Gedeputeerde Staten maken gelet op het bepaalde in artikel 3:42, tweede lid van de Algemene wet bestuursrecht beken dat zij in hun vergadering van 19 januari 2016, onder nummer 1838339 het volgende besluit hebben genomen:
Gedeputeerde Staten van Flevoland,
Gelet op het bepaalde in artikel 10:3 en artikel 10:12 van de Algemene wet bestuursrecht;
Overwegende dat:
op 3 december 2015 tussen Gedeputeerde Staten van de provincies en het Ministerie van Infrastructuur en Milieu het convenant “Uitwerking amendement cofinanciering opruiming drugsdumpingen” is gesloten;
Gedeputeerde Staten op 19 januari 2016 ter uitvoering van dit convenant de Nadere regels subsidiëring opruiming drugsafval Flevoland hebben vastgesteld;
in dit convenant tevens is afgesproken dat Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant namens Gedeputeerde Staten van de overige provincies de ontvankelijkheidstoets en de inhoudelijke toets van de subsidieaanvragen uitvoert;
het noodzakelijk is om Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant mandaat c.q. machtiging te verlenen voor het namens Gedeputeerde Staten van Flevoland uitoefenen van de hiermee gepaard gaande bevoegdheden c.q. taken;
gezien de schriftelijke instemming van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant, blijkens de ondertekening van het convenant, d.d. 3 december 2015, bedoeld in artikel 10:4 van de Algemene wet bestuursrecht;
Besluiten:
Het volgende mandaat/machtigingenbesluit vast te stellen:
Mandaat/machtigingenbesluit Nadere regels subsidi
ë
ring opruimen drugsafvaldumpingen Flevoland
Artikel 2. Verlening mandaat c.q. machtiging
Gedeputeerde Staten verlenen aan Noord-Brabant mandaat c.q. machtiging tot
- a.
het vaststellen van het aanvraagformulier waarmee aanvragen op grond van de Nadere regels subsidiëring opruiming drugsafvaldumpingen worden ingediend;
- a.
het namens hen opvragen van aanvullende gegevens in het kader van de ontvankelijkheidstoets en inhoudelijke toets van subsidieaanvragen op grond van de Nadere regels subsidiëring opruiming drugsafvaldumpingen.
Artikel 4 Ondertekening
- 1.
Noord-Brabant brengt in de door hem te voeren correspondentie tot uitdrukking dat er sprake is van een mandaat c.q. machtiging, namens Gedeputeerde Staten van Flevoland.
- 1.
De ondertekening van besluiten als bedoeld in artikel 2, eerste en tweede lid, luidt, ingevolge artikel 3, vijfde lid:
‘Gedeputeerde Staten van Flevoland,
namens deze,
Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant
gevolgd door de handtekening.
Artikel 6 Toepasselijke wet- en regelgeving
Noord-Brabant neemt bij de uitoefening van de aan hem gemandateerde bevoegdheden de van toepassing zijnde wet- en regelgeving in acht.
Artikel 7. Informatieplicht
Noord-Brabant verstrekt Gedeputeerde Staten op hun verzoek inlichtingen over de uitoefening van het verleende mandaat c.q. de verleende machtiging.
Artikel 8. Registratie en inwerkingtreding
- 1.
Dit besluit wordt gevoegd in het mandaat- en machtigingenregister.
- 2.
Dit besluit wordt aan Noord-Brabant gezonden.
- 3.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin het wordt geplaatst.
Aldus besloten in de vergadering van Gedeputeerde Staten van 19 januari 2016.
|
Gedeputeerde Staten van Flevoland,
|
|
T.van der Wal, secretaris L. Verbeek, voorzitter
|
|
|
Uitgegeven op 20 januari 2016
De secretaris van Gedeputeerde Staten van Flevoland
|
|
|
|