Vragen van het lid Coenradie (JA21) aan de Minister van Justitie en Veiligheid over
«De Blauwe Haven» (ingezonden 15 april 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met recente mediaberichten over grensoverschrijdend gedrag binnen politieonderdeel
De Blauwe Haven, waaruit blijkt dat meerdere medewerkers zich mogelijk schuldig hebben
gemaakt aan ongewenst gedrag richting (vrouwelijke) collega’s?
Vraag 2
Klopt het dat er eerder melding is gemaakt van ten minste meerdere slachtoffers binnen
de politieorganisatie? Wat is op dit moment het totaal aantal bekende meldingen en
slachtoffers binnen dit dossier?
Vraag 3
Herkent u de signalen dat het daadwerkelijke aantal slachtoffers hoger ligt dan tot
nu toe publiekelijk bekend is gemaakt? Zo ja, wat is uw reactie hierop? Zo nee, waarop
baseert u dat?
Vraag 4
Kunt u aangeven op welke wijze slachtoffers binnen de politieorganisatie momenteel
worden ondersteund, en of u van mening bent dat deze ondersteuning toereikend is?
Vraag 5
Klopt het dat het lopende onderzoek zich momenteel richt op slechts een beperkt aantal
(circa twee) medewerkers? Zo ja, waarom is ervoor gekozen om het onderzoek in eerste
instantie tot deze groep te beperken?
Vraag 6
Deelt u de opvatting dat, gezien de ernst van de signalen en het mogelijke grotere
aantal betrokkenen, een breder en diepgaander onderzoek noodzakelijk is om alle misstanden
binnen deze eenheid boven tafel te krijgen? Zo ja, hoe gaat u dit vormgeven? Zo nee,
waarom niet?
Vraag 7
Zijn bij u signalen bekend dat de korpschef, Janny Knol, reeds eerder op de hoogte
was van (een deel van) deze meldingen? Zo ja, sinds wanneer? Welke acties zijn naar
aanleiding daarvan ondernomen? Acht u dit handelen adequaat?
Vraag 8
Hoe beoordeelt u de informatiepositie van de korpsleiding in dit dossier? Zijn er
aanwijzingen dat signalen onvoldoende zijn opgepakt of intern zijn gebleven?
Vraag 9
Kunt u toelichten waarom ervoor is gekozen om het onderzoek niet volledig onafhankelijk
extern te laten uitvoeren, maar (deels) binnen of in opdracht van de politieorganisatie
zelf plaatsvindt?
Vraag 10
Deelt u de mening dat, gezien de aard van de beschuldigingen en de mogelijke cultuurproblemen
binnen de organisatie, een volledig onafhankelijk onderzoek noodzakelijk is om vertrouwen
van slachtoffers en de samenleving te waarborgen? Zo ja, bent u bereid alsnog een
onafhankelijk extern onderzoek in te stellen, bijvoorbeeld door de Rijksrecherche?
Zo nee, waarom niet?
Vraag 11
Op welke wijze wordt momenteel geborgd dat slachtoffers en betrokkenen zich veilig
voelen om zich te melden, mede gezien signalen van angst en terughoudendheid?
Vraag 12
Wat gaat u concreet doen om ervoor te zorgen dat alle (mogelijke) slachtoffers en
getuigen zich anoniem, veilig en laagdrempelig kunnen melden, bijvoorbeeld via onafhankelijke
meldpunten buiten de politieorganisatie?
Vraag 13
Bent u bereid aanvullende maatregelen te treffen om drempels voor melden weg te nemen,
zoals:
-
– het actief benaderen van (oud-)medewerkers van De Blauwe Haven,
-
– het inschakelen van een onafhankelijk extern meldpunt,
-
– het garanderen van anonimiteit en bescherming tegen repercussies, en
-
– het bieden van onafhankelijke vertrouwenspersonen buiten de politiehiërarchie?
Vraag 14
Hoe wordt geborgd dat meldingen die alsnog binnenkomen ook daadwerkelijk worden betrokken
bij het lopende onderzoek en niet buiten beschouwing blijven vanwege de huidige afbakening
van het onderzoek?
Vraag 15
Welke stappen gaat u zetten om te voorkomen dat dergelijke situaties zich in de toekomst
opnieuw voordoen binnen de politieorganisatie?