Vragen van het lid Vermeer (BBB) aan de Ministers van Buitenlandse Zaken en van Economische
Zaken en Klimaat en de Staatssecretaris van Financiën over het tegengaan van indirecte
import van Russisch aluminium via derde landen (ingezonden 10 juni 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met signalen vanuit de Nederlandse aluminiumindustrie dat Russisch primair
aluminium, ondanks het bestaande Europese importverbod, via derde landen alsnog de
Europese markt kan bereiken nadat het daar is verwerkt in halffabricaten of andere
aluminiumproducten?
Vraag 2
Klopt het dat de Europese Unie (EU) met het 16e sanctiepakket een direct importverbod
heeft ingesteld op Russisch primair aluminium, maar dat dit verbod niet zonder meer
voorkomt dat aluminium met Russische oorsprong via verwerking in derde landen alsnog
als verwerkt product de EU binnenkomt?
Vraag 3
Deelt u de zorg dat deze indirecte instroom de effectiviteit van het Europese sanctieregime
kan ondermijnen, omdat inkomsten uit Russisch aluminium daarmee alsnog kunnen blijven
bijdragen aan de Russische economie en daarmee indirect aan de Russische oorlogskas?
Vraag 4
Deelt u daarnaast de zorg dat Europese aluminiumproducenten hierdoor op achterstand
kunnen worden gezet ten opzichte van producenten buiten de EU die goedkoper Russisch
primair aluminium kunnen inkopen, verwerken en vervolgens als halffabricaat of eindproduct
op de Europese markt kunnen brengen?
Vraag 5
Heeft het kabinet zicht op de omvang van indirecte importstromen van aluminiumproducten
waarin Russisch primair aluminium is verwerkt, uitgesplitst naar herkomstland, productcategorie
en importvolume? Zo ja, kunt u deze gegevens met de Kamer delen? Zo nee, bent u bereid
dit met spoed in kaart te brengen?
Vraag 6
Welke derde landen ziet het kabinet als verhoogd risico voor omleiding, verwerking
of heretikettering van Russisch aluminium richting de Europese markt?
Vraag 7
Is het kabinet bereid om in de onderhandelingen over het 21e sanctiepakket tegen Rusland te pleiten voor een indirect invoerverbod op aluminiumproducten
waarin Russisch primair aluminium is verwerkt?
Vraag 8
Is het kabinet bereid om daarbij ook te pleiten voor verplichte rapportagevereisten
bij import van aluminiumproducten, waaronder het land van de eerste en tweede belangrijkste
smeltstap en het land waar de laatste gietstap heeft plaatsgevonden?
Vraag 9
Bent u bereid te onderzoeken of de EU kan aansluiten bij internationale voorbeelden
waarbij de smelt- en gietoorsprong van aluminium expliciet wordt geregistreerd, zodat
sanctieontwijking via derde landen beter kan worden tegengegaan?
Vraag 10
Welke rol ziet het kabinet hierbij voor de Douane, de Europese Commissie en nationale
toezichthouders om te controleren of aluminiumproducten daadwerkelijk vrij zijn van
Russische primaire aluminiuminput?
Vraag 11
Hoe voorkomt het kabinet dat bonafide Nederlandse en Europese bedrijven met extra
administratieve lasten worden geconfronteerd, terwijl bedrijven die via derde landen
profiteren van goedkoop Russisch aluminium buiten schot blijven?
Vraag 12
Deelt u de opvatting dat de aluminiumsector van strategisch belang is voor Europa,
onder meer voor defensie, energie-infrastructuur, mobiliteit, bouw, netverzwaring
en industriële weerbaarheid?
Vraag 13
Bent u bereid zich in Europees verband actief in te zetten voor het sluiten van deze
lacune in het sanctieregime en de Kamer voorafgaand aan de besluitvorming over het
21e sanctiepakket te informeren over de Nederlandse inzet op dit punt?