Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 4 november 2022
Hierbij reageer ik op het verzoek van uw vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn
en Sport tijdens haar procedurevergadering op 12 oktober jl. om voor eind oktober
2022 een reactie aan de Kamer te doen toekomen op het bericht «Status spoedeisende
geneeskunde voorlopig ongewis».
In Nederland is de spoedeisende hulp (SEH) arts een sinds 2008 door de Koninklijke
Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst (KNMG) erkend profiel.
De titel SEH-arts is niet beschermd via de Wet BIG zoals bij de erkende specialistentitels.
De KNMG heeft de titel met toevoeging KNMG (het dienstmerk) via een privaatrechtelijke
regeling beschermd. Voor een profielopleiding gelden eisen die vergelijkbaar zijn
met een specialistenopleiding.
De vereniging voor spoedeisende hulp-artsen, de NVSHA, heeft erkenning aangevraagd
als specialisme in de Wet BIG. Hiervoor is een aanvraag ingediend bij het College
Geneeskundig Specialismen (CGS). Het CGS beoordeelt aan de hand van het Toetsingskader
Specialismen of een deelgebied van de geneeskunde als specialisme erkend kan worden.
Op 7 juli 2022 heeft het CGS bekendgemaakt dat het voornemens is om de aanvraag af
te wijzen. Dit voorgenomen besluit heeft tot 7 oktober jl. ter consultatie voorgelegen.
Zoals in het bericht vermeld wordt, zijn er ruim tweehonderd reacties op het voornemen
om spoedeisende geneeskunde niet als medisch specialisme te erkennen, ingediend bij
het CGS. Het is nu aan het CGS om deze reacties op zorgvuldige wijze te beoordelen
en tot een definitief besluit te komen. Vooruitlopend op het definitieve besluit van
het CGS zal ik nog niet reageren op deze kwestie.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E.J. Kuipers