Niet-dossierstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarNummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-20202020D04507

2020D04507

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 5 februari 2020

De Leden Bergkamp (D66) en Hijink (SP) hebben mij verzocht om een brief met een actuele stand van zaken over de situatie bij Reinaerde in Woerden. Hiermee voldoe ik aan dit verzoek. Ik zal eerst kort de voorgeschiedenis schetsen.

De zorgorganisatie Reinaerde biedt in een locatie in Woerden (aan de Selma Lagerlöfweg) zorg aan 26 bewoners. Eind vorig jaar heeft Reinaerde aangegeven dat zij op de locatie in Woerden de verpleegkundige en medische zorg voor een groep van zeven cliënten binnen afzienbare termijn niet op het benodigde niveau kon blijven bieden. Het lukte onder meer in onvoldoende mate geschikte verpleegkundige zorg aan te bieden.

Om goede en veilige zorg te kunnen bieden heeft Reinaerde continu voldoende vaste, goed geschoolde en bekwame medewerkers nodig. Vaste medewerkers kunnen tijdig veranderingen signaleren en risico’s bewaken. Juist dit wakende oog, gebaseerd op continuïteit en ervaring is belangrijk bij de intensieve ondersteuningsvraag die speelt bij een aantal bewoners op de Selma Lagerlöfweg. Het gaat hier onder andere om beademingszorg.

Reinaerde voelde zich genoodzaakt de zorg van deze zeven zorgintensieve cliënten over te dragen aan andere zorgaanbieders en is daarom op zoek gegaan naar andere plekken waar de benodigde zorg wel kan worden geboden. Na een intensieve zoektocht met samenwerkingspartners bleek het helaas niet mogelijk de benodigde zorg in de nabijheid van Woerden. Daarom is naar plekken elders in het land gezocht. Het vertrek van twee medewerkers met een verpleegkundige achtergrond (per 1 februari jl.) maakt dat de zorg op korte termijn moet worden overgedragen.

De situatie is nu als volgt. Alle zeven cliënten hebben meerdere mogelijkheden voorgelegd gekregen waar de voor hen benodigde zorg verantwoord kan worden geboden, onder andere in Ermelo, Zeist en Katwijk. Zij hebben nu allen perspectief op een plek die aansluit bij hun specifieke ondersteuningsvraag. Vier cliënten hebben inmiddels een keuze gemaakt. Twee cliënten hebben mondeling hun voorkeur uitgesproken voor één van de woonopties. Voor één cliënt is er 3 februari jl. een nieuwe optie bijgekomen. Hierover is nu overleg gaande. Tot aan de verhuizing wordt voor alle cliënten overbruggingszorg geregeld, ook als cliënten meer tijd nodig hebben een definitieve keuze te maken.

Ik begrijp goed dat het voor de bewoners heel ingrijpend is om uit hun vertrouwde omgeving te moeten verhuizen en dat dit voor mensen zelf, hun omgeving en hun zorgverleners pijnlijk is. Tegelijkertijd is het primair van belang dat zij de medische en verpleegkundige zorg krijgen die zij nodig hebben. Ik heb de ontwikkelingen samen met de Inspectie voor Gezondheidszorg en Jeugd intensief gevolgd en ben met verschillende betrokken partijen in overleg gegaan. Dat zal ik de komende periode blijven doen.

De gestelde Kamervragen zal ik zo spoedig mogelijk beantwoorden.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, H.M. de Jonge