Artikel I
De Uitvoeringsverordening subsidie Kunsten, media en erfgoed provincie Utrecht wordt als volgt gewijzigd.
A.
Artikel 1 komt als volgt te luiden:
1. Voor aanvang van de tekst komt de aanduiding ‘1’ te vervallen.
2. Onder vervanging van de puntkomma in onderdeel b door een punt komen de onderdelen c, d en e te vervallen.
B.
Artikel 2, eerste lid, komt als volgt te luiden:
1. In onderdeel d, komt, na vervanging van de puntkomma door een punt aan het slot van de eerste zinssnede, de zin ‘daarbij gelden de beleidsprioriteiten van het programma ‘Cultuur Onderneemt’ als richtlijn’ te vervallen.
2. In onderdeel f, komt, na vervanging van de puntkomma door een punt aan het slot van de eerste zinssnede, de zin ‘daarbij gelden de beleidsprioriteiten van de cultuurnota, hoofdstuk ‘Publieksbereik cultureel erfgoed’, als richtlijn’ te vervallen.
3. In onderdeel g, komt, na vervanging van de puntkomma door een punt aan het slot van de eerste zinssnede, de zin ‘daarbij gelden de beleidsprioriteiten van de cultuurnota, hoofdstuk ‘Ruimtelijk erfgoedbeleid’, als richtlijn’ te vervallen.
4. In onderdeel h, komt, na vervanging van de komma door een punt na ‘erfgoed’ de zinsnede ‘mits de activiteit aansluit op ten minste één van de inhoudelijke dragers Vertellen, Verbinden of Verdienen, zoals verwoord in de projectagenda Utrecht Verhaalt ’ te vervallen.
C.
Artikel 3, tweede lid, komt als volgt te luiden:
2. Subsidie als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder d, kan uitsluitend worden verstrekt aan de culturele instellingen met wie de provincie Utrecht een subsidierelatie heeft of had en die behoren tot een van de volgende categorieën:
- a.
kunstproducenten, podia en festivals;
- b.
- c.
- d.
onroerend erfgoed (buitenplaatsen);
- e.
provinciale ondersteuningsinstellingen;
- f.
- g.
- h.
gemeenten in de provincie Utrecht.
D.
Artikel 4 komt als volgt te luiden:
1. Voor aanvang van de tekst komt de aanduiding ‘1’ te vervallen.
2. In het eerste lid, onder c, komen de woorden ’ in de kalenderjaren 2014 en 2015’ en ‘2015’ te vervallen.
3. Het eerste lid, onder d, komt te vervallen.
4. Het tweede lid komt te vervallen.
E.
Artikel 7, eerste lid, komt als volgt te luiden:
1. Het subsidieplafond voor activiteiten als bedoeld in:
- a.
artikel 2, eerste lid, onder d, bedraagt maximaal € 256.000;
- b.
artikel 2, eerste lid, onder f, bedraagt maximaal € 100.000;
- c.
artikel 2, eerste lid, onder g, bedraagt maximaal € 100.000;
- d.
artikel 2, eerste lid, onder h en i, bedraagt € 0.