Vragen van het lid Maeijer (PVV) aan de Minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport
over het bericht «Mishandeling van ouderen onbelicht» (ingezonden 1 mei 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Veilig Thuis is blij met meer meldingen, maar maakt
zich om één groep zorgen: «Er gebeurt veel meer dan we nu zien»»?1
Vraag 2
Deelt u de zorgen dat ouderenmishandeling vermoedelijk veel vaker voorkomt dan uit
de officiële meldcijfers blijkt?
Vraag 3
Klopt het dat in 2025 bij Veilig Thuis slechts 4.800 meldingen van ouderenmishandeling
zijn gedaan, terwijl wordt geschat dat jaarlijks meer dan 210.000 thuiswonende ouderen
slachtoffer zijn van ouderenmishandeling?
Vraag 4
Hoe verklaart u dit grote verschil tussen het aantal vermoedelijke slachtoffers en
het aantal meldingen?
Vraag 5
Bent u het ermee eens dat het onacceptabel is als ouderen die afhankelijk zijn van
familie, mantelzorgers of andere naasten niet veilig zijn in hun eigen huis?
Vraag 6
Welke concrete maatregelen neemt u om ouderenmishandeling eerder te signaleren, met
name bij thuiswonende 65-plussers die afhankelijk zijn van zorg, mantelzorg of financiële
hulp?
Vraag 7
In hoeverre worden huisartsen, wijkverpleegkundigen, thuiszorgmedewerkers, apothekers
en andere eerstelijnszorgverleners voldoende toegerust om signalen van ouderenmishandeling
te herkennen en te melden?
Vraag 8
Herkent u het beeld dat Veilig Thuis signalen van ouderenmishandeling vaak pas ontvangt
nadat de politie al betrokken is geweest?
Vraag 9
Wat zegt dit volgens u over de vroegsignalering door zorgverleners, gemeenten en andere
betrokken instanties?
Vraag 10
Welke stappen gaat u zetten om te voorkomen dat ouderenmishandeling pas zichtbaar
wordt wanneer de situatie al is geëscaleerd?
Vraag 11
Herkent u de signalen dat financiële uitbuiting van ouderen voorkomt, bijvoorbeeld
doordat kinderen de pinpas van hun ouders afpakken of druk uitoefenen rond testamenten?
Vraag 12
Welke mogelijkheden zijn er op dit moment om financiële uitbuiting van ouderen eerder
te herkennen en aan te pakken?
Vraag 13
Bent u bereid om samen met banken, notarissen, gemeenten, wijkteams en Veilig Thuis
te bezien hoe financiële uitbuiting van ouderen sneller kan worden opgespoord?
Vraag 14
Hoe beoordeelt u het gegeven dat het aantal potentiële mantelzorgers niet meegroeit,
terwijl de druk op mantelzorgers toeneemt?
Vraag 15
Deelt u de zorg dat overbelasting van mantelzorgers kan bijdragen aan ontspoorde mantelzorg
en daarmee aan ouderenmishandeling?
Vraag 16
Welke concrete ondersteuning krijgen mantelzorgers om te voorkomen dat overbelasting
leidt tot onveilige situaties voor kwetsbare ouderen?
Vraag 17
Bent u van mening dat gemeenten voldoende zicht hebben op overbelaste mantelzorgers
en kwetsbare ouderen die thuis wonen?
Vraag 18
Kunt u de Kamer voor het commissiedebat Ouderenzorg informeren over de ontwikkeling
van het aantal meldingen van ouderenmishandeling in de afgelopen vijf jaar, uitgesplitst
naar aard van de mishandeling, zoals fysieke mishandeling, psychische mishandeling,
verwaarlozing en financiële uitbuiting? Zo nee, waarom niet?
Vraag 19
Bent u bereid om op korte termijn in overleg te treden met ouderenorganisaties en
met een concreet actieplan te komen om ouderenmishandeling beter zichtbaar te maken,
sneller te signaleren en harder aan te pakken, en de Kamer vóór het commissiedebat
Ouderenzorg te informeren over de eerste stappen die hierin worden gezet?