Vragen van de leden Vellinga-Beemsterboer en Van Asten (beiden D66) aan de Ministers
van Infrastructuur en Waterstaat en van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening over
het bericht «Moeten we de wc niet meer doorspoelen met drinkwater?» (ingezonden 11 mei
2026).
Vraag 1
Hoe beoordeelt u het gebruik van hoogwaardig drinkwater voor laagwaardige toepassingen
zoals toiletspoeling, in het licht van toenemende drinkwaterschaarste door droogte,
klimaatverandering en bevolkingsgroei?1
Vraag 2
Deelt u de opvatting dat het grootschalig inzetten van grijswater (zoals hergebruikt
douchewater) en hemelwater een substantiële bijdrage kan leveren aan het verminderen
van de druk op de drinkwatervoorziening?
Vraag 3
Kunt u een actuele stand van zaken geven van de uitwerking van de aanbevelingen van
het RIVM ten aanzien van het gebruik van grijs- en hemelwater in de gebouwde omgeving?
Vraag 4
Gelet op het feit dat u tijdens het wetgevingsoverleg Water van 2 februari 2026 aangaf
pilots te willen uitvoeren en dat u binnen een jaar hierop terugkomt bij de Kamer,
en in het Nationaal Plan van Aanpak Drinkwaterbesparing2 wordt bovendien 2035 als jaar genoemd waarin waterbewust bouwen de norm is: kunt
u concreet aangeven welke pilots inmiddels zijn gestart, wat de planning is en wanneer
de eerste resultaten worden verwacht?
Vraag 5
Waarom kiest u ervoor om (opnieuw) pilots uit te voeren terwijl in andere landen en
regio’s, zoals Vlaanderen, al uitgebreide ervaring is opgedaan met grijswatersystemen?
Welke lessen uit Vlaanderen zijn inmiddels concreet vertaald naar Nederlands beleid
en regelgeving?
Vraag 6
Welke specifieke belemmeringen staan momenteel grootschalige toepassing van grijswatersystemen
in de weg in zowel nieuwbouw als bestaande bouw (bijvoorbeeld op het gebied van NEN-normering,
toezicht door de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), volksgezondheid of kosten)?
Vraag 7
In hoeverre zijn risico’s zoals foutaansluitingen inmiddels voldoende in beeld en
beheersbaar, en welke aanvullende maatregelen acht u noodzakelijk om deze risico’s
te beperken?
Vraag 8
Acht u het noodzakelijk om de norm voor grijswater- en hemelwatersystemen in nieuwbouw
uiterlijk in 2035 naar voren te halen gezien de grote urgentie?
Vraag 9
Kunt u toelichten waarom een mogelijke opname van grijswatersystemen in het Bouwbesluit
(of opvolgende regelgeving) volgens u een tijdslijn van circa twee jaar vergt, en
ziet u mogelijkheden om dit proces te versnellen?
Vraag 10
Welke rol spelen kostenoverwegingen in uw afweging, en hoe verhouden deze zich tot
de maatschappelijke baten van drinkwaterbesparing en het voorkomen van drinkwatertekorten?
Vraag 11
Hoe voorkomt u dat Nederland te maken krijgt met «drinkwatercongestie», en welke rol
ziet u daarbij voor decentrale wateroplossingen zoals grijswatersystemen?
Vraag 12
Op welke wijze wordt het gebruik van grijswater momenteel gestimuleerd via bestaande
instrumenten, zoals de MIA/VAMIL-regeling, en acht u deze stimulansen voldoende?
Vraag 13
Bent u bereid om, vooruitlopend op eventuele aanpassing van het Bouwbesluit, al concrete
maatregelen te nemen om de toepassing van grijswater in de bouwpraktijk te versnellen?
Zo ja, welke?
Vraag 14
Kunt u toezeggen dat de Kamer vóór het commissiedebat over ruimtelijke ordening wordt
geïnformeerd over de voortgang en mogelijke beleidsopties, zodat hierover gericht
besluitvorming kan plaatsvinden?
X Noot
1NPO Radio 1, 30 april 2026, Moeten we de wc niet meer doorspoelen met drinkwater?
| NPO Radio 1
X Noot
2Nationaal Plan van Aanpak Drinkwaterbesparing, 24 juni 2024, Nationaal Plan van Aanpak
Drinkwaterbesparing | Rapport | Rijksoverheid.nl
X Noot
1NPO Radio 1, 30 april 2026, Moeten we de wc niet meer doorspoelen met drinkwater?
| NPO Radio 1
X Noot
2Nationaal Plan van Aanpak Drinkwaterbesparing, 24 juni 2024, Nationaal Plan van Aanpak
Drinkwaterbesparing | Rapport | Rijksoverheid.nl