2019D23952

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 7 juni 2019

Uw Kamer heeft mij 22 mei 2019 de vraag gesteld een reactie te sturen op de brief van de Stichting CommTop (2019D21198). De Stichting CommTop stelt in haar brief een groot aantal vragen met oog op de invoering van NLQF als wettelijk instrument per 1-1-2020. Door uw Kamer is verzocht een antwoord te geven voor het Algemeen Overleg over een Leven Lang Ontwikkelen van 11 juni a.s. Hierbij doe ik u mijn reactie toekomen.

In paragraaf 1 en 2 van de brief van de Stichting CommTop worden vragen gesteld over het wetsvoorstel waarmee het Nederlands kwalificatiekader een wettelijke grondslag krijgt. Dit wetsvoorstel is in ontwikkeling. Ik ben voornemens dit wetsvoorstel, na ommekomst van een advies van de Raad van State, aan uw Kamer te doen toekomen. Ik verwacht dat dit begin volgend jaar zal zijn. Vooruitlopend op het advies van de Raad van State en de afweging die daarop door het kabinet zal volgen, wil ik niet nader op de inhoud van dit wetsvoorstel ingaan. Vanzelfsprekend zal ik in de memorie van toelichting bij het wetsvoorstel wel op de genoemde punten van de Stichting CommTop ingaan, zoals het generiek inschalen van formele opleidingen. Vooruitlopend op de inwerkingtreding van dit wetsvoorstel kunnen aanbieders van non formele of private kwalificaties deze op vrijwillige basis laten inschalen door het NCP NLQF in het NLQF. Het NCP NLQF geeft voorlichting over wat inschaling van opleidingen in het NLQF betekent. 70 kwalificaties zijn tot op heden ingeschaald en opgenomen in het register van het NCP NLQF.

In paragraaf 3 stelt de Stichting CommTop vragen over de subsidieaanvraag van het NCP NLQF naar een onderzoek naar NLQF onder HR-professionals. Het NCP NLQF heeft inderdaad extra budget vanuit Brussel aangevraagd, het zgn Grand Request EQF. Vanuit dit budget betaalt het NCP NLQF jaarlijks een onderzoek naar het gebruik van NLQF door werkgevers. Dit om een beter beeld te krijgen over de impact van het NLQF. Het onderzoek wordt uitgevoerd door een onafhankelijke partij, NIDAP.

In paragraaf 4 vraagt de Stichting CommTop naar de relatie tussen het wetsvoorstel NLQF en het STAP-budget als opvolger van de fiscale scholingsaftrek. Met het STAP-budget wordt iedereen met een band met de Nederlandse arbeidsmarkt in staat gesteld om scholing in te zetten voor de eigen ontwikkeling en duurzame inzetbaarheid. Ook zelfstandigen komen daarmee in aanmerking voor een tegemoetkoming uit het STAP-budget. Het STAP-budget kan naast scholingsactiviteiten die opleiden tot een (deel van een) door OCW erkend diploma of certificaat ook worden ingezet voor scholingsactiviteiten die opleiden tot een branche of sector erkend certificaat, een opleiding die is ingeschaald in het NLQF, voor opleidingen van een opleider met een NRTO-keurmerk of voor EVC-procedures bij een erkende EVC-aanbieder. Voor een meer specifieke beschrijving van het STAP-budget verwijs ik naar de brief over een leven lang ontwikkelen die op 3 juni 2019 aan uw Kamer is gestuurd.1

In paragraaf 5 wijst de Stichting CommTop erop dat de kwaliteitsborging van werkplekleren al is geregeld via het convenant uit 2016 (waarschijnlijk bedoelt de Stichting CommTop het EVC-convenant). De SER benadrukt in haar advies «Prioriteiten voor een fair Europa» (2019) dat het kunnen opdoen van internationale ervaringen in het onderwijs belangrijk is. De SER adviseert dat op Europees niveau kwaliteitsstandaarden moeten worden vastgesteld gericht op een veilige en effectieve leeromgeving met deskundige begeleiding vanuit het bedrijf en de opleiding, waarbij productieve arbeid wordt beloond en de opleiding leidt tot een erkend diploma met civiel effect. De Minister van SZW heeft onlangs een reactie aan op het advies van de SER aan uw Kamer doen toekomen.2 Hierin is niet specifiek ingegaan op dit aspect. Relevant is echter dat de EU Raad van ministers op 15 maart 2018 al een aanbeveling heeft vastgesteld over de kwaliteit en effectiviteit van leerlingplaatsen. In 2017 had het kabinet het voorstel daartoe, mede gezien de nationale praktijk, verwelkomd. Zo is een van de taken van de Stichting Beroepsonderwijs Bedrijfsleven het waarborgen van de kwaliteit van leerwerkplekken.

In paragraaf 6 wijst de Stichting CommTop op een aantal vragen met betrekking tot de Academie voor Overheidscommunicatie (AvO). De Academie voor Overheidscommunicatie valt onder de verantwoordelijkheid van het Ministerie van Algemene Zaken. Deze vragen over AvO en de andere vragen worden in een separate brief aan de stichting CommTop beantwoord.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, I.K. van Engelshoven

Naar boven