luchtverkeer worden aangevraagd.

Wettelijke belangen

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

Matige afname (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

Matige afname (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Indien reguliere bejaging aantoonbaar niet kan leiden tot voorkoming van risico’s voor het luchtverkeer.

 

Preventieve maatregelen als opgenomen in de Handreiking Faunaschade (2009) van het Faunafonds of recentere door het Faunafonds gepubliceerde maatregelen welke passend en doelmatig zijn voor deze soort.

Periode(n) en tijdstippen

Ontheffing kan worden verleend in de periode 1 februari tot 15 oktober.

Gebied

Luchthavens

Middelen en methoden

Bij ontheffing te bepalen, waarbij geldt dat enkel middelen en methoden voor vangen of doden worden toegepast welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend indien:

  • aangetoond is dat reguliere bejaging onvoldoende mogelijk is om risico’s voor het luchtverkeer te voorkomen;

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort op regionaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Gaai, Garrulus glandarius

 

Provinciaal beleid

Door het ontbreken van schadecijfers zal voor deze soorten in Noord-Brabant geen ontheffing op voorhand kunnen worden verleend.

 

Voor deze soort zal eerst inzicht moeten komen in het voorkomen en de aantallen, alsmede de omvang van de schade welke de soort veroorzaakt.

 

Een incidentele ontheffing bij regionaal optredende belangrijke schade aan gewassen kan wel worden aangevraagd.

Wettelijke belangen

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Matige afname (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015);

  • Stabiel (trend broedvogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Stabiel (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Maatregelen als beschreven in Faunaschade Preventiekit Module Kraaiachtigen

(www.BIJ12.nl/faunafonds).

Periode(n) en tijdstippen

Bij ontheffing te bepalen.

Gebied

Bij ontheffing te bepalen.

Middelen en methoden

Middelen en methoden voor vangen of doden zoals voor deze soort benoemd in het goedgekeurde faunabeheerplan en welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend indien:

  • de verspreiding, de ontwikkelingen in de populatie, alsmede de daadwerkelijke omvang van schade, de noodzaak tot of invloed op wettelijke belangen is aangetoond en onderbouwd in een goedgekeurd faunabeheerplan;

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort ook op regionaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Grauwe gans , Anser anser

 

Provinciaal beleid

Schadebestrijding:

Ontheffing op voorhand (voor verjaging met ondersteunend afschot).

 

Incidentele ontheffing mogelijk ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen.

 

Populatiebeheer:

De grootte van de (duurzame) broedpopulatie dient in evenwicht te zijn met een acceptabel schade- en veiligheidsniveau. Als uitgangspunt voor de grauwe gans wordt het schadeniveau 2005 aangehouden (circa 36.000 euro). Bij benadering was de populatieomvang circa 7.500 exemplaren.

 

Omdat het aantal overzomerende grauwe ganzen de laatste jaren snel toeneemt en op dit moment circa 35.000 bedraagt (zomerganzentelling 2016), lijkt aanvullend op het schade gerelateerd beheer, ook reductie van de populatie noodzakelijk. Het terugdringen van de populatie tot het aantal van 7.500 is echter geen doel op zich. Vertrekpunt is wel dat het aantal overzomerende grauwe ganzen moet worden teruggebracht voordat tot een meer duurzaam populatiebeheer kan worden overgegaan.

 

Op basis van een ganzengebiedsplan, als onderdeel van een goedgekeurd Faunabeheerplan, kan voor de duur van één jaar een gequoteerde ontheffing op jachtveldniveau worden verleend voor reducerende maatregelen.

GS kunnen opdracht verlenen in geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid of in het belang van de veiligheid van het luchtverkeer.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer;

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren;

  • Ter bescherming van flora of fauna.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Matige toename (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014);

  • Sterke toename (trend broedvogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

Bron 1: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

Bron 2: Zomerganzentelling FBE (alleen gebruiken als indicatie van een trend!)

  • Bron 1: Matige toename (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014);

  • Bron 2: sterke toename van 24.000 tot 36.000 (periode 2014-2016).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

  • Visuele en akoestische middelen;

  • Maatregelen als beschreven in de Faunaschadepreventiekit Ganzen (www.BIJ12.nl/faunafonds).

Periode(n) en tijdstippen

  • Schadebestrijding: gehele jaar;

  • Populatiebeheer: 15 februari - 31 oktober.

 

Op 12 oktober 2016 is een ontheffing verleend voor aanvullend afschot van grauwe ganzen op jachtveldniveau. Voor de periode van 15 februari tot en met 30 juni 2017 is het afschot hierbij gequoteerd op maximaal 7.500 grauwe ganzen.

Gebied

Gebieden met concrete dreigende schade op basis van een faunabeheerplan van de FBE (met uitzondering van rust- en foerageergebieden in de periode 1 november - 1 april).

Middelen en methoden

Middelen en methoden voor vangen of doden zoals voor deze soort benoemd in het goedgekeurde faunabeheerplan en welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend of opdracht wordt alleen gegeven indien:

  • de verspreiding, de ontwikkelingen in de populatie alsmede de daadwerkelijke omvang van schade, de noodzaak tot of invloed op wettelijke belangen is aangetoond en onderbouwd in een goedgekeurd faunabeheerplan;

  • in geval van regulatie van de omvang van de broedpopulatie, enkel op basis van een ganzengebiedsplan, als onderdeel van een goedgekeurd faunabeheerplan,

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort ook op regionaal niveau niet in het geding kan komen.

 

 

Holenduif, Columba oenas

 

Provinciaal beleid

Ontheffing op voorhand voor gebieden met concrete dreigende schade op grond van een goedgekeurd Faunabeheerplan.

 

Incidentele ontheffing mogelijk ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer;

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Stabiel (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015);

  • Matige toename (trend broedvogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Matige toename (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Maatregelen als beschreven in Faunaschade Preventiekit module Duiven

(www.BIJ12.nl/faunafonds).

Periode(n) en tijdstippen

Bij ontheffing te bepalen.

Gebied

Bij ontheffing te bepalen.

Middelen en methoden

Middelen en methoden voor vangen of doden zoals voor deze soort benoemd in het goedgekeurde faunabeheerplan en welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort op regionaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Houtduif, Columba palumbus

 

Provinciaal beleid

GS streven voor deze soort naar een duurzame instandhouding van de populatie, waarbij tevens wordt geborgd dat belangrijke landbouwschade en risico’s voor het luchtverkeer wordt voorkomen.

 

De soort is aangewezen als jachtwild. Tevens is de soort landelijk vrijgesteld. Jacht en landelijke vrijstelling zijn afdoende ter voorkoming of beperking van belangrijke landbouwschade.

 

Noodzaak tot verdere ontheffingen of opdracht is niet aan de orde, met uitzondering van ontheffing op voorhand ter voorkoming van risico’s voor het luchtverkeer.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer;

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Sterke afname (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015);

  • Stabiel (trend broedvogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Sterke afname (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Maatregelen als beschreven in Faunaschade Preventiekit module Duiven

(www.BIJ12.nl/faunafonds).

Periode(n) en tijdstippen

Gehele jaar vrijgesteld of bejaagbaar; gebruik van het geweer van zonsopgang tot zonsondergang..

Bij ontheffing te bepalen.

Gebied

Luchthavens

 

Middelen en methoden

Toegestane middelen onder vrijstelling (als opgenomen in artikel 3.3. lid 1 Regeling natuurbescherming)

  • wettelijk toegestane kalibers hagelgeweren;

  • honden, niet zijnde lange honden;

  • haviken, slechtvalken en woestijnbuizerds

 

Onder ontheffing of bij opdracht:

Middelen en methoden voor vangen of doden zoals voor deze soort benoemd in het goedgekeurde faunabeheerplan en welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Met betrekking tot de landelijke vrijstelling; de voorwaarden opgenomen in artikelen 3.1, 3.2, 3.3 en 3.4 Regeling natuurbescherming.

 

Ontheffing ter voorkoming van risico’s voor het luchtverkeer wordt alleen verleend indien:

  • aangetoond is dat gebruikmaking van de vrijstelling (en de daaraan gekoppelde beperkingen) niet afdoende kan zijn;

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn.

  

Kauw, Corvus monedula

 

Provinciaal beleid

GS streven voor deze soort naar een duurzame instandhouding van de populatie, waarbij tevens wordt geborgd dat belangrijke landbouwschade en risico’s voor het luchtverkeer wordt voorkomen

 

De kauw is landelijk vrijgesteld.

Landelijke vrijstelling wordt afdoende geacht ter voorkoming of beperking van belangrijke landbouwschade.

Aanvullend kunnen GS een incidentele ontheffing (en/of ontheffing op voorhand voor veiligheid luchtverkeer) verlenen indien de ruimte die de landelijke vrijstelling biedt aantoonbaar onvoldoende is ter bescherming van één van onderstaande wettelijke belangen.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer;

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren;

  • Ter bescherming van flora of fauna.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Stabiel (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015);

  • Matige toename (trend broedvogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

Stabiel (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Maatregelen als beschreven in Faunaschade Preventiekit Kraaiachtigen

(www.BIJ12.nl/faunafonds).

Periode(n) en tijdstippen

Gehele jaar vrijgesteld; gebruik van het geweer van zonsopgang tot zonsondergang.

Gebied

Gehele provincie.

Middelen en methoden

Toegestane middelen onder vrijstelling (als opgenomen in artikel 3.3. lid 1 Regeling natuurbescherming)

  • geweren(wettelijk toegestane kalibers hagel en kogelgeweren);

  • honden, niet zijnde lange honden;

  • haviken, slechtvalken en woestijnbuizerds

 

Onder ontheffing of bij opdracht:

Middelen en methoden voor vangen of doden zoals voor deze soort benoemd in het goedgekeurde faunabeheerplan en welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Met betrekking tot de landelijke vrijstelling; de voorwaarden opgenomen in artikelen 3.1, 3.2, 3.3 en 3.4 Regeling natuurbescherming.

 

Ontheffing wordt alleen verleend indien:

  • aangetoond is dat gebruikmaking van de vrijstelling (en de daaraan gekoppelde beperkingen) niet afdoende kan zijn;

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn.

  

Kleine mantelmeeuw, Larus fuscus

 

Provinciaal beleid

Voor de kleine mantelmeeuw geldt dat deze in bepaalde situaties risico’s voor het luchtverkeer of de volksgezondheid kan veroorzaken.

In dergelijke gevallen verlenen GS een incidentele ontheffing of opdracht in het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid en de veiligheid van het luchtverkeer.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Matige toename (trend broedvogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Onzeker (trend broedvogelmonitoring, periode 2004-2014).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

  • Opzettelijk verstoren;

  • Ongeschikt maken van broedlocaties.

Periode(n) en tijdstippen

Bij ontheffing te bepalen.

Gebied

Bij ontheffing te bepalen.

Middelen en methoden

Incidentele ontheffing: verstoren nesten, wegnemen eieren (art. 3.1, lid 2 Wnb);

 

Ontheffing of opdracht:

Bij ontheffing te bepalen, waarbij geldt dat enkel middelen en methoden voor vangen of doden worden toegepast welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing of opdracht wordt alleen verleend indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort op provinciaal niveau niet in het geding kan komen.

 

 

Knobbelzwaan, Cygnus color

 

Provinciaal beleid

Gezien de beperkte schaal en spreiding van de door knobbelzwanen veroorzaakte schade zullen GS in principe enkel incidentele ontheffing verlenen ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen.

 

Hieraan dient wel een goedgekeurd faunabeheerplan ten grondslag te liggen.

 

In geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid kunnen GS een opdracht verstrekken.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer;

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Stabiel (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014);

  • Matige afname (trend broedvogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Onzeker (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014);

 

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Maatregelen als beschreven in Faunaschade Preventiekit Module Zwanen

(www.BIJ12.nl/faunafonds).

Periode(n) en tijdstippen

Bij ontheffing te bepalen.

Gebied

Bij ontheffing te bepalen.

Middelen en methoden

Middelen en methoden voor vangen of doden zoals voor deze soort benoemd in het goedgekeurde faunabeheerplan en welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing of opdracht wordt alleen verleend indien:

  • de verspreiding, de ontwikkelingen in de populatie, alsmede de daadwerkelijke omvang van schade, de noodzaak tot of invloed op wettelijke belangen is aangetoond en onderbouwd in een goedgekeurd Faunabeheerplan;

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort op provinciaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Kokmeeuw, Chroicocephalus ridibundus

 

Provinciaal beleid

Voor de kokmeeuw geldt dat deze in bepaalde situaties risico’s voor het luchtverkeer of de volksgezondheid kan veroorzaken.

In dergelijke gevallen verlenen GS een incidentele ontheffing of opdracht in het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid en de veiligheid van het luchtverkeer.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Stabiel (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Onzeker (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014);

  • Sterke afname (trend broedvogelmonitoring, periode 2004-2014).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

  • Opzettelijk verstoren;

  • Ongeschikt maken van broedlocaties.

Periode(n) en tijdstippen

Bij ontheffing te bepalen.

Gebied

Bij ontheffing te bepalen.

Middelen en methoden

Incidentele ontheffing: verstoren nesten, wegnemen eieren (art. 3.1, lid 2 Wnb);

 

Ontheffing of opdracht:

Bij ontheffing te bepalen, waarbij geldt dat enkel middelen en methoden voor vangen of doden worden toegepast welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort op provinciaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Kolgans , Anser albifrons

 

Provinciaal beleid

Schadebestrijding:

Ontheffing op voorhand (voor verjaging met ondersteunend afschot).

Incidentele ontheffing mogelijk ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen.

 

Populatiebeheer:

In de zomer is er nog geen sprake van een duurzame populatie. Buiten de gebieden waar de kolgans als doelsoort wordt aangemerkt, wordt er geen duurzame populatie nagestreefd.

Ontheffing op voorhand of incidentele ontheffing wordt enkel verleend op grond van een goedgekeurd Faunabeheerplan.

GS kunnen opdracht verlenen in geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid of in het belang van de veiligheid van het luchtverkeer.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer;

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren;

  • Ter bescherming van flora of fauna;

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Matige toename (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

Bron 1: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

Bron 2: Zomerganzentelling FBE (alleen gebruiken als indicatie van een trend!)

  • Bron 1: Matige toename (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014);

  • Bron 2: zeer beperkt aanwezig (rond 250 ex. Periode 2013 – 2016).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

  • Visuele en akoestische middelen;

  • Maatregelen als beschreven in de Faunaschadepreventiekit Ganzen (www.BIJ12.nl/faunafonds).

Periode(n) en tijdstippen

Gehele jaar.

Gebied

Gebieden met concrete dreigende schade op basis van een Faunabeheerplan van de FBE (met uitzondering van rust- en foerageergebieden in de periode 1 november tot 1 april).

Middelen en methoden

Middelen en methoden voor vangen of doden zoals voor deze soort benoemd in het goedgekeurde faunabeheerplan en welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend of opdracht wordt alleen gegeven indien:

  • de verspreiding, de ontwikkelingen in de populatie alsmede de daadwerkelijke omvang van schade, de noodzaak tot of invloed op wettelijke belangen is aangetoond en onderbouwd in een goedgekeurd Faunabeheerplan;

  • in geval van regulatie van de omvang van de broedpopulatie, enkel op basis van een ganzengebiedsplan, als onderdeel van een goedgekeurd faunabeheerplan,

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort ook op regionaal niveau niet in het geding kan komen.

 

Meerkoet, Fulica atra

 

Provinciaal beleid

Gezien de beperkte schaal en spreiding van de door meerkoeten veroorzaakte schade zullen GS in principe enkel incidentele ontheffing verlenen ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen.

Hieraan dient wel een goedgekeurd Faunabeheerplan ten grondslag te liggen.

 

In geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid kan een opdracht worden verstrekt.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren;

  • Ter bescherming van flora of fauna.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Stabiel (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014);

  • Matige afname (trend broedvogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Matige toename (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Preventieve maatregelen als opgenomen in de Handreiking Faunaschade (2009) van het Faunafonds of recentere door het Faunafonds gepubliceerde maatregelen welke passend en doelmatig zijn voor deze soort.

Periode(n) en tijdstippen

Bij ontheffing te bepalen.

Gebied

Bij ontheffing te bepalen.

Middelen en methoden

Middelen en methoden voor vangen of doden zoals voor deze soort benoemd in het goedgekeurde faunabeheerplan en welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing of opdracht wordt alleen verleend indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort op provinciaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Rietgans , Anser fabalis

 

Provinciaal beleid

Gezien het beperkte voorkomen en de onzekere staat van instandhouding van deze soort worden in principe door GS geen ontheffingen voor vangen, doden of aantasten van verblijfplaatsen verleend. Aangenomen wordt dat schade voldoende kan worden voorkomen of bestreden door middel van opzettelijke verstoring.

GS kunnen opdracht verlenen in geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid of in het belang van de veiligheid van het luchtverkeer.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer;

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

Sterke afname (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

Bron 1: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

Bron 2: Zomerganzentelling FBE (alleen gebruiken als indicatie van een trend!)

  • Bron 1: sterke afname (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014);

  • Bron 2: niet aangetroffen (periode 2013-2016).

 

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

  • Visuele en akoestische middelen;

  • Maatregelen als beschreven in de Faunaschadepreventiekit Ganzen (www.BIJ12.nl/faunafonds).

Periode(n) en tijdstippen

N.v.t.

Gebied

N.v.t.

Toe te stane middelen

N.v.t.

Voorwaarden/voorschriften

Opdracht wordt alleen gegeven indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort ook op regionaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Roek, Corvus frugilegus

 

Provinciaal beleid

Incidentele ontheffing mogelijk ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen.

 

Een ontheffing op voorhand kan worden verleend voor specifiek omschreven gebieden met concrete dreigende schade op basis van een faunabeheerplan van de faunabeheereenheid. Voor deze soort zal echter eerst inzicht moeten komen in het voorkomen en de aantallen, alsmede de omvang van de schade en overlast welke de soort veroorzaakt.

 

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer;

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Matige afname (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015).

  • Matige afname (trend broedvogelmonitoring 2004-2014)

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

Bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl 

 

  • Matige afname (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015).

  • Matige afname (trend broedvogelmonitoring 2004-2014)

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Maatregelen als beschreven in Faunaschade Preventiekit Kraaiachtigen

(www.BIJ12.nl/faunafonds).

Periode(n) en tijdstippen

Bij ontheffing te bepalen.

Gebied

Bij ontheffing te bepalen.

Middelen en methoden

Middelen en methoden voor vangen of doden zoals voor deze soort benoemd in het goedgekeurde faunabeheerplan en welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend indien:

  • de verspreiding, de ontwikkelingen in de populatie, alsmede de daadwerkelijke omvang van schade, de noodzaak tot of invloed op wettelijke belangen is aangetoond en onderbouwd in een goedgekeurd faunabeheerplan;

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort op provinciaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Rotgans, Branta bernicla bernicla

 

Provinciaal beleid

Gezien het lokale voorkomen en de toch onzekere staat van instandhouding van deze soort worden in principe door GS geen ontheffingen voor vangen, doden of aantasten van verblijfplaatsen verleend. Aangenomen wordt dat schade voldoende kan worden voorkomen of bestreden middels opzettelijke verstoring.

GS kunnen opdracht verlenen in geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid of in het belang van de veiligheid van het luchtverkeer.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer;

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Stabiel (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

Bron 1: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

Bron 2: Zomerganzentelling FBE (alleen gebruiken als indicatie van een trend!)

  • Bron 1: Onzeker (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014);

  • Bron 2: niet aangetroffen (periode 2013-2016).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

  • Visuele en akoestische middelen;

  • Maatregelen als beschreven in de Faunaschadepreventiekit Ganzen (www.BIJ12.nl/faunafonds).

Periode(n) en tijdstippen

N.v.t.

Gebied

N.v.t.

Toe te stane middelen/methoden/installaties

N.v.t.

Voorwaarden/voorschriften

Opdracht wordt alleen gegeven indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort ook op regionaal niveau niet in het geding kan komen.

 

 

Smient, Anas penelope

 

Provinciaal beleid

Ontheffing op voorhand voor gebieden met concrete dreigende schade op basis van een faunabeheerplan van de faunabeheereenheid.

 

Incidentele ontheffing mogelijk ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen.

 

GS kunnen opdracht verlenen in geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid of in het belang van de veiligheid van het luchtverkeer.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer;

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Matige afname (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

Stabiel (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Maatregelen als beschreven in Faunaschade Preventiekit Module Eenden

(www.BIJ12.nl/faunafonds).

Periode(n) en tijdstippen

Bij ontheffing te bepalen.

Gebied

Bij ontheffing te bepalen. Niet binnen aangewezen rust- en foerageergebieden voor ganzen en smienten (periode 1 november tot 1 april).

 Middelen en methoden

Middelen en methoden voor vangen of doden zoals voor deze soort benoemd in het goedgekeurde faunabeheerplan en welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing of opdracht wordt alleen verleend indien:

  • de verspreiding, de ontwikkelingen in de populatie, alsmede de daadwerkelijke omvang van schade, de noodzaak tot of invloed op wettelijke belangen is aangetoond en onderbouwd in een goedgekeurd faunabeheerplan;

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort ook op regionaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Spreeuw, Sturnus vulgaris

 

Provinciaal beleid

De spreeuw is een soort waarvan bekend is dat deze lokaal en met name bij fruitteelt belangrijke schade kan veroorzaken. Voor de provincie Noord-Brabant ontbreekt op dit moment aan voldoende inzicht in de schadehistorie om ontheffing op voorhand te kunnen verlenen.

In geval van het optreden van schade aan fruitteelt door spreeuwen kunnen GS een incidentele ontheffing verlenen ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen

Wettelijke belangen

Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Stabiel (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015);

  • Matige afname (trend broedvogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Stabiel (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Maatregelen als beschreven in Faunaschade Preventiekit Module Kleine Zangvogels

(www.BIJ12.nl/faunafonds).

Periode(n) en tijdstippen

Bij ontheffing te bepalen.

Gebied

Bij ontheffing te bepalen.

Middelen en methoden

Bij ontheffing te bepalen, waarbij geldt dat enkel middelen en methoden voor vangen of doden worden toegepast welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort ook op regionaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Stormmeeuw, Larus canus

 

Provinciaal beleid

Voor de stormmeeuw geldt dat deze in bepaalde situaties risico’s voor het luchtverkeer of de volksgezondheid kan veroorzaken.

In dergelijke gevallen verlenen GS een incidentele ontheffing of opdracht in het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid en de veiligheid van het luchtverkeer.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Onzeker (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014);

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Onzeker (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014);

 

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Opzettelijk verstoren.

Periode(n) en tijdstippen

Bij ontheffing te bepalen.

Gebied

Bij ontheffing te bepalen.

Middelen en methoden

Incidentele ontheffing: verstoren nesten, wegnemen eieren (art. 3.1, lid 2);

 

Ontheffing of opdracht:

Bij ontheffing te bepalen, waarbij geldt dat enkel middelen en methoden voor vangen of doden worden toegepast welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing of opdracht wordt alleen verleend indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort ook op regionaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Wilde eend, Anas platyrhynchos

 

Provinciaal beleid

GS streven voor deze soort naar een duurzame instandhouding van de populatie, waarbij tevens wordt geborgd dat belangrijke landbouwschade en risico’s voor het luchtverkeer wordt voorkomen.

 

Jachtwildsoort.

De jacht is geopend van 15 augustus t/m 31 januari.

Buiten het jachtseizoen is slechts een incidentele ontheffing ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen mogelijk, op grond van een goedgekeurd faunabeheerplan.

 

Ontheffing op voorhand is mogelijk ter voorkoming van risico’s voor het luchtverkeer.

Wettelijke belangen

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren.

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Matige afname (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Matige afname (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

  • Indien reguliere bejaging aantoonbaar niet kan leiden tot voorkoming van schade of risico’s;

 

  • Maatregelen als beschreven in Faunaschade Preventiekit Module Eenden (www.BIJ12.nl/faunafonds).

Periode(n) en tijdstippen

Tussen 1 februari en 15 augustus.

Gebied

Bij ontheffing te bepalen.

Middelen en methoden

Middelen en methoden voor vangen of doden zoals voor deze soort benoemd in het goedgekeurde faunabeheerplan en welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend indien:

  • aangetoond is dat reguliere bejaging onvoldoende mogelijk is geweest om schade aan gewassen gedurende het hele jaar te voorkomen of risico’s voor het luchtverkeer uit te sluiten;

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort ook op regionaal niveau niet in het geding kan komen.

 

 

Zilvermeeuw, Larus argentatus

 

Provinciaal beleid

Voor de zilvermeeuw geldt dat deze in bepaalde situaties risico’s voor het luchtverkeer of de volksgezondheid kan veroorzaken.

In dergelijke gevallen verlenen GS een incidentele ontheffing of opdracht in het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid en de veiligheid van het luchtverkeer.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Matige afname (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Matige afname (trend watervogelmonitoring, periode 2004-2014).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

  • Opzettelijk verstoren;

  • Ongeschikt maken van broedlocaties.

Periode(n) en tijdstippen

Bij ontheffing te bepalen.

Gebied

Bij ontheffing te bepalen.

Middelen en methoden

Incidentele ontheffing: verstoren nesten, wegnemen eieren (art. 3.1, lid 2 Wnb);

 

Ontheffing of opdracht:

Bij ontheffing te bepalen, waarbij geldt dat enkel middelen en methoden voor vangen of doden worden toegepast welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort op provinciaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Zwarte kraai, Corvus corone

 

Provinciaal beleid

GS streven voor deze soort naar een duurzame instandhouding van de populatie, waarbij tevens wordt geborgd dat belangrijke landbouwschade en risico’s voor het luchtverkeer wordt voorkomen.

 

De zwarte kraai is landelijk vrijgesteld.

Landelijke vrijstelling wordt afdoende geacht ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen.

 

Aanvullend kunnen GS een incidentele ontheffing (en/of ontheffing op voorhand voor veiligheid luchtverkeer) verlenen indien de ruimte die de landelijke vrijstelling biedt aantoonbaar onvoldoende is ter bescherming van één van onderstaande wettelijke belangen.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;

  • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer;

  • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren;

  • Ter bescherming van flora of fauna.

Rode lijst

bron: www.minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Matige afname (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015).

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: Netwerk Ecologische Monitoring, SOVON Vogelonderzoek Nederland & CBS, www.sovon.nl

  • Stabiel (trend wintervogelmonitoring, periode 2005-2015).

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Maatregelen als beschreven in Faunaschade Preventiekit Kraaiachtigen

(www.BIJ12.nl/faunafonds).

Periode(n) en tijdstippen

Gehele jaar vrijgesteld. Gebruik van het geweer van zonsopgang tot zonsondergang.

Gebied

Gehele provincie.

Middelen en methoden

Toegestane middelen onder vrijstelling (als opgenomen in artikel 3.3. lid 1 Regeling natuurbescherming)

  • geweren(wettelijk toegestane kalibers hagel en kogelgeweren);

  • honden, niet zijnde lange honden;

  • haviken, slechtvalken en woestijnbuizerds

 

Onder ontheffing of bij opdracht:

Middelen en methoden voor vangen of doden zoals voor deze soort benoemd in het goedgekeurde faunabeheerplan en welke zijn opgenomen in artikel 3.9 lid 1 en 2 Besluit natuurbescherming.

Voorwaarden/voorschriften

Met betrekking tot de landelijke vrijstelling; de voorwaarden opgenomen in artikelen 3.1, 3.2, 3.3 en 3.4 Regeling natuurbescherming.

Ontheffing wordt alleen verleend indien:

  • aangetoond is dat gebruikmaking van de vrijstelling (en de daaraan gekoppelde beperkingen) niet afdoende kan zijn;

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn.

   

Bijlage 2 behorende bij de Beleidsregel natuurbescherming Noord-Brabant

 

Afwegingskaders en voorwaarden beheer soorten Habitatrichtlijn

 

Bever (Castor fiber)

 

Provinciaal beleid

De bever maakt een positieve ontwikkeling door in de provincie. Dankzij beschermde maatregelen en introducties heeft de soort zich de afgelopen jaren goed kunnen vestigen en verspreiden.

 

Door de toename van het aantal bevers kunnen ook problemen ontstaan. Met name doordat de dieren, vanwege hun leefwijze, schade kunnen aanbrengen aan waterkeringen en andere voorzieningen die de veiligheid van burgers en bedrijven tegen wateroverlast moeten verzekeren. Daarnaast is er kans op schade aan gewassen.

 

GS kunnen, indien bevers de openbare veiligheid in gevaar brengen of ernstige schade veroorzaken ontheffing op voorhand of incidentele ontheffing verlenen.

Ontheffing wordt enkel verleend voor het vangen en verplaatsen van bevers en het onder strikte voorwaarden verwijderen/vernietigen van beverdammen (waaronder ook verstaan om geknaagde bomen) en verblijfplaatsen.

 

Indien een dergelijke ontheffing wordt verleend zullen GS aan de ontheffing strikte voorwaarden verbinden en onder formulering van strikte kaders toestaan dat het vangen en weer elders loslaten zodanig wordt uitgevoerd dat de dieren, of de populatie, hierdoor geen onnodig risico lopen of de overlevingskansen afnemen.

 

Wettelijke belangen

  • In het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten;

  • Ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom.

Staat van instandhouding

Landelijk

(minez.nederlandsesoorten.nl)

  • Zeldzaam;

  • Stabiel of toegenomen.

Rode lijst van zoogdieren (2009)

Gevoelig.

Trend verspreiding Noord-Brabant

  • Toenemend;

  • Verspreiding vooral langs de grote rivieren en beeksystemen aan de noord- en westzijde van de provincie.

Passende en doeltreffende maatregelen

Als benoemd in een door GS goedgekeurd beverprotocol, waarin afdoende borging is opgenomen dat het vangen of verplaatsen niet kan leiden tot negatieve gevolgen voor de dieren of hun populatie) en/of een later door BIJ12/Faunafonds te ontwikkelen Faunaschadepreventiekit Bever.

Middelen

  • Vangkooien

  • Kastvallen.

Periode(n) en tijdstippen

  • Het gehele jaar

Gebied

  • Gehele provincie, in gebieden of op locaties waar sprake is van concrete dreigende ernstige schade of gevaar.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend of opdracht wordt alleen gegeven indien:

  • aantoonbaar gewerkt wordt met een door GS goedgekeurd beverprotocol;

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort ook op regionaal en lokaal niveau niet in het geding kan komen.

 

Bijlage 3 behorende bij de Beleidsregel natuurbescherming Noord-Brabant

Afwegingskaders en voorwaarden beheer andere soorten

 

Aardmuis, Microtus agrestis

 

Provinciaal beleid

De aardmuis is een algemeen voorkomend knaagdier. Vanwege zijn leefwijze en voedselkeuze kan er in bepaalde situaties sprake zijn van ernstige schade aan gewassen.

 

GS kunnen incidentele ontheffing verlenen voor de bestrijding van aardmuizen bij dreigende of optredende ernstige schade aan gewassen, veehouderijen, bossen of andere vormen van eigendom. Hieronder wordt ook verstaan schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen of begraafplaatsen.

 

GS kunnen opdracht verlenen in geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid.

Wettelijke belangen

  • Ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom;

  • In het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten;

  • Ter voorkoming van schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen.

Rode lijst (2009)

bron: minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: verspreidingatlas.nl

  • Gunstig/algemeen voorkomend;

  • Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen.

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: verspreidingatlas.nl

  • Komt in gehele provincie voor;

  • Trend: stabiel of toegenomen.

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

  • Plaatsen van nestkasten voor roofvogels;

  • Periodieke inundatie;

  • Aangepast landgebruik;

  • Minder diepe mestinjectie;

  • Zie hiervoor de adviezen op www.bij12.nl/faunafonds.

Periode(n) en tijdstippen

  • Het gehele jaar

Gebied

  • Gehele provincie, in gebieden of op locaties waar sprake is van concrete dreigende schade of gevaar.

Middelen

  • Kastvallen;

  • Vangkooien;

  • Klemmen;

  • Inundatie

  • Middelen die krachtens de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden zijn toegelaten of vrijgesteld.

 

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend of opdracht wordt alleen gegeven indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort op provinciaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Bosmuis, Apodemus sylvaticus

 

Provinciaal beleid

De bosmuis is een algemeen voorkomend knaagdier. In tegenstelling tot zijn naam komt de bosmuis ook voor in het landelijk gebied en kan, vanwege zijn voorkomen en leefwijze ernstige schade aanbrengen aan gewassen, bossen of andere vormen van eigendom.

 

GS kunnen incidentele ontheffing verlenen voor de bestrijding van bosmuizen bij dreigende of optredende ernstige schade aan gewassen, veehouderijen, bossen of andere vormen van eigendom. Hieronder wordt ook verstaan schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen of begraafplaatsen.

 

GS kunnen opdracht verlenen in geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid.

Wettelijke belangen

  • Ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom;

  • In het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten;

  • Ter voorkoming van schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen.

Rode lijst (2009)

bron: minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: verspreidingatlas.nl

  • Gunstig/algemeen voorkomend;

  • Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen.

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: verspreidingatlas.nl

  • Komt in gehele provincie voor;

  • Trend: stabiel of toegenomen.

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

  • Plaatsen van nestkasten voor roofvogels;

  • Periodieke inundatie;

  • Aangepast landgebruik;

  • Minder diepe mestinjectie;

  • Zie hiervoor de adviezen op www.bij12.nl/faunafonds.

Middelen

  • Kastvallen;

  • Vangkooien;

  • Klemmen;

  • Inundatie;

  • Middelen die krachtens de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden zijn toegelaten of vrijgesteld.

Periode(n) en tijdstippen

  • Het gehele jaar

Gebied

  • Gehele provincie, in gebieden of op locaties waar sprake is van concrete dreigende schade of gevaar.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend of opdracht wordt alleen gegeven indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maat-regelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort op provinciaal niveau niet in het geding kan komen.

 

 

Bunzing, Mustela putorius

 

Provinciaal beleid

Hoewel er onvoldoende gegevens zijn over de trend en aantallen bunzings binnen de provincie is wel bekend dat deze soort incidenteel schade veroorzaakt aan gehouden kippen, ganzen, eenden en konijnen.

Door het nemen van preventieve maatregelen, alsmede de bestaande mogelijkheid om deze diersoort opzettelijk te verontrusten (te verjagen), achten GS het alleen in heel bijzondere situaties acceptabel om incidentele ontheffing te verlenen voor het vangen (en elders loslaten) van bunzings.

Indien een dergelijke ontheffing wordt verleend zullen GS aan de ontheffing strikte voorwaarden verbinden en onder formulering van strikte kaders dat het vangen en weer elders loslaten zodanig wordt uitgevoerd dat de dieren, of de populatie, hierdoor geen onnodig risico lopen of de overlevingskansen afnemen.

 

Gezien de staat van instandhouding verlenen GS geen ontheffing voor het doden van bunzings.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de bescherming van de wilde flora of fauna of in het belang van de instandhouding van de natuurlijke habitats;

  • Ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom;

  • In het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten;

  • Ter voorkoming van schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen.

Rode lijst (2009)

bron: minez.nederlandsesoorten.nl

Onvoldoende gegevens.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: verspreidingatlas.nl

Het is aannemelijk dat de combinatie van ingrijpende landschappelijke veranderingen en afname van woelmuizenplagen zorgen voor een algehele afname. Mogelijk bijkomende factoren zijn verdroging en klimaatverandering, gezien de binding aan waterrijke en koele streken. Ook de voortdurende lage konijnenstand in delen van het land speelt mogelijk parten.

Lokaal kan een populatie tijdelijk toenemen bij hogere woelmuisstanden, zoals in 2014 is gebleken.

Op de lange termijn moet een doorzettende negatieve trend worden aangenomen.

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: verspreidingatlas.nl

  • Komt voor in de gehele provincie.

  • Er zijn onvoldoende gegevens bekend over aantallen en trend.

Passende en doeltreffende maatregelen voor

preventie of weren

Nader te bepalen

Middelen

  • Kastvallen

Periode(n) en tijdstippen

  • Het gehele jaar

Gebied

Alleen in uitzonderlijke situaties in of nabij gebieden waar bunzingen aantoonbaar hoge predatie vertonen van weidevogelnesten of -jongen.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort ook op regionaal en lokaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Damhert, Dama Dama

 

Provinciaal beleid

In Noord-Brabant komen geen vrije, in het wild levende populaties damherten voor.

 

GS beschouwen de damherten welke binnen de provincie worden waargenomen niet als inheems. Het gaat om losgelaten of ontsnapte exemplaren. GS streven geen duurzame populatievorming na.

 

Voor damherten streven GS een nulstand na.

GS geven opdracht voor het handhaven van de nulstand. Daarbij dienen ontsnapte of vrijgelaten dieren uit de natuur te worden verwijderd om te voorkomen dat er een zich voortplantende populatie kan vormen. Indien de eigenaar van de ontsnapte of losgelat•en dieren kan worden achterhaald zal deze de dieren eerst zelf dienen te vangen (al dan niet middels verdoving) en terug te brengen naar een voor deze dieren geschikt en afdoende omheind terrein. Indien geen eigenaar kan worden aangewezen of achterhaald dan zullen de dieren op basis van de opdracht van GS worden afgeschoten.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de bescherming van de wilde flora of fauna of in het belang van de instandhouding van de natuurlijke habitats;

  • Ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom;

  • In het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten;

  • Ter voorkoming van schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen;

  • Ter beperking van de omvang van de populatie van dieren, in verband met door deze dieren ter plaatse en in het omringende gebied veelvuldig veroorzaakte schade of in verband met de maximale draagkracht van het gebied waarin de dieren zich bevinden;

  • Ter voorkoming of bestrijding van onnodig lijden van zieke of gebrekkige dieren;

Rode lijst (2009)

bron: minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: verspreidingatlas.nl

  • Gunstig/algemeen voorkomend;

  • Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen.

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: verspreidingatlas.nl.

  • incidentele waarnemingen van ontsnapte dieren;

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Niet van toepassing

Middelen

  • Geweren (toegestane kalibers kogelgeweren);

  • Honden (niet zijnde lange honden);

  • Verdovingsgeweer;

  • Vangkooien;

  • Vangnetten.

Periode(n) en tijdstippen

  • Het gehele jaar

  • Het gebruik van het geweer (al dan niet met gebruik van kunstlicht, warmtebeeld of restlichtversterker) over het gehele etmaal

Gebied

  • Gehele provincie.

Voorwaarden/voorschriften

Opdracht wordt gegeven om uit gevangenschap ontsnapte of vrijgelaten damherten te doden ten behoeve van de uitvoering van het nulstandbeleid.

Het doden van deze dieren vindt enkel plaats indien vangen (al dan niet middels verdoving) en weer terugbrengen naar een geschikte verblijfplaats of opvanglocatie niet mogelijk blijkt.

  

Das, Meles meles

 

Provinciaal beleid

In geval van schade aan infrastructurele dijklichamen is een ontheffing voor het verontrusten en verjagen van dassen beschikbaar.

In uitzonderlijke gevallen kunnen dassen gevangen en verplaatst worden of hun verblijfplaatsen worden aangetast of vernietigd. Incidentele ontheffing wordt verleend op grond van een goedgekeurd Faunabeheerplan. GS verlenen in principe geen ontheffing voor het doden van dassen.

 

GS kunnen opdracht verlenen voor het vangen of het aantasten van verblijfplaatsen in geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid. Alleen in uiterste gevallen zal GS opdracht verlenen voor het doden van dassen. Een dergelijke opdracht wordt pas verleend nadat er middels een uitgebreide toets is komen vast te staan dat alternatieven niet voorhanden zijn.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de bescherming van de wilde flora of fauna of in het belang van de instandhouding van de natuurlijke habitats;

  • Ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom;

  • In het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten;

  • Ter voorkoming van schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen;

  • Ter voorkoming of bestrijding van onnodig lijden van zieke of gebrekkige dieren.

Rode lijst (2009)

bron: minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: verspreidingatlas.nl

  • Gunstig/algemeen voorkomend;

  • Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen.

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: verspreidingatlas.nl

  • Komt hoofdzakelijk voor in het oostelijk deel van Noord-Brabant. De das breidt zijn leefgebied uit richting het westelijk deel;

  • Trend: stabiel/toenemend.

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Maatregelen als beschreven in de Faunaschade Preventiekit Module Das (www.BIJ12.nl/faunafonds)

Middelen

  • Kastvallen;

  • Vangkooien;

  • Vangnetten

  • Geweer (bij opdracht).

Periode(n) en tijdstippen

  • Het gehele jaar

  • Het gebruik van het geweer (al dan niet met gebruik van kunstlicht, warmtebeeld of restlichtversterker) ook tussen zonsondergang en zonsopgang (bij opdracht te bepalen)

Gebied

  • Gehele provincie, in gebieden of op locaties waar sprake is van concrete dreigende ernstige schade of gevaar (vooral dijklichamen).

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend of opdracht wordt alleen gegeven indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort ook op regionaal niveau niet in het geding kan komen.

 

 

Edelhert, Cervus elaphus

 

Provinciaal beleid

In Noord-Brabant komen geen vrije, in het wild levende populaties edelherten voor.

Hoewel niet kan worden uitgesloten dat in de toekomst de soort zich van nature in de provincie zal vestigen gaan GS er vooralsnog vanuit dat het bij waarnemingen van edelherten gaat om losgelaten of ontsnapte exemplaren. GS streven voor deze soort geen duurzame populatievorming na.

 

GS geven opdracht voor het handhaven van de nulstand. Daarbij dienen ontsnapte of vrijgelaten dieren uit de natuur te worden verwijderd om te voorkomen dat er een zich voortplantende populatie kan vormen. Indien de eigenaar van de ontsnapte of losgelaten dieren kan worden achterhaald zal deze de dieren eerst zelf dienen te vangen (al dan niet middels verdoving) en terug te brengen naar een voor deze dieren geschikt en afdoende omheind terrein. Indien geen eigenaar kan worden aangewezen of achterhaald dan zullen de dieren op basis van de opdracht van GS worden afgeschoten.

   

Wettelijke belangen

  • In het belang van de bescherming van de wilde flora of fauna, of in het belang van de instandhouding van de natuurlijke habitats;

  • Ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom;

  • In het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten;

  • Ter voorkoming van ernstige schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen;

  • Ter beperking van de omvang van de populatie van dieren, in verband met door deze dieren ter plaatse en in het omringende gebied veelvuldig veroorzaakte schade of in verband met de maximale draagkracht van het gebied waarin de dieren zich bevinden;

  • ter voorkoming of bestrijding van onnodig lijden van zieke of gebrekkige dieren.

Rode lijst (2009)

bron: minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: verspreidingatlas.nl

  • Niet bedreigd;

  • Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen.

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: verspreidingatlas.nl

  • Individuele exemplaren worden op enkele plaatsen binnen de provincie waargenomen;

  • Trend: nvt.

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Maatregelen als beschreven in de Faunaschade Preventiekit Module Hertachtigen (www.BIJ12.nl/faunafonds)

Middelen

  • Geweren (toegestane kalibers kogelgeweren);

  • Honden (niet zijnde lange honden);

  • Verdovingsgeweer;

  • Vangkooien;

  • Vangnetten.

 

Periode(n) en tijdstippen

  • Het gehele jaar

  • Het gebruik van het geweer (al dan niet met gebruik van kunstlicht, warmtebeeld, restlichtversterker of demper) over het gehele etmaal (bij ontheffing of opdracht te bepalen).

Gebied

De gehele provincie.

Voorwaarden/voorschriften

Opdracht wordt gegeven om uit gevangenschap ontsnapte of vrijgelaten edelherten te doden ten behoeve van de uitvoering van het nulstandbeleid.

Het doden van deze dieren vindt enkel plaats indien vangen (al dan niet middels verdoving) en weer terugbrengen naar een geschikte verblijfplaats of opvanglocatie niet mogelijk blijkt.

  

Haas, Lepus europaeus

 

Provinciaal beleid

GS streven naar een duurzame instandhouding van de populatie, waarbij ernstige landbouwschade wordt voorkomen en risico’s voor het luchtverkeer worden uitgesloten.

 

Het haas is een wildsoort en daar mag in het jachtseizoen van 15 oktober t/m 31 december op worden gejaagd.

De stand moet met reguliere bejaging op een zodanig niveau worden gehouden dat hiermee ernstige schade aan gewassen gedurende het gehele jaar kan worden voorkomen.

Wanneer de jacht is gesloten is slechts een incidentele ontheffing ter voorkoming van ernstige schade aan gewassen mogelijk, op grond van een goedgekeurd faunabeheerplan. GS gaan er echter vanuit dat dit enkel in bijzondere situaties aan de orde kan zijn en dat, naast bejaging in het jachtseizoen, ernstige schade kan worden voorkomen door het treffen van werende of verjagende maatregelen.

 

GS kunnen opdracht verlenen voor het vangen of doden in geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid.

Wettelijke belangen

  • Ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom;

  • Ter voorkoming van schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen.

Rode lijst (2009)

bron: minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: verspreidingatlas.nl

  • Algemeen voorkomend;

  • Trend sinds 1950: Afnemend 25-50%.

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: verspreidingatlas.nl

  • Komt in de gehele provincie voor;

  • Trend: onbekend.

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Maatregelen als beschreven in de Faunaschade Preventiekit Module Haasachtigen (www.BIJ12.nl/faunafonds)

Middelen

  • Hagelgeweren;

  • Honden (niet zijnde lange honden);

  • Haviken, slechtvalken en woestijnbuizerds.

Periode(n) en tijdstippen

  • Het gehele jaar

Gebied

  • Gehele provincie, in gebieden of op locaties waar sprake is van concrete dreigende ernstige schade of gevaar.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend of opdracht wordt alleen gegeven indien:

  • aangetoond is dat reguliere bejaging onvoldoende mogelijk is geweest om ernstig schade aan gewassen gedurende het hele jaar te voorkomen;

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet, of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort ook op regionaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Hermelijn, Mustela erminea

 

Provinciaal beleid

Van de hermelijn geldt dat deze landelijk een afnemende trend heeft. Van deze soort is uit landelijke gegevens bekend dat deze incidenteel schade veroorzaakt aan grondbroedende vogels en met name weidevogels.

 

Door het nemen van preventieve maatregelen, alsmede de bestaande mogelijkheid om deze diersoort opzettelijk te verontrusten (te verjagen), achten GS het alleen in heel bijzondere situaties en bij uitzondering acceptabel om incidentele ontheffing te verlenen voor het vangen (en elders loslaten) van hermelijnen.

Indien een dergelijke ontheffing wordt verleend zullen GS aan de ontheffing strikte voorwaarden verbinden en onder formulering van strikte kaders dat het vangen en weer elders loslaten zodanig wordt uitgevoerd dat de dieren, of de populatie, hierdoor geen onnodig risico lopen of de overlevingskansen afnemen.

 

Gezien de staat van instandhouding verlenen GS geen ontheffing voor het doden van hermelijnen.

Wettelijke belangen

In het belang van de bescherming van de wilde flora of fauna of in het belang van de instandhouding van de natuurlijke habitats.

Rode lijst (2009)

bron: minez.nederlandsesoorten.nl

Gevoelig.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: verspreidingatlas.nl

Er is op grond van waarnemingen over de afgelopen jaren een langzame afname van de stand te constateren.

 

Het is aannemelijk dat de combinatie van ingrijpende landschappelijke veranderingen en afname van woelmuizenplagen zorgen voor een algehele afname. Mogelijk bijkomende factoren zijn verdroging en klimaatverandering, gezien de binding aan waterrijke en koele streken. Ook de voortdurende lage konijnenstand in delen van het land speelt mogelijk parten. Lokaal kan een populatie tijdelijk toenemen bij hogere woelmuisstanden, zoals in 2014 is gebleken

 

Op de lange termijn moet een doorzettende negatieve trend worden aangenomen.

 

 

Konijn, Oryctolagus cuniculus

 

Provinciaal beleid

Het konijn is een wildsoort en daar mag in het jachtseizoen van 15 augustus t/m 31 januari op worden gejaagd. Dit kan van zonsopkomst tot zonsondergang met fretten, buidels, kastvallen, vangkooien, honden, jachtvogels en het geweer.

 

Konijnen mogen op grond van de landelijke vrijstelling het hele jaar in het buitengebied worden gevangen en gedood waar ernstige schade is ontstaan of waar kans op ernstige schade is.

 

Aanvullend op de vrijstelling kunnen GS een incidentele ontheffing verlenen voor het gebruik van niet bij vrijstelling toegelaten methoden of middelen alsmede het gebruik van het geweer buiten de wettelijk toegestane tijdstippen, met toepassing van kunstlicht of restlichtversterker of binnen de bebouwde kom en op gronden welke niet voldoen aan de wettelijke eisen van een jachtveld.

 

Tevens kunnen GS incidentele ontheffing verlenen voor de bestrijding van konijnen op sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes of begraafplaatsen.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de bescherming van de wilde flora of fauna, of in het belang van de instandhouding van de natuurlijke habitats;

  • Ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom;

  • In het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten;

  • Ter voorkoming van schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen;

  • Ter voorkoming of bestrijding van onnodig lijden van zieke of gebrekkige dieren;

Rode lijst (2009)

bron: minez.nederlandsesoorten.nl

Gevoelig.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: verspreidingatlas.nl

  • Algemeen;

  • Matige toename.

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: http://edepot.wur.nl/387986, verspreidingatlas.nl

  • Algemeen voorkomend;

  • trend stabiel.

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Maatregelen als beschreven in de Faunaschade Preventiekit Module Haasachtigen (www.BIJ12.nl/faunafonds)

Middelen

  • Geweren;

  • Honden, niet zijnde lange honden;

  • Haviken, slechtvalken en woestijnbuizerds;

  • Fretten;

  • Kastvallen;

  • Vangkooien;

  • Buidels;

  • Vangnetten;

  • Gebruik van kunstlicht, lichtversterker, warmtebeeldkijker en/of demper.

Periode(n) en tijdstippen

  • Het gehele jaar

  • Het gebruik van het geweer (al dan niet met gebruik van kunstlicht, warmtebeeld restlichtversterker of demper) ook tussen zonsondergang en zonsopgang (bij ontheffing of opdracht te bepalen)

Gebied

  • Gehele provincie, in gebieden of op locaties waar sprake is van concrete dreigende ernstige schade of gevaar.

Voorwaarden/voorschriften

Een incidentele ontheffing wordt alleen verleend, indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort op provinciaal niveau niet in het geding kan komen.

  • Kastvallen, vangkooien, vangnetten en kunstlicht/restlichtversterker mogen alleen ingezet worden als deze opgenomen zijn in de ontheffing.

  

Ree, Capreolus capreolus

 

Provinciaal beleid

Reeën komen in de gehele provincie Noord-Brabant voor. Totaal meer dan 10.000 dieren. Jaarlijks komen er circa 1.000 reeën om door aanrijdingen in het verkeer.

GS hebben de bevoegdheid om een ontheffing te verlenen voor het planmatig beheren van deze populatie(s). Dit in het belang van de volksgezondheid (verkeersveiligheid) maar ook ter voorkoming van ernstige schade aan landbouw, alsmede om de omvang van de populatie middels regulatie te kunnen beperken of te stabiliseren.

Een ontheffing zal enkel kunnen worden verleend op grond van een goedgekeurd faunabeheerplan.

 

GS kunnen opdracht verlenen voor het doden of het aantasten van verblijfplaatsen in geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid. 

Voorts kan, indien de noodzaak hiertoe is aangetoond in het faunabeheerplan ontheffing worden verleend voor het gebruik van het geweer tussen zonsondergang en zonsopgang, alsmede op gronden die niet voldoen aan de omvangseisen van een jachtveld.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de bescherming van de wilde flora of fauna, of in het belang van de instandhouding van de natuurlijke habitats;

  • Ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom;

  • In het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten;

  • Ter voorkoming van schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen;

  • Ter beperking van de omvang van de populatie van dieren, in verband met door deze dieren ter plaatse en in het omringende gebied veelvuldig veroorzaakte schade of in verband met de maximale draagkracht van het gebied waarin de dieren zich bevinden;

  • Ter voorkoming of bestrijding van onnodig lijden van zieke of gebrekkige dieren;

Rode lijst

bron: minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: verspreidingatlas.nl

  • Algemeen;

  • Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen.

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: http://edepot.wur.nl/387986, verspreidingatlas.nl

  • Algemeen.

  • Trend: stabiel of toegenomen

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Maatregelen als beschreven in de Faunaschade Preventiekit Module Hertachtigen (www.BIJ12.nl/faunafonds)

 

Preventieve maatregelen ten behoeve van de verkeersveiligheid, geanalyseerd en uitgevoerd op basis van de Leidraad vermindering aanrijdingen reeën (januari 2017). 

Middelen

  • Geweren;

  • Honden, niet zijnde lange honden;

  • Gebruik van kunstlicht, lichtversterker, warmtebeeldkijker en/of demper.

Periode(n) en tijdstippen

  • Het gehele jaar

  • Het gebruik van het geweer (al dan niet met gebruik van kunstlicht, warmtebeeld of restlichtversterker of demper) ook tussen zonsondergang en zonsopgang (bij ontheffing of opdracht te bepalen)

Gebied

  • Gehele provincie, in gebieden of op locaties waar sprake is van concrete dreigende ernstige schade of gevaar en welke zijn beschreven in het faunabeheerplan.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend of opdracht wordt alleen gegeven indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort op regionaal niveau -al dan niet beoordeeld op leefgebiedsniveau- niet in het geding kan komen.

 

 

Rosse woelmuis, Myodus glareolus

 

Provinciaal beleid

De rosse woelmuis is een algemeen voorkomend knaagdier. Het is een soort die zich vooral ophoudt in bosrijke omgeving of bosjes. Vanwege zijn leefwijze en voedselkeuze wordt niet verwacht dat deze soort ernstige schade aan gewassen zal veroorzaken.

 

Alleen in bijzondere situaties zullen GS een incidentele ontheffing verlenen voor de bestrijding van rosse woelmuizen bij optredende of dreigende ernstige schade aan gewassen, veehouderijen, bossen of andere vormen van eigendom.

 

GS kunnen opdracht verlenen in geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid.

Wettelijke belangen

  • Ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom;

  • In het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten;

  • Ter voorkoming van schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen

Rode lijst (2009)

bron: minez.nederlandsesoorten.nl

Thans niet bedreigd.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: verspreidingatlas.nl

  • Gunstig/algemeen voorkomend;

  • Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen.

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: http://edepot.wur.nl/387986, verspreidingatlas.nl

  • Komt in gehele provincie voor;

  • Trend: stabiel of toegenomen.

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

  • Plaatsen van nestkasten voor roofvogels;

  • Periodieke inundatie;

  • Aangepast landgebruik;

  • Minder diepe mestinjectie;

  • Zie hiervoor de adviezen op www.bij12.nl/faunafonds/Handreiking Faunaschade 2009

Middelen

  • Kastvallen;

  • Vangkooien;

  • Klemmen;

  • Inundatie;

  • Middelen die krachtens de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden zijn toegelaten of vrijgesteld.

Periode(n) en tijdstippen

  • Het gehele jaar

Gebied

  • Gehele provincie, in gebieden of op locaties waar sprake is van concrete dreigende schade / gevaar.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend, of opdracht wordt alleen gegeven indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort ook op regionaal en lokaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Steenmarter, Martes foina

 

Provinciaal beleid

Steenmarters hebben de laatste decennia een succesvolle opmars in Nederland gemaakt en ook in Noord-Brabant.

Door hun leefwijze kunnen steenmarters overlast veroorzaken in gebouwen en woningen. Maar ook is bekend dat zij schade aanrichten aan apparatuur en voertuigen.

 

Ook is bekend dat steenmarters schade veroorzaken aan (zowel hobbymatig als bedrijfsmatig) gehouden pluimvee.

 

Verder kunnen steenmarters schade veroorzaken aan beschermde inheemse fauna, en met name aan bodembroedende vogels, zoals weidevogels.

 

Op grond van de Verordening natuurbescherming Noord-Brabant kunnen gemeenten (na goedkeuring van een soortbeheerplan) gebruik maken van een vrijstelling om overlast binnen een bebouwde kom te bestrijden.

 

Gedeputeerde Staten kunnen een incidentele ontheffing verlenen voor het vangen, doden en/of het aantasten van vaste verblijfplaatsen. Ontheffing voor het doden zal enkel in zeer bijzondere situaties worden verleend, waarbij dan tevens in acht wordt genomen dat een vrijkomend territorium bij het doden van een exemplaar snel wordt ingenomen door een andere steenmarter. Ontheffing voor het doden wordt dan ook alleen verleend indien deze ingreep in samenhang plaatsvindt met andere handelingen of maatregelen. Deze handelingen en maatregelen moeten zijn opgenomen in een goedgekeurd faunabeheerplan.

 

GS kunnen opdracht verlenen in geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de bescherming van de wilde flora of fauna, of in het belang van de instandhouding van de natuurlijke habitats;

  • Ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom;

  • In het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten;

  • Ter voorkoming van schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen;

  • Ter beperking van de omvang van de populatie van dieren, in verband met door deze dieren ter plaatse en in het omringende gebied veelvuldig veroorzaakte schade of in verband met de maximale draagkracht van het gebied waarin de dieren zich bevinden;

  • Ter voorkoming of bestrijding van onnodig lijden van zieke of gebrekkige dieren.

Rode lijst

bron: minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: verspreidingatlas.nl

  • Algemeen voorkomend/niet bedreigd;

  • Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen.

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: http://edepot.wur.nl/387986

  • Algemeen voorkomend/niet bedreigd;

  • Toenemend.

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Gebouwen, hogere gebouwdelen (zoals dakranden) en auto’s ontoegankelijk voor steenmarters te maken; gebruik van wettelijk toegestane afschrik- of afweermiddelen.

Middelen

  • Kastvallen;

  • Vangkooien

  • Gebruik van kunstlicht, lichtversterker, warmtebeeldkijker en/of demper.

Periode(n) en tijdstippen

  • Het gehele jaar

  • Het gebruik van het geweer (al dan niet met gebruik van kunstlicht, warmtebeeld of restlichtversterker of demper) ook tussen zonsondergang en zonsopgang (bij ontheffing of opdracht te bepalen)

Gebied

  • Gehele provincie, in gebieden of op locaties waar sprake is van concrete dreigende schade of gevaar.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend of opdracht wordt alleen gegeven indien:

  • in geval ontheffing voor doden wordt gegeven kan dit alleen op basis van een goedgekeurd faunabeheerplan waarbij ook andere handelingen en maatregelen om overlast, schade of andere effecten integraal worden beschreven en toegepast.

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort op provinciaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Veldmuis, Microtus arvalis

 

Provinciaal beleid

De veldmuis is een algemeen voorkomend knaagdier. Vanwege zijn leefwijze en voedselkeuze kan er in bepaalde situaties sprake zijn van ernstige schade aan gewassen.

 

Bij provinciale verordening is vrijstelling verleend voor het doden van veldmuizen ter voorkoming van ernstige schade aan gewassen.

Aanvullend kunnen GS incidentele ontheffing verlenen voor de bestrijding van veldmuizen bij optredende of dreigende ernstige schade aan gewassen, veehouderijen, bossen of andere vormen van eigendom. Hieronder wordt ook verstaan schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen of begraafplaatsen.

 

GS kunnen opdracht verlenen in geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid.

Wettelijke belangen

  • Ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom;

  • In het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten;

  • Ter voorkoming van schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen.

Rode lijst (2009)

bron: minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.•

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: verspreidingatlas.nl

  • Gunstig/algemeen voorkomend;

  • Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen.

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: verspreidingatlas.nl, zoogdiervereiniging.nl

  • Komt in gehele provincie voor;

  • Trend: stabiel of toegenomen.

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

  • Plaatsen van nestkasten voor roofvogels;

  • Periodieke inundatie;

  • Aangepast landgebruik;

  • Minder diepe mestinjectie;

  • Zie hiervoor de adviezen op www.bij12.nl/faunafonds /Handreiking faunaschade 2009

Middelen

  • Kastvallen;

  • Vangkooien;

  • Klemmen;

  • Inundatie

  • Middelen die krachtens de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden zijn toegelaten of vrijgesteld.

Periode(n) en tijdstippen

  • Het gehele jaar

Gebied

  • Gehele provincie, in gebieden of op locaties waar sprake is van concrete dreigende schade of gevaar.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend of opdracht wordt alleen gegeven indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort op provinciaal niveau niet in het geding kan komen.

 

Vos ,  Vulpes vulpes

 

Provinciaal beleid

Vossen komen in de gehele provincie voor. Vossen veroorzaken door hun predatie schade aan m.n. veehouderijen en kwetsbare grond-broeders. Vossen mogen op grond van de landelijke vrijstelling het hele jaar in het buitengebied worden gevangen en gedood waar schade is ontstaan of waar kans op schade is.

Aanvullend op de vrijstelling kan door GS ontheffing kan worden verleend voor het gebruik van niet bij vrijstelling toegelaten methoden of middelen, alsmede het gebruik van het geweer buiten de wettelijk toegestane tijdstippen, met toepassing van kunstlicht of restlichtversterker of binnen de bebouwde kom en op gronden welke niet voldoen aan de wettelijke eisen van een jachtveld.

 

GS verlenen bovengenoemde ontheffing;

  • op voorhand, voor de looptijd van een faunabeheerplan, in geval van het belang van de bescherming van de wilde fauna, en met name ten behoeve van de bescherming van weidevogelpopulaties;

  • Incidenteel, op grond van een fauna-beheerplan, bij aangetoonde dreigende ernstige schade aan veehouderijen.

 

GS kunnen opdracht verlenen bij risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de bescherming van de wilde flora of fauna, of in het belang van de instandhouding van de natuurlijke habitats;

  • Ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom;

  • In het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten;

  • Ter voorkoming van schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen;

  • Ter beperking van de omvang van de populatie van dieren, in verband met door deze dieren ter plaatse en in het omringende gebied veelvuldig veroorzaakte schade of in verband met de maximale draagkracht van het gebied waarin de dieren zich bevinden;

  • Ter voorkoming of bestrijding van onnodig lijden van zieke of gebrekkige dieren;

Rode lijst

bron: minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: verspreidingatlas.nl

  • Algemeen voorkomend;

  • Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen.

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: http://edepot.wur.nl/387986

  • Komt in de gehele provincie voor;

  • Matige toename.

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Indien gebruikmaking van de landelijke vrijstelling aantoonbaar niet kan leiden tot voorkoming van schade of negatieve gevolgen op één of meer van bovengenoemde wettelijke belangen.

Zie hiervoor de adviezen op www.bij12.nl/faunafonds /Handreiking faunaschade 2009

Bij ontheffing te bepalen.

Middelen

  • Geweren (toegestane kalibers hagel en/of kogelgeweren);

  • Honden (niet zijnde lange honden);

  • vangkooien;

  • vangnetten;

  • Gebruik van kunstlicht, lichtversterker, warmtebeeldkijker en/of demper.

Periode(n) en tijdstippen

  • Het gehele jaar

  • Het gebruik van het geweer (al dan niet met gebruik van kunstlicht, warmtebeeld, restlichtversterker of demper) ook tussen zonsondergang en zonsopgang (bij ontheffing of opdracht te bepalen)

Gebied

  • Gehele provincie, in gebieden of op locaties waar sprake is van concrete dreigende schade / gevaar. 

  • Op gronden welke niet voldoen aan de eisen van een jachtveld.

Voorwaarden/voorschriften

Opgenomen in artikelen 3.1, 3.2, 3.3 en 3.4 Regeling natuurbescherming t.a.v. het gebruik van de vrijstelling voor het doden van vossen.

 

Ontheffing wordt alleen verleend of opdracht wordt alleen gegeven indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maat-regelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort op provinciaal niveau niet in het geding kan komen.

  

Wezel, Mustela nivalis

 

Provinciaal beleid

Voor de wezel geldt dat er landelijk en ook provinciaal sprake is van een afnemende trend. Daarbij zijn weinig concrete gegevens bekend van schade die wezels aanrichten. Er worden echter wel meldingen gedaan van predatie door wezels op weidevogelpopulaties.

 

Door het nemen van preventieve maatregelen, en de bestaande mogelijkheid om deze diersoort opzettelijk te verontrusten (te verjagen) kan onnodige en ongewenste predatie worden beperkt. Daarom achten GS het alleen in heel bijzondere situaties acceptabel om ontheffing te verlenen voor het vangen (en elders loslaten) van wezels.

Indien een dergelijke ontheffing wordt verleend zullen GS aan de ontheffing strikte voorwaarden verbinden en onder formulering van strikte kaders dat het vangen en weer elders loslaten zodanig wordt uitgevoerd dat de dieren, of de populatie, hierdoor geen onnodig risico lopen of de overlevingskansen afnemen.

Gezien de staat van instandhouding verlenen GS geen ontheffing voor het doden van wezels.

Wettelijke belangen

In het belang van de bescherming van de wilde flora of fauna, of in het belang van de instandhouding van de natuurlijke habitats.

Rode lijst (2009)

bron: minez.nederlandsesoorten.nl

Gevoelig.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: verspreidingatlas.nl

  • Vrij zeldzaam;

  • Trend: matig afgenomen.

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: http://edepot.wur.nl/387986, verspreidingatlas.nl

  • Afnemend trend.

 

De populatiedichtheden lijken af te nemen als gevolg van met name de intensivering van het landgebruik.

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Nader te bepalen

Middelen

  • Kastvallen.

Periode(n) en tijdstippen

  • Het gehele jaar

Gebied

  • Alleen in uitzonderlijke situaties in of nabij gebieden waar hermelijnen aantoonbaar hoge predatie vertonen van weidevogelnesten of -jongen.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maatregelen niet, of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort ook op regionaal en lokaal niveau niet in het geding kan komen

  

Wild zwijn, Sus scrofa

 

Provinciaal beleid

Het wild zwijn heeft zich in de gebieden Gemert-Bakel, Heeze-Leende en Asten gevestigd. Tijdens de regionale zwijnentafels is door alle betrokken partijen geconstateerd dat de nulstand met wettelijk toegestane middelen niet meer haalbaar is.

Voor de gebieden Heeze-Leende en Gemert-Bakel zijn gebiedsplannen voor het wild zwijn opgesteld en vastgesteld door de betrokken regionale partijen. Het proces voor het gebiedsplan Asten is nog niet afgerond.

Op basis van vastgestelde regionale beheerplannen wordt het beheer van het wild zwijn vormgegeven en uitgevoerd door de daarvoor aangewezen partijen. Het beheer wordt dusdanig uitgevoerd dat overlast en schade zoveel als mogelijk wordt ingeperkt. Er wordt gestuurd op het voorkomen van schade. Het nulstandsbeleid wordt ingevuld als een nulschade-aanpak.

 

Voor gebieden zonder regionaal gebiedsplan wordt het nulstandsbeleid uitgevoerd gericht op nulstand.

Daarbij dienen ontsnapte of vrijgelaten dieren uit de natuur te worden verwijderd om te voorkomen dat er een zich voortplantende populatie kan vormen. Indien de eigenaar van de ontsnapte of losgelaten dieren kan worden achterhaald zal deze de dieren eerst zelf dienen te vangen (al dan niet middels verdoving) en terug te brengen naar een voor deze dieren geschikt en afdoende omheind terrein. Indien geen eigenaar kan worden aangewezen of achterhaald dan zullen de dieren op basis van de opdracht van GS worden afgeschoten.

 

GS geven opdracht voor het handhaven van de nulstand en voor de invulling van de in de regionale gebiedsplannen beschreven nulschade-aanpak.

 

Aanvullend op de opdracht kunnen GS een ontheffing verlenen voor het gebruik van niet bij de opdracht aangewezen methoden middelen binnen de gebieden met een vastgesteld gebiedsplan.

 

GS kunnen opdracht verlenen in geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid.

Wettelijke belangen

  • In het belang van de bescherming van de wilde flora of fauna, of in het belang van de instandhouding van de natuurlijke habitats;

  • Ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom;

  • In het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten;

  • Ter voorkoming van schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen;

  • Ter beperking van de omvang van de populatie van dieren, in verband met door deze dieren ter plaatse en in het omringende gebied veelvuldig veroorzaakte schade of in verband met de maximale draagkracht van het gebied waarin de dieren zich bevinden;

  • Ter voorkoming of bestrijding van onnodig lijden van zieke of gebrekkige dieren.

Rode lijst

bron: minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t.

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: verspreidingatlas.nl

  • Niet bedreigd;

  • Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen.

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: http://edepot.wur.nl/387986, verspreidingatlas.nl

  • Beperkte verspreiding (nulstandbeleid);

  • Trend: toenemend.

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

Maatregelen als beschreven in de Faunaschade Preventiekit Module Wild Zwijn (www.BIJ12.nl/faunafonds)

Middelen en methoden

Bij opdracht:

  • Geweren (toegestane kaliber kogelgeweren);

  • Plantaardig lokvoer;

  • Gebruik van kunstlicht, restlicht- en warmtebeeldversterker en demper,

Bij ontheffing:

  • Gebruikmaking van de 1 op 1 drukjachtmethode;

  • Max. 5 vangkooien;

Periode(n) en tijdstippen

  • Het gehele jaar

  • Het gebruik van het geweer (al dan niet met gebruik van kunstlicht, warmtebeeld, restlichtversterker of demper) ook tussen zonsondergang en zonsopgang

  • Idem, gedurende de nachtperioden van zon- en feestdagen (alleen bij ontheffing)

Gebied

  • Gehele provincie, in gebieden of op locaties waar sprake is van concrete dreigende schade /gevaar; 

  • Op gronden welke niet voldoen aan de eisen van een jachtveld.

Voorwaarden/voorschriften

Opdracht wordt gegeven om wilde zwijnen te doden ten behoeve van de uitvoering van het nulstandbeleid in de gehele provincie. Daarbij geldt voor de gebieden waarvoor regionale beheerplannen zijn vastgesteld, dat het beheer van het wild zwijn wordt vormgegeven conform de aanpak in dit beheerplan en de voorwaarden die GS aan de opdracht en de aanvullende ontheffing verbinden.

 

Woelrat, Arvicola amphibius

 

Provinciaal beleid

De woelrat is een algemeen voorkomend knaagdier. Vanwege zijn leefwijze en voedselkeuze kan er in bepaalde situaties sprake zijn van ernstige of belangrijke schade aan gewassen.

 

Bij provinciale verordening is vrijstelling verleend voor het vangen, doden of het opzettelijk beschadigen of vernielen van vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van woelratten bij belangrijke of dreigende schade aan teelt van appels en/of peren of aan waterkeringen

 

Aanvullend kunnen GS incidentele ontheffing verlenen bij optredende of dreigende ernstige schade aan gewassen, veehouderijen, bossen of andere vormen van eigendom. Hieronder wordt ook verstaan schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen of begraafplaatsen.

 

GS kunnen opdracht verlenen in geval van risico’s voor de volksgezondheid of openbare veiligheid.

Wettelijke belangen

  • Ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom;

  • In het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid •of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten;

  • Ter voorkoming van schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen;

Rode lijst

bron: minez.nederlandsesoorten.nl

N.v.t

Staat van instandhouding/trend landelijk

bron: verspreidingatlas.nl

  • Algemeen voorkomend;

  • Trend: onbekend/onvoldoende informatie.

Staat van instandhouding/trend Noord-Brabant

bron: http://edepot.wur.nl/387986, verspreidingatlas.nl, zoogdiervereniging.nl

  • Stabiel.

 

Wel is in delen van de provincie de soort niet meer vastgesteld in het voormalige verspreidingsgebied. Dit kan gebrek aan informatie zijn, maar zou ook achteruitgang kunnen betekenen.

Passende en doeltreffende maatregelen voor preventie of weren

  • Plaatsen van nestkasten voor roofvogels;

  • Periodieke inundatie;

  • Aangepast landgebruik;

  • Minder diepe mestinjectie;

  • Zie hiervoor de adviezen op www.bij12.nl/faunafonds.

Periode(n) en tijdstippen

  • Het gehele jaar

Gebied

  • Gehele provincie, in gebieden of op locaties waar sprake is van concrete dreigende schade / gevaar.

Middelen

  • Kastvallen;

  • Vangkooien;

  • Klemmen;

  • Inundatie

  • Middelen die krachtens de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden zijn toegelaten of vrijgesteld.

Voorwaarden/voorschriften

Ontheffing wordt alleen verleend of opdracht wordt alleen gegeven indien:

  • aangetoond is dat andere bevredigende maat-regelen niet of in onvoldoende mate effectief zijn;

  • verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort op provinciaal niveau niet in het geding kan komen.

 

Artikel II Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin zij wordt geplaatst.

Artikel III Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Eerste wijzigingsregeling Beleidsregel natuurbescherming Noord-Brabant.

’s-Hertogenbosch, 18 april 2017

Gedeputeerde Staten voornoemd,

de voorzitter de secretaris

prof. dr. W.B.H.J. van de Donk mw. ir. A.M. Burger

Toelichting behorende bij de Eerste wijzigingsregeling Beleidsregel natuurbescherming Noord-Brabant.

Algemeen

In deze wijzigingsregeling zijn de hoofdlijnen en uitgangspunten van het faunabeheerbeleid, zoals opgenomen in de door Gedeputeerde Staten op 18 oktober 2017 vastgestelde Nota faunabeheer Noord-Brabant, nader uitgewerkt en geconcretiseerd.

 

Artikelsgewijs

 

Artikel 6.7, onder a Ontheffing op voorhand

We spreken van een ontheffing op voorhand als deze is verstrekt aan de FBE op basis van een goedgekeurd faunabeheerplan. Uitgangspunt is dan dat planmatig en duurzaam beheer van populaties of schadebestrijding geborgd zijn door middel van dit plan en dat daarom ook ontheffing op voorhand kan worden verleend.

In het faunabeheerplan moet staan hoe de instandhouding van de soort gegarandeerd wordt en blijft. GS moeten ook, voordat zij ontheffing verlenen, controleren of er geen afbreuk wordt gedaan aan de gunstige staat van instandhouding van de soort.

 

Artikel 6.7, onder b Incidentele ontheffing

Er zijn situaties waarbij een incidentele ontheffing beter op zijn plaats is dan een ontheffing op voorhand. Soms komt een bepaalde vorm van schade slechts incidenteel voor of kan een bepaalde vorm van schade niet op voorhand worden voorzien en is deze daarom niet opgenomen in een faunabeheerplan. Tevens kan dit gelden bij onvoorziene ontwikkelingen die leiden tot negatieve gevolgen voor flora en fauna. In dat geval is het niet mogelijk om een ontheffing op voorhand te verlenen. GS zullen dergelijke ontheffingen enkel verlenen indien afdoende is aangetoond dat de schade niet kan worden bestreden of voorkomen met het treffen van passende of doelmatige (preventieve) maatregelen en er geen ontheffing (op voorhand, op grond van een goedgekeurd faunabeheerplan) kan worden verleend voor het duurzaam beheren van de schadeveroorzakende populatie(s).

 

Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant,

 

de voorzitter de secretaris

 

prof. dr. W.B.H.J. van de Donk mw. ir. A.M. Burger